12-07-06

Electrabel bouwt windmolen op industrieterrein Heule

Als voorstander van windenergie ben ik blij dat er op het industriepark in Heule een windtubine komt. Electrabel heeft daartoe een aanvraag gedaan en het stadsbestuur geeft positief advies. Een bezwaarschrift van het vliegveld Bissegem-Wevelgem - het enige bezwaarschrift van het openbaar onderzoek - blijkt ongegrond. De beslissing over de bouwvergunning valt in Brugge.

Elektriciteitsproducent Electrabel, dringend op zoek naar mogelijkheden om te beantwoorden aan zijn groenestroomverplichtingen, gaat een windmolen bouwen op het industriepark in Heule. Het wordt een turbine op een mast van 100 meter met wieken van 80 meter. Het toestel heeft een vermogen van 2 mega-Watt. De molen wordt verankerd in een betonblok en zal kunnen bereikt worden over een bedrijfsweg in kiezel.

De bouwplaats komt aan de Izegemsestraat, ter hoogte van de oprit van de Ring R8. Het perceel ligt aan de achterkant van het bedrijf Mehui op 190 meter van de Ringlaan. Naar verluidt, wordt de productie van stroom met een windmolen beschouwd als een industriële activiteit die volkomen past op een industriegebied. Volgens de voorschriften van het gewestplan is een windturbine op die plaats zone-eigen.

De plaats die voor de windmolen is gekozen voldoet bovendien aan de Omzendbrief EME/2000.01. Aan alle randvoorwaarden van afstand van woningen, vliegroutes luchtvaart, ruimtelijke en landschappelijke elementen, het 'windplan Vlaanderen', de invloed op nabijgelegen natuur- en vogelrichtlijngebieden, wordt beantwoordt. Dit type van turbines moet minstens 250 meter afgelegen zijn van woningen. In de cirkel van 250 meter ligt welgeteld 1 woning, maar dat is een bedrijfswoning en de bewoners hebben geen bezwaar ingediend bij het openbaar onderzoek.

Voor het overige is de directie Stadsplanning en -ontwikkeling erg opgzet met de aanvraag. Ik heb nog maar zelden een zo positief advies gezien; ik deel hun mening. "De windmolen, als object op zich, is namelijk een goed voorbeeld van toegepaste spitstechnologie met een hoog designgehalte. Door de voorgestelde inplanting aan een oprit van de R8 gaat deze windmolen fungeren als een soort landmark, een duidelijk herkenningspunt langs de ringlaan. Hij is verenigbaar met de schaal en het karakter van de betrokken omgeving. De open ruimte wordt hierdoor geenszins aangetast." aldus de stadsdienst.

Uitbreiding vliegveld?

Tijdens het openbaar onderzoek kwam een enkel bezwaarschrift binnen, een van de West-Vlaamse Intercommunale Vliegveld Wevelgem-Bissegem (WIV). Het vliegveldbestuur wil alle kansen open houden om te promoveren naar een hogere 'ICAO-code' en het 140 meter hoge obstakel zou daarvoor misschien in de weg kunnen staan. Neen, zegt het stadsbestuur: "De eventuele uitbreiding van het vliegveld en de overgang naar een hogere ICAO-code is niet aan de orde en gezien de huidige ruimtelijke context waarbinnen het vliegveld zich bevindt ook niet waarschijnlijk".

De manier waarop het stadsbestuur die "ruimtelijke context" beschrijft, verraadt dat het stadsbestuur de mogelijkheid van een uitbreiding van het vliegveld eigenlijk niet ziet zitten. Er wordt op gewezen dat de huidige bebouwing rond het vliegveld en nabije torens zoals die van de kerken van Bissegem en Wevelgem nu al hoger zijn dan de toegelaten profielen. Om in orde te zijn voor een uitbreiding van het vliegveld moeten een 30-tal hoge gebouwen ten noorden van het vliegveld tegen de vlakte, waaronder de toren van het Sint-Amandscollege. De windturbine komt op 4 km van het vliegveld. Als dat niet ver genoeg is, kunnen alleen windmolens gebouwd worden in het open landschap tussen Heule en Izegem in het noorden en in de open ruimte voorbij Bellegem in het zuiden: pas daar zouden die tuigen het landschap schenden.

Het stadsbestuur geeft het dossier een gunstig advies mee (27 juni 2006) en heeft het verstuurd naar de Provinciale Directie ROHM in Brugge.

Eerder al zette het stadsbestuur het licht op groen voor 4 windmolens op het nog te ontwikkelen hoogwaardig industrieterrein Deltapark aan de Oudenaardsesteenweg. Zie: http://kortrijklinksbekeken.skynetblogs.be/?date=20060127...

01-07-06

Gemeenten Gaselwest in 't verweer tegen onrechtvaardige boete

Iets bijzonders meegemaakt op de raad van bestuur van Gaselwest waarin ik Kortrijk vertegenwoordig: een opstand van de gemeenten.

Vanaf zomer 2003 mag Gaselwest zelf geen elektriciteit en gas meer maken of verkopen. Voordien viel de intercommunale onder de verplichting een zeker percentage 'groene stroom' te leveren. In 2002 en de eerste helft van 2003 slaagde Gaselwest daar niet in en kreeg dus een fikse boete opgelegd. Maar dat gebrek aan groene stroom was te wijten aan het feit dat Gaselwest niet de nodige vergunningen kreeg van de Vlaamse overheid om groenestroomprojecten uit te voeren. Gaselwest trok dus naar het Arbitragehof, de Raad van State, de Rechtbank van Eerste Aanleg van Brussel èn de Europese Commissie. Een breder gerechtelijk offensief kan je niet indenken. Nu wil de Vlaamse overheid al die processen stilleggen met een 'dading'. Maar haar toegevingen zijn belachelijk. Tegen het advies in van haar private aandeelhouder, Electrabel, weigeren de gemeentelijke aandeelhouders van Gaselwest unaniem op dat voorstel in te gaan.

Sinds halverwege 2003 mag Gaselwest, de intercommunale voor distributie van gas en stroom, zelf geen elektriciteit of gas meer verkopen. De intercommunale, waarbij Kortrijk is aangesloten (grootste gemeentelijke aandeelhouder), mag alleen nog het leidingennet ter beschikking stellen van verschillende leveranciers. Voorheen kocht Gaselwest zijn producten bij Electrabel en verkocht het met winst door aan de verbruikers. De verbruikers hadden dus geen enkele keuze. Nu hebben ze die wel en dat zou in principe in hun voordeel moeten zijn.

In 2000 vaardigde de Vlaamse overheid een regel (Elektriciteitsdecreet van 17 juli 2000) uit waarbij de elektriciteitsleveranciers verplicht werden een gedeelte groene stroom (elektriciteit uit milieuvriendelijke bronnen zoals windmolens en waterkracht) aan te bieden. Ofwel moesten ze die groene stroom zelf produceren - en dan kregen ze daar groenestroomcertificaten voor -, ofwel moesten ze groenestroomcertificaten kopen van producenten die er te veel hadden.

Gaselwest heeft waarlijk gepoogd om zelf groene stroom te fabriceren. Met de andere gemengde intercommunales werden projecten opgezet. Die projecten kregen evenwel niet het ... groene licht van de Vlaamse overheid. Daar waren bijvoorbeeld projecten bij van warmtekrachtkoppeling (stroom opgewekt als nevenproduct bij de verwarmingsinstallaties van grote gebouwen). Thans worden dergelijke initiatieven wel erkend als groenestroombronnen; in 2002 en 2003 nog niet. In elk geval slaagde Gaselwest er niet in om voldoende groenestroomcertificaten te bemachtigen in die periode en kreeg de intercommunale voor 2002 een boete aangesmeerd van bijna 1,5 miljoen euro.

Dading

Zoals gezegd trokken Gaselwest en zusterintercommunales (gemengde) naar alle mogelijke jurisprudentiële instanties. Daarmee komt het systeem zelf van de Vlaamse groenestroomcertificaten in gevaar; zo zou de Europese Commissie kunnen vaststellen dat het systeem de vrije concurrentie in gevaar brengt.

Vandaar dat het niet zo verwonderlijk is dat de Vlaamse overheid (hier de VREG, de Vlaamse Regulator voor Elektriciteit en Gas) op een compromisovereenkomst aanstuurt, een 'dading'. Een dading is een contract om niet verder te procederen onder bepaalde afgesproken voorwaarden. Meestal doen beide partijen water in hun wijn. Dat is hier eigenlijk niet het geval.

De VREG stelt voor dat Gaselwest en de andere gemengde intercommunales nog 'slechts' 50% van de boete zouden moeten betalen. De andere 50% worden niet kwijtgescholden maar moeten de intercommunales investeren in "nieuwe hernieuwbare energiebronnen die nog niet marktrijp zijn" (sic). Nog niet markrijp zijn, kan niets anders betekenen dan experimenten waaraan men heel zijn investering kwijt speelt. Nader beschouwd, is Gaselwest, als men akkoord gaat met de dading, toch het bedrag van de volledige boete kwijt. Waarin zit dan de toegeving van de Vlaamse Regering?

Er is meer. Door de intercommunales te verplichten te investeren in - zij het dan milieuvriendelijke - stroomproductie, gaat de Vlaamse overheid in tegen haar eigen principes. Sinds de liberalisering van de stroom- en gasmarkt mogen de intercommunales zich juist niet meer bezig houden met energieproductie. Zij mogen alleen nog de leidingen ter beschikking stellen van alle private stroomleveranciers die, in concurrentie met elkaar, zich wiilen aanbieden aan de verbruikers.

Ten slotte is er een goede reden waarom de private aandeelhouder in de intercommunales, Electrabel, zelf stroomfabrikant, Gaselwest en consoorten aanspoort om de dading te aanvaarden. Voor zijn eigen tekort aan groenestroomcertificaten in 2002 werd ook Electrabel een boete opgelegd. Ook Electrabel kreeg een dading voorgesteld, inhoudende een halvering van de boete zondermeer: van Electrabel wordt niet verlangd dat het die andere 50% zou investeren in tot mislukken gedoemde experimenten.

0% kunnen we krijgen

Voor alle zekerheid heeft Gaselwest van meet af aan het bedrag van de mogelijke boete aan de kant gezet: 1.433.100 euro.  Als Gaselwest de dading aanvaardt, is ze dat bedrag kwijt (50% boete en 50% in niet-marktrijpe experimenten). Als Gaselwest procedeert, kan ze het geding winnen. Dan kan de intecommunale het bedrag verdelen als buitengewoon dividend aan haar aandeelhouders: 932.088,24 euro voor de gemeenten, 1.289,79 euro voor de provincies West- en Oost-Vlaanderen en Henegouwen, en 499.721,97 euro voor private partner Electrabel.

Als Gaselwest uiteindelijk de juridische veldslag verliest, moet de boete betaald worden. Daarbij komt een gerechtelijke intrest van 7%, maar al die tijd heeft het bedrag op een 'spaarboekje' 3,5 euro opgebracht.

Met andere woorden een sanctie van 100% hebben wij, een van 0% kunnen we krijgen als 't meevalt. De unanieme keuze van de gemeenten, in strijd met het standpunt van private partner Electrabel, is dus zeer logisch. Ik steun voluit die keuze van de raad van bestuur (vorige week vrijdag in het kasteel van Langemark-Poelkapelle).