04-10-06

Minder ongevallen en minder gewonden in Kortrijks verkeer

verkeer

Toeval of trend? Volgens de cijfers waarover de lokale politie beschikt, is het aantal verkeersongevallen in Kortrijk aan het dalen. Dat is het resultaat van een opmerkelijke daling van de ongevallen met doden of gewonden en een lichte stijging van de ongevallen met alleen stoffelijke schade. Wat verontrustend stijgt, is het aantal vluchtmisdrijven bij ongevallen met alleen stoffelijke schade. Dat vernam ik op de voorbije Politieraad. Hoewel die lokale politiestatistieken niet alle verkeersongevallen weergeven, wordt de dalende trend toch bevestigd door andere bronnen.

Op de voorbije Politieraad maakte Politiezone VLAS de jongste jaarcijfers bekend van de door haar geregistreerde verkeersongevallen. De statistieken worden opgemaakt op basis van de uitgeschreven processen-verbaal. De dienst Strategische Analyse van PZ VLAS wijst er onmiddellijk op dat de vrijgegeven cijfers niet alle verkeersongevallen bevatten die zijn gebeurd in de politiezone (Kortrijk, Kuurne, Lendelede). Zo ontbreken de pv's van de Federale Wegenpolitie, die de autostrades en de grote ring onder haar vleugels heeft. Een grote onbekende wordt tevens gevormd door al die verkeersongevallen die onderling geregeld worden tussen de betrokken partijen en hun verzekeringen.

Daling

In de hele politiezone zijn de genoteerde verkeersongevallen gezakt van 1676 in 2003, over 1592 in 2004, tot 1574 in 2005. Het aantal verkeersongevallen met dodelijke slachtoffers daalde van 4 tot 2. In 2003 moet je daar bovendien nog die 2 ongevallen met doden bijtellen waarbij de chauffeur de vlucht nam (in 2004 en 2005: geen). De verkeersongevallen met gewonden daalde van 646 in 2003 tot 552 in 2004 en 518 in 2005.

De botsingen met enkel stoffelijke schade namen toe van 1024 in 2003 tot 1038 in 2004 en 1054 in 2005. Wat mij in die cijfers opvalt, is het grote aantal ongevallen met vluchtmisdrijf: niet minder dan 675 in 2003, 711 in 2004 en 718 in 2005. Maar ja, vooral voor die ongevallen belt men naar de politie. Als er enkel blikschade is, volstaat het dat beide partijen - voor zover ze niet zijn weggereden -, het verzekeringsformulier invullen. Toch is het verontrustend dat die categorie toeneemt. Het aantal vluchtmisdrijven bij ongevallen met gewonden neemt dan weer af, van 847 in 2003 tot 69 in 2005.

De cijfers van de ongevallen op het grondgebied van Kortrijk alleen, liggen in dezelfde lijn. Hier is het verheugend dat de daling van het aantal ongevallen met doden (3 in 2003, 2 in 2004 en 1 in 2005) en gewonden (547 in 2003, 468 in 2004, 435 in 2005) nog wat meer uitgesproken is. Toch ook in Kortrijk een stijging van het aantal aangegeven ongevallen met enkel stoffelijke schade: van 839 over 827 naar 849.

Zwarte oktober

De vermindering van het aantal ongevallen in 2005 is te danken aan minder ongevallen met personenwagens, camionettes, moto's, bromfietsen en fietsen. De ongevallen stegen bij de vrachtwagens en bussen en bij de voetgangers. Hoewel het totale aantal doden en gewonden daalt, zien we een lichte verergering in de ernst van de verwondingen. In 2004 waren er 2 overledenen (1 in een auto en 1 op een moto), 55 zwaargewonden en 606 lichtgewonden. In 2005 waren die cijfers repsectievelijk: 2 (1 in een auto en 1 fietser), 58 en 550.

De helft van de verkeersongevallen betreffen aanrijdingen in de flank (50,45%), t.o.v. 22,9% aanrijdingen van een voorwerp of een dier en 15% kop-staartbotsingen. In ongeveer 3% van de gevallen wordt een voetganger aangereden.

De meeste ongevallen zijn te betreuren in de maand oktober; het minst in de zomermaanden (juni, juli en augustus 2005). Over de week gezien is de tweede helft van de week het zwartst, maar de maandag vallen er het meest slachtoffers. Ondanks alle media-aandacht voor de weekendongevallen, worden er in de politiezone VLAS op zaterdag en vooral zondag heel wat minder ongevallen genoteerd dan op weekdagen. De avondspits blijkt gevaarlijker dan de ochtendspits (en de middagspits). Per uur worden de meeste ongevallen opgetekend tussen 17 en 18 uur (ook de uren juist daarvoor en daarna vertonen pieken).

Fietsongevallen

In 2004 waren er 207 ongevallen waarbij fietsers (226 betrokken fietsers, waaronder 10 zwaargewonden en 186 lichtgewonden). In 2005 waren er 195 ongevallen met fietsers (211 betrokken fietsers, 1 dode, 17 zwaargewonden en 155 lichtgewonden).

De statistieken tonen dat vooral jonger fietsers tussen 12 en 15 jaar betrokken geraken in ongevallen. Het ongevallenrisico neemt af naarmate men ouder wordt. De meeste ongevallen kunnen gesitueerd worden op de binnenring.

Ook bij de fietsers blijkt de maand oktober het gevaarlijkst; de maanden mei en juni vertonen eveneens pieken. De maandag is veruit de slechtste dag voor fietsers, met wat minder erge uitschieters de woensdag en de vrijdag. In het weekend lopen rijwielbestuurders het minst gevaar. De uren met de grootste risico's voor fietsers zijn de ochtendspits (8 tot 9) en de avondspits (15 tot 18 uur).

Verrmelden wij nog dat bij de voetgangers vooral slachtoffers vallen bij 70 en ouder. Het gevaarlijkste punt voor voetgangers is Sint-Jansput, het eindeloze T-kruispunt op Overleie. Wanneer doet men eens iets aan dat veel te brede stuk van de binnenring. Jaren geleden schetste Leiedal een plan om de Brugse- en Meensestraat te voorzien van een middenberm met hoogstammige bomen. Maar het is het Vlaams Gewest dat over die wegen baas is.

Zie ook: http://www.pzvlas.be/Evolutie_Verkeersongevallen.180.0.html

03-10-06

Openzwembad Abdijkaai: de echte 'plage' van Kortrijk

opzwem1
Er is een interessante briefdiscussie aan de gang tussen gewezen gemeenteraadslid Hilde Damman en stedelijk sportdirecteur Mia Maes, over heden en toekomst van het openlucht-zwembad aan de Abdijkaai. Hilde pleit voor een uitgebreider gebruik van "Kortrijks best bewaarde geheim". Mia zegt niet direct neen maar wijst op de kosten. Een vriendenkring van de 'echte plage' van Kortrijk staat intussen in de startblokken. De schitterende foto's (die ik een beetje te veel heb vergroot, sorry) zijn van Hilde Damman en zijn een voorbode van de kunsttentoonstelling die volgend jaar bij de heropening van het waterparadijs zal worden gehouden.
 
Beperkt open
 
Hilde Damman was gemeenteraadslid voor Agalev van 1996 tot 2000. Zij is getrouwd met Jan Dhaene, gewezen groen Europarlementslid en thans weer kandidaat voor de gemeenteraadsverkiezing in Kortrijk (lijst 1; sp.a-spirit, 40ste plaats) en voor de provincieraadsverkiezing (voorlaatste duwer). Hilde was van de zomer een van de trouwste bezoekers van het unieke openlucht-zwembad aan de Abdijkaai. Haar bedenkingen bij de beperkte periode en uren waarop het bad geopend is, vind ik grotendeels terecht.
 
De vorige jaren sloot het zwembad abrupt zijn deuren op 1 september, hoe warm het ook nog was, tot grote ergernis van waterliefhebbers en zonnekloppers. Eind januari besliste het stadsbestuur daarom om een geste te doen: het zwembad kon open blijven tot 17 september, maar dan alleen in de voormiddag (tot 14 uur). Hilde wijst erop dat de sluiting precies valt op het warmste moment van de dag. Ook op woensdagnamiddag en in het weekend wordt iedereen om 14 uur onverbiddelijk het water uitgejaagd.
 
Directeur Mia Maes blijkt die absurditeit in te zien. Een eindevaluatie van het wat langere zwemseizoen moet nog gemaakt worden. Maar men is bereid na te gaan of volgend jaar in een eventuele uitloopperiode tot halverwege september, de installaties niet na de middag moeten open gehouden worden in plaats van 's morgens.
 
Kosten
 
Mia wijst erop dat de beperkte uitbreiding van de zwemmogelijkheden in het openbad toch al aanmerkelijke kosten met zich mee hebben gebracht. Omdat het diepe bad al vanaf 1 mei (van 10 tot 14 uur, 18°) werd opengesteld samen met het minder diepe fonteinbad (hele dag, 23°), moest de stad meer redders in dienst nemen. Het hele complex bleef open tot zondag 4 september i.p.v. tot eind augustus zoals eerder. En om het af te leren, hield men het fonteinbad open tot en met 17 september van 10 tot 14 uur. Ook hiervoor moest de personeelsformatie worden uitgebreid.
 
Qua personeel komt dat op een meerkost van 8.860 euro. Daartegenover plaats Mia Maes dat er tussen 1 en 17 september 2006 amper 1.558 bezoekers de kassa hebben gepasseerd; wat 1.127 euro opbracht. Helemaal ernstig is die berekening niet. De meerkost moet over het hele seizoen gespreid worden. En abonnementshouders lieten wel niet in die periode de kassa rinkelen maar hadden al op voorhand betaald. Bovendien konden veel gegagdigden niet van het zwembad gebruik maken omdat zij niet vrij waren tijdens de heel beperkte openingsuren.
 
Directeur Maes stelt vast dat het aantal zwembadbezoekers na Kortrijk congé fel terugloopt en waagt zich aan een 'analyse' van dat fenomeen: "Na het Kortrijks verlof voelen de mensen zich blijkbaar voldoende 'gebronzeerd' en moeten zij hun financiële middelen besteden aan andere noodwendigheden dan aan ontspanning". Hilde Damman replikeert dan weer dat te weinig mensen wisten dat het zwembad nog toegankelijk was tot 17 september.
 
Jobstudenten
 
Hilde vraagt meer flexibiliteit in de openingsuren. Waarom zou men geen nocturnes organiseren op zeer hete zomerdagen? Mia ziet dat niet direct zo zitten. Er wordt nu al een grote flexibiliteit gevergd van het personeel. Zo moesten er op dinsdag 13 juni niet minder dan 1.683 bezoekers opgevangen worden en 's anderendaags - het weer was gekeerd - slechts 75. "De stand-by-regeling voor onze medewerkers wordt hierdoor reeds sterk op de proef gesteld", aldus de directeur.
 
Het heeft er ook mee te maken dat stad Kortrijk geen voorstander is van interim-arbeid in stadsdienst. Ook vanuit veiligheidsoogpunt lijkt interimarbeid de Sportdienst minder aangewezen. Hilde is het daar niet mee eens. Met wat meer jobstudenten kan beter ingespeeld worden op de weersomstandigheden.
 
Vrienden
 
Directeur Mia Maes weet nog nieuws te melden over een eventuele bescherming van het zwembad als monument. Volgens Hilde Damman is het een prachtig voorbeeld van art deco. Op 26 september is mevrouw Goossens van het Bestuur van Monumenten en Landschappen even komen kijken. Zij verklaarde zich "lichtjes positief" tegenover de vraag van de stad tot 'klassering'. De stedelijke directie Facility is samen met de Erfgoedcel een dossier aan het opstellen.
 
Uitgerust met een grote ligweide is het zwembadcomplex aan de Abdijkaai de eigenlijke 'plage' van Kortrijk. Er zijn wel plannen om in de IJzerkaai aan de verbrede Leie een 'Buda Beach' aan te leggen, een groot gazon met uitzicht over de Golden River. Ook daar kijk ik naar uit. Maar een beach zonder zwemmogelijkheden vind ik toch een beetje zoals een café zonder bier.
 
Als fervent baantjestrekker zag ik van de zomer heel opbeurende tafereeltjes in het openzwembad. Alle kleuren en culturele origines lagen, liepen en dreven er door elkaar. Je kon er moeders met hoofddoekjes zien met dochters in bikini; van inburgering gesproken. Op het terras van de cafetaria had zich een bejaard koppeltje geïnstaleerd, dat bij het genot van een stevig glas, al dat jonge en minder jonge watergeweld zat te bewonderen.
 
Nu heeft Hilde Damman wel gelijk als ze zegt dat die cafetaria, met een van de mooiste uitzichten van Kortrijk, onderbenut wordt. Waarom moet men eerst entree betalen, als men slechts een pintje komt drinken? En waarom kan café en terras niet openblijven na het sluitingsuur van het zwembad?
 
Ook pleit Hilde Damman ervoor om meer te doen met de mooie locatie. Zo zou het zwembad ook cultureel kunnen 'uitgebaat' worden. Alvast nemen de studenten schilderkunst van de Kortrijkse academie zich voor om bij de opening van het zwembad op 1 mei 2007 daar een expositie op te stellen. Nu al - en dat was ik eerst vergeten te vermelden - heeft de stadsbibliotheek een boekenstand onder een partytent op de ligweide; het leesvoer wordt gretig verslonden.
 
Tevens zijn verschillende mensen aan het broeden op een plan om een club "De vrienden van het openzwembad" op te richten. Het zou de bedoeling zijn allerhande randactiviteiten te organiseren om meer publiek te trekken naar "het best bewaarde geheim van Kortrijk". Ik doe mee! Wie nog?
opzwem2

02-10-06

Fietsers winnen het pleit in O-L-Vrouwestraat

OLVstraat1

Bij de heraanleg van de Onze-Lieve-Vrouwestraat wordt er rekening gehouden met de wens van de fietsers om in tegenrichting naar de Grote Markt te kunnen rijden. Hoewel verboden, doet bijna elke fietser dat nu al. Het stadsbestuur dat het eerst anders zag, draait bij.

Ik beken dat ik elke keer als ik naar het stadhuis fiets, de wegcode overtreed. Komende van het Plein en de Groeningestraat rij ik rechtdoor de Onze-Lieve-Vrouwestraat in, de kortste weg naar de Grote Markt. En ik ben lang niet de enige fietser die daar een boete riskeert. Het is een beetje wringen en oppassen voor het eenrichtingsverkeer van auto's in de tegenrichting, maar precies omdat het zo smal is, matigen de wagens hun snelheid. En zeggen dat die smalle straat ooit gedeeld werd door auto's in beide richtingen èn de tram!

Binnenkort start een nieuwe fase in de vernieuwing van het historische stadscentrum: de heraanleg van Onze-Lieve-Vrouwestraat, Begijnhofstraat, Kapittelstraat, Pieter de Cockelaerestraat, omgeving OLV-kerk en riolering Begijnhofpark. De aangestelde ontwerpers, de vereniging NV Arcadis-Gedas - BVBA JPLX - bureau Michel Delvigne leverde al een eerste globaal schetsontwerp in. Op 22 augustus jl. keurde het stadsbestuur de schets goed op voorwaarde van: "parkeerplaatsen te voorzien in de O-L-Vrouwestraat en geen tweerichtingsverkeer voor fietsers".

Het stadsbestuur is intussen op zijn stappen teruggekeerd. Een nota van de stedelijke directie Mobiliteit en Infrastructuur deed hen inzien dat tweerichtingsverkeer voor fietsers in de O-L-Vrouwestraat essentieel is. Dat komt tot uiting in de vaststelling dat nu al veel fietsers het verbod on in tegenrichting te rijden negeren. Overigens heeft het stadsbestuur de fietsers zelf de pap in de mond gegeven. Bij de heraanleg van de aansluitende Groeningelaan is het vroegere eenrichtingsverkeer voor fietsers afgeschaft. Een fietsverbinding tussen het Plein en de Grote Markt in de twee richtingen ligt dus voor de hand.

Het ontwerperssyndicaat had dat ook zo geschetst. Dat mag dus zo blijven. In de O-L-V-straat komt een laad- en loszone van 12 meter en twee parkeerzones voor 12 stalplaatsen met telkens drie parkeervakken. Voor de fietsers komt er in tegenrichting een fietssuggestiestrook. De rijweg wordt uitgevoerd in asfalt, afgeboord door een greppel in mozaïekkeien. De parkeervakken krijgen de vorm van 'parkeerhavens', ingewerkt in de trottoirs, ook in mozaïekkeien. Visueel maakt dat de rijweg smaller, wat de verkeerssnelheid zal vertragen.

07:46 Gepost in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: kortrijk, verkeer, fiets |  Facebook |

01-10-06

ZONDAG 1 OKTOBER 2006: de Watermeulen, een dorp met verschillende gezichten

wm1

Het was in oeroude tijden de eerste stopplaats voor wie van Kortrijk naar Brugge trok: de oversteek en later de brug over de Heulebeek. Van diezelfde beek maakten de heren van Heule gebruik om er een watermolen in pacht te laten draaien. Het dorp dat daarrond ontstond, gelegen op de grens van drie gemeenten, heeft zich nooit ontwikkeld tot zelfstandige gemeente, wel tot een parochie. Intussen is het dorp veranderd in een groene voorstad van Kortrijk, maar je vindt er nog veel onvermoede schilderachtige hoekjes, die tonen hoe het vroeger was. 

Oeroud dorp

De Watermeulen (Watermolen in bijgeschaafd Nederlands) was voor de fusie van de gemeenten in 1976 een groot gehucht, dorp eigenlijk, op de grens van de gemeenten Heule en Kuurne en stad Kortrijk. Sindsdien behoort het integraal bij 'groot'-Kortrijk. In 2004 is een groot deel van de dorpskern beschermd als monument. En met reden: het is het meest authentieke dorpje dat je op het grondgebied van Kortrijk kunt bezoeken. De tijd heeft er stilgestaan sinds de 19de eeuw.

Samen met de vallei van de Heulebeek, die niet altijd fris riekt maar wel zeer schilderachtig meandert, en enkele mooie nieuwe wijken vol bloemen en planten, is de Watermolen zeker een bezoek waard. En een verleden met verschillende brouwerijtjes leeft voort in een keuze van stemmige dorpscafés.

Hoewel het nooit een zelfstandige gemeente is geworden, is het dorp oeroud. Het is ontstaan bij de kruising van de heirweg van Kortrijk naar Brugge en de Heulebeek, die in vroeger tijden een bevaarbare waterloop was (dat zal wel met platbodems geweest zijn). Precies daar heeft de Heulebeek een wat groter debiet, achter de samenvloeiing met haar zijriviertje, de Vlaanderenbeek. Daarvan is gebruik gemaakt om er de watermolen te bouwen waaraan de nederzetting zijn naam dankt. Een derde factor voor het ontstaan van een dorp was dat de heirweg zich net daar splitste in een weg naar Brugge en een andere weg naar Izegem.

Heirweg naar Brugge

Tot 1750 passeerde de hoofdweg van Kortrijk naar Brugge door de Watermolen. Landvoogd Karel van Lorreinen liet toen een nieuwe weg bestraten die nu nog altijd de Brugsesteenweg is. Aangezien de weg door de Watermolen zich daar vertakte, werd hij sindsdien meestal de Izegemsestraat genoemd.

De oude weg naar Brugge volgde na de Watermolen het tracé van de weg die nu de Heirweg is. Stel je bij de term 'hoofdweg' geen autostrade voor. Die wegen waren heel smal, en dat kun je nog waarnemen bij het begin van de Heiweg in de Watermolen.

Banmolens

De heren van Heule, trawanten van de graaf van Vlaanderen, kregen van hun opperhoofd het recht om alle graan in de 'heerlijkheid' (wingewest) Heule te laten malen in hun molens. Dat recht werd in het middeleeuwse recht het "vry molayge" genoemd en de molens die daarvoor werden gebruikt "banmolens". Het was voor de boeren die het ongeluk hadden in de heerlijkheid te wonen, een zware last.

In Heule waren er twee banmolens, een watermolen op de Heulebeek en een windmolen op de plaats waar nu het plantsoen is van het begin van de Molenstraat aan de Izegemsestraat. Natuurlijk was het uitgesloten dat de heertjes van Heule - op het laatst graaf d'Ennetière - hun edele handen zouden vuilmaken: zij verpachtten de tuigen tegen grof geld (of tegen een deel van het meel). Wind- en watermolen werden altijd samen verpacht.

De windmolen was een staakmolen. In 1887 waaide hij om. Molenaarszoon Georges Dutoict schoot daarbij het leven in.

De watermolen staat al vermeld in officiële documenten van 1284. Hij bleef in dienst tot 1942, toen de laatste molenaar, André Vanhoutte overschakelde op elektrische drijfkracht. Vandaag zou men de oude watermolen koesteren als industriëel erfgoed, maar halverwege de vorige eeuw zag men het nut van het bewaren niet in. In februari 1955 werd het ijzeren rad opgekocht en afgebroken door de 'oudijzermarchands' Casier van Zwevegem en Arseen Vandenbroucke van de Watermolen zelf. Het molenbedrijf werd helemaal stopgezet in 1977.

Ik wil mijzelf niet in de geschiedenis van de Watermolen wringen, maar enkele jaren geleden stelde ik in de gemeenteraad (in commissie, bij de bespreking van de vernieuwing van het brugje ter hoogte van de watermolen) voor om de restanten van de molen in het metselwerk van de oevers zorgvuldig te bewaren. Wie weet dat men ooit de middelen zou vinden om de watermolen te restaureren. Men heeft mij niet gevolgd.

Ik blijf ervan overtuigd dat een draaiend rad in de Heulebeek een toeristische troef zou zijn. We zouden er wat groene elektriciteit mee kunnen opwekken. En bovendien zou het wat meer zuurstof in het beekwater brengen, wat gunstig zou zijn voor de geur.

Intussen kun je er wel nog een stuk oeverwand in gerecupereerde natuursteen zien maar niets mee van de aanvoergeul en het gat waarin de spil van het rad zat. Wel ligt de bedding van de Heulebeek daar vol stenen en je kunt, als je goed kijkt, nog een aanzet opmerken van de ronde geul waarin het waterrad draaide.

Parochie

Kerkelijk is de Watermolen wel een entiteit geworden, zij het laat in de geschiedenis. Op 'Watermeulen Plaetse', het verbrede deel van de Watermolenwal, stond ooit een kapelletje, voor het huis der kinders Nuyttens, die een van de vele brouwerijen van de Watermolen uitbaatten. Het was gewijd aan Sinte Godelieve, aanroepen tegen keel- en oogziekten. 

Bij een verbouwing van het brouwershuis stond de kapel in de weg. Het beeld kreeg een nieuwe plaats in de grote kapel, met de afmetingen van een kerk, die de vrome Ursula Dinnecourt in 1868 liet bouwen op hetzelfde pleintje. De moeder van Ursula, weduwe Dinnecourt-Carpentier had in 1845 de aanpalende kloosterschool opgericht.

Eerst werd het dorp rond de kapel van Sint-Godelieve (zowel het Heulse deel als dat van Kortrijk en dat van Kuurne) bij koninklijk besluit van 1886 erkend als annexe van de parochie van Heule-kerke, met een eigen priester. In 1907 werd dan een volwaardige parochie Sint-Godelieve opgericht. Een jaar later werd wat verderop aan de Watermolenwal een eigen kerkhof geopend. Het schilderachtige kerkje met de neo-barokke toren is enkele jaren geleden grondig vernieuwd, nadat het gebouw was uitgebrand bij herstellingswerken.

Monument van een dorp

Bij ministerieel besluit van 30 april 2004 (Vlaams minister Paul Van Grembergen, spirit) werd een groot deel van de dorpskern van de Watermolen beschermd als monument. Niet minder dan 22 arbeidershuisjes uit de 19de eeuw (of ouder?) in de Izegemsestraat en de Heirweg zijn sindsdien erkend als monument. In de motivatie van het besluit wordt gezegd dat het een gaaf bewaard geheel is in het centrum van een gehucht. De eenheid wordt niet doorbroken door nieuwbouw die uit de band springt.

De minister laat zijn bewondering blijken in het ... latijn: "het dorp is een representatief voorbeeld van 'architectura minor' (bescheiden bouwkunst)". In heel het Vlaamse land zijn nog weinig dergelijke dorpskernen te vinden met arbeidershuisjes met witgekalkte of witgeschilderde gevels, veelal met goed bewaard schrijnwerk, beluikte ramen en ramen met 'roedeverdeling' (onderverdeeld in kleine ruitjes).

Een bijzondere vermelding verdienen de huisjes Heirweg 255-271, die aanleunen tegen de omvangrijke Watermolenhoeve (vroeger op het grondgebied Kuurne en daarom veel te weinig bestudeerd door Heulse geschied- of heemkundigen). Die huisjes vormen een prachtig voorbeeld van een beluikje in landelijke context, aldus het beschermingsbesluit.

Behalve die beschermde huisjes in de onmiddellijke omgeving van de vroegere watermolen en de brug kun je ook nog op andere plaatsen in het dorp dergelijke bebouwing aantreffen. Zij het dan in veel slechtere toestand, zoals in de Iepersestraat en verder in de Heiweg. In het begin van de Bozestraat staan er nog een paar piepkleine, waarschijnlijk door de eerste bewoners zelf gebouwde woningen, heel wat dieper dan de straat, in de winterbedding van de Heulebeek. Zij getuigen van een heel andere visie op ruimtelijke ordening en rooilijnen in vroegere tijden.

Ook beschermd is het voormalige molenaarshuis, Watermolenwal 11. Dat mag niet verward worden met het molenhuis waarin het watermolenmechanisme zat. Dat molenhuis in in 1979 door stad Kortrijk aangekocht en zeer doordrijvend verbouwd als jeugdlokaal voor Chiro Tsjoef. Het molenaarshuis aan de overkant van het straatje wordt in het beschermingsbesluit omschreven als een goed bewaard 19de-eeuws molenaarshuis met bijhorende opslagplaats, gelegen op een site waarvan de oorsprong minstens teruggaat tot in de 13de eeuw. Het huis is typisch voor de burgerij van honderdvijftig jaar geleden: een dubbelwoning van vijf traveeën en twee bouwlagen, die de rijkdom en de status van de bewoners moest aantonen.

Naar verluidt, ligt op de parking op de andere oever van de Heulebeek een originele molensteen uit de vroegere maalderij Vanhoutte.

Wijken in de bloemetjes

Een volkscafé op de hoek van de Bozestraat met de Izegemsestraat draagt de fiere naam 'Ons Dorp'. Maar de Watermolen omschrijven als een dorp, is een beetje geforceerd. De nederzetting sluit al eeuwenlang aan bij de noordelijke lintbebouwing rond de Izegemsestraat van stad Kortrijk. Er was en is als het ware meer open ruimte tussen de Watermolen en Heule dan tussen de Watermolen en de Kortrijkse wijk Overleie. In het Kortrijkse deel van de Izegemsestraat stoot je trouwens op 16de eeuwse bebouwing, beschermd maar jammergenoeg leegstaand en zonder herbestemming.

Het dorp heeft intussen de allures van een riante voorstad van Kortrijk gekregen, door verschillende verkavelingen sinds de jaren 70. Het zijn buurten geworden zonder doorgaand verkeer, met een weelde aan groen. De Waterhoek bijvoorbeeld is een straat die gerust mag meedingen in de competitie van de meest bebloemde woonstraat. Openbaar groen en kleurrijke voortuinen steken er mekaar naar de kroon.

Een bijzondere vermelding verdient het Ringerf, een woonbuurt met in de Iepersestraat de enige toegang voor wagens. Het is een realisatie van Immobiliën Vennootschap van België, met kavels waarop vanaf 1982 werd gebouwd. De straatjes, die alle genoemd zijn naar een oud ambacht, geven er uit op een binnenpleintje, het Neringenplein. Dat pleintje is uitgewerkt als een stemmige boomgaard op een gazon, zoals je er ooit wel moet aangetroffen hebben nabij de hoeven in de omgeving. Opvallend op de Watermolen is dat de verkavelingen bijna geen alleenstaande woningen bevatten; het gaat meestal om koppelbouw of rijwoningen met voortuintjes.

De 'ring' waarnaar de naam Ringerf verwijst, is het Ring Shopping Center aan de overkant van de Heulebeek. De wijk is ermee verbonden door een voetgangers- en fietsersbrugje. Het is een van de voordelen van op de Watermolen te wonen: je hebt er de grootste keuze aan winkels en grootwarenhuizen op loopafstand.

Nochtans wordt dat voordeel in Kortrijk niet zo geapprecieerd. Het handelscomplex wordt steevast Shoppingcenter Kuurne genoemd, hoewel het sinds de fusie Kortrijks grondgebied is. Omdat men bang was van de concurrentie met de winkels in de binnenstad, heeft het stadsbestuur nimmer enige inspanning gedaan om het Ring Shoppingcenter te integreren in het Kortrijkse commerciële leven. Ten onrechte, vind ik persoonlijk. Het is er nu, maak er dan een troef van!

Het is natuurlijk een beetje schokkend als je, kuierend op het prachtige pad tussen de Watermolen en het Ringerf plots geconfronteerd wordt met het mastodontcomplex op de andere oever. Precies dat stuk van de Heulebeek wordt gekenmerkt door een diepe insnijding in het landschap en met glooiende oevers met drassige weiden waarop bonte koetjes hun best doen om niet in het water te sukkelen.

Voor een drastisch landschapsherstel is het te laat; je zou er het Ring Shoppingcenter moeten voor slopen. Maar enige landschapszorg zou geen kwaad kunnen, bijvoorbeeld door aanplantingen van enkele bosjes. Een compensatie is dat Natuurpunt Kortrijk, vlak naast de mooie Ringerfwijk een natuurgebiedje beheert van zowat 1,5 ha. De grond is een aflopende lange weide van de Iepersestraat tot de Heulebeek. Het is eigendom van het OCMW.

En nu we het toch over de vallei van de Heulebeek hebben: het zou prachtig zijn mocht het wandelpad op een van de oevers doorgetrokken worden stroomopwaarts voorbij Watermolenplaatse. Komende van Heule kronkelt de beek daar door maagdelijk landschap met uitzicht op bijvoorbeeld Preetjes Molen.

wm2

 

Meer foto's op http://kortrijkonvermoedehoekjes.skynetblogs.be/post/3739...

 

30-09-06

KMO-zone naast natuurgebied: moeilijkheden zoeken

duma1

Het zit er bovenarms op in de Torkonjestraat: heftruckbedrijf NV Duma krijgt een pv van bouwovertreding aangesmeerd en ziet zijn milieuvergunning geweigerd. De groothandel maakt volop gebruik van zijn zichtlocatie aan de E17, maar dat blijkt nu niet de bedoeling te zijn van de plannenmakers. Men wil dat de vorkliftverkoper meer rekening houdt met het nabije stadsgroen Marionetten en het geplande Preshoekbos (stadsrandbos). Of hoe een beperkte KMO-zone en een natuurgebied heel moeilijke buren zijn.

De vrolijke kleuren van het uitgestalde hef-, duw- en trektuig en de Vlaamse en Waalse vlag op de hoogste kraan trekken de aandacht van de chauffeurs op de E17 en de Torkonjestraat. NV Duma ligt uitstekend om gezien te worden en de firma maakt daar ongegeneerd gebruik van. Hoe zou je zelf zijn?

Duma is gevestigd op een beperkte zone voor enkele KMO's in een uithoek van de Kortrijkse deelgemeente Marke. De zone is als het ware een enclave in een uitgestrekt groengebied. Het is alsof de plannenmakers indertijd dachten dat ze het nieuwe groen, waarvan in de streek zeker geen overvloed is, moesten compenseren. De verzuchting van elke deelgemeente om een eigen bedrijventerrein te hebben, is ook niet vreemd aan de gewaagde combinatie.

Dat daar ooit vodden van moesten komen, stond in de sterren geschreven. Het is zover. In februari vorig jaar stuurde de stedelijke directie stadsplanning de milieupolitie naar NV Duma voor de vaststelling van een reeks bouwovertredingen. Tegen de afspraken in stalde Duma heftoestellen op zijn gazon, waren de wegen uitgebreid op het terrein van de firma en was er een tweede toegang uitgevend op de Torkonjestraat gerealiseerd. Voor die aanlegwerken is uiteraard een bouwvergunning nodig, waarover Duma niet beschikte, maar ook het uitzetten van 'rollend materieel' op onverharde grond (pelouze) is milieu- en bouwvergunningsplichtig. Ook de Vlaamse milieuinspectie stelt een overtreding vast: de milieuvergunning die Duma heeft, dekt niet alle uitgeoefende activiteiten en de vergunningsvoorwaarden worden niet genoeg nageleefd.

Als reactie op die processen-verbaal dient Duma in oktober 2004 een bouwaanvraag in. Voor het ontwerp tekent NV Topokor. Het blijkt al ras dat de aangevraagde wijzigingen van het terrein niet kunnen volgens de stedenbouwkundige diensten. Men struikelt vooral over teveel extra verhardingen en over het voornemen om kranen en andere bouwmachines tentoon te stellen op het gazon. Als compromis komt een voorstel van Kortrijk uit de bus om een aangepast dossier in te dienen en intussen toch al de toelaatbaar geachte zaken te regelen (bufferbekken en riolering).

Maar Duma laat nadien niets meer van zich horen. Wel dient Duma in maart 2006 een milieuvergunningsaanvraag in. De stedelijke directie Leefmilieu gaat te rade bij de collega's van stadsplanning en die constateren dat de aanvraag gebaseerd is op de ongewijzigde bouwplannen die eerder werden afgekeurd. Het terrein achteraan de bedrijfsgebouwen, palend aan het domein van het kasteel van Sint-Anne, een onderdeel van stadsgroen Marionetten, wil Duma volledig verharden en de hele strook bovenaan de talud van de E17 wil men volzetten met heftrucks.

Het komt tot onderhandelingen tussen Duma, zijn architect Topokor en de directie Leefmilieu. Er wordt zelfs een compromis bereikt. Daarin staat dat de tweede ingang van Duma kan geregulariseerd worden. Maar voor de rest dient Duma in te binden. Een extra voorwaarde is dat de hoogte van de tentoongestelde kranen niet boven het gebouw mag uitsteken. Dat wil zeggen dat de kraan met de vlaggen van beide Belgische Gewesten naar beneden moet. De afspraak is dat Duma voor eind juni 2006 met een nieuw uitvoeringsplan voor de proppen komt.

Maar halverwege juli zijn die aangepaste plannen nog steeds niet in de bus gevallen van het stadhuis. De directie Leefmilieu is dan het wachten moe en adviseert het stadsbestuur om de aangevraagde milieuvergunning simpelweg te weigeren. Zelfs het verlenen van een vergunning op proef wordt ten zeerste afgeraden. En zo luidt ook de beslissing van het stadsbestuur. Hoe het nu verder moet, weet ik niet. Wettelijk bezien kan Duma voortaan alleen nog zijn activiteiten uitoefenen volgens zijn lopende vergunning. Dat wil zeggen dat al dat uitgestald bouwmaterieel illegaal staat opgesteld. Wordt ongetwijfeld vervolgd.

Interessant is een van de beschouwingen waarmee het stadsbestuur zijn draconische beslissing motiveert. Het overweegt "dat de inrichting gelegen is nabij het Stadsgroen Marionetten en het toekomstig Stadsrandbos; dat in functie van de bestemming van deze aanpalende natuurgebieden het visuele aspect van deze omgeving zeer belangrijk is; en dat de industriegebieden in deze opgelegd worden om een degelijk groenscherm aan te leggen". In die redenering, waar ik volkomen achter sta, getuigt het niet van een goed overwogen ruimtelijke ordening als men KMO-zones laat aanleggen aan de zoom van een natuurgebied. Het visuele apsect van het groengebied zal altijd schade lijden en anderzijds worden de KMO's in kwestie ernstig beperkt in hun activiteiten. Kortom, dat is moeilijkheden zoeken.

In de toekomst moeten wij dergelijke vergissingen vermijden. Dat sterkt mij in mijn overtuiging dat er naast het natuurgebied van de Venning, Kortrijk, geen plaats is voor een KMO-zone met, ocharme, ruimte voor twee showrooms.

duma2

 

29-09-06

Nieuw project sociaal wonen aan achterkant station Kortrijk

fotomarcdrukkerij

Goedkope Woning en Mobiel kopen samen de gewezen drukkerij Vandenbulcke in de Minister Tacklaan in Kortrijk. Het gaat om een geheel met woonhuis, appartementen, toonzaal en magazijn. Goedkope Woning renoveert de appartementen en het woonhuis, voor sociale verhuur. Sociaal fietsbedrijf Mobiel neemt de toonzaal en het magazijn in eigendom, voor een uitbreiding van zijn activiteiten. Het complex is uitstekend gelegen aan de achterkant van het station in Kortrijk.

Vanmorgen tekenden schepen Lieven Lybeer, voorzitter Mobiel en Gunther Debaerdemaeker, afgevaardigd bestuurder van Mobiel enerzijds en Ilse Piers, directeur Goedkope Woning en ikzelf als voorzitter van Goedkope Woning het compromis voor de aankoop van de gewezen drukkerij Vandenbulcke, Minister Tacklaan 55, 57, 57bis en 59.

Daarmee kan Ilse Piers, zeer nieuw directeur van Goedkope Woning (sociale huurwoningen in Kortrijk stad), al een eerste wapenfeit inschrijven op haar palmares. Zij breekt met een verleden waarin de sociale huisvestingsmaatschappij nauwelijks nog zocht naar mogelijkheden om bij te bouwen. Als voorzitter erger ik mij dagelijks aan de veel te lange wachtlijsten van kandidaat-huurders. De nieuwe directeur is onmiddellijk aan het prospecteren gegaan en vandaag is er al een eerste opmerkelijk resultaat.

De aankoop gebeurt samen en in overleg met het sociale fietsbedrijf Mobiel. Mobiel is gevestigd in de Bloemistenstraat 2b, juist om de hoek, en de achterkant daarvan paalt aan de gewezen drukkerij. Met de bedrijfsruimten kan Mobiel zijn ateliers uitbreiden en de toonzaal inschakelen in zijn werking.

Mobiel monteert en herstelt niet alleen fietsen voor de verkoop, maar verhuurt ook rijwielen in allerhande creatieve formules en doet intens aan fietspromotie. De ligging van het pas verworven pand aan de drukke achteringang van het station, is daarom een buitenkans. Wie in Kortrijk met de trein komt werken, studeren of een dagje doorbrengen, zal maar de straat moeten oversteken om een perfect onderhouden fiets ter beschikking te krijgen. Pas enkele dagen geleden maakte de NMBS bekend dat zij de achteringang van het station zal vervangen door een modern gebouw met verschillende voorzieningen.

Goedkope Woning koopt een eengezinswoning en drie ruime appartementen (twee slaapkamers). Het is de bedoeling alles grondig te renoveren. De woning zal in huur gegeven worden aan een groot gezin; daarom worden achteraan de woning de koterijen afgebroken en wordt  daarvan een stadstuin gemaakt. De appartementen, die boven het magazijn en de toonzaal zijn gebouwd, worden uitgerust met hedendaags comfort.

Het aangekochte pand heeft een grootte van 8a 95 ca. De koopprijs is 400.000 euro. Daarvan betaalt Goedkope Woning 212.000 euro voor het huis (met aanbouwsels) en de appartementen, en Mobiel 188.000 euro voor magazijn, toonzaal en achterliggende gronden. Een eerder bodemonderzoek wees uit dat de grond niet gesaneerd dient te worden.

Hiermee krijgt Goedkope Woning een extra kans om haar wachtlijsten te verminderen. De maatschappij heeft 1420 sociale woongelegenheden in verhuur. De wachtlijsten schommelen rond het duizendtal kandidaat-gezinnen. Enkele weken geleden werd de bouw aanbesteed van 9 appartementen bij de reeds gerealiseerde 11 appartementen in de Vaartstraat (verbouwing voormalige drukkerij Soenen). Ondertussen loopt de procedure voor de bouw van een flatgebouw met 36 appartementen aan de Gentpoort en een flatgebouw met 17 appartementen aan de Meensestraat. De start van beide bouwprojecten mag verwacht worden in de loop van volgend jaar.

Zie ook: http://www.mobiel.be en http://kortrijklinksbekeken.skynetblogs.be/post/3662711/g...

28-09-06

Kioto op Overleie

overl1

In Kortrijk wordt voor de derde keer naeen een actie opgezet in een bepaalde wijk, Overleie nu, om de bewoners te helpen met energiebesparing. De vorige acties hadden als gevolg dat de mensen die meededen, voortaan 12 maanden elektriciteit en gas krijgen voor de prijs van 11 maanden. En het milieu vaart er ook wel bij. "Kioto" heet de stedelijke actie, met een knipoog naar Kyoto.

Kyoto is een stad in Japan waar in 1997 een wereldverdrag werd opgesteld om de opwarming van de aarde tegen te gaan. Men spreekt soms ook van het Klimaatverdrag. De industrielanden kwamen er akkoord om minder broeikasgassen zoals CO² (in rook) door de schouwen te laten ontsnappen. Die gassen veroorzaken een grondige verandering van het klimaat en zouden op de duur kunnen leiden tot grote rampen.

De actie die milieuschepen Philippe De Coene nu al een drietal jaar op poten zet in Kortrijk, draagt de naam 'Kioto'. Dat staat voor "Klimaatplan is Ook Thuis Onmisbaar". Het is een project om gezinnen aan te moedigen ernstig te besparen op hun gas en elektriciteit. Dat is goed voor het milieu, maar eveneens voor de portemonnee van die gezinnen. De gemiddelde besparing per gezin bedroeg 9%. De eerste acties zijn gevoerd in sociale woonwijken (Sioenwijk en Kapel ter Bedehof), met medewerking van Goedkope Woning. De actie wordt nu voortgezet in andere wijken. Thans komt Overleie aan de beurt.

De actie bestaat uit drie onderdelen. De gezinnen die willen meedoen, krijgen een gratis energie-audit; dat is een onderzoek door een specialist om te zien hoe men met kleine ingrepen veel kan besparen zonder aan comfort in te boeten. Voorts krijgen de deelnemers een shoppingtas met daarop een reclameboodschap voor de Kioto-actie. het zijn tassen in katoen met lange handvaten. En ten slotte is er nog een aanmoedigingsgeschenk voor alle deelnemers, iets wat kan gebruikt worden om energie te besparen. De hele actie wordt begeleid door een team van de Bond Beter Leefmilieu (door de stad aangesteld voor 4.400 euro).

De actie past in de milieuovereenkomst die Kortrijk heeft afgesloten met het Vlaamse Gewest en die de stad aanzienlijke subsidies oplevert. De overeenkomst met Kortrijk gaat verder dan die met de meeste andere gemeenten. Ook de Federale Regering steunt het project: staatssecretaris Els Van Weert, spirit, geeft Kortrijk een toelage van 30.000 euro. Op het kabinet van de staatssecretaris werkt Kortrijkzaan Jan Dhaene, sp.a. Voorts doet ook Eandis, werkmaatschappij van Gaselwest, zijn duit in het zakje.

Voor de energie-audits is prijs gevraagd bij MilieuAdviesWinkel (Gent), Zonnewindt (Klerken) en BVBA E-Ster (Gent). Hoewel alle offertes voldeden, was die van E-Ster niet alleen het goedkoopst, maar ook het best: de deelnemende gezinnen krijgen van E-Ster zelf meetapparatuur ter beschikking. De opdracht wordt dan ook aan E-Ster toegewezen (12.100 euro).

Voor de shoppingtassen waren er offertes van Eurogifts (Wervik) en OSU International (Kortrijk). De Kortrijkse firma deed de gunstigste bieding en krijgt dan ook de opdracht (338,2 euro).

Voor de aanmoedigingsgeschenken dacht men eerst aan aankoopbonnen bij doe-het-zelf-zaken. Maar Gamma noch Brico-Plan-it vonden het de moeite waard om een offerte in te dienen. Daarom opteert het stadsbestuur voor een andere formule. De Directie Leefmilieu zal na een telefonische rondvraag zelf een waaier aan energiebesparende snufjes kopen bij Kortrijkse leveranciers. Er wordt gedacht aan spaarlampen, spaardoucheknoppen, tochtstrips enzovoort. Bij de lancering van het Kiotproject op Overleie zal het buurtcentrum, dat volop zijn medewerking verleent, een 'markt' organiseren waarop de deelnemende gezinnen iets gratis kunnen komen kiezen.

27-09-06

Zelfs wadi's op zeer groen Deltapark (industriezone Vlieberg)

 

Rond de Luipaardstraat komt een driedelig industriepark op het grondgebied van Kortrijk, Harelbeke en Zwevegem, het 'Deltapark', op de zuidoostelijke flanken van de Vlieberg. Intercommunale Leiedal, die het megaproject ontwikkelt, opteert voor een hoogwaardige aanleg, met zeer veel, goed overdacht groen, windmolens en wandel- en fietsvoorzieningen. Veel aandacht gaat naar een ecologische waterbeheersing: er komen grachten, bufferbekkens met natuurlijke oevers en zelfs 'wadi's'. Die aanlegwerken gaan binnenkort in aanbesteding.

Leiedal zal zijn uiterste best moeten doen om met zijn 'park' het mooie landschap te evenaren. De glooiingen zijn nu nog grotendeels landbouwgrond, gedeeltelijk het resultaat van volgestorte kleiputten die opnieuw overdekt werden met teelaarde. Het gaat om 45 hectare in een eerste fase, gesitueerd aan de Zwevegemse kant van de E17, van aan de Oudenaardsesteenweg (N8) tot over de Luipaardstraat. In Zwevegem eindigt het Deltapark aan de enkele jaren geleden aangelegde ontsluitingsweg N391. 

Wegen

Leiedal schakelde het studiebureau D'Hondt (Kortrijk) in voor het ontwerpen van wegen en afwatering. Voor de groeninkleding werd een beroep gedaan op een heuse landschapsarchitect, Paul Deroose (Jabbeke). De definitieve plannen zijn nu goedgekeurd door de Kortrijkse gemeenteraad en de werken kunnen aanbesteed worden. Het gaat om een pakket opdrachten van niet minder dan 5.323.368 euro.

Het industriepark vergt nogal wat nieuwe toegangswegen. Aansluitend op het rondpunt van de N391 wordt er een hoofdweg, met middenberm, aangelegd van 450 meter. Loodrecht daarop komen twee dreven, een 'Bovendreef' van 850 meter en een 'Benedendreef' van 300 meter. Waar de hoofdweg de dreven kruist, gaan er rotondes zijn. De Bovendreef krijgt nog een extra verbinding (150 meter) met de Keizersstraat in de Harelbeekse Keizershoek. Alle wegen worden uitgevoerd in asfalt.

De fietsers worden in het Deltapark op hun wenken bediend. De bestaande, kronkelende Luipaardstraat wordt een exclusief voor fietsers bestemde weg, 3 meter breed, in asfalt. Tussen de Bovendreef en de Oudenaardsesteenweg (rotonde Cowboy Henk) komt een nieuwe fietsverbinding. En rakelings langs het Deltapark loopt het onlangs geopende fietspad op de oude spoorlijn Kortrijk-Ronse. Ook op de N391 zijn de vrijliggende fietspaden in orde.

Afwatering

Met Aquafin is een vernuftig systeem van afwatering afgesproken. Alles is erop voorzien om afvalwater en regenwater apart af te voeren. De lozingen gaan de riool in die verbonden wordt met de collector langs de N391. Het regenwater gaat naar de Pluimbeek via een netwerk van regenwaterriolen, open grachten en wadi's. Een wadi (een woestijnwoord!) is een ondiepe poel die het oppervlaktewater een tijdlang kan opvangen tot het op natuurlijke wijze wegsijpelt of verdampt. Er komen 4 wadi's langs de Luipaardstraat.

Langs de oude spoorwegbedding (gewezen lijn naar Ronse) en aan de voet van de berm van de E17 moeten afwateringsgrachten zorgen voor een vertraagde afvoer naar de beek. Aan de Keizershoek ligt een natte plek die wordt uitgebreid. Een nieuwe poel moet er de omgeving droog houden. Op vraag van de brandweer wordt een blusvijver gegraven aan de inkom van het Deltapark. Om te voorkomen dat elk bedrijf zijn eigen bufferbekken zou moeten graven, komen er een reeks collectieve bekkens, die ook kunnen dienen als blusvijver.

Groen

Het woord 'park' in de naam is geen leugen. Er wordt kwistig omgesprongen met allerhande groen en natuurelementen. Waardevolle bomen die er nu staan, worden zoveel mogelijk behouden. Beide dreven worden opgesmukt met niet minder dan 2 keer 3 rijen hoogstammen: aan beide zijden een rij op de openbare weg en daarachter nog eens een dubbele rij in de private parkings. Als landschapselement kan dat tellen!

In (de middenberm) en om de toegangsweg worden een reeks hoogstammen 'gestrooid', als waren het zaailingen. Alle wegbermen worden ingezaaid en krijgen een haag. Er komt eveneens een haag langs de Oudenaardsesteenweg. Voor de berm van de E17 komt een 'visuele berm' van 1,2 m hoog die ingezaaid wordt. En langs de N391 komt tussen de bufferbekkens en de blusvijver over 140 meter een groen scherm. 

Natuur

In het hele ontwerp wordt veel belang gehecht aan de natuur in het Deltapark. Het plan spreekt van een 'ecologisch circuit', en dàt op een industrieterrein! De natte hoek met kikkers, padden en salamanders en het waardevolle moerasbosje aan de Keizersstraat worden bewaard en uitgebreid. Zowat 6.000 m² krijgt een natuurinrichting. Een nieuwe poel, een omgelegde gracht, rietzomen en droog struweel moeten er de natuur alle kansen geven.

Bij de oude spoorwegbedding, thans fietspad, hoopt men dat de groene berm en de afwateringsgracht ernaast zich kan ontwikkelen tot een strook vol leven. In de gracht worden drempeltjes aangebracht om zo lang mogelijk in het jaar water te houden.

Zoals gezegd komt er over de volle lengte van de grens met de N391 een groene strook tussen de bufferbekkens. De bufferbekken zullen zacht oevers krijgen met een beperkte helling om watervogels te lokken. Ook hier krijgt de natuur vrij spel. Langs de Luipaardstraat, fietspad, komt een groenstrook met een breedte van 30 meter, met wadi's, bomen en gras. En de groenberm naast de E17 krijgt een verantwoorde natuurlijke beplanting.

Nu nog hopen dat er in al die natuur- en parkelementen ook bedrijven landen die extra tewerkstelling kunnen bieden. Maar te horen aan de steeds weerkerende klaagzang over het tekort aan uitgeruste industriegronden in onze streek, zal dat geen probleem zijn.