18-08-08

Belastingsweigeraar in Kortrijk

OI3

Heulenaar Bernard Vandaele weigert de onroerende voorheffing te betalen die onlangs bij hem in de bus is gevallen. Het grootste deel van die belasting gaat immers naar stad Kortrijk en dat heeft het stadsbestuur naar zijn oordeel niet verdient. Nimmer kwam immers een ernstige maatregel om de keersoverlast in zijn straat, de Oude Ieperseweg, te verminderen. Hij dreigt ermee vanaf oktober zijn actie te vermenigvuldigen door een oproep te lanceren tot algemene burgerlijke ongehoorzaamheid in Kortrijk.

De heer Bernard Vandaele woont in de Oude Ieperseweg in de Kortrijkse deelgemeente Heule. Jarenlang heeft hij al te klagen van verkeersoverlast in zijn straat. De Oude Ieperseweg is een van de favoriete verbindingswegen voor wie zich door GPS laat leiden tussen de Kortrijkse grote ring R8 en het stadscentrum. Vooral het smalle stuk woonstraat met rijwoningen waar de heer Vandaele woont, is daar helemaal niet geschikt voor.

De Heulse belastingbetaler beschrijft zijn ellende als volgt: "Onze woon- en leefomgeving wordt dagelijke verpest door sluikverkeer. Voor ons betekent het continu geluidsoverlast, meer luchtvervuiling, het met lede ogen aanzien hoe chauffeurs dagelijks de verkeerscode aan hun laars lappen door overdreven snelheid, het negeren van de rode lichten, lawaaierige en niet reglementaire knalpotten van auto's, moto's, quads, mopeds en brommers. Camionchauffeurs negeren de tonnemaatbeperking en tot overmaat van ramp denderen voortdurend lege bussen van De Lijn (lijn nr. 3) door de straat, tot de glazen in de kasten ervan trillen".

Het huis van de heer Vandaele heeft drie slaapkamers. Hij zegt dat de twee kamers aan straatzijde onbruikbaar zijn. Iedere morgen moet hij kokhalzen van de dieselgassen in zijn inkomhal; als het weer een beetje tegen zit, blijft de stank van de uitlaatgassen dagenlang in de straat hangen.

De heer Vandaele heeft zopas zijn aanslagbiljet ontvangen voor de roerende voorheffing (grondlasten). Hij moet een bedrag betalen van 545,74 euro. Daarvan is 433,13 euro bestemd voor de gemeente, in casu stad Kortrijk. Hij weigert die belasting te voldoen. Het stadsbestuur neemt immers niet de maatregelen die hij nodig acht om de verkeersoverlast in zijn straat te milderen.

Dè maatregel waarop de heer Vandaele en zijn buren wachten, is het invoeren van eenrichtingsverkeer waardoor het onmogelijk wordt de Oude Ieperseweg te gebruiken als invalsweg naar het stadscentrum. In plaats daarvan beperkte het stadsbestuur zicht tot het plaatsen van plastieken paaltjes om het smalle voetpad af te schermen van de voortdurende verkeersstroom.

De heer Vandaele zegt in de voorbije tien jaar bijna 220.000 frank te hebben betaald aan onroerende voorheffing ... om te wonen en leven in een straat die onleefbaar is geworden. Hij is het 'stinkende' beu. Behalve zijn persoonlijke belastingsweigering kondigt hij in oktober een actie aan met meer mensen "tegen een onleefbare stad waarin het welzijn van mensen onbelangrijk is".

Zie ook mijn stukje van eerder dit jaar.

06-05-08

De Kortrijkzanen betalen te veel belastingen

stadhuismascotte
 

De stadsrekeningen voor 2007 hebben gisteren in de gemeenteraad van Kortrijk geleid tot een hoogoplopende discussie. Het overschot is zo groot dat de enige logische conclusie is dat de belastingen te hoog zijn in de Groeningestad. Kortrijk is een ongezonde financiële speklaag aan het kweken. De opgezwollen reserves zijn niets anders dan miljoenen euro's die worden onttrokken aan de Kortrijkse gezinnen, om ... ze ongebruikt op te potten. De gezinnen zouden die centen wel beter kunnen gebruiken. Financieschepen Alain Cnudde, CD&V, verzette zich tegen mijn oproep tot belastingsvermindering. De liberale meerderheidspartner OpenVld deed er het zwijgen toe.

Op het einde van het jaar keurt de gemeenteraad op voorstel van het stadsbestuur telkens een begroting goed: dat is een overzicht van de uitgaven die het stadsbestuur wil doen en de inkomsten die het verwacht. Het jaar nadien krijgt de gemeenteraad dan de rekeningen voorgeschoteld: een overzicht van hoe het stadsbestuur die begroting heeft uitgevoerd. Die stadsrekeningen voor 2007 kwamen op 5 mei 2008 aan bod in de gemeenteraad van Kortrijk. Ik nam er het woord in naam van de progressieve fractie van sp.a, Groen! en VlaamsProgressieven.

Fenomenale 'winst'

Uit de begrotingsrekening van vorig jaar blijkt dat 2007 een heel bijzonder jaar is geweest. Er zijn betekenisvolle records gebroken. Het meest in het oog springende record is de opbrengst van de opcentiemen - dat zijn de aanvullende stadsbelastingen op de onroerende voorheffing en de personenbelasting. Die opbrengst stijgt tot het nooit geëvenaarde bedrag van meer dan 45 miljoen euro. De Kortrijkzanen betalen nu meer belastingen aan de stad dan voor de belastingsverlaging van 2005, toen het tarief van de personenbelasting - op aandringen van de sp.a, die toen in de meerderheid zat - werd verlaagd van 8,5 tot 7,9 percent.

Volgens het stadsbestuur heeft Kortrijk die ferme verhoging van de opbrengst van de personenbelasting (+ 18%) te danken hebben aan federaal minister van Financiën Didier Reynders, die om politieke redenen in 2007 is overgegaan tot een versnelde inning van de personenbelasting. Dat klopt gedeeltelijk. Maar het gaat zeker ook om ingehaalde achterstand - in de vorige jaren liep de inning van de personenbelasting vertraging op -, en in die zin is de stijging voor een belangrijk deel blijvend.

In elk geval leveren die hoge belastingsinkomsten in combinatie met volgehouden besparingen bij personeel, werkingskosten en subsidies, een riant overschot op. De begrotingsrekening komt uit op een positief saldo van 7,5 miljoen euro. Maar het èchte overschot is hoger. Je moet er de bijna 7 miljoen euro netto-overboekingen bij tellen; dat is geld dat in de reserves is gestopt. Zo bekeken is het overschot in 2007 niet minder dan een dikke 14 miljoen euro, of een slordige 13 percent van de totale ontvangsten (vastgestelde rechten). Ik denk dat veel ondernemingen direct zouden tekenen voor een dergelijke fenomenale winst op hun omzet!

Spaarpot

Wat doet het stadsbestuur met dergelijke, indrukwekkende overschotten? Ze worden vooral weggemoffeld in reserves. Ook wat de reserves betreft, zijn records gebroken in 2007. De spaarpot van de stad bereikt niet minder dan 22,2 miljoen euro. Het stadsbestuur volhardt in dat oppotbeleid: na de wijziging van de begroting voor 2008 neemt het zich voor om dit jaar de reserves met nog eens een kleine 6 miljoen euro aan te dikken. Ik ben ervan overtuigd dat de gemeenteraad in het voorjaar van 2009 zal vaststellen dat het meer zal zijn.

Sparen is zinvol als het is om geplande investeringen te financieren. En voor die investeringen is er het 'buitengewoon reservefonds', dat 12,5 miljoen euro bereikt. Maar het echte record is te zien in het 'gewone reservefonds'; dat gaat om spaargeld waar men niet direct raad mee weet. Eind 2007 zat er in die spaarpot het nooit geziene bedrag van bijna 10 miljoen euro.

Volgens het stadsbestuur is dat een reserve om toekomstige leninglasten te kunnen delgen. Dan zal dat stadsbestuur toch nog wat meer voetpaden, woonstraten en groen moeten aanleggen of vernieuwen. Voor een jaarlijkse investeringsinspanning van rond de 40 miljoen euro - dat is dan al 10 miljoen euro meer dan gewoonlijk - heeft Kortrijk die reserves echt niet nodig. Bovendien klinkt dat argument een beetje vals, nu de stad is toegetreden tot het Lokaal Pact van de Vlaamse Regering. Die Vlaamse Regering heeft zich daarin verbonden om voor niet minder dan 7,4 miljoen euro uitstaande leningschulden over te nemen.

Rem op de lokale welstand

"Had u die 10 miljoen euro niet beter bij de bevolking gelaten?" vroeg ik aan het stadsbestuur. Te veel reserves is nooit een goed teken. Bij een mens zou men spreken van overgewicht. Ook voor een stadsbestuur is obesitas niet gezond. Die speklaag is een rem op de lokale welstand. Het geld dat de stad bij de gezinnen weghaalt zonder dat er daarvoor direct een bestemming is, is geld dat onttrokken wordt aan de lokale economie en aan de welstand van de bevolking. Dat is niet verantwoord.

In mei vorig jaar stelde de progressieve fractie voor om de aanvullende personenbelasting te verlagen van 7,9 tot 7,4 percent. Dat zou de stad 1,1 miljoen euro minder belastingsinkomsten gekost hebben en dat zou de bevolking evenveel meer koopkracht gegeven hebben. Zelfs met die mindere inkomsten zou het overschot in 2007 nog altijd 13,4 miljoen euro geweest zijn. Dat bewijst dat zelfs een grotere belastingsvermindering verantwoord zou zijn.

Dik in 't vet

Toen Kortrijk in 2005 de aanvullende personenbelasting verlaagde van 8,5 naar 7,9 percent, waren de stadsfinancies bijlange niet zo dik in 't vet als nu. Het begrotingsresultaat bedroeg het jaar voordien amper (?) 2,8 miljoen euro en de reservespaarpot slechts 15 miljoen euro (een stijging  in 2004 met 6,5 miljoen euro). Toch vond burgemeester De Clerck toen dat er voldoende financiële ruimte was om de belastingen te verlagen.

Nu staat de stad er zoveel beter voor. Maar in de plaats van de belastingen te verlagen, heeft de CD&V-OpenVLD-meerderheid vorige maand nog de belastingen verhoogd. In mijn stuk van 10 april jl. lees je hoe de stadsbelastingen zijn verhoogd door het optrekken van de stadsbijdrage van de gezinnen op de waterfactuur. 

10-04-08

Het Kortrijkse stadsbestuur gebruikt waterzuivering voor belastingsverhoging

riolen1

Het grote argument van het CD&V-OpenVLD-stadsbestuur om de stadstaks op de waterfactuur te verdubbelen, is de hoge kost van de rioleringsverplichtingen die de stad heeft als gevolg van de Europese Kaderrichtlijn Water. Dat argument houdt helemaal geen steek.

De kosten van de uitbreiding van het waterzuiveringsnetwerk waarmee het stadsbestuur uitpakt, zijn fel overdreven. De te verwachten bijdrage van de Vlaamse overheid wordt even fel onderschat. Er worden meer werken gepland dan strikt nodig is. Er wordt gewerkt met een realisatietijd die twaalf jaar korter is dan deze die de Vlaamse overheid hanteert. En het ergste is nog dat men die kosten wil laten betalen door de gezinnen die toevallig in de periode van nu tot 2015 water verbruiken. Riolen gaan zeker 75 jaar mee. Rechtvaardig zou zijn als men de lasten voor de bevolking voor die riolen over die 75 jaar zou spreiden. Overigens zou het socialer zijn dergelijke infrastructuurwerken van algemeen nut te betalen uit de algemene middelen dan uit de opbrengst van een taks op een basisbehoefte.

Zoals eerder al uitgelegd, wil het CD&V-OpenVLD-stadsbestuur de gemeentelijke saneringsbijdrage op de waterfactuur van de gezinnen verdubbelen. Dat is nodig, zeggen de schepenen Alain Cnudde en Guy Leleu, allebei ACW, om de zware investeringen te betalen die Kortrijk nog moet doen aan zijn waterzuiveringsnet (zeg maar de riolen) van Europa.  Die redenering houdt geen steek. 

De kosten voor de stad fel overdreven 

Volgens beide heren zou die opdracht de stad van nu tot 2015 niet minder dan 76,8 miljoen euro kosten. Hoe berekenen zij dat? De kosten lopen op door de investeringen voor de aanleg van riolen (in tegenstelling met vroeger aparte buizen voor het regenwater en het afvalwater), de studie-uitgaven, en de personeelskosten. Van die som moeten de subsidies afgetrokken worden van de hogere overheden. En de subsidies die de stad zelf geeft aan zijn gezinnen voor de aansluitingsbuizen op private grond, verhogen dan weer het kostenplaatje.

De aanleg van gescheiden rioleringen (regenwater en afvalwater apart) wordt geraamd op 50,6 miljoen euro. Vermeldenswaard is wel dat het stadsbestuur die investeringen voor het grootste deel wil doorschuiven aan zijn opvolger, na de gemeenteraadsverkiezingen van 2012. Het huidige stadsbestuur (CD&V-OpenVLD) zal zich beperken tot slechts 10,4 miljoen euro investeringen. Daarbij komen waarschijnlijk nog eens voor 17,2 miljoen euro investeringen in drukrioleringen, maar het is lang niet zeker dat het zoveel zal kosten. Ook die investeringen worden uitgesteld tot er een nieuw stadsbestuur aantreedt na de verkiezingen van 2012. Alles samen zou de aanleg van dat zuiveringsnetwerk 67,9 miljoen euro kosten.

De studiekosten worden geraamd op 6,8 miljoen euro. En de personeelskosten voor die belangrijke extra projecten zouden 1,5 miljoen euro bedragen. Voor de toename van de werklast wil men 2 personeelsleden van niveau B en 3 van niveau D aanwerven. En men houdt er rekening mee dat de huidige niveau A's (universitairen) zowat 5% meer gaan moeten presteren.

Daar komt nog de kost bij van de subsidies die de stad zal geven aan gezinnen die hun afvoerbuizen moeten aanpassen aan de gescheiden riolen.  Die kost wordt geschat op 3,2 miljoen euro, waarvan weliswaar twee derde na de volgende gemeenteraadsverkiezingen.

Totale brutokostprijs: 78,8 miljoen euro. 

De Vlaamse bijdrage onderschat

Daarvan moet je aftrekken de verwachte subsidies die de stad zal krijgen van de Vlaamse overheid. Het stadsbestuur wil de bevolking laten geloven dat die subsidies slechts 2 miljoen euro zullen bedragen. De administratie laat weten dat dit bedrag nog aanmerkelijk zal stijgen. Toch neemt het stadsbestuur slechts die schamele 2 miljoen euro in rekening voor de totale kostprijs van het waterzuiveringsnet dat het tegen 2015 wil voltooien. Rest een nettokostprijs van 76,8 miljoen euro.

De Vlaamse Regering heeft intussen bekend gemaakt dat het Vlaamse Gewest (via de openbare instelling Aquafin) een groter aandeel van de kosten verbonden aan de nog te leveren rioleringinspanningen, op zich zal nemen. Dat is namelijk een van de punten van het 'Lokaal Pact tussen de Vlaamse Regering, de Vlaamse Gemeenten en de Vlaamse Provincies'. Een op 3 maart jl. door het voltallige Vlaamse Parlement goedgekeurde resolutie eist een vermindering van de gemeentelijke saneringsplicht met ongeveer 25%. Het is onwaarschijnlijk dat de Vlaamse Regering die unanieme en duidelijke eis naast zich neer zou leggen.

Bovendien belooft de Vlaamse overheid rekening te houden met de reeds gedane inspanningen van de steden en gemeenten. In Kortrijk zijn al 71% van de waterverbruikers aangesloten op het zuiveringsnet. Het Vlaamse gemiddelde is slechts 63%.

Meer investeringen dan nodig

Voormelde resolutie van het voltallige Vlaamse Parlement vraagt ook 'een objectief beoordelingskader voor het al dan niet aanleggen van gescheiden rioleringssystemen'. Dat betekent dat geen enkele stad of gemeente het technisch onhaalbare moet nastreven. De Europese kaderrichtlijn Water laat toe dat de zuivering van het afvalwater niet tot de laatste druppel wordt doorgevoerd: de inspanning moet 'haalbaar' blijven (art. 4, 5 van de Richtlijn van 23 oktober 2000). 

Intussen gaat men er in het algemeen van uit dat het waterzuiveringsnet niet alle watergebruikers moet bereiken maar slechts 95%. Aangezien precies die laatste 5% waterverbuikers (afgelegen of moeilijk bereikbaar) de hoogste kosten vergen om aan te sluiten op de gescheiden riolering, betekent dat een vermindering van de kosten met liefst 30%.

Maar het stadsbestuur wil blijkbaar meer dan noodzakelijk is.

2015 of 2027, een heel verschil

Voormelde resolutie van het Vlaams Parlement stelt onomwonden dat "het technisch en financieel onmogelijk is tegen 2015 alle afvalwater te saneren". In tegenstelling daarmee wil het Kortrijkse stadsbestuur dat onmogelijke nastreven.

Ook is de Europese kaderrichtlijn Water niet zo streng als het stadsbestuur ons wil laten geloven. Artikel 4, 4 van die richtlijn zegt dat de gestelde termijn - uiterlijk 15 jaar na de inwerkingtreding van de richtlijn (23 oktober 2000) - met 2 keer 6 jaar kan worden verlengd.

Vlaams milieuminister Hilde Crevits, CD&V, heeft intussen bekendgemaakt  dat Vlaanderen weliswaar tegen 2009 een ambitieus maar realistisch maatregelenpakket voor integrale waterzuivering zal klaarhebben, maar dat men aan de Europese Unie zal vragen de termijn voor het behalen van de waterdoelstellingen met 2 keer 6 jaar te verlengen.

Dat betekent dat de deadline voor het volledig aansluiten van alle waterverbruikers aan het zuiveringsnet niet 2015 maar 2027 is. Het maakt een hemelsgroot verschil als men de investeringskosten kan spreiden over slechts 7 jaar dan over 19 jaar! Door het voor te stellen alsof de stad de klus tegen 2015 zal klaren - wat niet zal gebeuren! -, wil men de bevolking voor de totale investeringen laten betalen in die 7 jaar.

Onrechtvaardig 

Ten slotte is het vreselijk onrechtvaardig om de kosten voor die versnelde uitbreiding van ons rioleringsnet volledig te laten betalen door de gezinnen die toevallig van nu tot 2015 kraantjeswater verbruiken. Riolen hebben immers een afschrijvingsduur van zeker 75 jaar. Riolen die vandaag worden gebouwd, gaan zeker mee tot het jaar 2083. In de redenering van het stadsbestuur zouden de gezinnen tot 2015 alle kosten moeten dragen en zouden de gezinnen na 2015 niets meer hoeven te betalen.

Ook de Sociaal-Economische Raad voor Vlaanderen kaartte die onrechtvaardigheid al aan in een aanbeveling 'Kostenterugwinning van waterdiensten: beleidsvragen voor de Vlaamse watersector' op 12 september 2007. Kosten verbonden aan de versnelde uitbouw van de saneringsinfrastructuur zouden volgens de SERV – hoewel toewijsbaar aan gebruiker/verbruiker - door de gemeenschap moeten gedragen worden. Het is immers niet verantwoord om gelet op de lange levensduur van de investeringen de kosten ervan af te wentelen op één generatie.

Dat betekent dat een goed bestuur de terugwinning van de kosten voor de uitbreiding van het waterzuiveringsnet zou spreiden over de afschrijvingstermijn van de nieuwe riolen. De manier van aanpakken van het stadsbestuur van Kortrijk beantwoordt daar niet aan. 

Een pure belastingsverhoging

Het is duidelijk dat de investeringskosten voor de integrale waterzuivering door het Kortrijkse stadsbestuur fel overdreven zijn. Het wordt heel wat minder dan 76,8 miljoen euro. Neem nu dat Kortrijk uitkomt op 50 miljoen euro. Hou er rekening mee dat je tijd hebt tot 2027 om dat te realiseren. Dat is dan 2,6 miljoen euro per jaar, in plaats van de 11 miljoen per jaar in de berekening van CD&V en OpenVLD.

Maar als je die 50 miljoen euro laat terugbetalen over de hele afschrijvingsperiode, kom je tot nog een groter verschil. Dan is de terugbetaling van de Kortrijkse waterverbruikers beperkt tot 0,666 miljoen euro per jaar.

Vergelijk dat even met de huidige jaaropbrengst van de gemeentelijke bijdrage op de waterfactuur: zowat 1,5 miljoen euro. Dan is bewezen dat de verdubbeling van de bijdrage ook economisch niet verantwoord is. En dan is eveneens bewezen dat die zwaardere lasten voor de Kortrijkse gezinnen niet rechtstreeks iets te maken heeft met de waterzuiveringsverplichtingen van de stad. Het is een pure fiscale maatregel. En dus flagrant in strijd met het bestuursakkoord van CD&V en OpenVLD waarin beloofd werd dat de globale lasten van de bevolking niet zouden stijgen. 

riolen2

03-04-08

Verdubbeling Kortrijkse waterfactuur treft nog het meest de flatbewoners

Leiewater

Het Kortrijkse stadsbestuur, CD&V-OpenVLD, wil de 'bijdrage voor de afvoer drinkwater', een stedelijke taks eigenlijk, met ingang van 1 mei 2008 optrekken van 0,6 euro per kubieke meter tot 1,1851 euro per m³. Dat is bijna een verdubbeling. Die verdubbeling geldt alleen voor wie minder dan 6000 m³ per jaar uit de kraan laat lopen. Dat zijn alle gezinnen en de meeste bedrijven. Voor de grote verbruikers - die al veel minder moesten bijdragen per m³ - is de stijging matiger: van 0,3302 euro naar 0,5926 euro voor de verbruiksschijf van 6000 tot 60.000 m³, en van 0,1651 euro naar 0,2963 euro voor al wat men meer dan 60.000 m³ verbruikt.

De 'eigen waterwinners' - dat zijn de verbruikers die grondwater oppompen - ontsnappen niet aan die factuur. De gezinnen die regenwater gebruiken, moeten daarop - gelukkig maar - geen bijdrage betalen. Maar geen genade als je ergens woont waar je niet de mogelijkheid hebt om een regenwaterput in te schakelen; denk bijvoorbeeld aan appartementsbewoners. Voor die gezinnen bestaat er geen ontsnappingsroute tegen de stijging van de Kortrijkse waterfactuur.

De Kortrijkse waterfactuur 

Over welke factuur gaat het? Bekijk eens aandachtig de jaarlijkse factuur van uw leverancier van kraantjeswater (in Kortrijk: de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening). Bovenaan staat uw verbruik over een periode van ongeveer een jaar.

Daaronder, bij de aanrekening ziet u 4 posten. Eerst de gratis 15 m³ per persoon die op het leveringsadres woont, 0 euro uiteraard. Dan het verbruik dat u wel moet betalen. En dan, sinds 2005: de 'bijdrage voor de zuivering drinkwater'; een Vlaamse taks eigenlijk. Die taks wordt berekend op heel uw verbruik, met inbegrip van de gratis levering. Sinds nieuwjaar bedraagt die taks 0,8465 euro per m³. En ten vierde ziet u staan: 'Bijdrage voor de afvoer drinkwater'. Dat is een gemeentelijke taks, eveneens op heel uw verbruik. Op al die posten komt ook nog eens 6% BTW.

Voor de meeste verbruikers van kraantjeswater in Kortrijk bedraagt die bijdrage tot vandaag voorlopig nog altijd 0,60 euro per m³. Dat is het laagste tarief van West-Vlaanderen en dat is te danken aan het hardnekkige verzet van de socialisten in Kortrijk toen wij nog mee de meerderheid vormden. Na zes jaar goede samenwerking met onze schepen Philippe De Coene, heeft de CD&V van Stefaan De Clerck ons gedumpt om met OpenVLD scheep te gaan.

De 4,3 miljoen euro van Cnudde

Voor 2005 was er nog geen gemeentelijke bijdrage op de waterfactuur. In Kortrijk was er toen wel een stedelijke belasting op het stadsrioolnet. Die belasting, gekoppeld aan het kadastraal inkomen, bracht tot 2004 jaarlijks 4,3 miljoen euro op. Toen besliste de Raad van State dat die koppeling onwettig was. Vanaf dan werd het een forfaitaire belasting. Zie mijn stukje van 13 december 2005. Op ons aandringen bleef die belasting beperkt tot 1,5 miljoen euro. Dat was een fameuze belastingsvermindering. Toen al drong men er bij CD&V op aan om die belasting op het vroegere peil te houden.

En dan werd die riooltaks vervangen door die bijdrage op de waterfactuur. Zie mijn stukje van 6 januari 2006. Ook bij die gelegenheid wou men van CD&V-zijde, schepen Alain Cnudde, het tarief zo optrekken dat men weer die 4,3 miljoen euro per jaar kon ophalen bij de gezinnen. Wij hebben ons daar hard tegen verzet. In 2006 bracht die bijdrage 1,4 miljoen euro op; in 2007 zou het 1,7 miljoen euro zijn - we moeten de stadsrekening van 2007 nog krijgen. Overigens is het minontvangst voor de stad grotendeels goedgemaakt door de invoering van een stadstaks op het verspreiden van reclamefolders - een taks waar de KMO's aan ontsnappen.

Opnieuw 

Het stadsbestuur, CD&V-OpenVLD, vraagt nu opnieuw aan de gemeenteraad, van 14 april 2008, de goedkeuring van een voorstel om de Kortrijkse waterfactuur op te trekken tot het maximum toegestaan door het Vlaamse Programmadecreet. Dat is 1,4 maal de Vlaamse 'bijdrage voor de zuivering drinkwater'. Aangezien die Vlaamse vermomde taks 0,8465 euro per m³ bedraagt, mag en zal Kortrijk de stadsbijdrage optrekken tot 1,1851 euro per m³.

Schepen Alain Cnudde, CD&V, ACW, raamt dat die stijging een meeropbrengst zal betekenen van 1,5 miljoen euro. In totaal zal die opgetrokken Kortrijkse waterfactuur 44,56 euro kosten aan elke inwoner (3,3 miljoen euro in totaal). De schepen wijst erop dat men daarmee nog altijd een miljoen euro onder de vroegere riooltaks zit; hij vergeet te zeggen dat het 'verlies' meer dan gecompenseerd is door de felle stijging van andere belastingen (bijvoorbeeld de opcentiemen op de personenbelasting en de onroerende voorheffing).

OpenVLD in de touwen

Met dat voorstel van het stadsbestuur is het duidelijk dat OpenVLD in de touwen hangt van de boksring op het stadhuis. De liberale juniorpartner in de meerderheid heeft zijn verzet tegen de voortdurende pogingen van CD&V om de bevolking meer te laten betalen, moeten staken.

Bij de opmaak van de stadsbegroting eind vorig jaar leidde dat verzet van OpenVLD - het geroep en de slaande deuren in het schepencollege waren op een bepaald moment tot op de Grote Markt te horen - nog tot zware incidenten, zoals de onverhoedse afschaffing van de stedelijke huisvestingspremies. CD&V verplichtte immers liberaal schepen Wout Maddens om het bedrag te besparen dat zij niet konden innen door het verzet van OpenVLD tegen een stijging van de waterfactuur. "Goed" zei die: "dan schaf ik uw bouwpremies af". Zie mijn achtergrondverhaal van 19 december 2007. 

Collateral damage

De duurdere waterfactuur is een stijging van de lastendruk. Volgens schepen Alain Cnudde zal 'een modaal gezin met een verbruik van 60 m³ drinkwater per jaar, 40 euro per jaar meer moeten betalen'. Bij mij komt de stijging op 99 euro (we zijn met 3 en ik was nooit mijn wagen).

Bovendien heeft de maatregel betreurenswaardige neveneffecten. Vooreerst is het een last op een basisbehoefte; niemand kan zonder water. En de waterrekening is in verhouding zwaarder voor wie een kleiner inkomen heeft.  Natuurlijk is er de 15 m³ gratis water voor elk gezinslid. Maar dat helpt hier niet, want die Kortrijkse waterfactuur wordt ook op dat gratis geleverde water gelegd. De vrijstellingen van zowel de Vlaamse als de Kortrijkse waterfactuur zijn beperkt tot mensen met een leefloon, een gewaarborgd inkomen voor bejaarden, of voor personen met een tegemoetkoming voor een handicap. Het optrekken van de Kortrijkse waterfactuur kan dus zonder meer een onsociale maatregel worden genoemd.

Voorts is de maatregel harder voor de Kortrijkzanen die niet (kunnen) beschikken over een regenwaterput. Een gezin dat zijn verstand gebruikt en regenwater opvangt en aanwendt, voor wc en wasmachine bijvoorbeeld, kan heel wat kraantjeswater uitsparen. Dat is goed voor het milieu en op dat regenwater betaalt u evenmin de Kortrijkse waterfactuur. Watergebruikers die zelf hun water oppompen, moeten wel die stadsbijdrage betalen. Maar dat gaat dan niet over de gezinnen met een regenwaterput, maar over grote bedrijven die meer dan 5 m³ per uur aan de fossiele grondwaterlagen onttrekken.

Appartemenstbewoners worden hier gediscrimineerd. Slechts in heel weinig gevallen is een flatgebouw voorzien van een installatie voor opvang en gebruik van regenwater. De flatbewoners zijn als het ware veroordeeld tot kraantjeswater en zij zullen die stijging van de waterfactuur dan ook dubbel en dik ondervinden.

Betaalt de vervuiler?

En in een zekere zin klopt hier ook niet de toepassing van het principe 'de vervuiler betaalt'. Grote leveranciers van afvalwater in de Kortrijkse riolen moeten slechts de helft tot een vierde van de waterfactuur betalen. Tot 6000 m³ betaalt men de volle pot (1,1851 euro per m³); tussen 6000 en 60.000 m³ betaalt men 0,5926 euro per m³; en voor jaarlijkse lozingen van meer dan 60.000 m³ is de prijs nog slechts 0,2963 euro per m³.

Aan die schijven kan een gemeente niets veranderen, maar wel kan een gemeente voor de drie schijven hetzelfde tarief aanrekenen in plaats van de helft en een vierde. Stad Oostende  en stad Tielt doen dat bijvoorbeeld (tarief: 0,8465 euro per m³). Roeselare hanteert verminderende tarieven, maar die toch hoger zijn dan de Kortrijkse voor de grote lozers (0,8465 voor de tweede schijf en 0,4233 voor de derde).

Met die relatief geringe bijdrage voor grootlozers stimuleert Kortrijk slechts weinig de zelfzuivering bij bedrijven en instellingen. Door investeringen in hun productieproces of in eigen zuiveringsinstallaties kunnen grote waterverbruikers ontsnappen aan zuiverings- en rioleringsbijdragen.

07-02-08

Voor de RIVAN heeft versoepeling Kortrijkse reclametaks geen zin

reclametaks1

Zou het Kortrijkse stadsbestuur enige last hebben van een slecht geweten nu grote delen van de stad moeilijk bereikbaar zijn en zeker niet bereikbaar zonder modderspatten?  Je zal maar een zaak hebben in de verwoeste gewesten! Of het veel zal helpen is nog maar de vraag, maar er komt een versoepeling van de stedelijke taks op reclamedrukwerk, als de gemeenteraad het voorstel van het stadsbestuur goedkeurt maandag. Meer dan een symbolische maatregel is het niet. En alleszins is het niet de hele of halve afschaffing die de liberale meerderheidspartners voorstaan. Er kan bijna niemand van die versoepeling profiteren. Bovendien hangt de Kortrijkse centrumhandelaars een andere, veel zwaardere taks, de BID-bijdrage, boven het hoofd. En ten slotte zou men beter eens nadenken over een mogelijke premie ter compensatie van omzetverlies veroorzaakt door werkzaamheden waarin de stad  betrokken is. Simpel is dat niet, maar van nadenken is nog nooit iemand gestorven...

Choco

De RIVAN is een onvolprezen supermarkt in de Beekstraat: voeding, drinkshop, wijnen, non-food, eigen slagerij, verse groente, kaas en brood. Een sterk punt van de grote winkel - behalve dat hij ook op zondagmorgen open is! - is dat hij wekelijks in alle openheid zijn prijzen bekendmaakt, in een publicatie die in de ruime omgeving wordt verspreid. Bijvoorbeeld 1 kg choco van 't Boerinneke tegen 2,15 euro; en het hele jaar door kost een groot brood van 800 gram er slechts 1,70 euro. Hoewel de RIVAN wekelijks zijn prijslijst in heel wat Kortrijkse brievenbussen laat vallen, ontsnapt de lokale detailhandel toch aan de stedelijke taks voor reclamedrukwerk.

Er is immers een algemene vrijstelling voor "drukwerken met een totale papieroppervlakte die kleiner is dan 645 cm²". In het stadhuis bedoelen ze daarmee een blad met het formaat din-A4. Eigenlijk zou dan in het belastingsreglement moeten staan 1290 cm², want de 'totale oppervlakte' van een blad, zeker als het aan beide kanten is bedrukt, is de som van voorkant en achterkant. Maar laten we niet vitten... De wekelijkse prijslijst van de RIVAN is zo een din-A4 en is dus vrijgesteld voor de reclametaks. Ook zijn algemeen vrijgesteld: 'publicaties die tenminste 50% redactionele niet-publicitaire tekst bevatten', bijvoorbeeld gesponsorde mededelingen van verenigingen.

FEDIS

Sinds 2004 bestaat in Kortrijk een stedelijke 'belasting op de huis-aan-huisverspreiding van niet-geadresseerde publiciteitsbladen en -kaarten, catalogi en kranten en gelijkgestelde producten" (zie het reglement). Verspreiders betalen 0,025 euro per verspreid exemplaar - 0,0125 euro per exemplaar voor reclameweekbladen waarin ook redactionele artikels verschijnen. Die belasting is er gekomen na lang aandringen van de sp.a die toen in de meerderheid zat. Men hoopte op een opbrengst van zeker 450.000 euro per jaar; na invoering is gebleken dat de jaaropbrengst zowat 850.000 euro bedraagt. Dat is een niet onaanzienlijk bedrag, dat welkom is om mee de vele uitgaven van de stad te delgen zonder de bevolking daarvoor te belasten, en dat een redelijke vergoeding vormt voor de kosten van die stroom van papierafval. Er zijn bovendien nauwelijks inningskosten.

Het belastingsreglement is zo opgesteld dat kleine en lokale detailhandelaars er buiten vallen. Zo zijn er naast voormelde algemene vrijstellingen, ook vrijstellingen voor beperkte oplages (een bedeling per kwartaal van maximum 2500 exemplaren) en voor sporadische verspreiding (twee bedelingen per jaar die samen niet meer dan aan A1-formaat vullen (59,4 x 84,1 cm). In feite betalen alleen de grote distributieketens. Vandaar dat FEDIS (Belgische Federatie van de Distributieondernemingen) zich heftig tegen dergelijke taksen verzet. Dat verzet is hopeloos aangezien meer en meer steden en gemeenten overgaan tot de invoering ervan. Zie mijn stuk van twee jaar geleden.

Borrelnootje

Verzet tegen die reclametaks is er ook altijd geweest van de liberalen in de Kortrijkse gemeenteraad. Open VLD slaagde erin in het bestuursakkoord dat zij met CD&V afsloot volgende passage op te nemen: "Zo engageert het nieuwe bestuur zich tot de aanpassing van de taks op het reclamedrukwerk in overeenstemming met het Vlaamse convenant". Bedoeld werd dat de opbrengst van de taks niet meer zou mogen bedragen dan de kosten voor het verwijderen van het papierafval dat al die reclamefolders vormen. Die zienswijze gaat voorbij aan aspecten zoals het ontradende effect dat met een dergelijke taks kan nagestreefd worden of het principe dat alle onderdelen van een stedelijke gemeenschap naar vermogen mee moeten betalen in de algemene stadsuitgaven. Hoe dan ook is er de vaststelling dat de liberale partner in de meerderheid er nog niet in geslaagd is zijn wens te realiseren. De reclametaks is er nog. Ook de voorgestelde versoepeling zal geen noemenswaardige vermindering van de opbrengst te weeg brengen.

De versoepeling die nu wordt voorgesteld, heeft de omvang van een borrelnootje. Lokale handelaars die last hebben van grote infrastructuurwerken in hun omgeving, mogen in de periode van de hinder, met inbegrip van een maand ervoor en een maand erna, onbeperkt reclamedrukwerk verspreiden. Dat wil zeggen dat voor die handelaars de beperkingen van formaat, oplage en verspreiding wegvallen. Handelaars zijn in dat reglement: 'zij die over een eigen BTW-nummer beschikken en die bovendien in Kortrijk slechts 1 vestiging hebben of uitsluitend in Kortrijk hun vestigingen hebben'. Onder hinder verstaat men: 'sterk verminderde toegankelijkheid tengevolge  van werken'. Het is het stadsbestuur dat vrijelijk de gebieden zal afbakenen waarin die extra vrijstelling zal gelden.

Die versoepeling geldt dus niet voor de grote ketens. Zij geldt alleen voor de lokale handelaars, die ook zonder die versoepeling meestal al ontsnapten aan de taks. De stadsadministratie acht de budgettaire weerslag van die wijziging dan ook 'vermoedelijk niet bijzonder groot'.

Pikant

Pikant detail: het stadsbestuur liet zich voor dat wijzigingsvoorstel eerst adviseren door het advocatenbureau van Hilde Laga (door Trends op de 'powerlist' van Kortrijk opgenomen en de 'huisadvocaat van Stad Kortrijk' genoemd). Ik heb niet kunnen achterhalen hoeveel de huisadvocaat heeft mogen factureren voor de slordige drie regeltjes die zij uit haar mouw heeft geschud - wellicht werkt de stad met een soort jaarcontract voor juridische bijstand. De advocaat wou de vrijstelling beperken tot de handelaars van de straat zelf waar de werken gebeuren (alleen 'wegeniswerken' dan nog) en tot de handelaars "die zich om die reden genoodzaakt zien bijkomende reclame te voeren" (wat een extra inspanning van de handelaar zou vergen om aan te tonen dat hij zich genoodzaakt zag bijkomende reclame te voeren). In feite heeft het stadsbestuur op aangeven van zijn administratie het advies van huize Laga naast zich neer gelegd.

Nog pikanter is het volgende. Die wijziging van de reclametaks volgt zogezegd op een gezamenlijke interpellatie van Open VLD-fractieleider Koen Byttbier en UNIZO-gemeenteraadslid Johan Coulembier in de gemeenteraad van 10 december 2007. Welnu, uit de notulen van het college van burgemeester en schepenen van 29 januari jl. blijkt, dat huize Laga al op 30 november 2007 een antwoord met voormeld advies had verstuurd op een eerdere vraag van het stadsbestuur. De zogenaamde spontane vraag van beide gemeenteraadsleden was dus niets anders dan opgezet spel!

BID-taks

Anderzijds is de wijziging simpelweg niets waard als het de bedoeling is de getroffen handelaars een zekere compensatie te bieden voor hun omzetverlies als gevolg van werken in hun buurt. De enige compensatie die doeltreffend is, is een bepaalde vergoeding van de opgelopen omzetschade. Natuurlijk is dat gemakkelijker gezegd dan gedaan. Want er moet bijvoorbeeld ook rekening worden gehouden met de gunstige effecten van de verbeterde infrastructuur achteraf. Maar men zou die mogelijkheid op zijn minst toch kunnen onderzoeken.

En hoe eerlijk is de bezorgdheid van de meerderheid (CD&V en Open VLD) voor de financiële problemen van de handelaars in het stadscentrum als diezelfde meerderheid een BID-taks aan het voorbereiden is die precies de handelaars in de omgeving van het nieuwe winkelcentrum zullen moeten betalen?

Zie ook: Kortrijkwatcher

01-10-07

Sint-Jan, BID voor ons

 FI16

De gemeenteraad van 8 oktober a.s. zal grotendeels gewijd zijn aan het megawinkelcentrum waarvoor momenteel de sloop van de eeuw aan de gang is tussen de Wijngaardstraat en de Sint-Jansstraat/Kleine Sint-Jansstraat. De reusachtige investering (nagenoeg 160 miljoen euro) in het stadscentrum wordt door het stadsbestuur aangegrepen om handel en wandel in het centrum te stroomlijnen naar de wensen van de CD&V-OpenVLD-coalitie. Burgemeester Stefaan De Clerck droomt van de oprichting van een BID, business improvement district (handelsdistrict), en legt daartoe een charter ter goedkeuring aan de gemeenteraad.

Het betreft een samenwerkingsovereenkomst die alvast NV Sint-Janspoort, de werkmaatschappij van Foruminvest in Kortrijk, bijna 3,5 miljoen euro zal kosten en de stad zeker ook een miljoen. Dit alles te financieren met de huurprijzen in het winkelcentrum en bovendien een soort wijkbelasting. Als die wijkbelasting niet genoeg opbrengt, past de stad bij uit zijn gewone middelen (en betaalt de hele stedelijke gemeenschap). Het 'district' reikt van de Wijngaardstraat tot de Grote Markt en zal zichzelf besturen. In dat geprivatiseerde bestuur krijgen de grote winkels een overwegende stem. Foruminvest krijgt ten slotte ook een vetorecht in een 'Pandenfonds', een soort herrezen Woonregie die in de binnenstad aan woonvernieuwing moet doen.

"Foruminvest speelt Sinterklaas" en "Charter moet lokale handel beschermen" koppen de lokale kranten. Ik zie vooral nieuwe heffingen en verregaande privatiseringen. Dit wordt een van de grote debatten van de legislatuur! Afspraak op maandag 8 oktober om 18.30 uur in de raadszaal in het stadhuis van Kortrijk.

Een charter met verregaande gevolgen

Ik sta achter het project van Foruminvest in de Kortrijkse binnenstad. Het is een onverhoopte kans om de ingedommelde handel in Kortrijk weer te laten opleven. Zonder handel - met al wat erbij hoort: welvaart, ontmoetingen, ambiance, comfort, jobs, enzovoort - kun je een nederzetting geen stad noemen. De stedelijke overheid moet die onverhoopte kans te baat nemen. Maar wat thans wordt voorgeschoteld aan de gemeenteraad, lijkt mij veeleer het verknoeien van die kans.

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd een 'charter' goed te keuren tussen NV Sint-Janspoort, de werkmaatschappij van Foruminvest in Kortrijk - Foruminvest werkt zelf met kapitaal van Nederlandse pensioenfondsen -, de stad Kortrijk en het autonoom gemeentebedrijf Stadsontwikkelingsbedrijf Kortrijk (SOK, vroeger de Woonregie). Het plechtstatige woord 'charter' is hier op zijn plaats gezien de ver-strekkende gevolgen van de overeenkomst.

BID of handelsvrijstaat hartje Kortrijk

Hoofdbrok van dat charter is het BID (Business Improvement District) ofte Handelsdistrict Centrum Kortrijk, dat burgemeester De Clerck wil oprichten. Een BID, een idee via Groot-Brittannië en Nederland overgewaaid van de Verenigde Staten, is een club die vrijwillig wordt opgericht door (een meerderheid van) handelaars en eigenaars van een bepaald gebied. Aan die club kent de overheid een soort zelfbestuur toe, en dat autonoom district bedruipt zichzelf met een verplichte bijdrage geïnd bij àlle handelaars van het gebied.

Die handelsvrijstaat hartje Kortrijk zou twee vleugels hebben. De kern zou gevormd worden door de toekomstige winkels en horeca-zaken in het megawinkelcentrum van Foruminvest. De tweede vleugel zou opgelegd worden aan de handelszaken van het winkel-wandelgebied tussen de Wijngaardstraat en de Grote Markt. En het ligt in de bedoeling om het in een latere fase nog uit te breiden met aloude winkelstraten zoals de Leiestraat, de Graanmarkt, de Zwevegemsestraat, enzovoort. Het (bestuur van het) Handelsdistrict zou autonoom (en dus op eigen kosten) initiatieven kunnen nemen om "de commerciële omgeving aan te pakken" in het gebied, "effectieve promotieversterkende initiatieven en publiciteit voor de kleinhandelaars" te organiseren en maatregelen te treffen voor de "veiligheid en onderhoud ten voordele van het afgebakende gebied".

Een aaneengeklonken blok en los zand

De twee vleugels van de BID-constructie zijn heel ongelijk. Het spreekt vanzelf dat de winkels die neerstrijken in het winkelcentrum van Foruminvest zich schikken naar de voorwaarden opgelegd door de verhuurder/verkoper en door het management van de shoppingmall. Wie zich niet akkoord verklaart, komt er simpelweg niet in! Uiteraard zal dat management snoeiharde afspraken maken met de winkeliers onder zijn dak: over gezamenlijke reclame en promotie, volk lokkende evenementen, schoonmaak en onderhoud van de gemeenschappelijke delen, strategische beslissingen (bijv. hoeveel concurrentie er nog bij kan of niet), enzovoort. Die BID-vleugel wordt één massief, contractueel aaneengeklonken blok.

De andere vleugel, bestaande uit de handelaars en eigenaars van de traditionele winkelstraten, is per definitie los zand. De winkeliers hebben er aanhoudende investeringen en nooit stoppende werkdagen voor over om hun eigen baas te zijn en te blijven. De handelaarsverenigingen zijn veeleer discussiefora - wat hen tot eer strekt - en ze hebben alleszins niet het gezag van een contractueel opgelegd, collectief management.

Breng beide vleugels bijeen en je loopt een dubbel gevaar. Ofwel zal het machtige management van het winkelcentrum van Foruminvest de baas gaan spelen over het geheel. Ofwel zal het hele 'BID-verhaal' de bestaande commerciële animatie in Kortrijk niet overstijgen. Bovendien heb ik mijn vragen bij de zin van de oprichting van nog maar eens een extra structuur, loodzwaar en duur op de koop toe. Die structuur zal eigenlijk niet veel meer doen dan wat de stad en de bestaande handelaarsverenigingen nu al doen. Zo sprak Hartje-Kortrijkvoorzitter Koen Byttebier in de pers van het organiseren van braderieën; hebben wij daarvoor een BID nodig?

Nieuwe taks voor handelaars hartje Kortrijk

Dat terzijde gelaten wekken vooral twee aspecten van dat ambitieuze plan mijn argwaan. 1. De financiering met een parafiscale heffing op àlle handelaars van het gebied èn op de handelaars van andere winkelzones in de stad. En 2. De bevoegdheden van de overheid die aan die private club worden afgestaan.

In Nederland en Engeland is er een wettelijke regeling tegen 'free-riders', vrijbuiters (handelaars die niet meebetalen maar toch profiteren van de inspanningen van het BID). Dat is nu juist het probleem met een BID in Kortrijk: er bestaat geen wettelijke regeling om alle handelaars van het centrum te verplichten hun bijdrage te betalen. Maar daar wordt volgende mouw aan gepast. Die bijdrage wordt een extra belasting, opgelegd door de stad.

Als jaarbudget van het BID wordt minstens 200.000 euro vooropgesteld. Dat moet voor de helft komen van de handelaars onder dak bij Foruminvest en voor de andere helft door de winkeliers en eigenaars van daarbuiten. Om die bedragen bijeen te krijgen zal de stad proberen (!) een bijzondere belasting in te voeren voor de betrokkenen. De burgemeester liet zich ontvallen dat men dacht aan bedragen van gemiddeld 4 à 500 euro per jaar per handelaar. Als die van Foruminvest aan hun 100.000 niet komen, schiet NV Sint-Janspoort bij. Als die daarbuiten geen 100.000 euro ophoesten, is het de stad die bijpast uit de stadskas.

De vraag rijst of een dergelijke stadstaks voor bepaalde eigenaars en/of huurders van een bepaald gebied wel wettelijk kan. Er zijn voorbeelden in steden zoals Genk en Beveren, maar de echte centrumsteden zijn er niet happig op. De Genkse 'promotaks' kwam er slechts na veel moeilijkheden. In Beveren schorste provinciegouverneur André Denys, nochtans een OpenVLD'er, de 'centrumbelasting' omdat behalve de winkeliers ook de vrije beroepen moesten betalen met uitzondering van de dokters. Het zal nog een netelige discussie worden te bepalen welke zelfstandigen of rechtspersonen onder de nieuwe heffing vallen en welke niet. Zo valt de Grote Markt in het afgebakende gebied en men is van plan om ook de horecazaken te betrekken in het BID. Komt die BID-heffing dan bovenop de verschillende terrastaksen?

Nieuwe taks voor andere handelszones, zonder inspraak in het bestuur

Ook buiten het handelsdistrict (BID) wil het charter een extra heffing invoeren voor handelaars. In opdracht van de stad moet het Stadsontwikkelingsbedrijf SOK een "structuur" met de naam 'Citymarketing Groot Kortrijk' oprichten. Het is de bedoeling maximaal samen te werken - eindelijk! - en gezamenlijk naar buiten te komen in het grotere afzetgebied van handelkdrijvend Kortrijk, tot in het Franse Noorden toe. In die structuur participeert het winkelcentrum van Foruminvest met een jaarlijkse storting van 125.000 euro gedurende vier jaar.

Datzelfde bedrag zal ook opgehaald worden bij de andere commerciële zones van Kortrijk, zijnde vooreerst nogmaals de winkelwandelstraten in het centrum van Kortrijk (!), de zone Beneluxlaan (Decathlon, etc.), het handelscentrum Pottelberg, en het Ringcentrum (tot voor kort hardnekkig Ringcentrum Kuurne genoemd hoewel het sinds de fusie bij Kortrijk hoort). Als die taks niet genoeg opbrengt, garanderen de stad en het SOK ook hier om het tekort bij te passen. 

Heel merkwaardig is dat in een eerste fase de Stuurgroep van het Handelsdistrict Centrum Kortrijk zal beslissen hoe de ingezamelde middelen zullen aangewend worden. Pas als er een definitieve structuur Groot Kortrijk is opgericht - en dat kan een tijd duren -, krijgen de andere zones inspraak. Ik zou eens willen weten wat het Grondwettelijk Hof (ex-Arbitragehof) van een dergelijke discriminerende regeling vindt.

Privatisering openbare dienstverlening in hartje Kortrijk

Het is nog lang niet helemaal duidelijk welke opdrachten en bevoegdheden het BID zal krijgen. Het zal in elk geval om meer moeten gaan dan promotie-activiteiten zoals gezamenlijke reclamefolders. In de Amerikaanse voorbeelden zijn die zelfbedruipende districten opgericht om collectieve diensten op te zetten (bijvoorbeeld eigen straatvegers) en om verbeteringen aan te brengen in de openbare ruimte (zoals de aanleg van plantsoenen en van sjiekere voetpaden en het aanbrengen van btere verlichting). Als Stefaan De Clerck ook dat soort BID-activiteiten wil overplanten naar Kortrijk, is dat gewoonweg een privatisering van tal van opdrachten van de stedelijke overheid.

Het lijstje van mogelijke opdrachten van het BID wordt in het charter omschreven als volgt: "vrijwillig het initiatief nemen om de commerciële omgeving van het aan te duiden kernwinkelgebied aan te pakken, door het vestigen van een heffing voor [in de tekst staat 'om'] effectieve promotieversterkende initiatieven en publiciteit voor de kleinhandelaars, veiligheid en onderhoud ten voordele van het afgebakende gebied." De schrijfstijl is afschuwelijk maar het is toch duidelijk dat het zeker de bedoeling is 'veiligheid en onderhoud' en de aanpak van de commerciële omgeving uit de handen van de stad te nemen.

Die zelfbereddering van het district gaat erg ver. Zo krijgt het management van het winkelcentrum van Foruminvest de bevoegdheid om 's nachts de Sionstraat af te sluiten, met een heuse poort. Hoe zit het trouwens in het algemeen met de bewoners-niet-handelaars in dat district? Vallen zij ook onder het geprivatiseerde bestuur en de geprivatiseerde diensten? 

Stemrecht per vierkante meter in hartje Kortrijk

Voor de installatie van het BID Centrum Kortrijk zullen alle handelaars, eigenaars, sociaal-economische verenigingen en ondernemers uitgenodigd worden aanwezig te zijn of zich te laten vertegenwoordigen op een startvergadering. Op die vergadering zal niet iedereen evenveel stemrecht hebben. Er zal bij het verschaffen van stemrecht onder meer rekening worden gehouden met de oppervlakte van de zaak.

Dat betekent dat de stem van de grote winkels - neem nu C&A - zal doorwegen op die vergadering. Voor de stemming over de oprichting van een BID zal een systeem van dubbele meerderheid worden bepaald, maar het charter zelf geeft niet aan welk systeem daarbij zal worden gehanteerd - wat is de juridische waarde van een dergelijke vage 'overeenkomst? Gedacht wordt aan een telling waarbij de aanwezige stemmen worden geteld en waarbij een op die manier bereikte meerderheid slechts geldig is als die stemmen meer dan de helft van de winkeloppervlakte in het afgebakende gebied vertegenwoordigen. Dat zal nog een hele studie vergen.

Handelaars winkelcentrum Foruminvest: sinterklaas of zwarte piet?

Een laatste vaststelling is dat Foruminvest zelf (NV Sint-Janspoort) door het charter te ondertekenen wel een heel dikke duit in het zakje doet. Naast de 100.000 euro per jaar die Foruminvest van zijn handelaars zal eisen, is er nog volgende optelling te maken van andere dotaties: eenmaal een forfaitaire dotatie van 65.000 euro voor het centrummanagement van het SOK, 5 jaar naeen een jaarlijkse forfaitaire bijdrage van 75.000 euro aan de Stad voor het ondersteunen van startende bedrijven, vier jaar naeen 125.000 euro voor de 'structuur' Citymarketing Groot Kortrijk, een forfaitaire bijdrage van 375.000 euro aan de stad voor de ontwikkeling van Kortrijkl als designstad (125.000 euro onmiddellijk en 250.000 euro na drie jaar), 100.000 euro aan de stad voor een parkeergeleidingssysteem, en een participatie van 2 miljoen euro in een Pandenfonds, een filiaal van het SOK dat daar zelf ook een miljoen euro in stopt (daarover later meer).

Alles bijeengeteld komt dat op 2.290.000 euro direct te betalen en 1.125.000 euro in latere schijven. Nu, ik ben van oordeel dat een zo grootschalig project wel zijn deel mag bijdragen in de nevenkosten die de stad daardoor oploopt, bijvoorbeeld wat verkeers- en parkeerbegeleiding betreft. Maar daarbij moet men wel beseffen dat elke euro die Foruminvest in het project stopt, er ook dubbel en dik weer zal uitgewonnen worden. Een te gulle dotatie van Foruminvest aan de Stad en aan het SOK zou wel eens tot gevolg kunnen hebben dat de huur- en verkoopprijzen van de handelsoppervlakten in het winkelcentrum te duur worden voor de lokale handelaars.

 

27-07-06

Het schepencollege op de rechtersstoel

Tot aan de Franse revolutie was een schepenbank vooral een rechtscollege, zo ook in Kortrijk. Sindsdien is het college van burgemeester en schepenen het bestuursorgaan van de stad, benoemd door en onder controle van de gemeenteraad. Maar zelfs bestuurders moeten nu en dan toch eens rechter spelen. Bijvoorbeeld in betwistingen over stedelijke belastingen en retributies. Het stadsbestuur is de eerste instantie bij wie men bezwaar kan maken tegen een retributie waaraan men onderworpen wordt. Het is interessant eens na te gaan welke regels het stadsbestuur hanteert bij zijn "rechtspraak". Bijvoorbeeld voor wat betreft de taks die moet betaald worden als men vergeten heeft parkeergeld te betalen.

Slimme maatregel

Lang geleden was parkeren gratis in Kortrijk. In de jaren zeventig doken de parkeermeters op, in een poging wat meer roulatie te steken in de bezetting van de beste plaatsen. Wie vergat zijn vijffrankstuk in de gleuf te stoppen, beging een parkeerovertreding, waarvan de politie een PV maakte dat uiteindelijk leidde tot een boete in de vorm van een voorstel tot minnelijke schikking van de Procureur. Die boetes gingen naar de nationale overheid; de stad had er niets aan.

Het was schepen Felix Decabooter, zelf spoorwegambtenaar, die als eerste in ons land de hogere overheid te vlug af was. Hij verving de boetes (gerechtelijke sanctie) door een stedelijke taks op verkeerd parkeren (wat hij slimmekes "tarief twee" noemde). Zo kwamen de bijdragen van wanparkeerders terecht waar ze hoorden: in de stadskas.

In het begin werd de wettelijkheid van die slimme maatregel aangevochten, vooral door advocaten die het gewoon waren om de parkeerbeperkingen aan de rechtbank aan hun laars te lappen. Maar tot in de hoogste rechtsorganen vingen die advocaten bot. Nog bij elke uitspraak over een parkeerretributie vermeldt het stadsbestuur met enige fierheid: "dat de gemeenteraden door de wet bekleed zijn met de onbeperkte macht om gemeentebelastingen te heffen, er de aanslag en de voorwaarden van te bepalen onder voorwaarde de bestaande wetten niet te overtreden [...]". Geen enkele wettekst beperkt de bevoegdheid van de gemeenten om een dergelijke parkeerbelasting te heffen.

Rechtspraak van stadsbestuur

Niemand is natuurlijk blij met zo'n boete, ook al is ze vermomd als belasting. Tegen een dergelijke parkeertaks kunnen de belastingplichtigen zich verweren als zij menen ten onrechte belast te worden. Zij kunnen vooreerst bezwaar aantekenen bij het College van burgemeester en schepenen. Nadien kunnen zij nog in beroep gaan bij de rechtbank van eerste aanleg in Brugge. Bij een bezwaar speelt het stadsbestuur dus enigszins de rol van (bestuurs)rechter. De tegen hun zin belaste personen kunnen hun standpunt zelfs komen verdedigen, al dan niet vergezeld van een raadsman, op een vergadering van het schepencollege. Een dergelijke rechtszitting noemt men op het stadhuis een 'hoorzitting'. De hoorzitting van 6 juni jl. stond vooral in het teken van de parkeertaks. Maar dezelfde procedure wordt ook gevolgd voor de taks op sluikstorten, de taks op ongeadresseerd drukwerk, de taks op tweede verblijven, op leegstand enzovoort.

Voor de geschiedenisfanaten: in het ancien regime (dat zijn de eeuwen voorafgaand aan de Franse Revolutie) was rechtspreken de hoofdfunctie van de schepenen. Dat is nog te merken in de oude gedeelten van het stadhuis. De overdadige uitbeeldingen op de monumentale schouwen van de oude gemeenteraadszaal en de oude schepenzaal staan volledig in het teken van de rechtspraak. Zie: http://kortrijklinksbekeken.skynetblogs.be/?number=1&....

Het spreekt vanzelf dat de schepenen niet willekeurig of op voorspraak kunnen oordelen. Zij moeten zich houden aan de principes van behoorlijk bestuur. Denk aan het gelijkheidsprincipe: gelijke gevallen gelijk en ongelijke gevallen verschillend beoordelen. Of het vertrouwensprincipe: als de overheid iets heeft laten uitschijnen, mag ze de burgers niet bestraffen die zich door die schijn hebben laten leiden. En zo zijn er nog wel een reeks. Aan de lezers om te oordelen of de schepenen behoorlijk recht gesproken hebben in de volgende 8 parkeerzaken.

Gegronde bezwaren

Laten wij beginnen met de burgers die gelijk kregen van het stadsbestuur; dat is in 3 van de 8 gevallen die voorkwamen op 6 juni.

Dirk VDA van Huldenberg betwist een aanslag van 15 euro voor parkeren in de Stationstraat. Hij werd opgeschreven door een parkeerwachter toen zijn parkeerticket onder een vorig ticket lag. Hij heeft beide ticketten gefaxt naar het stedelijke parkeerbedrijf Parko, dat in dergelijke zaken optreedt als openbaar aanklager. Hoewel Parko akkoord ging met de annulatie van de parkeertaks, is aan Dirk VDA toch een stortingsformulier toegestuurd. Hoewel de man niet verschenen is op de hoorzitting, heeft het stadsbestuur toch geoordeeld dat het hier om een vergissing gaat en heeft het bezwaar van de man gegrond verklaard. Het bewijs met het juiste parkeerticket was overduidelijk.

Ook Luc C van Kortrijk moet die 15 euro naheffing niet betalen. Hij parkeerde in de Gentsesteenweg waar met de blauwe schijf 2 uren gratis mag geparkeerd worden. Naar zijn zeggen was zijn parkeerschijf ingesteld op 12.55 uur; de parkeerwachter van dienst zag evenwel 12.30 uur. Hij werd opgeschreven om 14.48 uur. Op de hoorzitting bleef hij bij zijn standpunt, eraan toevoegend dat hij 36 jaar bij de rijkswacht was geweest en wel wist hoe hij zijn schijf moest instellen. Maar ook Parko hield voet bij stek. De als rechters van dienst verzamelde schepenen beslisten dat Luc C "het voordeel van de twijfel geniet" en verklaarden zijn bezwaar gegrond.

Ook Martine T van Wulvergem kreeg het voordeel van de twijfel. Zij parkeerde op het Conservatoriumplein. Als erkend mindervalide heeft zij een parkeerkaart waarmee ze nergens parkeergeld hoeft te betalen. de betwisting met Parko betreft de kaart die Martina aan haar voorruit legde. Volgens Parko was dat een kopie, volgens Martina was dat het origineel. Grappig detail: in de telefonische discussie vroeg Parko haar om de originele parkeerkaart te ... faxen (te tele-kopiëren dus!). Martina kan bewijzen dat zij toen wel degelijk rechthebbende was op een dergelijke parkeerkaart. Maar Parko wou niet toegeven omdat die kaarten strikt persoonlijk zijn en men misbruiken met uitgeleende of gekopieerde kaarten wil tegengaan. Niettemin oordeelde het schepencollege dat er niet voldoende bewijzen waren van misbruik.

Ongegronde bezwaren

Onder de afgewezenen is dokter Jan T het ongelukkigst. Hij moet niet een keer maar twee keer 15 euro betalen, het tarief van twee halve dagen. Hij was 's morgens vroeg om 6.50 uur naar het station gereden met de bedoeling te parkeren in de Schouwburgondergrondse. Maar de parking was gesloten. Van lieverlede heeft hij zijn wagen dan maar achtergelaten op het Staionsplein, voor een hele dag. Na zijn treinreis naar het Virga Jesse Ziekenhuis in Hasselt stapte hij pas om 18.45 uur weer in zijn auto. Hij had wel een kaart "Dokter dringend bezoek" achter zijn voorruit gelegd. Parko liet er zich niet door vermurwen. Zo'n kaart is geen vrijgeleide om gratis te parkeren, aldus de parkeerwachters. In bepaalde gevallen kan Parko een naheffing annuleren bij echt dringende bezoeken. Maar echt dringend was dat hier niet. De dokter kon in de onmiddellijke omgeving zijn wagen kwijtraken op het Conservatoriumplein waar men wel een hele dag kan parkeren (tegen betaling van 2 euro). Het schepencollege gaf Parko gelijk. De dokter is dus 30 euro kwijt, aan de stadskas.

Op het randje is, volgens mij, het geval van Angelique B van Oudenaarde, werkzaam bij de sociale dienst van de Jeugdrechtbank. Zij heeft de hele dag haar wagen nodig voor huisbezoeken en is dan ook gewend om een dagticket van 2 euro te kopen op de Handelskaai, waar dat tarief geldt. Na een werkbezoek stond de Handelskaai vol en stalde zij haar wagen 100 meter verder op de Kasteelkaai. Maar ... daar geldt een ander, hoger tarief: 1 euro voor maximaal 2 uren. Zij is er 'betrapt' van 11.45 tot 12.45 uur. Alles wel beschouwd, heeft Parko eigenlijk geen verlies geleden; zij had immers, logisch geredeneerd, nog een euro over op haar ticket van 's morgens. Maar het schepencollege volgt haar niet in die redenering. Op advies van Parko, zonder genade, stelt het college: "Geen of verkeerd ticket leidt automatisch tot een parkeerbelasting". Ik zou haar aanraden om het toch maar eens te proberen bij de rechtbank in Brugge. De vraag is alleen of het de moeite is kosten te maken om te ontsnappen aan een heffing van 15 euro.

Veel minder argumenten had Waregemnaar Xavier V, die het opnam voor zijn echtgenote die naar Kortrijk was komen winkelen. Zij had een parkeerticket tot 17.23 uur en werd gepakt om 17.45 uur. Volgens Xavier is het belachelijk om nog parkeerders op te schrijven op 15 minuten van het einde van de betalende parkeertijd. Blijkbaar is hij voorstander van het "scheibier-kwartiertje". En bovendien vraagt hij dat Parko maar eens bewijst dat de parkeerwachter om 17.45 uur 'verbaliseerde'. Het stadsbestuur kwam niet onder de indruk van zoveel branie.

Kan een NV liegen? In elk geval dist de NV D een verhaaltje op, dat door de parkeerwachters van Parko met klem wordt ontkend. Volgens D probeerde hij op de Dolfijnkaai een ticket van 1 euro te nemen, maar er kwam niets uit de automaat. Meer nog, hij vroeg aan voorbijkomende stadswachters wat hij moest doen en die raadden hem aan zijn blauwe kaart te plaatsen. Parko spreekt die versie compleet tegen. De automaten worden voor elke vaststelling gecontroleerd en de ticketmachine in kwestie werkte perfect. Raadpleging van het geheugen van het toestel leerde dat er de hele dag zonder enig probleem ticketten waren gedrukt en dat er geen enkel stuk van 1 euro was geregistreerd voor een ticket van hetzelfde bedrag. Het stadsbestuur kon dan ook niet anders dan de versie van D ongegrond verklaren.

Wat een centrumbewoner lijden kan

Het geval van Andy V verdient wat meer aandacht. Het is naar mijn aanvoelen symtomatisch voor de moeilijkheden die bewoners van het stadscentrum nog altijd ondervinden. De faciliteiten voor de winkelfunctie hebben soms het averechtse effect op de woonfunctie. We zouden integendeel het wonen in het centrum moeten stimuleren.

Andy is pas Kortrijkzaan sinds 1 oktober 2005. Hij nam zijn intrek in een van onze winkelwandelstraten die afgezet zijn met hydraulische paaltjes. Zijn woning is voorzien van een garage maar daar kon hij de hele maand oktober niet in omdat hij als inwijkeling nog niet beschikte over de gepaste kaart van Parko om de paaltjes te bedienen. Omdat hij en zijn vriendin werken en zich moeilijk konden vrijmaken, konden ze alle formaliteiten op de Dienst Burger en Welzijn, met de wijkagent en met Parko pas geregeld krijgen na enkele weken.

Andy heeft in de overgangsperiode zijn plan proberen te trekken met een briefje op zijn dashboard te leggen waarop stond: "Woon in de [...]straat, nieuwe huurder nog geen bewonerskaart". Blijkbaar heeft Parko dat enkele tijd geduld maar op 13 oktober had Andy toch prijs op de Houtmarkt. Parko viel vooral over het feit dat de parkeerwachters op die manier niet konden te weten komen hoe lang het voertuig daar een parkeerplaats innam.

Andy verweert zich in zijn bezwaarschrift met te stellen dat het aan de stad en Parko zelf te wijten is dat hij zo laat pas zijn bewonerskaart kreeg. Hij vond het niet logisch dat hij moest betalen om zijn wagen in de buurt van zijn appartement te plaatsen in een periode waarin hij zijn eigen garage niet kon bereiken (door die 'staakskes'). Overigens vindt hij het jammer dat bewonerskaarten worden verstrekt zonder dat alle betrokken bewoners de kans krijgen dicht bij hun woning te parkeren. Ten slotte is hij gebelgd omdat vanaf 1 november de paaltjes aan iedereen zonder toegangskaart en op alle mogelijke uren van de dag doorgang laten.

Het stadsbestuur oordeelde niettemin het reglement te moeten toepassen. De wagen van Andy werd aangetroffen in overtreding van de parkeerregels en de betrokkene was niet in het bezit van een bewonerskaart.

Zou een 'voorlopige' bewonerskaart in dergelijke gevallen geen oplossing kunnen bieden? Bijvoorbeeld in een welkomspakket voor nieuwe centrumbewoners?