30-07-06

ZONDAG 30 JULI 2006: het Picardische stukje van Kortrijk

Wist je dat een gehucht in de Kortrijkse deelgemeente Rollegem tot zowat honderd jaar geleden behoorde tot het uitgestrekte Picardische taalgebied? Het Frans dat er werd  gesproken - verleden tijd -, hoor je ook in Doornik en Moeskroen. Het gehucht draagt de intrigerende naam "het Foreest", gestandardiseerd in de straatnaam Forest. Dat wordt het onvermoede hoekje van vandaag. Ook het uitzicht is, met een beetje goede wil, Picardisch te noemen: uitgestrekte graanakkers en zelfs ... de rozen uit het liedje. Maar over de taalgrens ligt een industrieterrein en een hoogspanningsstation van Moeskroen.

Een grensgeval

Van het Rollegemse gehucht "Het Foreest" wordt de kern gevormd door de elleboogvormige Foreststraat, de Vlaamse kant van de Piro Lannoostraat, de aangrenzende woningen van de Moeskroensestraat, de verschillende stapsteenwegjes, en een stuk Tombroekmolenstraat. De 'woonkorrel', zoals men heden ten dage een dergelijke afgelegen nederzetting noemt, wordt aangevuld met de woningen van het uiterste stuk van de Lampestraat en behorende tot Aalbeke.

Het minidorpje is een echt grensgeval. Het ligt niet alleen op de grens met die andere Kortrijkse deelgemeente Aalbeke; het ligt ook op de gemeentegrens van groot-Kortrijk en zelfs op de taal-, gewest- en dus ook provinciegrens.

Aan Kortrijkse kant is het de eerste woonkern na kilometers landbouwgebied vanuit Rollegem of Aalbeke. Aan Moeskroense kant is het contrast schokkend: aan de overkant van de Tombroekmolenstraat, die op de taalgrens ligt, heeft de gewezen Waals-West-Vlaamse en nu Henegouwse stad een industriegebied voor milieubelastende bedrijven uitgebouwd. Met de wind die overwegend uit het zuid-westen komt, zijn de stank en de milieuproblemen voor de Vlaamse buren, ... vooreerst dus voor het Foreest!

La forêt

De naam van dit uiterste hoekje Kortrijk is: het Foreest. "Forest" is een Kortrijks stadhuiswoord, een verkeerde vertaling om het 'juister' te laten klinken. In Rollegem zeggen de mensen iets dat klinkt al: het Vereest, door een niet-ingelichte gemakkelijk te verstaan als 'het vooreerste' of het eerste wat men tegenkomt als men van Moeskroen komt.

Een bewoner van het Foreest noemt zijn domein: "' 't freest" (de onzijdige derde persoon van het werkwoord van het dialect van aardbei?). Foreest heeft wel degelijk iets met "forêt", het Frans voor bos of woud, te maken. Op het heuveltje tussen Rollegem en Moeskroen stond ooit wellicht, zoals op veel heuvels in het Leie-Scheldegebied een bos of een wildernis. De naam is voor het eerst genoteerd in 1559.

De Frans klinkende naam is minder een aanduiding van de oorspronkelijke ligging van de taalgrens dan je zou kunnen denken. In de 'goede oude tijd' was foreest een courant West-Vlaams woord voor bos. Op verschillende plaatsen (Houthulst, Lichtervelde, Zonnebeke, Wielsbeke, en heel wat plaatsen rond Brugge) tot in het Zeeuws-Vlaamse en dus Nederlandse Middelburg vind je dat woord: 'den Foreestbusch' ook wel eens 'Fereestbusch' (Fereest, precies zoals de Rollegemnaren het uitspreken) is daar een aloud toponiem.

Picardië

Maar wat heeft een van de verste Kortrijkse nederzettingen met Picardië te maken? Wel, tot de eerste wereldoorlog was de voertaal op het Foreest het Franse dialect dat ook in Moeskroen werd en wordt gesproken; dat is de Picardische variant van het Frans. Nadien hoorde en hoor je er vooral de Rollegemse variant van het West-Vlaams - eigenlijk bijna Oost-Vlaams.

In de afgeschafte talentellingen (over de manipulaties die daarmee gepaard gingen kan ongetwijfeld Luc Debels, Spiritist en een van de meest gedocumenteerde allesweters van Kortrijk, ons veel meer vertellen) werd ook Aalbeke vaak als Franstalig bestempeld, maar dat was ten onrechte. Maar op het Foreest sprak men wel degelijk een soort Frans.

Calvinistenhoek

Dat Frans kan een religieuze oorsprong hebben gehad. Toen de Franse zonnekoning Louis Quatorze in 1685 het Edict van Nantes introk, waarmee zijn voorganger Henri IV een soort godsdienstvrijheid had ingevoerd, vluchtten de Calvinisten (Hugenoten in Frankrijk) in allerijl de grenzen van het hardvochtige koninkrijk over.

Een gemeenschap Hugenoten kwam zich vestigen in Rollegem, toen een grensplaats tussen de Oostenrijkse Nederlanden en het Franse Koninkrijk. Nog altijd draagt een hoeve in de Tombroekmolenstraat tussen het gehucht Tombroek en het Foreest de naam 'Calvinistenhoek'.

Die protestanten, door de katholieke Rollegemnaren Geuzen genaamd, ga je daar niet meer vinden. Het oorspronkelijk protestantisme verdween op Tombroek en het Foreest in twee bewegingen. Op verzoek van de pastoors van Moeskroen en Luigne, belust op een uitbreiding van het aantal zielen van hun parochie, vaardigde de Oostenrijkse keizerin-moeder Maria-Theresia een bevel uit waarin de Geuzen van Rollegem de keuze kregen elke zondag naar de hoogmis in de Sint-Antoniuskerk in Rollegem te gaan, of met hebben en houden te verhuizen naar de Oost-Vlaamse protestantse enclave Sinte-Maria-Hoorebeke (de bosgeuzen).

Een groot deel van de protestantse bevolking trok toen al weg. In 1880 hergroepeerden de overblijvende Calvinistische families zich in het nabijgelegen dorp Luigne (Lowingen).

Wat een landschap!

Het Foreest is een bezoek waard. Laat je niet afschrikken door het vervaarlijk ronkende hoogspanningsstation van Elia op Moeskroens grondgebied (Piro Lannoostraat-Rue du Piro Lannoy, Boulevard du Textile) of door de silo's van het aangrenzende Waalse industriegebied. Aan Vlaamse kant heb je schitterende vergezichten die soms doen denken aan het wijdse landbouwgebied van Picardië. Het dorpje zelf heeft verschillende steegjes en voetpaden die je kronkelend tussen hagen en tuinen naar het uitnodigende landschap brengen.

Hoewel het hele gehucht geen vijftien woningen telt, zijn er toch twee pleisterplaatsen. Ook dat is in de lijn van de eeuwenoude geschiedenis van het plaatsje. Het lag op de oude weg tussen Rollegem en Moeskroen, een van de vele wegen naar de hoofdplaats van het bisdom Doornik waartoe ook het Kortrijkse behoorde. Een van de nabijgelegen hoeven was bekend als herberg: la Ferme de Brou in de Schreiboomstraat. Thans vind je er taverne De Pompe in de Lampestraat en Restaurant Piro Lannoo (Franse keuken en franstalige bediening) in de Piro Lannoostraat.

Voor meer foto's zie: http://kortrijkonvermoedehoekjes.skynetblogs.be