03-09-06

ZONDAG 3 SEPTEMBER 2006:100 jaar Kortrijk in één straat

Een detail van het soort waarop ik verlekkerd ben: bovenaan de gevel prijkt een hoofdletter M. Het is de M van Martha. De man die haar hart won en de M in steen in de façade van hun liefdesnestje liet metselen, was Jerome 'van-het-bananenkot', werkzaam in de bananenrijperij om de hoek. Deze Martha mag niet verward worden met Martha Dhondt, wonend in nr. 29. Zij was kort na de oorlog een van de sterren van de straatcarnavalgroep 'De Chinezen'; volgens de brochure van de zomercavalcade van 1946 was het een schoonheid "de Folies Bergères waardig".

Ik sta met Ivan Vermeulen voor het huis nummer 48 van de Voorzienigheidsstraat. Ivan is geboren in die honderjarige en pas vernieuwde straat en kan de historie van elk huis inpassen in die eeuw Kortrijkse geschiedenis. Een onvermoed hoekje Kortrijk dat ons kan vertellen hoe onze voorouders het hoofd boven water hielden en plezier maakten in moeilijke tijden. Ivan is onze gids.

De Voorzienigheidsstraat is een elleboogvormige straat. De kleinste arm werd de "korte reke" genoemd, de langste arm de "lange reke". De Voorzienigheidsstraat werd aangelegd in het begin van de vorige eeuw. In dezelfde periode werden ook de Toekomststraat, het Volksplein en de Vooruitgangsstraat aangelegd - hoe optimistisch waren die namen! Het was een tijd van volle industriële opgang en dus werd de straat bijna onmiddellijk volgebouwd met woningen. De Kortrijkse economie had werkvolk nodig en dat moest gehuisvest worden. Met een enkele verdieping en een zolder zien die huisjes er heden ten dage veeleer bescheiden uit, maar rond 1900 waren het middenklassewoningen, voor de beter verdienende arbeiders en bedienden, bouwvakkers en winkelpersoneel bijvoorbeeld.

Schotelhuis

Van die relatieve welvaart getuigen bepaalde gevels die zijn opgetrokken in de modestijlen van toen: neo-stijlen zoals de Vlaamse neo-renaissance (huis 72 met trapgevel en 74 met booggevel van 1908). Andere woningen hebben neo-romaanse vensters en voordeuren (gevel 58 bijvoorbeeld, waaraan nog niet veel is verbouwd en waar de eerste inwijkeling, een Tunesiër, lange tijd geleden zijn intrek nam). Nog andere zijn dan weer getooid met de cementen bloemenslingers die voordien in zwang waren. De woningen met twee verdiepingen zijn later vergroot of zijn heropgebouwd na de bombardementen van 1944. Aan veel woningen is nog te zien dat ze ooit een zaak in huisde, dikwijls uitgebaat door de echtgenote.

De meeste woningen hadden in den beginne slechts een enkele verdieping. Daar waren twee of drie slaapkamers - een luxe want in de citeetjes en poortjes sliep het hele gezin soms bijeen op de zolder onder hetzelfde pannendak. Achter de voordeur was geen gang maar een 'portaal' en daarachter was de woonplaats. Achter de woonkamer bevond zich het 'schotelhuis', een kleinere aanbouw met twee pompen (een steenput en een regenwaterput) en een kookfornuis.

Niet zo heel veel later bouwden de meeste bewoners een 'waskot' achteraan hun schotelhuis. Ook daar stond een (kolen)kachel waarop het water werd gewarmd voor de 'marmiet', die zowel gebruikt werd voor de was als om een geïmproviseerd bad te nemen. De ruimte tussen de eigen achterbouw en de achterbouw van de buur werd nog later veelal overdekt met een veranda.

Achterdeur

De gezinnen die hun intrek namen in de Voorzienigheidsstraat waren steevast enorm groot en het was geen uitzondering als ook de grootouders en behoeftige familieleden meewoonden. Het moet heel veel geduld en begrip gevergd hebben om dat gebrek aan privacy op te vangen. Op de foto - de oudste prent van de straat! - de bevolking van de nummers 33 en 35 in het jaar 1915 (foto uit het archief van Ivan Vermeulen).

Gelukkig hadden de meeste woningen (behalve die op de hoeken) een tamelijk grote tuin. Tot een eind na de tweede wereldoorlog waren er aan de achterkant geen afsluitingen. De achterdeur werd meestal meer gebruikt dan de voordeur voor het contact met de buren. Zo hadden de talrijke kinderen een betrekkelijk veilig speelterrein.

Die open tuinen hebben ook het leven gered van verzetsman Olivier Laporte in de Tweede Wereldoorlog. De man was voorzitter van de Kommunistische Partij in Kortrijk, vakbondsleider (ACOD Ministeries) en voorzitter van het Onafhankelijkheidsfront, de linkse 'weerstand'. Op een dag stond de gestapo voor zijn deur om hem te arresteren. Hij vluchtte langs achteren weg en kon zich voor de rest van de oorlog verbergen in enkele boerderijen in Zwevegem. Als die tuinen daar niet waren geweest, dan was hij gegarandeerd gestorven in een concentratiekamp of nog eer door de mishandelingen die politieke gevangenen te beurt vielen.

Fakkel

De straat heeft in Kortrijk de naam een links bolwerk te zijn. De vader van mijn gids, Eugène Vermeulen, was na de oorlog secretaris van de KP en betrok nummer 35, waar Ivan geboren is. In nummer 46 woonde een andere communist, Roger Decock, voorzitter van ACOD Kortrijk.

Van socialistische kant woonde in nr. 33 (voddenhandelaar Alphonse Liagre) de bekende feministe Colette Liagre, provincieraadslid voor de SP in de jaren 70. In nummer 100 woonde Achiel Delrue met zijn echtgenote Maatje en hun dochter Denise, die er nog altijd woont. Achiel was de broer van Alfons Delrue, echtgenoot van Marie Desmet, socialistisch gemeenteraadslid, provincieraadslid en senator. Marie Desmet en Alfons Delrue zijn de ouders van Cecile Delrue, jarenlange baas van de Socialistische Vooruitziende Vrouwen en gemeenteraadslid voor de (B)SP. Cecile is dus de nicht van Denise. In nr. 10 woonde in zijn jeugd Edmond Delooze, secretaris van de rode overheidsvakbond ACOD, voordat hij naar Zwevegem vertrok, waar hij gemeenteraadslid werd. Zijn vader was trambestuurder in Kortrijk.

De progressieve fakkel in de straat is thans overgenomen door Bert Herrewyn, die zijn intrek heeft genomen in nr. 2. Daar woonde vroeger Silvère Dubois, van wie de zoon aannemer is van elektriciteitswerken met specialiteit airconditioning. Bert Herrewyn is verantwoordelijke voor Muziekcentrum De Kreun en hij staat op de 9e plaats op de lijst sp.a-spirit voor de komende gemeenteraadsverkiezingen. Hij is, samen met Mario Craeynest, de drijvende kracht achter onze campagne.

Zottebollen

De straat is vandaag zonder café. Maar ooit waren er 3: 1 in de straat zelf, "In de Voorzienigheid", en een op elk uiteinde van de straat. Op de hoek van de 'lange reke' en de Sint-Denijsestraat was er café De Bloementuin. Op de hoek van de korte reke met de Filips van de Elzaslaan was er café De Bloemendreef, lange tijd het lokaal van de Kortrijkse KP.

Herberg In de Voorzienigheid bestond van 1910 tot na de Tweede Wereldoorlog in het grote huis nummer 8. De zaak tapte bier van de Kortrijkse brouwer AugusteTack (Broelkaai 4). Op de statige gevel is nog de vorm te zien van het opschrift, maar de letters zelf werden enkele jaren geleden overschilderd. Herbergier Volckaert sloot het café in de jaren 40 en installeerde er zijn dochter Cecile als coiffeuse. Na enkele jaren heropende wijkburgemeester Marcel Quartier nog voor een tijdje de herberg maar daarna was het definitief afgelopen.

Café De Bloementuin was een zaak van brouwer Henri Maelfait, opgericht in 1909. Bijna onafgebroken werd het café uitgebaat door Tinneke Pauwels, die achter de toog stond tot ze meer dan 90 jaar oud was. Achteraan het café kon men zottebollen, een kegelspel met een halve bol die de doelwitten in cirkels ronddraaiend benadert.

Café De Bloemendreef dateerde van 1914, opgericht door de brouwerij Lust (bekend voor zijn "ouden bruinen, krachtig gerstebier naar ouden trant", al lang verdwenen). Tijdens de oorlog werd het café open gehouden door Georges Vermeulen, de vader van voormelde Eugène en grootvader van Ivan. Georges hield later café "In de Roode Steentjes" open in de Vaartstraat (thans sociale appartementen). Na de oorlog maakte de KP-afdeling Kortrijk van het grote pand achter de trapgevel zijn lokaal, met gelagzaal, vergaderzalen en kantoren. Achter de toog stonden René Van Camp en Eliza Bostoen.

Het café werd door sommigen in de straat heel scheef bekeken, maar anderen zagen er geen graten in om te gaan genieten van de uitbundige ambiance. Het was bekend dat er goede muziek werd gedraaid en dat er al eens een dansje kon gemaakt worden. Om de tijdsgeest te schetsen: in 1953 was daar een feest voor de verjaardag van Jozef ... Stalin. De Russische dictator werd toen nog algemeen geacht voor zijn beslissende interventie in de geallieerde overwinning op Hitler-Duitsland. Tot een eind in de straat stonden ze aan te schuiven aan café De Bloemendreef. Kort na de oorlog zat de KP in de regering. De communistische minister Lallemand bezocht toen Kortrijk en kwam bij die gelegenheid een toespraak houden in De Bloemendreef.

Snuifdoos 

Zoals het meestal de vrouwen waren die als bijverdienste voor het gezin café hielden, waren het ook de vrouwen die de vele handelszaken in de Voorzienigheidsstraat lieten draaien. Momenteel is er nog 1 enkele zaak uit die tijd: bakkerij Wittouck, tot voor kort Bostoen.

In nr. 2 dreef Silvère Bostoen een winkel van lampen, zekeringen en schakelaars. Nr. 6, een brede woning met poort, was de beenhouwerij van André Warlop. Door de poort werd het vlees met paard en kar binnengevoerd. Zijn broer was schoolhoofd van de stadsschool op Walle en hij was als 'Warlopke' een befaamd leraar notenleer in het Kortrijkse muziekconservatorium (ik heb er nog solfège van geleerd). Nummer 1, aan de overkant, is een hogere woning, heropgebouwd na de bombardementen van 1944. Het was de kruidenierswinkel van melkboer Nestor Desmet, de eerste melkboer van de straat.

Zijn moeder Mariette was waarzegster. Zij had een grote klandizie bij de chiquere dames van Kortrijk, die zich in limousines met chauffeur of door taxi's tot in de Voorzienigheidsstraat lieten voeren. Mariette was verslingerd op snuiftabak en omwille van haar bruingevlekte zakdoek werd zij "de snuifdoos" genoemd. Zij was een populaire bezoekster van café In de Voorzienigheid. Als zij wat verdiend had met haar waarzeggerij, kwam zij dat vieren in de herberg en gaf zij al eens een tournée générale (en een 'lat' chocolade Jacques aan de kinderen).

Nr. 14 was van Maurice Coigné, een vakbekwame schilder-garnierder. Op de duur ging hij voor de firma De Coene maandenlange periodes in de Golfstaten werken voor de oliesjeiks. Elke keer dat hij terugkwam, hing de buurt aan zijn lippen toen hij uitpakte met zijn exotische verhalen van duizend en een nacht. In nr. 22 was de tweede melkboer van de straat actief: Ernest Opbrouck, die ook een kruidenierswinkel dreef.

Mentebakkers 

Aan de gevel van nummer 11 kun je nog zien dat er ooit een winkel was: Pierre Van Landeghem baatte er een zaak van kachels uit, later verhuisd naar een groter pand in de nabijgelegen Boerderijstraat. Nr. 34 was het salon van coiffeuse Muguette, wat oneerbiedig "het bultje" genoemd. Haar vader, Dewaele, was vaandeldrager bij het ACOD.

Het huis nummer 15 is het enige met een balkon in de straat. Op het moment dat de carnavalstoet er passeerde stond het balkon vol toeschouwers. Het was de winkel van Anaïs Kerckhove, die garen en knopen verkocht en mariabeeldjes onder stolp maakte. Om op te vallen werd de gevel eerst in het groen geschilderd en nadien bezet met blinkende zwarte steen. In nr. 40 vond je horlogemaker Jef Mullie. In nr. 48 verkocht Gusta Deconinck snoep; Gusta was, zoals de zussen Martha en Zulma Dhondt, een van de stralende sterren van de zomercavalcade van 1946.

In nr. 66 maakten de gebroeders Callewaert allerhande snoep; zij woonden in nr. 76. Het was een seizoensactiviteit, zo rond Sinterklaas en het jaareinde. In de zomer waren de broers ... metsersbazen. Toch gingen ze door het leven als de "mentebakkers". Zij maakten behalve chocoladeventjes en echte karamel ook een soort marsepein, met kokospulp in plaats van met amandelmeel. Daarvan maakten zij allerlei figuurtjes: patatjes, worteltjes, varkentjes, alles in de aangepaste kleuren. Zij leverden elk jaar een vrachtwagen gevulde dozen aan de Bond van Kroostrijke Gezinnen, die er de kinderen mee vergastte op een Sinterklaasfeest in de zaal van de Gilde. Ivan Vermeulen heeft de "mentebakkers" veel geholpen.

Heilige Familie

De buitenste hoek van de elleboog is iets speciaals. Op nr. 68 is de vroegere woning vervangen door een moderne nieuwbouw. Nummer 70 is aan de straatkant slechts een lage inrijpoort. Erachter staat evenwel een grote villa in een park van een tuin. Het verborgen landhuis is gebouwd door aannemer Leon Vanassche, de rijkste man van de straat en dus ook sponsor van diverse straatinitiatieven zoals de carnavalgroep (waarover verder meer). Op de dag van de straatkermis in augustus inviteerde 'madame' Vanassche de kinderen van de straat op een feestje met cacaomelk en koekenboterhammen.

Naast het geheimzinnige poortje staan de woningen 72 en 74, gebouwd in 1908 in Vlaamse renaissancestijl, met opvallende trap- en booggevel. Het contrast met het moderne ensemble van nr. 68 is groot, maar in een stad steekt dat niet af. De stijlgevels kijken recht de lange reke in en zijn dus in heel het langste deel van de straat te zien.

De binnenste hoek van de elleboog, nr. 47, wordt gevormd voor de voormalige grote kruidenierswinkel van Georges Vantieghem, tevens melkboer. Op de mooie hoekgevel heeft hij een kapel aangebracht waarin een beeldengroep de Heilige Familie voorstelt. De winkel was een toevlucht voor de gezinnen van de straat in moeilijke tijden, want bij Vantieghem kon je 'op de poef' kopen en komen betalen als er vers geld in huis was. Op het einde van het jaar werden de trouwe klanten (al wie op krediet kocht dus) beloond met een pak chocolade Van Houtte. In de winkel stond meestal echtgenote Olga Dewyn.

In nr. 80 woonde kleermaker Willy Demeyer, die achteraan zijn woning een ateliertje had waarin hij bovenop een grote tafel in kleermakerszit maatpakken naaide. De oudste man van de straat, Valère Demets (1928), betrekt woning  nummer 92. Hij was in zijn actief leven een van de fijnste goudsmeden van de streek.

Chemie

Nummer 94 was de patattenwinkel van Albert Desloovere en Mariette. Zij verkochten ook groenten. En in de zomer ging Albert werken in de bouw. Na hun overlijden stapelde hun neef, José Clarysse, cafébaas van vroeger het Vlaams Bierhuis op de Veemarkt en thans van Den Boulevard in de Groeningelaan, daar een tijdlang zijn schat aan zeldzame, exclusieve bieren.

In nummer 96 verkocht Louis-de-velomaker fietsen die hij ineengesleuteld had. Je kon er ook terecht voor herstellingen. Nummer 98 was de andere bakkerij van de straat, van bakker Biebaert. Aan de overkant van de korte reke huisde in de omvangrijke woning met poort en overdekte stapelplaats kolenmarchand Clovis Vantieghem, de broer van melkboer-kruidenier Georges. De hangar wordt vandaag verhuurd als autostalplaats.

In nummer 55 verkocht eveneens het echtpaar Pattyn snoep. Zij deden met hun confiserie ook aan groothandel. En nr. 51 is de nog altijd bestaande bakkerij, met ovens waarvan je in de winkel soms een glimp kunt opvangen. De bakkerij is gestart door Joseph Arlin. Verser in het geheugen ligt de lange periode dat Leopold Bostoen er brood bakte. Bostoen kwam uit een gezin dat men nu erg kansarm zou noemen. Van kindsbeen af moest hij werken, in de bouw bijvoorbeeld. Op een bepaald moment werd hij opgevangen door een bakker waarvan hij alle knepen van het vak leerde.

Het brood van Bostoen was befaamd, ook bij restauranthouders, tot ver buiten de stadsgrenzen. "Ik moet niets weten van al die chemie die andere bakkers in hun deeg doen" zei hij en hij bakte uitsluitend met meel, gist en water. Thans wordt de bakkerij uitgebaat door de jonge bakker Wittouck.

Lintenfabriek

Met al die actieve bewoners was de Voorzienigheidsstraat een heel bedrijvig milieu. Van al dat ondernemersgeweld schiet alleen nog de bakkerij in nr. 51 over. In het begin van de lange reke is er echter een winkelcentrum ingericht met onder meer een Aldi en een groenten- en fruitzaak. Daar stond vroeger de lintenfabriek van Charles Delvoye, nadien uitgeweken naar de Munkendoornstraat 110, waar de producent van technisch textiel nog altijd linten en banden fabriceert maar dan op hightech-niveau.

Een nieuwe zaak is Aquaverde in nummer 10, waar een sauna en verzorgingscentrum wordt uitgebaat.

Chinezen

Dat een mens niet leeft om te werken alleen, wist men in de Voorzienigheidsstraat maar al te goed. Vooraleer de TV iedereen aan de sofa vastkluisterde, was er een intens gemeenschapsleven. Hoogtepunt was telkenjare Kortrijk Kermis, ook het moment om in de straat ambiance te maken. Het begon ermee dat de wijkburgemeester, Marcel Quartier, een tijdlang cafébaas van In de Voorzienigheid, stoetsgewijze werd afgehaald van het stadhuis van Kortrijk. Op een fotootje uit de jaren veertig heeft hij zich opgetut in een matrozenpakje.

De hele bevolking deed mee aan de carnavalgroep van de straat. In 1946 was dat een schitterend verklede groep 'Chinezen', in 1952 vormden zij 'de Echte Paljassen'. De Chinese groep ontstond in de jaren 30, onder het voorzitterschap van André Warlop, de beenhouwer, en artistiek begeleid door zijn broer, het schoolhoofd Warlop. Ere-voorzitter en hoofdsponsor was aannemer Leon Vanassche, eigenaar van de enige villa in de straat.

De carnavalgroep "de Chinezen", was een van de grote attracties van "Kortrijks eerste grote zomerkavalkade" op 21 juli 1946. De enorme, vrolijke stoet moest de moed er weer inbrengen bij de bevolking die heel wat te verwerken had na vier jaar wrede bezetting en rampzalige bombardementen. De Chinezen van de Voorzienigheidsstraat beperkten hun optredens niet tot de eigen stad. Zij trokken ook naar stoeten in Aalst (!), Bergen, Gent, Blankenberge en zelfs over de grens in Tourcoing.

Zwaargewichten

De bewoners van de Voorzienigheidsstraat konden zich ook optrekken aan de sportfiguren uit hun straat. Ivan noemt Valère Mahau, kampioen van België boksen van de zwaargewichten, wonend in nummer 48. Valère was ook keeper bij SV Kortrijk. Een andere Mahau uit de Voorzienigheidsstraat, Theo, kweekte Mechelse schepers en was Belgisch kampioen in een competitie van 'verdedigingshonden'. Zijn zoon, Albert Mahau is voorzitter van de Kortrijkse hondenclub die zijn lokaal heeft op Kapel ter Bede.

Voetbaltrainer Georges Millecamps, wonend in nummer 44, begeleidde zowel de ploeg van SV als die van Stade Kortrijk (later opgegaan in KV Kortrijk).

Paraat voor de volgende honderd jaar

De Voorzienigheidsstraat is zopas grondig vernieuwd. Riolering, trottoirs en wegdek zijn heraangelegd door aannemer Wegrovan van Waarmaarde in opdracht van de stad (kostprijs: een kleine 430.000 euro) Het was een dossier dat al aansleepte van in de beginjaren 90. Een van de moeilijke punten was de kwestie van de voortuintjes.

Bij de aanleg van de straat rond 1900 kreeg elke woning een voortuintje omringd door een buxushaagje. Vooral aan de zonnige onpare kant van de lange reke maakten verschillende bewoners daar een miniparadijsje van. Als je door de straat liep, kon je de rozen ruiken. Met de opkomst van de auto werden veel voortuintjes echter geplaveid, dikwijls met dezelfde soort dallen als het trottoir. Daar werd dan de gezinswagen op gestald.

Anderen, zoals Ivan Vermeulen, hielden hun voortuintje in stand. Het had er ook mee te maken dat bepaalde bewoners een bouwvergunning kregen om gelijkvloers een garage te maken. Naderhand werd het stadsbestuur veel minder bereidwillig omdat het meestal gaat om nogal smalle woningen. Nu wordt de voorwaarde gesteld dat men van twee woningen een maakt. Ook Ivan Vermeulen wou een garage, maar die werd geweigerd. Van lieverlede heeft hij dan maar naast zijn voordeur een tweede deur laten steken, als het ware een dienstingang, voor fietsen en dergelijke. Dat geeft zijn gevel (nr. 33) een merkwaardig uitzicht (architect Geert Maes).

De Voorzienigheidsstraat is te smal om er plaats te bieden aan zowel een weg voor het verkeer als aan brede trottoirs en voortuintjes. De ingenieurs van de stad stelden daarom voor om de voortuintjes te annexeren. De vraag rees of die tuintjes wel eigendom waren van de stad. Ikzelf heb daar nog over geïnterpelleerd in de gemeenteraad. Maar uiteindelijk legde iedereen zich neer bij de mooie heraanlegplannen.

Nu is de straat aangelegd voor eenrichtingsverkeer. De voortuintjes zijn opgebroken en vervangen door langsparkeerstroken en trottoirs aan weerzijden met hier en daar een strook voor groen (dat er komt in het volgende plantseizoen). Door die groenstroken afwisselend aan de ene kant en de andere kant van de straat heeft het wegdek een kronkelend uitzicht gekregen, wat snelheidsremmend werkt.

Na die vernieuwing is de Voorzienigheidsstraat weer paraat voor de volgende honderd jaar. Ik wens de bewoners op zijn minst evenveel plezier en geluk als hun voorgangers. En dat men gespaard moge blijven van armoede en oorlogsgeweld!

Meer foto's op: http://kortrijkonvermoedehoekjes.skynetblogs.be/?date=200...

02-09-06

Weldra nieuwe bieren: Manten en Kalle

Manten en Kalle zijn de namen van de uurwerkslagers op de Kortrijkse Halletoren. Er is bij het stadsbestuur een aanvraag binnengekomen van een beginnende brouwerij om twee nieuwe bieren naar die oudste Kortrijkzanen te mogen noemen. Ze mogen, onder bepaalde voorwaarden.

In oktober start naast de bekende pleisterplaats 't Rusteel in de Heulestraat in Gullegem een "pico" brouwerij: 't Brouwhof. Terwijl in de grote brouwwereld de globalisatie onverdroten verdergaat - zie de Braziliaanse avonturen van Inbev bijvoorbeeld - beginnen weer hier en daar ondernemende creatievelingen op kleine schaal eigen bier te brouwen. Ze zijn te klein om ten prooi te vallen aan de meedogenloze concurrentie- en overnamedrift van wereldspelers als Inbev. En toch is er vraag naar die originele bieren, van liefhebbers die eens wat anders in hun keelgat willen gieten.

De op stapel staande brouwerij 't Brouwhof wil volgende maand uitpakken met twee nieuwe bieren. Het ene willen ze "Manten" noemen, het andere "Kalle", naar de vergulde uurwerkslagers op de Halletoren van Kortrijk. Mevrouw Kim Olievier van 't Brouwhof vroeg daartoe de toestemming aan het stadsbestuur. De stedelijke Erfgoedcel gaf gunstig advies. Zie ook: http://kortrijklinksbekeken.skynetblogs.be/?number=1&...

Het stadsbestuur toont zich bereidwillig. De prille brouwers in Gullegem mogen de foto's van Manten en Kalle afdrukken op de etiketten van hun flesjes. Ze moeten zich wel in regel stellen met de Benelux-merkenwet en zich daartoe wenden tot het Benelux-merkenbureau. De stedelijke Erfgoedcel zal de uitleg over Manten en Kalle op de etiketten vooraf controleren. Ik vraag mij af of een van de schepenen een kwaliteitstest heeft gedaan van de nieuwe dranken, en hoe hij of zij het maakte 's anderendaags 's morgens.

't Brouwhof krijgt de toestemming enkel voor dit initiatief. Het brouwerijtje mag de namen niet overdragen aan derden zonder toestemming van het stadsbestuur en mag in elk geval nooit die namen te gelde maken.

't Brouwhof start naast het bekende restaurant-café 't Rusteel, een gezellige hofstede van uit de 16e eeuw. Rusteel is Gullegems voor paardenruif - van ros (paard) en teel (teil, voederbak). 't Rusteel zelf serveert een zeer grote waaier aan bieren, waaronder het huisbier Netebuk. Zie: http://www.rusteel.be.

01-09-06

Stoopsfabriek gered?

Is de indrukwekkende industriële burcht Stoopsfabriek definitief gered van de ondergang? Het zou kunnen. Er is een ernstige bouwaanvraag binnen, die het beschermde monument in de Spinnerijkaai respectvol wil verbouwen tot lofts en kantoren. Maar het stadsbestuur koppelt dit belangrijke dossier, althans de tweede fase ervan, aan een ander dossier dat er niets mee te maken heeft. Op die manier wordt de positeve impuls die het project kan teweegbrengen voor dit stadsgedeelte gekoppeld aan een aantasting van de leefbaarheid van een ander deel van de wijk. Dame en heren, burgemeester en schepenen, hier begaat u een vergissing.

Stoopsfabriek

Stoopsfabriek is een van de belangrijkste monumenten van het Kortrijkse bouwkundig erfgoed en tegelijk ook een van de meest miskende. De vroegere spinnerij van Camiel Destoop - in de volksmond Stoopsfabriek en niet Stoopfabriek zoals de stadsdiensten het schrijven - is in het begin van vorige eeuw gebouwd in de vorm van een enorme burcht met gekanteelde torens en een 'kapeltoren' met Mercurius in de nok. Het is een voorbeeld van de imitatiestijl, waarmee industriëlen na de industriële revolutie hun (economische en politieke) macht wilden etaleren.

De schaarse andere voorbeelden in ons land, het Zuiderpershuis in Antwerpen en de steenkoolmijn Le Hazard in Chératte bij Luik, hebben al lang een waardige herbestemming gekregen en zijn grondig opgeknapt voor het nageslacht. Stoopsfabriek daarentegen staat al jaren te vervallen na een lange periode van schadelijke exploitatie (o.m. een chemiegroothandel toen men nog niet zo nauwgezet omsprong met zwaar vergif). Binnenkort rest alleen nog een ruïne als er niet spoedig wordt ingegrepen. Zie ook: http://kortrijklinksbekeken.skynetblogs.be/?number=1&....

Een ernstig project

Een ernstige kans op redding doet zich nu voor. Een investeerder wil de leegstaande fabriek ombouwen tot een woongebouw met 42 lofts en 3 kantoren, met behoud van bestaand volume en uitzicht.

Op de begane grond worden aan de kant van de Vaart 4 appartementen ingericht. Achteraan komt een halfondergrondse parkeerkelder met 46 stalplaatsen en niet minder dan 125 plaatsen voor fietsen. Daar worden ook de bergruimte en de technische installaties ondergebracht.

Op de twee verdiepingen komen telkens 19 duplexappartementen (lofts met een verdieping). Een derde kantoor met twee verdiepingen rondt het project af.

De buitengevels worden grondig gerestaureerd. Aan de vensters komen weliswaar bescheiden balkonnetjes, maar die gaan geen afbreuk doen aan het industriële uitzicht van het gebouw. De gelijkvloerse, platte appartementen krijgen een aansluitende private tuin. Er wordt ook een gezamenlijke, semipublieke tuin aangelegd aan de voorkant en de linkerflank van het gebouw. Naast de fabriek wordt aan de linkerkant een ontsluitingsweg mer bezoekersparking aangelegd, die uitgeeft op de Spinnerijkaai.

En dat is niet alles! De overkant van de ontsluitingsweg - dat zijn de braakligggende terreinen van de uitgebrande fabriek Beklon Spinning Mills - wordt in een tweede fase verkaveld. Langs de Vaart komen appartementen met uitzicht over het water. Aan de kant van de woonwijk Venning worden in een pijpekop eengezinswoningen gebouwd. Die tweede fase moet nog eens 38 nieuwe woongelegenheden opleveren. De Venning, lang een sociale woonwijk met een, onterechte, kwalijke naam, wordt nog een riante buurt als dat allemaal gerealiseerd wordt.

Stedenbouwkundige problemen

Een schitterend plan, maar de stedenbouwkundige regels scheppen problemen. Volgens het gewestplan van 1977 is het project perfect mogelijk. De zone is ingekleurd als "gemengd woon- en industriegebied". Dat is niet wat je denkt dat het is. Het betekent dat de fabrieken die er in 1977 aan de slag waren, rustig mochten voortwerken. Maar op het moment dat ze hun activiteiten stopzetten, werd hun terrein automatisch en uitsluitend een woonzone.

Alles kits dus? Neen! Stad Kortrijkmaakte in 1978 immers een bijzonder plan van aanleg waarin de zone Spinnerijkaai weer exclusief werd voorbestemd voor nijverheid. Dat BPA (nr. 20 Venning) staat het project dus in de weg.

Maar ... dat BPA, dat trouwens al lange jaren (1979) in herziening is gesteld zonder dat die herziening ooit is goedgekeurd, kan omzeild worden. Het betreft immers, sinds 8 januari 2005, een beschermd monument. Volgens artikel 195bis van het decreet ruimtelijke ordening van 18 mei 1999, gelden de voorschriften van een BPA niet als het gaat om een verbouwing binnen een bestaand volume van een als monument beschermd gebouw. De voorwaarden zijn dat een voortzetting van de vroegere functie - textiel in dit geval - onmogelijk is of een duurzame leefbaarheid van het gebouw niet garandeert. Ook moet de nieuwe functie de erfgoedwaarde van het gebouw ongeschonden laten of verhogen. Al die voorwaarden zijn in het geval van Stoopsfabriek vervuld.

De conclusie van de stedenbouwkundige regels is dus dat het BPA dat strijdt met het project, niet hoeft gewijzigd te worden. Een BPA-wijziging of het opstellen van een vervangend Ruimtelijk Uitvoeringsplan (nieuwe terminologie) duurt trouwens lang. Voor de tweede fase, de residentiële verkaveling van de braakliggende fabrieksgronden, zou het BPA wel moeten uitgeschakeld worden.

Verkeerde beslissing van het stadsbestuur

Het stadsbestuur heeft over dat belangrijke dossier een dubbeke beslissing genomen. De bouwaanvraag voor de renovatie van Stoopsfabriek wordt gunstig geadviseerd en doorgestuurd naar de Provinciale Directie van ROHM (bouwvergunningen Vlaams Gewest).

Voor de tweede fase beslist het stadsbestuur het betwistbare BPA Venning aan te passen met een Ruimtelijk Uitvoeringsplan. Hierbij wil het stadsbestuur dat niet alleen de Spinnerijkaai wordt bekeken, maar meteen de hele Venningwijk tot aan de Kortrijkse ringweg R8. Zonder omwegen stelt het stadsbestuur dat het de bedoeling is op die manier een goedkeuring te bekomen voor de vestiging van een lokale bedrijvenzone van 3 hectare in de open ruimte tussen de ring en de volkswijk. Om redenen die ik al eerder heb geformuleerd (zie: http://kortrijklinksbekeken.skynetblogs.be/?number=1&...) ben ik daar vierkant tegen.

Ik vind het verkeerd om een noodzakelijke wijziging van een BPA te laten afhangen van een voorstel waarover een brede maatschappelijke discussie woedt. Over de herbestemming van de Beklonterreinen in de Spinnerijkaai is iedereen het eens.  Over het nut van een eventueel lokaal bedrijvengebiedje in een gebied met grote natuurontwikkelingsmogelijkheden is de consensus veel minder. Overigens laat het stadsbestuur voor het eerst uitschijnen dat er voor dat lokaal bedrijventerreintje wek degelijk problemen zijn met de ontsluiting, "verkeersafwikkeling" genoemd in de beslissing.

31-08-06

Nieuw schooljaar ook voor Nederlands Tweede Taal in Kortrijk

Bepaalde groepen mensen van vreemde afkomst moeten Nederlands leren. De meesten zijn blij met die kans. Anderen zijn niet verplicht maar hebben recht op die cursussen. Inburgering op een positieve manier. Die cursussen starten opnieuw met ingang van het nieuwe schooljaar. In Kortrijk heeft iemand die Nederlands wil leren, een ruime keuze.

Inburgering

Vlak voor de zomervakantie werd in het Vlaams Parlement het inburgeringsdecreet goedgekeurd. Mensen die hier niet geboren zijn, worden geholpen om zich "in te burgeren". Dat wil zeggen dat ze de kans en soms de verplichting krijgen cursussen te volgen om beter hun werk te vinden in onze samenleving.

Verplicht zijn de "nieuwkomers" (inwijkelingen die nog geen jaar zijn ingeschreven in het Rijksregister), de "bedienaars van erkende erediensten" van buiten de Europese Unie (dus bepaalde imams maar ook bijvoorbeeld katholieke priesters van Congolese afkomst), erkende vluchtelingen enzovoort. Ook verplicht - en dat is helemaal nieuw - zijn de "oudkomers" (een lelijk woord voor inwijkelingen die hier al langer dan een jaar zijn ingeschreven) als ze een leefloon of een OCMW-inkomen trekken. "Oudkomers" die werkloos zijn, kunnen door de VDAB eveneens worden verwezen naar de inburgeringscursussen als dat nodig is. Er zijn een heleboel vrijstellingen (Belgisch diploma, te oud, ingeburgerd in buurlanden, enzovoort).

Daarnaast zijn er ook inwijkelingen die niet verplicht zijn, maar wel recht hebben op die cursussen. Daaronder vallen bijvoorbeeld ingeweken ouders van schoolgaande kinderen (als die ouders willen meekunnen met hun kinderen, kunnen die cursussen heel interessant zijn).

De cursussen zijn enerzijds lessen Nederlands als tweede taal en anderzijds lessen "maatschappelijke oriëntatie". Die laatste cursus moet de "inburgeraars" - toch veel nieuwe woorden in die sector! -wegwijs maken in onze ingewikkelde samenleving en in onze basiswaarden en -normen. "Maatschappelijke oriëntatie" wordt gegeven door het onthaalbureau, waar de mensen zich als eerste stap moeten inschrijven. In Kortrijk is dat in het Kom-Pas, de Kortrijkse afdeling van het Provinciaal Integratiecentrum (PIC), Pieter De Conincklaan 4, in het vroegere Migrantencentrum (coördinator Jimmy Feys, kom-pas@onthaalbureau-wvl.be)..

Voor de lessen Nederlands moeten de inburgeraars zich inschrijven bij het Huis van het Nederlands, dat de taalvaardigheid van de kandidaat-cursist test (de "Covaartest") en doorverwijst naar een keuze van gepaste scholen. De "antenne" van het West-Vlaamse Huis van het Nederlands is ook gevestigd in de Pieter De Conincklaan 4 (contact: Ann De Vlamynck, kortrijk@hvn-wvl.be).

Cursussenaanbod Nederlands als tweede taal

Anderstaligen hebben in Kortrijk veel mogelijkheden om Nederlands te leren. Maar zoals gezegd: inburgeraars moeten eerst naar het Huis van het Nederlands voor de Covaartest en voor enige begeleiding naar de meest geschikte cursus.

Nederlands voor anderstaligen is een van de cursussen in het aanbod van Open School voor volwassenen (het vroegere Basiseducatie). Met een heel eigen methode - gericht op een versterking van de zelfredzaamheid van de cursist - leer je er Nederlands begrijpen, spreken, lezen en schrijven op je eigen tempo, zowel voor beginners als voor gevorderden. Overigens kunnen ook Belgen er leren lezen en schrijven (en ook rekenen) op latere leeftijd. Naar verluidt, zijn er wachtlijsten. De Open Schoolmethode houdt in dat ook vrijwilligers zich inzetten bij het lesgeven. Tel. 0478/80 43 95, website: http://www.basiseducatie.be/434/defaultcur.aspx?centra=493.

Wat klassieker maar heel professioneel gegeven zijn de cursussen van het Centrum voor Volwassenenonderwijs 3 Hofsteden, op verschillende plaatsen in de regio en in Kortrijk op de campus, Minister De Tayelaan 13 (foto). CVO 3 Hofsteden biedt een hele waaier van mogelijkheden aan. Er zijn cursussen voor alle niveaus (van complete beginners tot gevorderden ter voorbereiding op een hogere opleiding), op verschilende tijdstippen ('s morgens, 's middags en 's avonds), en met verschillende frequenties (1, 2, of 4 keer per week). Cursisten kunnen zich ook inschrijven in een praatgroep om hun conversatie te oefenen. Er is een keuzevak 'sociaal-culturele integratie' om de Belgische maatschappij beter te verstaan. Tel. 0473 92 36 80, website: http://www.cvo3hofsteden.be.

En ook bij talenonderwijsspecialist HITEK (Hoger Instituut voor Talen en Economie) kunnen anderstaligen Nederlands leren. HITEK is meer bestemd voor mensen bij wie het rap moet gaan. Er is keuze tussen halfintensief (6 uur per week), intensief (12 uur per week) en superintensief (24 uur per week), zowel overdag als 's avonds. HITEK heeft ook schrijf- en praatgroepen. In Kortrijk geeft HITEK zijn cursussen op de campus Katho, Doorniksesteenweg 145. Tel. 056 26 41 48, website: http://www.hitek.be.

 

30-08-06

Sp.a heeft gewogen op het stadsbeleid (vervolg van gisteren)

Voor het eerst in de geschiedenis namen de christendemocraten een coalitiepartner op in het Kortrijkse stadsbestuur na de gemeenteraadsverkiezingen van 2000. CD&V behaalde 21 zetels op de 41 en had dus toch wel een absolute meerderheid. Maar met slechts 1 zetel op overschot, zouden zij zich veroordelen tot de grillen van elk tegendraads meerderheidsraadslid. Daarom was het verstandig dat zij een andere partij aanspraken om de meerderheid te verruimen. Sp.a kwam op die manier in het beleid, met 1 schepen (Philippe De Coene) in een bestuursploeg van 9. Toch heeft de sp.a vanuit die minderheidspositie in de meerderheid het grootste deel van haar verkiezingsvoorstellen kunnen realiseren. Gisteren besprak ik de eerste 10 voorstellen uit het sp.a-verkiezingsprogramma van 2000. Vandaag de andere 11 punten.

Ik druk het programma (laatste 11 punten) hier af in cursief. Mijn beoordeling staat in normale letters na elk programmapunt.

11. Een open woonbeleid en een woonwinkel voor alle mensen.
Sociale woonmaatschappijen moeten een open deurpolitiek volgen (controle wachtlijsten). Alle huurders van sociale woningen worden jaarlijks één keer bezocht.

Dat is een punt dat mij bijzonder interesseert: in 2002 werd ik voorzitter van de Kortrijkse sociale huisvestingsmaatschappij Goedkope Woning.

Bij mijn aantreden als voorzitter van Goedkope Woning wreef ik mijn ogen uit. Ik landde in een vooroorlogse instelling die geleid werd op een manier die met veel goede wil slordig kon genoemd worden maar die een objectieve waarnemer pure verwaarlozing zou noemen. Woonpatrimonium (bijna 1500 huizen en appartementen) èn huurders werden aan hun lot overgelaten. Er werd niets gemoderniseerd; klachten werden weggewuifd; mogelijke subsidies en hulpprogramma's werden niet aangevraagd; de weinige bouwprojecten sleepten tergend lang aan; er werd absoluut niet uitgekeken naar nieuwe bouwmogelijkheden; er was geen communicatie, noch met de huurders, noch met de kandidaat-huurders, noch met de pers, noch met de aandeelhouders (stad en OCMW vooral!), noch zelfs met de raad van bestuur die nauwelijks drie keer per jaar werd samengeroepen. Berispingen en bijsturingen vanuit de overkoepelende Vlaamse Huisvestingsmaatschappij werden in de wind geslagen.

Begin maar grootste plannen uit te voeren als zelfs het allernoodzakelijkste niet marcheert! Toch heb ik een reeks vernieuwingen doorgedrukt. Er is een begin gemaakt van een echte klachtenbehandeling. Voor het eerst (in 2004!) kregen de huurders recht op ... warm water; voordien beweerde de maatschappij dat warm water een extra luxe was waarvoor de huurder zelf maar moest investeren. Er kwam wat meer controle op de aannemers die opdrachten kregen van Goedkope Woning. En de raad van bestuur werd maandelijks bijeengeroepen zodat de heren en dames wat meer betrokken geraakten met de maatschappij.

Maar de grote stap voorwaarts kon slechts in het laatste jaar worden gezet. Na een grondige selectie door een professioneel bureau en een externe jury werd een nieuwe directeur aangesteld. Ik ben ervan overtuigd dat de maatschappij pas nu de allernoodzakelijkste hervormingen kan doorvoeren om een hedendaagse klantvriendelijke en dynamische instelling te worden. Er is nog veel werk voor de boeg. Ik droom ervan mijn begonnen voorzitterstaak in die hoopgevende omstandigheden te kunnen voortzetten, maar ik besef dat de kiezer (en de coalitieonderhandelaars) daarin een beslissende stem zal hebben.

Ik geef mijzelf als beoordeling: half geslaagd. Mijn opvolger - zou ik oh zo graag zelf zijn! - heeft nu alle kansen om te schitteren.

12. Beter planning van openbare werken.
Niet alles willen realiseren in de laatste twee jaar. Stadsvernieuwing niet beperken tot centrum. Aandacht voor jonge gezinnen die zich hier willen vestigen.

Hoewel er in de laatste weken voor de verkiezingen weer een aantal straten open liggen, zijn de openbare werken in de voorbije zes jaar toch beter gespreid en gepland. De onvoorziene schepenwissel (Carmen Moulin gaf de opdracht door aan Guy Leleu)veroorzaakte niet al te veel vertraging. De begrotingskredieten voor stadswerken stegen aanzienlijk.

De stadsvernieuwingsinspanningen braken door de grenzen van het centrum: naar de Sint-Elisabethwijk (Sint-Denijsestraat - Volksplein - enzovoort) ging opmerkelijk veel geld voor allerhande initiatieven om dat stadskwartier leefbaarder te maken. Ik hoop dat die ingezette beleidslijn op hetzelfde tempo wordt voortgezet tot alle oudere delen van de stad zijn opgefrist.

Ik maak ook deel uit van het directiecomité van het Stadsontwikkelingsbedrijf (SOK), vroeger Woonregie. Het SOK is heel actief en geeft de stad onvermoede oplevingskansen met het Foruminvestproject in de Wijngaardstraat. De klemtoon is in de loop van de voorbije bestuursperiode wat verlegd van wooninitiatieven tot hoofdzakelijk winkelprojecten. Toch komen er dank zij het SOK vooruitstrevende appartementen in de Wijngaardstraat en staan verschillende andere woonprojecten op stapel.

Het Vetex-project in de Veldstraat, het oudste project van het SOK, is blijven haperen aan de afgrijselijke vervuiling van de terreinen van de vroegere textielveredelaar. Maar ook daar is er uitzicht op een gedeeltelijke realisatie van de nieuwe residentiële woonbuurt (in een achtergestelde buurt!).

En de uitgestrekte terreinen rond de westelijke binnenring worden stilaan bouwrijp voor een gigantische stadsinbreidingsoperatie.

Hoewel niet alles is geslaagd, is er toch veel gebeurd op het gebied van stadsvernieuwing. Ik oordeel: geslaagd.

13. Elektriciteit en gas, het kan goedkoper.
In alle openheid nagaan welke leveranciers het goedkoopst zijn.

Het zat de bevoegde schepen, Jean de Bethune, niet mee. Wat hij ook ondernam van initiatieven (aanbestedingen, onderhandelingen, samenvoegen van energieaankopen van stad, OCMW, Parko en Politiezone), de aangeboden elektriciteistprijzen voor openbare verlichting en voor de stadsgebouwen bleven maar oplopen. De geweldig gestegen petroleumprijzen hebben nu eenmaal ook de andere energieprijzen de hoogte ingejaagd.

Waarin Kortrijk wel gelukt is (zoals de andere gemeenten in de intercommunale Gaselwest) is de uitbreiding van het gemeentelijk aandeel in het kapitaal van Gaselwest tot 70% (30% blijft bij private partner Electrabel) zonder daarvoor de stadskas te moeten aanspreken. Jarenlang heeft Kortrijk zijn meerwinsten uit Gaselwest opgespaard om op 5 september e.k. de private aandelen van Electrabel te kunnen opkopen. Ook de opbrengst van de verkoop van Telenetaandelen ging daar naartoe. De opbrengst van de verkoop van Electrabelaandelen, die de stad in portefeuille had, aan de Franse groep Suez, kon de stad zelfs in eigen kas stoppen; er waren al genoeg reserves.

Mijn beoordeling: half geslaagd.

14. Oprichting van een kindergemeenteraad.

Het idee van een kindergemeenteraad is opgenomen in het bestuursakkoord, maar verder is er niets meer van gehoord. Dus: niet geslaagd.

15. Jonge middenstanders aanmoedigen met stedelijke startpremie.
Beginnende zelfstandigen krijgen gedurende drie jaar een premie in verhouding tot de stedelijke taksen. Afschaffing van de terrastaks. Loketdienst. Permanent en gestructureerd overleg met de handelaars.

Er is een 'stedelijk reglement ter bevordering van de economische activiteit' goedgekeurd. Starters kunnen er een beroep op doen voor premies en stedelijke financiële waarborgen. De steun schommelt al naar gelang de vestigingsplaats (in specifieke zones, in het centrum van de stad of van deelgemeenten, en elders).

Voorts is er een Ondernemerscentrum opgericht door de stad, de GOM West-Vlaanderen en Syntra West om onder meer beginnende zelfstandigen intens te begeleiden in hun avontuur.

Over de terrassen is heel wat gebakkeleid, maar uiteindelijk is een voor alle partijen eerbaar compromis bereikt. De terrastaks is niet afgeschaft maar gestroomlijnd.

Al met al is mijn beoordeling: geslaagd.

16. Een gezellige stad voor de jongeren.
Dialoog stad-jongeren (cafés). Muziekfabriek met repitieruimte.

Het uitgaanscultuur van jongeren bloeit in Kortrijk. De dialoog met de jongeren is heel wat verbeterd. Die "muziekfabriek" komt er! Muziekcentrum de Kreun palmde op het Schouwburgplein de locaties in van Radio2, die naar eigen studio's verhuisde aan Xpo. In 2007 wordt de eerste steen gelegd van een nagelnieuwe concertzaal, een miljoenendossier in euro's waarvoor ook de Vlaamse Gemeenschap (cultuurminister Bert Anciaux, spirit) en de provincie in hun beurs tasten. De Kreun, waar sp.a-kandidaat Bert Herrewyn werkt, is al 25 jaar een gereputeerde concertclub, een pop-infopunt voor de hele streek en een ondersteuningcentrum voor jongeren met muzikale plannen. Mijn beoordeling: geslaagd.

17. Een centrum voor moderne kunst.
Stoopsfabriek is een mogelijkheid. Aankoopbeleid voor moderne kunst. Actuele kunst in de stad en de deelgemeenten. Uitvoering van project "kunst in bushokjes".

Meer dan naar hedendaagse kunst is de culturele aandacht van de stad gegaan naar podiumkunsten en design. De initiatieven voor kunst zijn grotendeels geconcentreerd op het concept "Buda Kunsteneiland", waarin het vroegere Limelight is opgegaan. De gewezen Pentascoop kreeg een grondige facelift om in dat concept te kunnen gebruikt worden.

Stoopsfabriek is dan toch officieel beschermd geraakt en er zijn actuele plannen voor een respectvolle ombouw voor lofts en kantoren. Maar voor de beeldende kunst zijn onze dromen van 2000 niet in vervulling gegaan. Nog altijd blijft er een grote nood aan atelierruimte voor afgezwaaide academiestudenten.

En in plaats van 'kunst op bushokjes' heeft sp.a-schepen De Coene de glasbollen laten beschilderen door een ultrarealistisch kunstenaar.

Laat ons zeggen: niet geslaagd.

18. Gedaan met de afbraak van mooie oude panden.
Particulieren die voor zulke panden instaan dienen beloond.

Meer dan voorheen houden de stedenbouwkundige diensten van stad Kortrijk rekening met de historische en architectonische waarde van bestaande gebouwen. Stelselmatig wordt thans het advies opgevraagd van Monumenten en Landschappen (Vlaamse Gewest), ook voor panden die (nog) niet op de lijsten staan van beschermde of voorlopig beschermde gebouwen.

Die premie voor het in stand houden van waardevolle panden is er niet gekomen. Conclusie: half geslaagd.

19. Een groot sportplan voor de jeugd.

Er zijn niet veel gemeenten die verhoudingsgewijs meer inspanningen leveren voor de jeugdsport dan Kortrijk. Het bestaande grote aanbod wordt systematisch verder uitgebreid. Toch zijn de wachtlijsten van gegadigden voor de vakantie-activiteiten van de stedelijke dienst Sportplus nog niet helemaal weggewerkt. Laat ons zeggen: half geslaagd (ik ben streng vandaag).

20. Een stad die springlevend is.
Bestuurscel voor culturele evenementen en festiviteiten. Kioskconcerten. Dag van de Muziek. Ondersteuning van wijkfeesten en kermissen.

Iedereen moet toegeven: Kortrijk Bruist! Geslaagd cum laude.

21. Politie betrekken bij het beleid.

De door sommigen zo vermaledijde politiehervorming heeft zijn vruchten afgeworpen in Kortrijk. Het lokale veiligheidsplan is opgesteld in overleg met de Politiezone Vlas en in overeenstemming met het zonale veiligheidsplan waarin Kortrijk een grote inbreng had. De lokale politie zelf is superklantvriendelijk geworden (zie ook de schitterende website http://www.pzvlas.be). En er zijn definitieve stappen gezet voor de bouw van een up to date-politiehoofdkwartier op Kortrijk Weide.

Mijn beoordeling is dan ook: geslaagd.

De uitslag voor die tweede helft van ons wensenlijstje van 2000 is 7 op 11. Samen met de 8 op 10 van de eerste helft, scoren wij 15 op 21. Dat is 71,4%.

29-08-06

Onderscheiding (71,4%) voor sp.a-deelname aan bestuur in Kortrijk

Voor de gemeenteraadsverkiezingen van 2000 pakte de sp.a uit met een "programma voor de 21e eeuw". 21 concrete punten die de partij erdoor wou drukken als ze aan het beleid kon deelnemen. De sp.a hééft deelgenomen aan het beleid. In een coalitie met de CD&V hebben wij 1 schepen (Philippe De Coene, van milieu en ICT) en ook een voorzitter van de sociale huisvestingsmaatschappij Goedkope Woning (ikzelf). Als wij het lijstje van de 21 punten overlopen (en streng zijn), heeft de sp.a 12 punten volledig gerealiseerd en zijn we voor 6 punten goed op weg (daarvoor geef ik een half punt). Dat is een score van 71,4%, of een dikke onderscheiding. Niet slecht voor een coalitiepartner met 1 schepen in een schepencollege van 9. 

Stadsblogger Kortrijkwatcher is zo vriendelijk (?) geweest de meerderheidspartijen in Kortrijk te confronteren met hun verkiezingsbeloften van zes jaar geleden. Dat van de sp.a verscheen op: http://users.skynet.be/kortrijkwatcher/2006/08/over-het-s.... Ik druk het programma hier af in cursief. Mijn beoordeling staat in normale letters na elk programmapunt.

1. Iedereen heeft recht op een goed voetpad.
In elke straat. En hiertoe dient er een speciale stadsdienst opgericht.

De investeringen in trottoirs zijn opmerkelijk uitgebreid. Er is een meldpunt gekomen voor vlugge herstelling van kapotte voet- en fietspaden en rioleringen: 'Werk aan de weg' (gratis belnummer: 0800 90 811). Mijn beoordeling: geslaagd.

2. Afschaffing van de oneerlijke huisvuiltaks.

De huisvuiltaks was hoogst onrechtvaardig omdat hij alle Kortrijkzanen over dezelfde kam schoor: rijk of arm, grote afvalmaker of kleine. Die belasting is inderdaad afgeschaft. In de plaats daarvan zijn de huisvuilzakken wat duurder geworden. Zeker in de beginjaren van de nieuwe ploeg had dat als effect dat de Kortrijkzanen minder afval maakten. Dat was dan weer heel voordelig voor de stadskas, want de afvalverbranding kost de stad handenvol geld. 'Winst' wordt op de huisvuilzakken zeker niet gemaakt. Mijn beoordeling: geslaagd.

Niet in ons programma maar toch het vermelden waard is de realisatie van het meldpunt en de opkuisploeg van "Rap en Rein". Sluikstorten krijgen niet meer de gelegenheid uit te groeien tot onoverzichtelijke problemen. Een 'propere stad' betekent ook beteugeling van de sluikstorters; ook dat is consequent aangepakt.

3. Veilig fietsen in heel Kortrijk. Op fietspaden die vrij liggen van de rijweg.

Er is heel wat meer geïnvesteerd in fietspaden dan vroeger. Verschillende fietsverbindingen zijn hersteld. Onlangs nog werd het Guldenspoorpad, met medewerking van de Provincie, doorgetrokken naar Zwevegem. Er is een fietsambtenaar aangesteld en met de Fietsersbond is er een structurele samenwerking. Mijn beoordeling: geslaagd.

4. Overal groen dat goed onderhouden wordt.
Versterking van de groendienst. Particulieren mogen zelf instaan voor onderhoud. Stadsrandbos. Generatiebos (elke baby een boom.)

Voor het onderhoud van het stadsgroen is heel wat gebeurd. De groendienst van vroeger is grondig gemoderniseerd. Tal van opdrachten worden nu uitbesteed, ook aan beschutte werkplaatsen. Een snelle interventieploeg, 'Kruid en Blad', gaat elke dag de strijd aan tegen slordige hoeken. Het stadsrandbos is een zaak van het Vlaamse Gewest dat stelselmatig doorgaat met de aankoop van gronden in het zuidwesten van de stad. Groenschepen Philippe De Coene zette vaart achter de realisatie van het Groen Lint Zuid (nu Stadsgroen Marionetten, zie foto), de natuurverbinding tussen het Kennedybos en het stadsrandbos. Zowat 60 hectare worden ingericht voor natuurminnende bezoekers en wandelaars op de mooiste flanken van de stad. Aangelegde paden, een aantrekkelijk paviljoen in de vorm van een libel en een bezoekerscentrum in hoeve Te Coucx gaan de wandelaars wegwijs maken. Een onderdeel van stadsgroen Marionetten is het geboortebos in de Don Boscolaan, waar jaarlijks voor honderden nieuwgeborenen een boom wordt bijgeplant. Mijn beoordeling: geslaagd.

5. Vlot parkeren in plaats van doelloos rondrijden.
Parkeerroute. Betaalbaar langparkeren. Kortingsacties voor klanten. Gratis parkeren voor centrumbewoners zonder garage. Pendelaars moeten plaats krijgen aan het station.

Het succes van de stedelijke ondergrondse parking Veemarkt en nadien ook de overgekochte parking Schouwburgplein is onmiskenbaar. Het eerste uur parkeer je er gratis en daarna betaal je een heel schappelijke prijs, de goedkoopste van het land. Voor centrumbewoners zijn allerlei vormen van bewonersparkeren uitgewerkt. Wat de pendelaars betreft, is er nog geen volwaardige oplossing in de vorm van een parkeergebouw nabij het station gerealiseerd. Maar het aartsmoeilijke dossier (waarin partners zoals de NMBS het de stad niet gemakkelijk maken) geraakt stilaan uit zijn studiefase. Ook voor parkeren durf ik het bestuur een beoordeling geven van: geslaagd.

6. Het wordt weer fijn met bus en trein.
Gratis vervoer uitbreiden voor 60 plussers en kinderen tot 12 jaar. Belbussen. Meer bussen, extra verbindingen, lagere opstap, wendbare bussen. Tariefzone Kortrijk. Treinstopplaatsen in Marke en Heule. TGV-verbinding met Rijsel.

Vervoersmaatschappij De Lijn heeft haar dienstverlening in Kortrijk grondig verbeterd: er is een nieuwe buslijn bijgekomen; bestaande lijnen zijn vernieuwd, en er zijn meer aangepaste stadsbussen ingezet. Toch stappen nog altijd veel te weinig Kortrijkzanen op de bus. Een gericht beleid van gratis aanbod zou de stadsgenoten over hun aarzeling kunnen helpen. Maar daartoe hebben wij onze coalitiepartners niet kunnen overtuigen. De bestaande gratis faciliteiten (gratis voor 55-plussers op maandagen, gratis P&R van de Kinepolisparking naar het centrum, en gratis voor studenten) zijn, volgens mij, onvoldoende om veel effect te hebben op het busgebruik. Mijn beoordeling: half geslaagd.

7. De st@d (sic) is van iedereen.
Uitbouw van de website van de stad (ook interactief). Gratis gebruik van computer in openbare gebouwen. Gratis e-mailadres voor elke inwoner.

Nog beter: in plaats van een gratis mailadres - daarvoor heb je de stad al lang niet meer nodig - kun je een gratis Certipost-adres krijgen, handig voor het aanvragen van allerhande officiële documenten. Met zijn project "De WWWereld is van iedereen" gaf schepen Philippe De Coene elke Kortrijkzaan de gelegenheid om basiscursussen computer en internet te volgen, in zijn eigen deelgemeente. Vele honderden stadsgenoten maakten er gebruik van. de jongste was 10, de oudste 87. Met de plaatsing van internetkiosken en gratis surfcomputers in allerlei toegankelijke stadsgebouwen kan iedereen gratis surfen en zelfs e-mails versturen en printen. Mijn beoordeling: geslaagd.

8. Het stadhuis is er voor de mensen, niet omgekeerd.
Stadsdiensten open op uren waarbij het publiek vrij is (ook op zaterdagmorgen). Glijdende werkuren. Gemotiveerd personeel met promotiekansen.

Met de ingebruikname van het nieuwe stadhuis is de stedelijke klantenopvang heel wat verbeterd. De dienst Burgerzaken is nu ook te bereiken in de deelgemeenten. De opening van een stadsloket op zaterdagmorgen is niet gelukt, maar toch zijn de openingsuren klantvriendelijker gemaakt door bijvoorbeeld open te blijven over de middag en een wekelijkse 'nocturne' te houden op maandag (tot 19 uur). Het personeelsbeleid is gedynamiseerd met allerhande initiatieven. Mijn beoordeling: half geslaagd.

9. Niemand blijft eenzaam achter.
Levendig buurtleven. Buurtnetwerk. In elke buurt een buurtcentrum. Vrijwilligerswerk aanmoedigen.

De buurtwerkingen zijn uitgebreid. Ik vraag wel een beetje begrip voor de ondankbare, bijna onmogelijke opdracht van een buurtwerker als buffer tussen de stedelijke overheid en bewoners die ook niet allemaal zonder problemen zijn. Een voorbeeldig experiment is de wijkwerking Sint-Denijsestraat, waarin de stad opmerkelijk veel heeft geïnvesteerd. Waar in andere wijken de buurtwerker vooral aan de relaties moet werken, kregen de bewoners om en rond de Sint-Denijsestraat heel wat harde wensen vervuld (straatwerken, een nieuw park, heraanleg Volksplein, enzovoort). Dat is natuurlijk veel dankbaarder werk. In dat verband kan ik ook verwijzen naar de maandelijkse buurtrondgangen van schepen De Coene en schepen Leleu, waarop de bewoners de beleidsmakers ter plekke kunnen tonen wat er fout loopt in hun buurt. Intussen werd de grote rol van vrijwilligers erkend en ondersteund. Mijn beoordeling: geslaagd.

10. Aanstelling van een ombudsman.
Met jaarlijkse rapportering aan de gemeenteraad.

Mijn beoordeling: niet geslaagd. Als je in de meerderheid de mogelijkheid van een stedelijke ombudsman oppert, krijg je onmiddellijk de repliek dat de stad goedwerkende meldpunten heeft. Daar kunnen de mensen inderdaad naartoe met hun klachten en die klachten worden meestal zo vlug mogelijk opgelost. Maar een ombudsman is iets anders. Een ombudsman staat in tweede linie om eventueel burgers te steunen die zich in een meningsverschil met de stad onheus behandeld voelen. Een ombudsman kan als neutrale èn onafhankelijke waarnemer leemten in de stadsaanpak signaleren. Ik blijf daar groot voorstander van. Zo'n ombudsman (M/V) is er niet gekomen.

De rest van mijn beoordeling morgen. We zitten aan 8 op 10.
11. Een open woonbeleid en een woonwinkel voor alle mensen.
Sociale woonmaatschappijen moeten een open deurpolitiek volgen (controle wachtlijsten). Alle huurders van sociale woningen worden jaarlijks één keer bezocht.
12. Beter planning van openbare werken.
Niet alles willen realiseren in de laatste twee jaar. Stadsvernieuwing niet beperken tot centrum. Aandacht voor jonge gezinnen die zich hier willen vestigen.
13. Elektriciteit en gas, het kan goedkoper.
In alle openheid nagaan welke leveranciers het goedkoopst zijn.
14. Oprichtring van een kindergemeenteraad.
15. Jonge middenstanders aanmoedigen met stedelijke startpremie.
Beginnende zelfstandigen krijgen gedurende drie jaar een premie in verhouding tot de stedelijke taksen. Afschaffing van de terrastaks. Loketdienst. Permanent en gestructureerd overleg met de handelaars.
16. Een gezellige stad voor de jongeren.
Dialoog stad-jongeren (cafés). Muziekfabriek met repitieruimte.
17. Een centrum voor moderne kunst.
Stoopsfabriek is een mogelijkheid. Aankoopbeleid voor moderne kunst. Actuele kunst in de stad en de deelgemeenten. Uitvoering van project "kunst in bushokjes".
18. Gedaan met de afbraak van mooie oude panden.
Particulieren die voor zulke panden instaan dienen beloond.
19. Een groot sportplan voor de jeugd.
20. Een stad die springlevend is.
Bestuurscel voor culturele evenementen en festiviteiten. Kioskconcerten. Dag van de Muziek. Ondersteuning van wijkfeesten en kermissen.
21. Politie betrekken bij het beleid.

28-08-06

Morgen ben ik er weer!

Mijn excuses.

In het weekend zijn wij terug verhuisd naar onze verbouwde woning, Goedendaglaan 69. Van oktober tot gisteren konden wij puin, stof en andere onvermijdelijkheden ontwijken door te gaan wonen op een appartement in de omgeving. Aan het renovatieavontuur kwam vorige week een gelukkig einde. Dus konden wij met de zeer gewaardeerde hulp van Frederique, Folke, Liesbeth, Veerle, Carl en Febe terugkeren.

Maar onze telefoonverbinding marcheert nog niet en onze ADSL-verbinding nog veel minder. Ik kan dus thuis niet op het wereldwijde net. En eigenlijk ben ik daar niet helemaal rouwig om, want al die dozen moeten toch zo vlug mogelijk geleegd worden (met veel waardering voor Inge, mijn echtgenote die van geen ophouden weet).

Morgen probeer ik weer mijn dagelijkse stukje te posten. 't Kan ook overmorgen zijn. Er is genoeg nieuws over Kortrijk voor een waarnemer met een eigen mening. Terzelfder tijd gooi ik mij vanaf morgen in de campagne voor de gemeenteraadsverkiezingen van 8 oktober. Ik sta 4e op de lijst van sp.a-spirit. Het blijven dus drukke tijden.

Bedankt voor het begrip.

Marc Lemaitre

18:32 Gepost in Algemeen | Permalink | Commentaren (2) | Tags: sorry |  Facebook |

24-08-06

Kan Rollegem eindelijk vrijer ademen?

Niet alleen de voorposten Tombroek en 't Foreest liggen vaak in de stank van de industrie op Moeskroens grondgebied juist over de gewest-, provincie- en taalgrens. In heel Rollegem krijgt het witgoed aan de wasdraad soms de geur van frieten, zeep of erger. Sinds 16 juli zijn de klachten verstomd. Heeft het te maken met de vakantiesluiting of met de maatregelen die er kwamen na gezamenlijke acties van het Waalse en het Vlaamse Gewest op aandringen van Kortrijks milieuschepen Philippe De Coene?

Lelijke eendjes

Het was een van de neteligste dossiers die Philippe De Coene, sp.a, als nieuw schepen van leefmilieu van Kortrijk erfde in 2001: de steeds terugkerende stank van wisselende samenstelling die in Rollegem vanover de gewestgrens kwam aangewaaid. Onze vroegere zusterstad Moeskroen had tegen de gewestgrens (ook grens met Kortrijk en deelgemeente Rollegem - meer bepaald de aloude wijken Tombroek en ('t) Fore(e)st) een industrieterrein ingericht voor milieubelastende bedrijven.

Gezien de grote werkloosheid in dat stuk van Henegouwen, lokte stad Moeskroen bedrijven met allerhande voordelen, faciliteiten en administratieve bijstand. Onder de Zuid-West-Vlaamse ondernemers liep de mare dat het over de gewestgrens zoveel gemakkelijker ging om een bedrijf te vestigen; "men keek er niet zo nauw als in het Vlaamse gewest en in Kortrijk". In elk geval liep Moeskroen zelf niet zoveel milieurisico's: de winden waaien immers meestal uit het zuidwesten, dat wil zeggen van Moeskroen naar Kortrijk over Rollegem en Aalbeke.

Op die beruchte industriezone streken dan ook de lelijke eendjes van de bedrijfswereld neer. Wie zou graag de geuren delen van bedrijven zoals een zeepfabriek (Vandeputte nv), een groothandel in scherp ruikende chemische producten (Brenntag nv), een verbrander van (ziekenhuis- en ander) afval (Meprec nv), een vetverwerker (Codeb nv), een industriële frietenbakker (Mydibel nv), een composteerder (Lavano nv), een soepgeurverspreidende groenteninvriezer (Dicogel nv), een chipsfabrikant (Roger-Roger nv), en een kippenslachterij (Flandrex nv - nooit veel geur!).

Behalve gehinderd door de onfrisse dampen waren de Rollegemnaren ook ongerust over de schadelijkheid van de aangewaaide verpeste lucht. Die ongerustheid concentreerde zich eerst op het bedrijf Meprec, een private verbrandingsoven met lang niet zoveel zorg voor het leefmilieu en de onschadelijkheid van zijn rookgassen als bijvoorbeeld de intercommunale IMOG.

Ongenaakbaar?

De bewoners kregen onmiddellijk gehoor bij schepen De Coene, die al in januari 2001 een hoorzitting organiseerde. Het gevolg was een brievenoffensief richting Waalse Gewest (de gewesten zijn verantwoordelijk voor het leefmilieu), richting toenmalig Vlaams milieuminister Vera Dua, richting stadsbestuur Moeskroen, richting Provinciebestuur, enzovoort. Stad Kortrijk diende zelfs bezwaar in tegen de vestiging van chemieverlader Brenntag in augustus 2002.

In het najaar van 2002 verscherpte stad Kortrijk zijn acties tegen de aanhoudende stankvlagen. De directie Leefmilieu (milieuambtenaar Lode Valcke) ging bij de meeste klachten onmiddellijk ter plaatse om de geurhinder officieel vast te stellen. Zo werden niet minder dan 14 gerechtvaardigde klachten genoteerd tussen 10 en 27 september 2002. Tijdens die actie stelden de bewoners eigenaardig genoeg vast dat de stank nu meestal 's nachts kwam aangedreven i.p.v. overdag voorheen. Blijkbaar voelden verschillende bedrijfsleiders zich toch niet zo ongenaakbaar. De milieudienst van Kortrijk ging ook op het industrieterrein van Moeskroen zelf kijken. Zij rapporteerden dat de zone er hoogst slordig bijlag, dat er rook kwam uit de rioolputjes en dat er een hels lawaai was bij laad- en losactiviteiten.

Division de la Police de l'Environnement

Met overleg kon stad Kortrijk bij het stadsbestuur van Moeskroen bereiken dat zij ermee instemden dat de Vlaamse milieuinspectie Aminal een onderzoek ging verrichten op de industriezone. Aminal schakelde daarvoor het Vlaams Instituut voor Technologisch Onderzoek (VITO) in. VITO ging heel minutieus te werk en schakelde zelfs de bevolking in door 'geurdagboeken' uit te delen. De studie leverde een objectieve, wetenschappelijk verantwoord rapport op, waarin de geurhinder onomstotelijk werd vastgesteld. Erger nog: er werd ook geconstateerd dat de kwalijke dampen op bepaalde dagen ziektemakend waren.

Met dat rapport kon het Waalse Gewest overtuigd worden om op te treden. La Division de la Police de l'Environnement (DPE) ging bedrijf per bedrijf onderzoeken. Iedere keer leidde dat tot een voorstel van saneringsmaatregelen om verdere hinder te voorkomen.

De eerste saneringen zijn momenteel aan de gang. Mydibel plaatste een installatie voor de vernietinging van frietdampen en heeft een nieuwe verwarmingsketel aangekocht die de geurdeeltjes in de schouwdampen zal tegenhouden. Vandeputte heeft vorige maand een installatie in dienst genomen om de zeepgeuren op chemische manier te verminderen. Lavano belooft alleen nog te composteren in een gesloten loods met geurfilter. De firma Seva heeft een thermische oxidatiefilter geplaatst. Lonolines Stella plaatst een biofilter. Roger & Roger rust elke productielijn uit met een condensor. Brenntag zal zijn zuren zorgvuldiger opslaan en behandelen. Codeb (van de vroegere Heulse vetsmelter Debaillie) moet zijn activiteiten inperken (twee politieverordeningen) en moet een milieueffectenrapport afleveren. En Meprec is intussen gesloten en kreeg geen vergunning.

De DPE stelt dan ook dat de geurhinder is afgenomen. Niettemin kwamen in 2006 al 25 klachten binnen bij de milieudirectie van stad Kortrijk. Stof voor hernieuwd Vlaams-Waals en Kortrijks-Moeskroens overleg in de komende maanden.