09-10-07

Bart Caron: haal het muziekconservatorium van zijn eiland

gita1

Het stedelijk muziekconservatorium komt weinig aan bod in de gemeenteraad. Bart Caron, sp.a, heeft op de voorbije raad de stilte doorbroken. Hij vindt het Kortrijkse muziekonderwijs te elitair. Het conservatorium houdt zich afzijdig van het lokale cultuurleven. Het trekt vooral welgestelde kinderen aan. Het is teveel gericht op traditionele kunstvormen. Er is geen band met amateurorkesten en -gezelschappen. En de leerkrachten worden teveel gekozen voor hun muzikaal-technische kunde en te weinig voor hun vermogen om leerlingen enthousiast te maken en te houden voor de muziekbeoefening. Het betoog van Caron werd bijgetreden door Filip Santy, CD&V, hoornblazer. Bart Caron speelt contrabas.

Bart Caron heeft al een heel leven als cultuurdeskundige en -vrijwilliger (Humorologie!) achter de rug, èn als muzikant met zijn contrabas. Momenteel is hij niet alleen Vlaams volksvertegenwoordiger voor sp.a-Spirit (meer precies voor Spirit) maar ook gemeenteraadslid voor de sp.a-spirit-groen!-fractie in Kortrijk. Hij had het in de voorbije gemeenteraad (8 oktober 2007) over het Kortrijkse muziekconservatorium.

Kon. Elisabethwedstrijd

Net zoals het hele deeltijds kunstonderwijs in Vlaanderen, staat het stedelijke muziekonderwijs in Kortrijk, volgens mijn collega in de gemeenteraad, te veel op zichzelf, geïsoleerd van het cultuurleven in stad en streek. Die kwalijke vaststelling voor heel Vlaanderen is gedaan door een recente studie in opdracht van Vlaams onderwijsminister Frank Vandenbroucke (sp.a). Bart Caron citeerde de auteur van de studie, prof. dr. Anne Bramford van the University of the Arts van London: "Het deeltijds kunstonderwijs [...] spreekt [...] een elitaire groep van blanke, welgestelde kinderen aan. Dat is een laag percentage. Het zijn steecds dezelfde kinderen die overal weer opduiken." Kenmerkend voor het kunstonderwijs in ons land is dat het gericht is op de vorming van een elite van beoefenaars, evenwel zonder erin te slagen de allerbesten van de wereld te vormen. Zo mist men twee dingen: men slaagt er niet in een brede laag van kunstliefhebbers aan te spreken, maar evenmin slaagt men erin winnaars van de Kon. Elisabethwedstrijd klaar te stomen.

Volgens Bart Caron gelden de conclusies van de studie ook voor ons Conservatorium. Het slaagt er niet in om bepaalde doelgroepen aan te trekken. Er is nauwelijks contact met de gewone scholen, met het basis- en middelbaar dagonderwijs - waar overigens slechts in zeer uiteenlopende mate aan kunstopvoeding wordt gedaan, meer niet en te weinig dan te veel. Het lessenpakket is te veel gebaseerd op traditionele kunstvormen. Het leerlingenaantal is te laag.

Conservatoire

Bart Caron hield een warm pleidooi om nauwere banden te smeden tussen het Conservatorium en de amateurmuziekbeoefening. Thans is het nog te veel een 'conservatoire', een concept dat lang geleden ontstond in Frankrijk om de hoge muzikale kunst in stand te houden. Door samen te werken met allerlei muziekverenigingen, van rockgroepen tot harmonieën, van toneelverenigingen tot dansensembles, kan ons conservatorium zijn drempels verlagen en zijn elitaire uitstraling verminderen. Een samenwerking is goed mogelijk doordat men bijvoorbeeld deelname van een leerling aan een jeugdorkest kan laten meetellen als een les samenspel. Zo kun je een beetje de stress verminderen bij jongeren die in het Conservatorium al gauw tot vijf uur per week moeten schoollopen voor notenleer, instrument, samenspel, algemene muziekcultuur en -geschiedenis, enzovoort.

Voorts kan de hoogstaande opleiding aan het conservatorium slechts gunstig inwerken op de kwaliteit van de amateurgezelschappen en -orkesten als er aan de doorstroming wordt gewerkt. Bart Caron betwijfelt of er wel genoeg overleg is met de verenigingen en of het conservatorium wel genoeg inspeelt op hun noden. Ook vraagt Bart Caron meer inspraak van de ouders en de leerlingen. En om van het stedelijke muziek- en toneelonderwijs een troef te maken voor het plaatselijke cultuurleven, bepleit Caron een nauwe samenwerking met stadsinstellingen zoals het Muziekcentrum, het Cultuurcentrum, de musea, de Erfgoedcel, enzovoort. Die samenwerking moet ook intenser worden met particuliere muziekinitiatieven zoals concertorganisator De Kreun, het Kortrijks Symfonisch Orkest en andere.

Bart Caron maakt zich daarbij zorgen over de selectiecriteria voor de leerkrachten van het conservatorium. Zij worden momenteel nog altijd gekozen voor hun muzikaal-technische vaardigheden, bewezen door een officiële diploma's. Mijn collega in de gemeenteraad zou liever zien dat de nadruk wordt gelegd op de pedagogische kwaliteiten van de leerkrachten, op hun kunde om de leerlingen hun liefde voor muziek over te brengen.

Kortrijkse Filharmonie 

CD&V-fractieleider Filip Santy, toekomstig schepen en eveneens muzikant (hoorn) sprong Bart Caron bij. De instrumentale muziekbeoefening in het Kortrijkse staat of valt met de aanlevering van goed opgeleide muzikanten door het deeltijds kunstonderwijs van bijvoorbeeld ons conservatorium. Santy kan het weten, want beroepshalve is hij strategisch directeur van Vlamo, de koepel van de Vlaamse Amateur-MuziekOrganisaties. Volgens Santy moeten evenwel ook de verenigingen, harmonieën en fanfares weer zelf muzikanten gaan vormen, op basis van een algemeen muzikale vorming in het Conservatorium, waar men zich ook verder kan vervolmaken.

Filip Santy constateert een nijpend tekort aan bespelers van blaasinstrumenten bij bijvoorbeeld de Kortrijkse Filharmonie en de Sint-Jozefharmonie. Aan het conservatorium zijn blaasinstrumenten vandaag de dag minder in trek; de leerlingen kiezen liever gitaar en piano. Ook hij vond het toch zo jammer dat de leerkrachten van ons conservatorium toch zo weinig betrokken zijn bij het plaatselijke muziekleven.

Avelgem

Zoals te verwachten relativeerde onderwijsschepen Jean de Bethune, CD&V, de alarmkreten van Caron en Santy. Het aantal leerlingen aan het stedelijk Conservatorium is weer aan het toenemen. Voor het lopende schooljaar zijn er 1.874 leerlingen ingeschreven; dat is 8,8% meer dan vorig jaar. De lesuren zijn zelfs met 15% gestegen.

De schepen moest wel toegeven dat er een probleem is van versnippering. Het lerarenkorps telt 83 docenten die niet minder dan 110 klassen moeten bedienen - er zijn ook afdelingen in Gullegem en Avelgem. Hij bekloeg zich over een veel te strak personeelsstatuut, dat het onmogelijk zou maken om flexibel in te spelen op de noden. In de hoop dat Vlaams onderwijsminister Frank Vandenbroucke het zou horen, verklaarde hij zich voorstander van de verlaging van de leeftijd waarop leerlingen aan muziekonderwijs kunnen beginnen: nu is dat 8 jaar in tegenstelling tot de opleiding dans waar het 6 jaar is. 

06-10-07

Woonpark in Gentsesteenweg: prachtig maar een paar bedenkingen

Gentststwg71

Zopas is het openbaar onderzoek afgelopen voor een grootschalig woningbouwproject in de Gentsesteenweg. De Brusselse promotor HPG wil er een woonpark realiseren dat een groot deel van het bouwblok tussen de Loodwitstraat en de Abdijkaai zal innemen. Het ontwerp is van Buro II van Roeselare. Het is op het eerste gezicht een heel aantrekkelijk plan. Toch rijzen er vragen over de ontsluiting en over de sloping van het laatste restant van de ooit zo indrukwekkende fabrieksgebouwen van de Linière de Courtrai, het voormalige grondstoffenmagazijn. Soms lijkt het er wel op dat Kortrijk een beetje beschaamd is over zijn industriële (vlas)verleden.

Eind september verliep het openbaar onderzoek bij de aanvraag van een bouwvergunning voor een omvangrijk woningbouwproject in de Gentsesteenweg. Buurtbewoners trokken er mijn aandacht op. De aanvraag betreft de bouw van 61 appartementen met ondergrondse garage, een winkel en 7 eengezinswoningen met privétuintje, allemaal ingepast in een parktuin in het midden van het woonblok. De ligging van het project is het bouwblok tussen de Gentsesteenweg, de Loodwitstraat, de Schuttersstraat en de Abdijkaai. Om het te kunnen realiseren, zullen vooral de terreinen van de vorig jaar failliet gegane ververij Lambrecht gebruikt worden, aangevuld met de acht aanpalende arbeiderswoningen, café Bavikhove en jammer genoeg ook het voormalige grondstoffenmagazijn van de Linière.

Gentsestwg2

Woonkwaliteit

De aanvraag is gedaan door promotor HPG Belgium (Congolaan 9, 1000 Brussel), die speciaal voor dat project de firma HPG Kortrijk nv heeft opgericht. De ingediende plannen zijn van de architecten Buro II van Roeselare. Een van de architecten van Buro II is Herman Jult, die ooit zijn sporen verdiende bij de intercommunale Leiedal. Bouwmeester Jult tekende ook het ontwerp van het appartementsgebouw van nv Tsyon en het Stadsontwikkelingsbedrijf op de hoek van de Vlamingstraat en de Wijngaardstraat (thans in het stof van de werken van Foruminvest).

Alle opgesomde gebouwen zullen worden afgebroken en de gronden, vervuild door de vroegere industriële activiteiten - waar de buurt meer dan eens ernstige overlast van had - zullen worden gesaneerd. Hopelijk duurt die sanering minder lang dan deze van de Vetex-gronden in de Veldstraat - de Vetex is ook o.m. een ververij geweest! Promotor en ontwerpers willen de woonkwaliteit in die buurt aanzienlijk verhogen. Thans maken de massieve fabrieksmuren, hoge tuinmuren en wachtgevels, openingen voor inritten en stapelplaatsen van het bouwblok een onsamenhangend geheel. "De magazijnen geven door hun omvang en leegstand de buurt een onaangenaam uitzicht en hebben een negatieve weerslag op de aanpalende bewoning" zegt Herman Jult.

Café Bavik

Aan de Gentsesteenweg, in de Loodwitstraat en in het midden van de parktuin komen appartementsblokken. De building aan de Gentsesteenweg bevat 38 doorzonappartementen met 'inpandige' terrassen aan de parkzijde. Op het platte dak komen enkele penthouses, met een uitzicht over o.m. de Vaart en de groene omgeving in de verte. Samen is dat 5 bouwlagen. De gevel wordt uitgewerkt met verticale elementen zodat hij harmonisch aansluit bij de bestaande woonbebouwing. Het wordt een gevel in lichtgrijze baksteen en met betonnen balkons. De dakverdieping (penthouses) krijgt een donkere tint. Zwart-grijze aluminiumramen, heldere beglazing en glazen ballustrades aan de balkons geven het geheel een standingvol uitzicht. Dit gebouw zal niet reiken tot op de hoek van de smalle Loodwitstraat. Waar nu nog het legendarische café Bavik staat, komt een een pleintje dat voetgangers en fietsers toegang zal verlenen tot  de parktuin.

Ook het gebouw in de Loodwitstraat wordt in grijze tinten gestoken. De 12 appartementen, 3 hoog, krijgen een ingang aan de kant van de Gentsesteenweg. Centraal in de parktuin komt een derde flatgebouw, met3 bouwlagen voor 11 grotere appartementen. Dat gebouw zal ook toegang verlenen tot de ondergrondse parkeergarage. Die ingang zal te bereiken zijn via een in- en uitrit in de Schuttersstraat.  Promotor en architecten hebben die weg zo ontworpen om een latere uitbreiding van hun woonpark naar de Abdijkaai toe niet te belemmeren. Wellicht wordt eraan gedacht om ooit de bedrijfsgebouwen van de firma Decorteam-Meuleman (ik schreef eerst Mulleman, zoals de naam van Frank, de scharlaken globetrotter) bouwrijp te maken voor aansluitende appartementsblokken.

Schuttersstraat

Ten slotte worden in de eveneens heel smalle Schuttersstraat 7 eengezinswoningen met tuintje gepland. De architecten vonden het niet aangewezen de bestaande reeks rijwoningen te onderbreken met een flatgebouw dat uit de toon zou vallen.Het is tussen die woningen dat er een opening komt voor de toegang tot de parkings. De ondergrondse parkeergarage strekt zich uit tussen het middengebouw en het gebouw aan de Gentsesteenweg.: 87 stalplaatsen, 42 bergingen en een ruimte voor fietsen. Bovengronds komt er een bezoekersparking met 22 plaatsen in waterdoorlatende betonstraatstenen.

Het park wordt een gemeenschappelijke binnentuin, toegankelijk voor de bewoners en derden. Vooral inheemse planten en bomen, gazon en hagen, doorsneden met wandelpaden en trappen in split zullen een oase van rust bieden in die buurt aan de heel drukke Gentsesteenweg.

Smalle straatjes

Een heikel punt in dat ontwerp is dat wagens van bewoners en bezoekers alleen via de Schuttersstraat de parkeergarage en de bovengrondse parking kunnen bereiken. Heel ernstig is dat niet als je rekening houdt met de smalte van de straatjes  die naar de Genstesteenweg leiden. Nu al is er 's zomers  een  verkeersdrukte van jewelste in de Abdijkaai, van bedrijfswagens van Decorteam, vrachtwagens van de verderop liggende Vetex-vestiging,  en bezoekers van het openluchtzwembad en de private sportclub 'de Wikings'. Ofwel wordt het ontwerp aangepast in die zin dat er een rechtstsreekse toegang voor wagens komt in de Gentsesteenweg. Ofwel komt er een drastische reorganisatie van het verkeer in die smalle straatjes. De omwonenden zijn er intussen niet gerust in.

Linière1

Grondstoffenmagazijn van 1884

Een ander aspect dat mij de wenkbrauwen doet fronzen, is de afbraak van de statige fabrieksloods in de Gentsesteenweg. Het is het voormalige grondstoffenmagazijn van de Linière de Courtrai, ooit de trots van Kortrijks vlasverwerkende nijverheid. Het magazijn dateert van 1884 en op de gevel is nog een reclame te zien voor vlas en linnen: 'adelijk, stevig en luchtig - prestigieux, solide et aéré'. De redelijk onderhouden loods is het enige overblijfsel van de machtige fabriek die in de jaren 80 definitief de deuren sloot en waarvan de gebouwen aan de overkant van de Gentsesteenweg werden gesloopt om plaats te maken voor winkels zoals Aldi en Krefel.

Als industrieel-archeologisch erfgoed kan dat magazijn tellen. Temeer omdat er elders in Kortrijk evenmin nog iets te zien is van het grootse vlasverleden. Het is veelzeggend dat het Kortrijkse Vlasmuseum gevestigd is in een boerderij en niet in een fabriek, hoewel deze textieltak onvergelijkbaar meer mensen heeft tewerkgesteld in de industrie dan in de landbouw. Van die andere grote vlasfabriek van Kortrijk, deze van Leonard De Kien in de Nijverheidskaai-Gasstraat, bakermat van het socialisme in de Groeningestad, schiet ook al bijna niets meer over. 

Er is een poging ondernomen om van de loods een multifunctionele zaal te maken. Enkele jaren geleden voerde theater Antigone daar een stuk op. De heer Jacques Verhulst deed daartoe in 2004 een aanvraag voor een stedenbouwkundige vergunning. Maar het project liep op een sisser uit.

Linière2

10:26 Gepost in Algemeen | Permalink | Commentaren (2) | Tags: kortrijk, vlas, wonen |  Facebook |

05-10-07

Licht en lucht voor De Knok in Bissegem

knok1

De wijk De Knok in de Kortrijkse deelgemeente Bissegem krijgt nieuw wijkgroen. Een boswijk wordt weer tuinwijk. Bij het ontwerp van de nieuwe beplantingen kregen de bewoners van de wijk aan de Kortrijksevoetweg ruim inspraak, zoals dat hoort maar nog lang geen vanzelfsprekende gewoonte is geworden. En de plaatselijke hengelaarsclub mag ook tevreden zijn. Hun vijver in het midden van de wijk blijft beveiligd.  

knok2

Aan de Kortrijksevoetweg, een zijstraat (en verderop pad) van de Heulsestraat in Bissegem ligt een volkswoningwijk van de Zuid-West-Vlaamse Huisvestingsmaatschappij (voorzitter-voor-het-leven: Marc Olivier) verscholen: De Knok. Die buurt is letterlijk overwoekerd door het groen - destijds aangeplant om er een tuinwijk van te maken. De struiken zijn zo opgeschoten dat ze niet meer bij te snoeien zijn. Zaailingen tieren er onbedoeld maar welig. En de boompjes van bij de aanleg van de wijk zijn hoogstammen geworden, die te dicht bij de woningen staan en er het licht tegenhouden en belemmeren dat de zon de vochtigheid verjaagt. Het dichtgegroeide groen is ten slotte ook een bedreiging voor het viswater van de vijver die het midden van de wijk siert.

Voor het ontwerp van het wijkgroen is een methode gebruikt die Philippe De Coene (sp.a) introduceerde als schepen van milieu. Zijn opvolger Stefaan Bral (CD&V) zet gelukkig die goede gewoonte voort. De methode bestaat erin dat men nauwgezet rekening houdt met de wensen van de buurtbewoners. Voor de zomer werden er twee volksvergaderingen gehouden en op 12 juni was er zelfs een inloopmoment, waarbij de mensen van De Knok suggesties konden doen aan de medewerkers van het projectenteam. De opmerkingen en verzuchtingen van de bewoners werden zoveel mogelijk in de heraanlegplannen opgenomen. 

Ballenvangers

De werkzaamheden zullen beginnen met een grote opkuis: de meeste beplantingen zullen gerooid worden; de hoge bomen drastisch gekortwiekt of verwijderd, de bestaande versleten zitbanken en de vuilnisbakjes weggenomen, en de wandelpaden opgebroken. Na de grondwerken en een duurzame bodembemesting komen allerhande verhardingswerken (met betonblokken en -borduren, maartegels en dolomietpaden) en constructiewerken (zoals nieuwe banken, een hondentoilet, vuilnisbakjes, anti-parkeerpaaltjes en fietssassen). Er worden ook 'ballenvangers' geplaatst - voetballen mag dan, zonder gevaar voor de ruiten. Rond de centrale vijver wordt de bestaande afsluiting vervangen door een sympatieker bedrading.

De eigenlijke beplantingswerken brengen er nieuwe bomen, heesters en bodembedekkers. En overal komt er een aangepast gazon. De opdracht houdt ook in: 18 maaibeurten per jaar in de komende 3 jaar voor de gazons, 8 onderhoudsbeurten per jaar voor diezelfde periode voor de nieuwe beplantingen, 4 onderhoudsbeurten per jaar voor de komende 3 jaar voor de bestaande beplantingen die behouden blijven, en het onderhoud van de wegen voor 3 jaar.

Het gaat om een opdracht van liefst 571.804,01 euro. Binnenkort is er een openbare aanbesteding.

knok3

01-10-07

Sint-Jan, BID voor ons

 FI16

De gemeenteraad van 8 oktober a.s. zal grotendeels gewijd zijn aan het megawinkelcentrum waarvoor momenteel de sloop van de eeuw aan de gang is tussen de Wijngaardstraat en de Sint-Jansstraat/Kleine Sint-Jansstraat. De reusachtige investering (nagenoeg 160 miljoen euro) in het stadscentrum wordt door het stadsbestuur aangegrepen om handel en wandel in het centrum te stroomlijnen naar de wensen van de CD&V-OpenVLD-coalitie. Burgemeester Stefaan De Clerck droomt van de oprichting van een BID, business improvement district (handelsdistrict), en legt daartoe een charter ter goedkeuring aan de gemeenteraad.

Het betreft een samenwerkingsovereenkomst die alvast NV Sint-Janspoort, de werkmaatschappij van Foruminvest in Kortrijk, bijna 3,5 miljoen euro zal kosten en de stad zeker ook een miljoen. Dit alles te financieren met de huurprijzen in het winkelcentrum en bovendien een soort wijkbelasting. Als die wijkbelasting niet genoeg opbrengt, past de stad bij uit zijn gewone middelen (en betaalt de hele stedelijke gemeenschap). Het 'district' reikt van de Wijngaardstraat tot de Grote Markt en zal zichzelf besturen. In dat geprivatiseerde bestuur krijgen de grote winkels een overwegende stem. Foruminvest krijgt ten slotte ook een vetorecht in een 'Pandenfonds', een soort herrezen Woonregie die in de binnenstad aan woonvernieuwing moet doen.

"Foruminvest speelt Sinterklaas" en "Charter moet lokale handel beschermen" koppen de lokale kranten. Ik zie vooral nieuwe heffingen en verregaande privatiseringen. Dit wordt een van de grote debatten van de legislatuur! Afspraak op maandag 8 oktober om 18.30 uur in de raadszaal in het stadhuis van Kortrijk.

Een charter met verregaande gevolgen

Ik sta achter het project van Foruminvest in de Kortrijkse binnenstad. Het is een onverhoopte kans om de ingedommelde handel in Kortrijk weer te laten opleven. Zonder handel - met al wat erbij hoort: welvaart, ontmoetingen, ambiance, comfort, jobs, enzovoort - kun je een nederzetting geen stad noemen. De stedelijke overheid moet die onverhoopte kans te baat nemen. Maar wat thans wordt voorgeschoteld aan de gemeenteraad, lijkt mij veeleer het verknoeien van die kans.

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd een 'charter' goed te keuren tussen NV Sint-Janspoort, de werkmaatschappij van Foruminvest in Kortrijk - Foruminvest werkt zelf met kapitaal van Nederlandse pensioenfondsen -, de stad Kortrijk en het autonoom gemeentebedrijf Stadsontwikkelingsbedrijf Kortrijk (SOK, vroeger de Woonregie). Het plechtstatige woord 'charter' is hier op zijn plaats gezien de ver-strekkende gevolgen van de overeenkomst.

BID of handelsvrijstaat hartje Kortrijk

Hoofdbrok van dat charter is het BID (Business Improvement District) ofte Handelsdistrict Centrum Kortrijk, dat burgemeester De Clerck wil oprichten. Een BID, een idee via Groot-Brittannië en Nederland overgewaaid van de Verenigde Staten, is een club die vrijwillig wordt opgericht door (een meerderheid van) handelaars en eigenaars van een bepaald gebied. Aan die club kent de overheid een soort zelfbestuur toe, en dat autonoom district bedruipt zichzelf met een verplichte bijdrage geïnd bij àlle handelaars van het gebied.

Die handelsvrijstaat hartje Kortrijk zou twee vleugels hebben. De kern zou gevormd worden door de toekomstige winkels en horeca-zaken in het megawinkelcentrum van Foruminvest. De tweede vleugel zou opgelegd worden aan de handelszaken van het winkel-wandelgebied tussen de Wijngaardstraat en de Grote Markt. En het ligt in de bedoeling om het in een latere fase nog uit te breiden met aloude winkelstraten zoals de Leiestraat, de Graanmarkt, de Zwevegemsestraat, enzovoort. Het (bestuur van het) Handelsdistrict zou autonoom (en dus op eigen kosten) initiatieven kunnen nemen om "de commerciële omgeving aan te pakken" in het gebied, "effectieve promotieversterkende initiatieven en publiciteit voor de kleinhandelaars" te organiseren en maatregelen te treffen voor de "veiligheid en onderhoud ten voordele van het afgebakende gebied".

Een aaneengeklonken blok en los zand

De twee vleugels van de BID-constructie zijn heel ongelijk. Het spreekt vanzelf dat de winkels die neerstrijken in het winkelcentrum van Foruminvest zich schikken naar de voorwaarden opgelegd door de verhuurder/verkoper en door het management van de shoppingmall. Wie zich niet akkoord verklaart, komt er simpelweg niet in! Uiteraard zal dat management snoeiharde afspraken maken met de winkeliers onder zijn dak: over gezamenlijke reclame en promotie, volk lokkende evenementen, schoonmaak en onderhoud van de gemeenschappelijke delen, strategische beslissingen (bijv. hoeveel concurrentie er nog bij kan of niet), enzovoort. Die BID-vleugel wordt één massief, contractueel aaneengeklonken blok.

De andere vleugel, bestaande uit de handelaars en eigenaars van de traditionele winkelstraten, is per definitie los zand. De winkeliers hebben er aanhoudende investeringen en nooit stoppende werkdagen voor over om hun eigen baas te zijn en te blijven. De handelaarsverenigingen zijn veeleer discussiefora - wat hen tot eer strekt - en ze hebben alleszins niet het gezag van een contractueel opgelegd, collectief management.

Breng beide vleugels bijeen en je loopt een dubbel gevaar. Ofwel zal het machtige management van het winkelcentrum van Foruminvest de baas gaan spelen over het geheel. Ofwel zal het hele 'BID-verhaal' de bestaande commerciële animatie in Kortrijk niet overstijgen. Bovendien heb ik mijn vragen bij de zin van de oprichting van nog maar eens een extra structuur, loodzwaar en duur op de koop toe. Die structuur zal eigenlijk niet veel meer doen dan wat de stad en de bestaande handelaarsverenigingen nu al doen. Zo sprak Hartje-Kortrijkvoorzitter Koen Byttebier in de pers van het organiseren van braderieën; hebben wij daarvoor een BID nodig?

Nieuwe taks voor handelaars hartje Kortrijk

Dat terzijde gelaten wekken vooral twee aspecten van dat ambitieuze plan mijn argwaan. 1. De financiering met een parafiscale heffing op àlle handelaars van het gebied èn op de handelaars van andere winkelzones in de stad. En 2. De bevoegdheden van de overheid die aan die private club worden afgestaan.

In Nederland en Engeland is er een wettelijke regeling tegen 'free-riders', vrijbuiters (handelaars die niet meebetalen maar toch profiteren van de inspanningen van het BID). Dat is nu juist het probleem met een BID in Kortrijk: er bestaat geen wettelijke regeling om alle handelaars van het centrum te verplichten hun bijdrage te betalen. Maar daar wordt volgende mouw aan gepast. Die bijdrage wordt een extra belasting, opgelegd door de stad.

Als jaarbudget van het BID wordt minstens 200.000 euro vooropgesteld. Dat moet voor de helft komen van de handelaars onder dak bij Foruminvest en voor de andere helft door de winkeliers en eigenaars van daarbuiten. Om die bedragen bijeen te krijgen zal de stad proberen (!) een bijzondere belasting in te voeren voor de betrokkenen. De burgemeester liet zich ontvallen dat men dacht aan bedragen van gemiddeld 4 à 500 euro per jaar per handelaar. Als die van Foruminvest aan hun 100.000 niet komen, schiet NV Sint-Janspoort bij. Als die daarbuiten geen 100.000 euro ophoesten, is het de stad die bijpast uit de stadskas.

De vraag rijst of een dergelijke stadstaks voor bepaalde eigenaars en/of huurders van een bepaald gebied wel wettelijk kan. Er zijn voorbeelden in steden zoals Genk en Beveren, maar de echte centrumsteden zijn er niet happig op. De Genkse 'promotaks' kwam er slechts na veel moeilijkheden. In Beveren schorste provinciegouverneur André Denys, nochtans een OpenVLD'er, de 'centrumbelasting' omdat behalve de winkeliers ook de vrije beroepen moesten betalen met uitzondering van de dokters. Het zal nog een netelige discussie worden te bepalen welke zelfstandigen of rechtspersonen onder de nieuwe heffing vallen en welke niet. Zo valt de Grote Markt in het afgebakende gebied en men is van plan om ook de horecazaken te betrekken in het BID. Komt die BID-heffing dan bovenop de verschillende terrastaksen?

Nieuwe taks voor andere handelszones, zonder inspraak in het bestuur

Ook buiten het handelsdistrict (BID) wil het charter een extra heffing invoeren voor handelaars. In opdracht van de stad moet het Stadsontwikkelingsbedrijf SOK een "structuur" met de naam 'Citymarketing Groot Kortrijk' oprichten. Het is de bedoeling maximaal samen te werken - eindelijk! - en gezamenlijk naar buiten te komen in het grotere afzetgebied van handelkdrijvend Kortrijk, tot in het Franse Noorden toe. In die structuur participeert het winkelcentrum van Foruminvest met een jaarlijkse storting van 125.000 euro gedurende vier jaar.

Datzelfde bedrag zal ook opgehaald worden bij de andere commerciële zones van Kortrijk, zijnde vooreerst nogmaals de winkelwandelstraten in het centrum van Kortrijk (!), de zone Beneluxlaan (Decathlon, etc.), het handelscentrum Pottelberg, en het Ringcentrum (tot voor kort hardnekkig Ringcentrum Kuurne genoemd hoewel het sinds de fusie bij Kortrijk hoort). Als die taks niet genoeg opbrengt, garanderen de stad en het SOK ook hier om het tekort bij te passen. 

Heel merkwaardig is dat in een eerste fase de Stuurgroep van het Handelsdistrict Centrum Kortrijk zal beslissen hoe de ingezamelde middelen zullen aangewend worden. Pas als er een definitieve structuur Groot Kortrijk is opgericht - en dat kan een tijd duren -, krijgen de andere zones inspraak. Ik zou eens willen weten wat het Grondwettelijk Hof (ex-Arbitragehof) van een dergelijke discriminerende regeling vindt.

Privatisering openbare dienstverlening in hartje Kortrijk

Het is nog lang niet helemaal duidelijk welke opdrachten en bevoegdheden het BID zal krijgen. Het zal in elk geval om meer moeten gaan dan promotie-activiteiten zoals gezamenlijke reclamefolders. In de Amerikaanse voorbeelden zijn die zelfbedruipende districten opgericht om collectieve diensten op te zetten (bijvoorbeeld eigen straatvegers) en om verbeteringen aan te brengen in de openbare ruimte (zoals de aanleg van plantsoenen en van sjiekere voetpaden en het aanbrengen van btere verlichting). Als Stefaan De Clerck ook dat soort BID-activiteiten wil overplanten naar Kortrijk, is dat gewoonweg een privatisering van tal van opdrachten van de stedelijke overheid.

Het lijstje van mogelijke opdrachten van het BID wordt in het charter omschreven als volgt: "vrijwillig het initiatief nemen om de commerciële omgeving van het aan te duiden kernwinkelgebied aan te pakken, door het vestigen van een heffing voor [in de tekst staat 'om'] effectieve promotieversterkende initiatieven en publiciteit voor de kleinhandelaars, veiligheid en onderhoud ten voordele van het afgebakende gebied." De schrijfstijl is afschuwelijk maar het is toch duidelijk dat het zeker de bedoeling is 'veiligheid en onderhoud' en de aanpak van de commerciële omgeving uit de handen van de stad te nemen.

Die zelfbereddering van het district gaat erg ver. Zo krijgt het management van het winkelcentrum van Foruminvest de bevoegdheid om 's nachts de Sionstraat af te sluiten, met een heuse poort. Hoe zit het trouwens in het algemeen met de bewoners-niet-handelaars in dat district? Vallen zij ook onder het geprivatiseerde bestuur en de geprivatiseerde diensten? 

Stemrecht per vierkante meter in hartje Kortrijk

Voor de installatie van het BID Centrum Kortrijk zullen alle handelaars, eigenaars, sociaal-economische verenigingen en ondernemers uitgenodigd worden aanwezig te zijn of zich te laten vertegenwoordigen op een startvergadering. Op die vergadering zal niet iedereen evenveel stemrecht hebben. Er zal bij het verschaffen van stemrecht onder meer rekening worden gehouden met de oppervlakte van de zaak.

Dat betekent dat de stem van de grote winkels - neem nu C&A - zal doorwegen op die vergadering. Voor de stemming over de oprichting van een BID zal een systeem van dubbele meerderheid worden bepaald, maar het charter zelf geeft niet aan welk systeem daarbij zal worden gehanteerd - wat is de juridische waarde van een dergelijke vage 'overeenkomst? Gedacht wordt aan een telling waarbij de aanwezige stemmen worden geteld en waarbij een op die manier bereikte meerderheid slechts geldig is als die stemmen meer dan de helft van de winkeloppervlakte in het afgebakende gebied vertegenwoordigen. Dat zal nog een hele studie vergen.

Handelaars winkelcentrum Foruminvest: sinterklaas of zwarte piet?

Een laatste vaststelling is dat Foruminvest zelf (NV Sint-Janspoort) door het charter te ondertekenen wel een heel dikke duit in het zakje doet. Naast de 100.000 euro per jaar die Foruminvest van zijn handelaars zal eisen, is er nog volgende optelling te maken van andere dotaties: eenmaal een forfaitaire dotatie van 65.000 euro voor het centrummanagement van het SOK, 5 jaar naeen een jaarlijkse forfaitaire bijdrage van 75.000 euro aan de Stad voor het ondersteunen van startende bedrijven, vier jaar naeen 125.000 euro voor de 'structuur' Citymarketing Groot Kortrijk, een forfaitaire bijdrage van 375.000 euro aan de stad voor de ontwikkeling van Kortrijkl als designstad (125.000 euro onmiddellijk en 250.000 euro na drie jaar), 100.000 euro aan de stad voor een parkeergeleidingssysteem, en een participatie van 2 miljoen euro in een Pandenfonds, een filiaal van het SOK dat daar zelf ook een miljoen euro in stopt (daarover later meer).

Alles bijeengeteld komt dat op 2.290.000 euro direct te betalen en 1.125.000 euro in latere schijven. Nu, ik ben van oordeel dat een zo grootschalig project wel zijn deel mag bijdragen in de nevenkosten die de stad daardoor oploopt, bijvoorbeeld wat verkeers- en parkeerbegeleiding betreft. Maar daarbij moet men wel beseffen dat elke euro die Foruminvest in het project stopt, er ook dubbel en dik weer zal uitgewonnen worden. Een te gulle dotatie van Foruminvest aan de Stad en aan het SOK zou wel eens tot gevolg kunnen hebben dat de huur- en verkoopprijzen van de handelsoppervlakten in het winkelcentrum te duur worden voor de lokale handelaars.

 

29-09-07

De Kortrijkse 'Civiele' zal uiteindelijk zichzelf moeten evacueren

civiele1

Stad Kortrijk 'koopt' van het OCMW een grote loods met bijhorende gronden om er aan stadsinbreiding te doen. Het gaat om grond die ontsloten werd door de aanleg van de nieuwe Westelijke Binnenring in het kader van de Leieverbredingswerken. Het OCMW verhuurt loods en grond momenteel nog aan een vereniging die zichzelf uitgeeft als de Kortrijkse civiele bescherming maar als zodanig niet meer erkend wordt. Eerst moet het OCMW die vereniging nog zien te evacueren. Zal dat wel gemakkelijk gaan?

Carlos Mondy is een Kortrijkzaan van de allerhardnekkigste soort. Hij leidt als 'korpschef' de vereniging "Verbroedering Vrijwillige Agenten Burgerlijke Veiligheid Gewest Kortrijk", indrukwekkend afgekort tot: VVABVGK. VVABVGK sproot in de vroege jaren negentig van de vorige eeuw voort uit het Kortrijkse korps van de Civiele Bescherming. De Civiele Bescherming is een landelijk geleid en quasi militair georganiseerd hulpkorps dat naast politie en brandweer door de autoriteiten wordt gemobiliseerd bij grote rampen. Het korps werkt met een beroepskader dat wordt aangevuld met getrainde vrijwilligers. 

Korpschef-bezieler

In die jaren negentig besliste de minister van Binnenlandse Zaken dat de Civiele Bescherming in ons land moest geprofessionaliseerd worden. Ondanks de tomeloze inzet van mensen zoals Carlos Mondy vond men dat het Kortrijkse korps niet meer paste in een dergelijke organisatie. De erkenning werd ingetrokken. De korpschef-bezieler heeft zich daar nooit bij neergelegd. Zelf heb ik op zijn vraag nog de poten van mijn gat gelopen om 'Liedekerke' (het hoofdkwartier) van gedacht te doen veranderen. Het heeft niet gebaat. Integendeel. Men ging de werking van de Kortrijkse vereniging wat nauwer bekijken en er dreigden op een bepaald ogenblik vervolgingen als ... privé-militie. 

Carlos heeft er ten langen leste een mouw aangepast op zijn Carlos'. De club werd omgedoopt tot een vriendenkring die contacten blijft zoeken met de vriendenkringen van vrijwilligers van andere korpsen van de Civiele Bescherming. Van lieverlede deed men afstand van de officiële uniformen van de Civiele Bescherming en liet Carlos eigen uniformen ontwerpen en naaien, nog imposanter dan vroeger, met Zuid-Amerikaanse klasse als het ware. En waarlijk: na enige aarzeling van het stadsbestuur werd het 'vriendenkorps' met eigen vaandel en uniformen opnieuw toegelaten op patriottische parades, marcherend achter de korpsen van politie, brandweer en vaderlandslievende verenigingen. Een laatste schermutseling met 'Liedekerke' betrof het gebruik van oranje en/of blauwe zwaailampen op het rollend materieei van het vriendenkorps. Dat is voorbehouden voor de officiële instanties; maar tja, vloeken is ook verboden.

Het berokkent Carlos en zijn 'agenten' hartzeer dat zij nog zo weinig opgeroepen worden bij rampen in het Kortrijkse gewest. De autoriteiten houden het bij de officiële hulplkorpsen. Heel zelden is dat toch nog voorgevallen, bijvoorbeeld omdat men vlug een boot nodig had en wist dat de ex-Civiele er een bezat. Het 'vriendenkorps' is dan maar op zoek gegaan naar eigen opdrachten. En zo komt het dat Carlos en zijn manschappen soms wielerwedstrijden begeleiden of feesttenten bewaken.

Van hartzeer gesproken: een beetje beteuterd zag ik in 1994 Carlos verschijnen op de lijst voor de gemeenteraadsverkiezingen van de PVV (nu Open VLD). Ik had nochtans gedacht dat hij socialistische roots had. Bleek dat zijn vriendschap met Louis Bril, VLD-volksvertegenwoordiger en ooit bijna minister, toen voorzitter van de federatie van carrossiers, hem de stap naar de liberale partij hadden doen zetten. Carlos had zichzelf opgewerkt tot manager van een eigen carrosseriebedrijf in de Doornstraat en tot bestuurslid van de nationale federatie van carrosseriebedrijven. Nadat zijn bedrijfsgebouwen werden onteigend voor de Leieverbredingswerken trokken Carlos en zijn zoon naar de Wagenmakersstraat 2b om opnieuw te beginnen en de activiteiten uit te breiden. Thans is het bedrijf een heuse garage geworden, geleid door zijn zoon, succesvol concessiehouder van het wagenmerk Kia. De slogan is: Overal waar men rijdt langs Vlaamse wegen komt men Kia-Mondy tegen!

civiele3

Krakkemikkige hangar

Maar keren wij terug naar het 'vriendenkorps'. De VVABVGK huurt al van in de tijd toen ze nog echt bij de Civiele Bescherming waren een bedrijfsloods in de Meersstraat (nr. 20), eigendom van het OCMW van Kortrijk. Dat het OCMW daar eigenaar van is, is historisch. Op die plaats lag in lang voorbije eeuwen de 'dreef van de armen', een uitgestrekte strook braakliggende grond buiten de stadsmuren waarop de armen gratis hun geiten en schapen konden hoeden.

Die krakkemikkige hangar met indrukwekkende gevel wil het stadsbestuur slopen om de gronden, na de sanering die daar zeker nodig zal zijn, in te schakelen in grootse stadsontwikkelingsplannen. Door de aanleg van een nieuw stuk binnenring, de Westelijke Ring met de Ronde Van Vlaanderenbrug over de Leie, zijn daar ettelijke hectaren vrijgekomen voor stadsontwikkelingsprojecten. Toparchitect Stephane Beel tekende al een masterplan, met onder meer een hoog flatgebouw dat halvelings met zijn poten in de verbrede Leie zal staan. Ook het nieuwe hoofdkwartier van de politie komt in dat nieuwe stadskwartier.

civiele4

Het stadsbestuur heeft dan ook onlangs aan het OCMW voorgesteld om het gebouw van de ex-Civiele met bijhorende gronden over te nemen. De kosten die het OCMW reeds gemaakt heeft, blijven volgens dat voorstel voor rekening van het OCMW. Alle verdere kosten - de sanering! - zijn voor rekening van de stad. Als compensatie gebeurt de overdracht met gesloten beurzen, maar als de kosten van de stad lager blijken te zijn dan de geschatte grondwaarde, zal het verschil alsnog aan het OCMW overgemaakt worden. De stad gaat er dus vanuit dat de sanering meer zal kosten dan de grondwaarde.

Een voorwaarde voor dat scenario is dat het gebouw leeg is. En dat is niet zo; daar zetelt nog altijd Carlos en zijn korps. Het OCMW poogt al geruime tijd om zijn huurder buiten te krijgen, maar blijkens het verslag van het laatste overleg tussen de stad en het OCMW lukt dat niet.  Nu zal men van OCMW-zijde "de druk opvoeren op de zogenaamde 'Civiele Bescherming'om dit pand te verlaten" (verslag overlegcomité van 29 mei 2007). Gemakkelijk zal dat niet gaan, want ik zei het al: Carlos Mondy is een Kortrijkzaan van de allerhardnekkigste soort.

 

Civiele2
 

26-09-07

Bert Herrewyn: via Den Trap en De Kreun tot nationaal coördinator van Animo

berth1

Oud-scout Bert Herrewyn (28) begon zijn carrière in het jeugdwerk ooit als beroepstapper in het overbekende Kortrijkse jeugdcafé Den Trap. Volgende maand gaat hij voltijds aan de slag als nationaal coördinator van Animo - Jong Links, de jongerenbeweging van de sp.a. In de voorbije gemeenteraadsverkiezingen verraste Bert al wie hem niet kende met zijn opmerkelijk aantal voorkeurstemmen op de lijst sp.a. Sindsdien zijn wij collega's in de gemeenteraad en zo kon ik hem gemakkelijk strikken voor een interview. Een Kortrijkzaan aan het hoofd van de socialistische jongerenbeweging: wat mogen wij daarvan verwachten?

Bert, wat een belangrijke functie is dat waarin je benoemd bent?

Binnen een par weken ben ik voltijds nationaal coördinator van 'Animo -jong links', de jongerenbeweging van de sp.a. Tot dan benut ik mijn recuperatiedagen op mijn huidige werk, bij De Kreun, om al enkele dagen per week naar mijn toekomstige job in Brussel te sporen.

Je komt dus aan het hoofd te staan van een politieke jongerenbeweging. Zie ik dat goed? Vertel eens wat Animo eigenlijk is?

Animo - jong links is de jongerenbeweging van de sp.a. Het is een landelijk erkende jeugdwerkorganisatie, zoals bijvoorbeeld het Verbond van de Scouts er een is. In tegenstelling met jongerenclubs van andere politieke partijen heeft Animo zich wel degelijk uitgebouwd tot een organisatie met veel lokale groepen die aan jeugdwerk doen. Wij zijn meer dan een divisie van een partij. In ons activiteitenaanbod voor jongeren wordt natuurlijk wel ingespeeld op de interesse bij de jeugd voor de hedendaagse samenleving, de politiek in de breedste zin van het woord. Dikwijls wordt gezegd dat de jonge mensen afkerig staan tegenover de politiek. Het kan wel zijn dat zij zich niet direct aangetrokken voelen tot de partijpolitieke schermutselingen. Maar de jongeren willen zich wel mengen in de maatschappelijke debatten. Denk bijvoorbeeld aan de gevolgen van de globalisering, aan de nood aan een duurzaam gebruik van de aardse rijkdommen, enzovoort.

Wie bij de CD&V als lid jonger is dan 35 jaar, is automatisch ook lid van de jongerenorganisatie en omgekeerd. Bij Animo is dat niet zo. Je moet je zelf aansluiten bij de beweging. Een lidmaatschap van de sp.a is ook geen vereiste om lid te kunnen worden van Animo. Natuurlijk zijn de meeste leden ook lid van de sp.a. En Animo stimuleert de jongeren ook om partijpolitiek actief te worde, niet om de partij slaafs te volgen maar om kritisch mee te denken en te werken.

Animo heeft over de vijf Vlaamse provincies en in Brussel zowat 135 afdelingen. Sommige afdelingen werken in een bepaalde stad of gemeente, andere werken meer regionaal.

Mag ik Animo een recruteringsmachine van de sp.a bij de jeugd noemen?

Niet helemaal. Wij staan op onze onafhankelijkheid. Als jeugdorganisatie nemen wij autonoom standpunten in, die soms een andere richting uitgaan dan wat de partij naar voren schuift. Zeker leggen wij andere klemtonen, vertrekkend van wat bij onze leden leeft. Zo voeren wij al geruime tijd actie tegen de onbetaalbaar dure autoverzekeringen voor jonge chauffeurs. In het onderwijsdebat zijn wij regelrecht ingegaan tegen het voorstel van sp.a-minister Frank Vandenbroucke om het hoger onderwijs te gaan financieren volgens het aantal geslaagden in plaats van volgens het aantal inschrijvingen. Uiteindelijk is de maatregel heel wat afgezwakt.

En met een heuse campagne legden wij de vinger op een probleem waarmee heel wat jongeren geconfronteerd worden op het moment dat zij het ouderlijk nest willen verlaten. Je moet eens proberen met enkele vrienden gezamenlijk een huis te gaan huren en bewonen. Voor de sociale zekerheid ben je dan samenwonend en je verliest een groot stuk van je uitkering als je bijvoorbeeld werkzoekend bent. Iedereen kijkt met plezier naar Friends, maar in ons land zou dat feuilleton niet kunnen opgenomen worden; de RVA is ertegen!

Wat bezielde jou om te solliciteren voor de functie van nationaal Animo-coördinator?

Ik had werk, een interessante job bij De Kreun, en ik was eigenlijk nog lang niet op zoek 'naar een nieuwe uitdaging' zoals dat heet. Maar toen ik van die vacature hoorde, begon het onmiddellijk te kriebelen. Dat was nu eens een kolfje naar mijn hand. De job was mij als het ware op het lijf geschreven. Jeugdwerk is altijd al mijn passie geweest, ook als vrijwilliger en deelnemer, en bij Animo kon ik dat combineren met politieke activiteiten, nog iets waar ik verslingerd op ben. Zonder mij veel illusies te maken ben ik op dat jobaanbod ingegaan en tot mijn grote vreugde hebben ze mij gekozen.

Nu ik weet wat mij binnen veertien dagen concreet te wachten staat op het hoofdkwartier van Animo, ben ik er mij nog meer bewust van dat dit een buitenkans is. Ik krijg als coördinator alle mogelijkheden om mij volledig op een professionele manier uit te leven in het jeugdwerk. Op mij rust de verantwoordelijkheid de hele beweging te laten draaien. Dat houdt onder meer in dat de lokale afdelingen ondersteund moeten worden, dat er een aanbod aan interessante activiteiten moet uitgewerkt worden, dat er passende vorming moet aangeboden worden, enzovoort. Jaarlijks verwachten de 'animisten' een weekendbijeenkomst en een happening. Voorts onderhoud ik de perscontacten en sta ik in voor het financiële beleid.

In mijn opdrachten krijg ik ondersteuning van twee personeelsleden en - heel belangrijk! - van een vrijwilligersteam dat om de paar weken bijeenkomt. Ikzelf sta rechtstreeks onder leiding van het nationaal bestuur van Animo, waarvan ik uiteraard ook de vergaderingen moet voorbereiden en documenteren.

Je zegt dat je altijd gedroomd hebt van een loopbaan in het jeugdwerk. Welke sterke punten in jouw cv heeft jou aan het hoofd van Animo - jong links gebracht?

Heel mijn beroepsleven heb ik tot nu toe gewerkt met en voor de jeugd. In plaats van op zoek te gaan naar een diploma ben ik begonnen op de onderste sport van ... Den Trap. Den Trap is al lang dè ontmoetingsplaats bij uitstek voor scholieren in Kortrijk, gelegen in het Burgemeester Reynaertstraatje dat op vrijdagnamiddag verkeersvrij wordt gemaakt omdat het toch iedere keer weer volloopt met scholieren en studenten. In Den Trap heb ik twee jaar achter de toog gestaan om te tappen natuurlijk maar ook als aanspreekpunt voor die gasten. 

Nadien kon ik aan de slag als begeleider in het Jongerenatelier Kortrijk. Deeltijds lerende jongeren die niet in het reguliere circuit aan een (leer)job geraken, krijgen daar een kans om werkervaring op te doen. Alleen al de gewoonte verwerven om op tijd op het werk te komen en om er elke afgesproken dag te zijn, vergt nogal wat inspanning voor sommigen. Daar kreeg ik het houtatelier toegeschoven. Nu, ik had vroeger wel wat kennis opgedaan in de houtsector. Ook de pedagogische begeleiding en de teamwerking behoorden tot mijn taken. Bij het Jongerenatelier ben ik maar een half jaar gebleven omdat ik een nog interessantere job aangeboden kreeg bij De Kreun, als jongerencultuurwerker.

De Kreun1

De Kreun, de concertorganisator uit Bissegem uit het Vlaamse pop- en rockcircuit?

Marc, ik vrees dat je niet helemaal meer mee bent. De Kreun organiseert inderdaad concerten, maar doet zoveel meer. En we zijn indertijd wel ontstaan in Bissegem als jeugdclub, maar we hebben die site ondertussen verlaten. Het café van Brouwerij Haacht op de hoek van de Gullegemsesteenweg wordt nu gebruikt voor de repetities van de Concertharmonie Crescendo. De Kreun is met zijn concerten verhuisd naar het gebouw van de vroegere Limelight in de Persynstraat, achterkant Textielhuis. De bureaus van De Kreun zijn ondergebracht op het Conservatoriumplein in het vroegere gebouw van Radio 2, dat ooit moet verbouwd geraken als het Muziekcentrum van Kortrijk. 

De Kreun is een door de Vlaamse overheid erkende muziekclub, gesubsidieerd volgens het Kunstendecreet. De club organiseert niet alleen concerten, maar heeft ook educatieve activiteiten, maakt allerhande creatieve projecten mogelijk, dans en theater bijvoorbeeld, helpt groepjes zoeken naar repititieruimten, regelt de subsidieformaliteiten van jongerenprojecten, enzovoort.

In vier jaar tijd ben ik 'opgeklommen' tot verantwoordelijke voor de educatie. Het is - was - een heel boeiende job met uiteenlopende opdrachten. Zo kon ik diverse workshops organiseren voor muziekgroepjes, bijvoorbeeld over hoe ze muziek moeten opnemen en een demo kunnen maken op pc, of meer zakelijk: hoe ze moeten omspringen met de fiscus, hoe ze wat geld kunnen overhouden aan hun optredens, hoe ze hun auteursrechten kunnen incasseren bij Sabam, enzovoort. Ook hield ik mij bezig met vrijwilligersbeleid. En was ik projectleider van het grensoverschrijdend project Passe-Partout. Met EU-steun werkt De Kreun nauw samen met collega's in het noorden van Frankrijk en uit het Doornikse: we wisselen artiesten uit en promoten elkaars activiteiten.

Als ik het goed versta, houdt De Kreun nu kantoor in het gebouw aan het station dat ooit het Kortrijkse Muziekcentrum moet worden.  Wat is de verhouding tussen De Kreun en die toekomstdroom?

Die droom heeft zelfs al een naam gekregen van het bestuur van het  Muziekcentrum: Track - het Engels voor spoor zowel gebruikt in verband met treinen als in de muziekproductie. Het is de bedoeling dat met financiële en logistieke steun van de stad alle regionale muziekactiviteiten worden bijeengebracht in het voormalige gebouw van Radio 2. Ik heb het dan over alle genres voor alle leeftijden. De Kreun gaat daarin mee, maar ook bijvoorbeeld Vlamo, de organisatie voor amateurmuziekbeoefening onder leiding van Filip Santy, die vooral ondersteuning geeft aan brassbands, Jeugd en Muziek, Euterpe voor de klassieke muziek, etcetera. Het centrum moet op de duur ook repetitieruimten aanbieden en studio's voor opnames.

Als het ooit afgeraakt, zal je op één site aantreffen: het conservatorium in het aansluitende gebouw, De Kreun, de gerenoveerde concertstudio, en alle mogelijke muziekorganisaties en hun kantoren. De modernisering van de concertstudio is volop aan de gang. In een volgende fase worden repetitieruimten ingericht; daar bestaat een heel grote nood aan in het Kortrijkse - je kan niet zomaar overal in onze dichtbewoonde streek met elektrische gitaren en overdovende drums aan het oefenen slaan. Ik zie er heel veel in, in Track, maar het gaat niet zo vlot zoals het volgens mij zou kunnen en moeten gaan. De deelnemende organisaties en instanties komen geregeld samen, maar dan gaat het uitsluitend over bouwwerken en aannemers en helemaal niet over het opstarten van een heuse (samen)werking. Precies die samenwerking zou voor een groot stuk de inrichting en indeling van het gebouw moeten bepalen.

Keren wij even terug naar jouw ervaringen met het jeugdwerk. Zijn die begonnen aan de tap van Den Trap of was je al een actieve jongen toen je nog in korte broek rondliep?

Marc, die korte broeken, was dat niet meer iets uit jouw jeugd, eeuwen geleden? Nee, ik heb mij met veel plezier kunnen uitleven in verschillende jeugdorganisaties. Op mijn zesde verhuisden wij van Harelbeke naar Heule. Ik werd er lid van de scouts, de groep Robrecht van Bethune met lokaal op de Schakeldries. De groep werd - nogal voorspelbaar - gepatroneerd door Emmanuel baron de Bethune van Marke, je weet wel: de burgemeester geweest. Dat heeft mijn persoonlijke politieke keuze niet erg beïnvloed, moet ik toegeven.

Bij de scouts werd in leider en groepsleider. In Heule ging ik ook aan de slag in Jeugdhuis Quo Vadis in de Mellestraat bij het kerkhof. Daar heb ik optreden leren organiseren, een vaardigheid die mij goed van pas kwam bij De Kreun. Vanuit die activiteiten verzeilde ik als vanzelf in de Kortrijkse jeugdraad, dan in het dagelijks bestuur van de jeugdraad en uiteindelijk werd ik na twee jaar voorzitter. Ik ben tot augustus 2004 jeugdraadvoorzitter gebleven, een opdracht waarin ik van nabij kennis maakte met het jeugdbeleid en de politiek in het algemeen in stad Kortrijk.

Nu we het over politiek hebben: is jouw interesse beperkt gebleven tot het toch zo grote Kortrijk?

Hahaha neen. Kortrijk, groot-Kortrijk - Heule zeker niet te vergeten - ligt mij heel nauw aan het hart. Maar ik kijk ook graag wat over de stadsgrenzen. Zo ben ik mij, naast mijn andere bezigheden - een jong mens moet iets doen als hij geen school meer loopt - ook de Noord-Zuidorganisatie Vredeseilanden beginnen aan te trekken in onze regio. Die ruimere horizon beviel mij zo uitstekend dat ik enkele jaren plaatselijk campagneleider van Vredeseilanden was, in opvolging van de bijna legendarische Stan Callens (de Mailingman).

Wij organiseren jaarlijks de inzamelingscampagne die je wel al bent tegengekomen aan de ingang van de grootwarenhuizen of op drukke punten in de stad. Het geld gaat naar projecten in het Zuiden. Het jaar door verschaffen wij ook informatie over de Noord-Zuid-problemen en houden wij bewustmakingsacties. Zelf kreeg ik in 2005 de kans om als vrijwilliger op eigen kosten op bezoek te gaan bij enkele van onze projecten in Ecuador. Volgend jaar hoop ik met enkele vrienden van Vredeseilanden naar Nicaragua te trekken.

Maar keren wij terug naar jouw keuze voor de socialistische beweging. Dat is toch niet vanzelfsprekend met jouw achtergrond?

Wel, in 2004 heb ik mij, na mijn afscheid als voorzitter van de jeugdraad, aangesloten bij Animo, de jongerenbeweging van de sp.a. Ik heb dat bewust gedaan, hoewel ik helemaal niet uit een politiek nest ben gerold. Na mijn ervaringen wilde ik voortwerken aan jeugdbeleid. Mij aansluiten bij een politieke jongerenbeweging leek mij daarvoor ideaal. En ik heb dus een round-up gemaakt van de bestaande mogelijkheden. 

Ik zocht een partij die opkomt voor de zwakkeren in onze samenleving en die ernaar streeft iedereen gelijke kansen te bieden. Ik vond dat meer bij de sp.a dan bij andere 'kanshebbers'. De CD&V boodt mij een te zwak profiel: voor wie staan ze nu echt? Groen! kon mij bekoren met zijn ecologisch uitgangspunt - bij Vredeseilanden heb ik genoeg gezien dat wij duurzaam moet omspringen met de aardse rijkdommen - maar de groene partij is te veel een one-issuepartij; ze hebben te weinig aandacht voor de sociale problemen. De sp.a is veelzijdiger en dat trok mij het meest aan.

In de voorbereiding van een ideologisch congres heb ik mij in de sp.a  ingeschakeld in de 'pro-werkgroep' armoede, waarvan ik co-voorzitter werd samen met Jacynta De Rouck. Eind 2005 trad ik vanuit Kortrijk toe tot het nationaal bestuur van Animo. Logischerwijze kwam sp.a-Kortrijk - dat weet je nog wel, Marc - mij in 2006 vragen om op de lijst te staan voor de gemeenteraadsverkiezing en ik geraakte waarempel verkozen. Maar ik ben niet in de eerste plaats voor mandaten in de politiek gestapt. Ik wil werken op alle niveaus; en Animo, zowel de Kortrijkse afdeling als nationaal waar ik nu ga werken, ligt mij daarbij het nauwst aan het hart.

Als gemeenteraadslid zitten wij elke maand samen op de oppositiebanken in het stadhuis. Je bent nu al een half jaartje lid van de gemeenteraad. Wat vind je ervan?

Goh, ik vind het wel boeiend. je krijgt er echt contact met het beleid van de stad; je zit op de voorste rij als de dossiers passeren. Je kan iets doen voor de mensen; al ben je als in de oppositie vooral aanspreekpunt voor de burger en controleur van het bestuur, meer dan directe bestuurder. 

Toch is het niet helemaal zoals ik het verwacht had. Ik heb nogal wat aanmerkingen op de werking van de gemeenteraad. De werking is er niet op afgestemd om de gemeenteraadsleden het best te laten werken. de voorbereiding van de raden, de commissievergaderingen, de communicatie, dat is nog allemaal niet zoals het zou moeten. Neem nu de manier zoals er in de gemeenteraad geantwoord wordt op vragen van raadsleden: dat is veelal ontwijkend en vergoelijkend. Een echt debat komt er heel weinig los. En wat mij nog het meest steekt, is dat de mensen nauwelijks op de hoogte zijn van wat de gemeenteraad doet en wat het belang ervan is. Nochtans worden daar heel belangrijke beslissingen getroffen die iedereen aanbelangen. Enfin, ik moet niet klagen; ik weet wat te doen in de komende jaren, zowel in Kortrijk als in Brussel

10:31 Gepost in Algemeen | Permalink | Commentaren (1) | Tags: animo, sp a, interview |  Facebook |

25-09-07

Moorseelsestraat: buurtleven of camiongedruis?

 

Binnenkort wordt duidelijk wat stad Kortrijk van plan is met de omvangrijke site van de gewezen CallensTextielfabriek in de Moorseelsestraat. Dat beloofde de burgemeester gisteren op de gemeenteraad na een vraag van mij. Het gaat om anderhalve hectare verkommerde fabrieksgebouwen en laadkoeren. Mijn voorkeur blijft ernaar uitgaan om die gronden, eventueel met hergebruik van de interessantste panden, bijvoorbeeld het kantoorcomplex, te gebruiken voor woondoeleinden. De buurt kan een impuls van nieuwe woongelegendheden goed gebruiken. Het stadsbestuur blijft veeleer opteren om daar alle technische stadsdiensten te groeperen. Is een locatie in het midden van een dichtbevolkt woonblok aan een al drukke verkeersweg daartoe wel de geschikste plaats?

De gemeenteraad heeft gisteren, 24 september 2007, een magazijn van de bedrijfsgebouwen van de gewezen Callens Textielfabriek tijdelijk ter beschikking gesteld van de handelaarsvereniging 'Hartje Kortrijk'. Hartje mag er zijn kerstverlichting, vlaggen en spandoeken opbergen, tot de stad besluit het gebouw te slopen. Door het toestaan van dat kortstondig gebruiksrecht (minstens 2 jaar, tegen 125 euro per maand) hoopt het stadsbestuur te ontsnappen aan de taks op leegstaande bedrijfsgebouwen. Volgens mij is dat ijdele hoop, maar de wonderen zijn de wereld niet uit. Ik denk niet dat de taxateur zich zal later vermurwen door een gebruik van 1% van de leegstaande (èn verkrottende) bedrijfsoppervlakte. De site Callens beslaat 1,5 hectare (14.617 m², dat is een stuk meer dan twee volwassen voetbalvelden); het magazijn voor Hartje is 150 m² groot.

De site Callens, Moorseelsestraat-Vlasbloemstraat, Kortrijk-Heule, is vorig jaar door de stad aangekocht op een openbare verkoop, tegen de prijs van 506.200 euro. Dat geslaagde bod op deze uitgestrekte grond in de stedelijke agglomeratie was te danken aan puik prospectiewerk van het Stadsontwikkelingsbedrijf - zeg maar directeur Trui Tijtgat - en een vluchtig onderzoek van de intercommunale Leiedal.

Elke keer dat de site ter sprake kwam in de gemeenteraad, heb ik erop aangedrongen dat de goedkoop aangekochte gronden zouden gebruikt worden voor woondoeleinden. De fabriek ligt op de grens van het kwijnende Kortrijkse stadsdeel Overleie en de meest verstedelijkte hoek van Heule (Haantjeshoek), niet direct de meest riante hoek van de stad. Die buurt, doorsneden door een drukke verkeerader als de Moorseelsestraat, heeft nood aan nieuwe impulsen. 

Leiedal heeft die optie evenwel van meet af aan afgewezen na haar oppervlakkige verkenning van de site. Zo vreest de intercommunale dat de gronden vervuild zijn. Volgens mij is dat slechts een veronderstelling, want bij Callens en zijn voorganger Weyers werd alleen geweven (ameublementstoffen vooral) en niet geverfd. Bovendien is grondsanering subsidieerbaar. Het terrein, op loopafstand van het stadscentrum, is uitermate goed gelegen voor enkele mooie woonprojecten. Voor huisjes met tuintjes voor jonge gezinnen is daar genoeg plaats, zonder een vierkante meter extra open ruimte te moeten aansnijden.

Het stadsbestuur koestert echter andere plannen. Men zou daar magazijnen en depots willen inrichten voor de technische uitrusting van diverse stadsdiensten. Dat zou de stad de gelegenheid geven om zijn gebouw in de Stasegemsesteenweg, de gewezen Kortrijkse Textielmaatschappij, waar nu onder meer de dienst feestelijkheden zit met zijn zwaar materiaal, van de hand te doen om de stadsfinancies op te smukken. Maar voor de Callensbuurt biedt een dergelijke optie geen enkele meerwaarde. Er komt geen nieuw leven in de wijk, maar het aan- en afrijden van stedelijke vrachtwagens zal de hoge verkeerdrukte alleen maar verergeren.

In de gemeenteraad van 12 juni 2006 werd beslist dat het stadsbestuur een beperkte studieopdracht mocht uitschrijven om de mogelijkheden van de site in kaart te brengen (een opdracht van 24.900 euro). Gelukkig stond in de opdracht ook dat de buurtbewoners daarbij moesten betrokken worden, en dat de uiteindelijke voorstellen een meerwaarde moeten hebben voor de omgeving. 

Op mijn vraag hoever het stond met dat onderzoek antwoordde de burgemeester in de voorbije gemeenteraad dat die studie in haar eindfase is aanbeland. Binnenkort wordt aan de gemeenteraad de eigenlijke ontwerpopdracht voorgelegd voor de verbouwingen of de afbraak en nieuwbouw op de site. Hier komen wij zeker nog op terug.

08:29 Gepost in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

23-09-07

Zwaluwen in Kortrijk: mag het iets meer zijn, a.u.b.

zw1

Opnieuw heeft het stadsbestuur van Kortrijk 14 premies uitgereikt voor de bescherming van zwaluwnesten. Dat zijn er minder dan vorig jaar.  Misschien moet Kortrijk een tandje bij steken om te voorkomen dat de zwaluwen binnenkort uitgestorven geraken op zijn grondgebied.

In de vorige bewindsperiode is het nog op voorstel van sp.a-schepen van milieu Philippe De Coene geweest dat de gemeenteraad een premiereglement ter bescherming van de zwaluwnesten heeft goedgekeurd (14 maart 2005). De razendsnel achteruitgaande vogelsoort bouwt zijn nesten onder goten en afdaken met een mengsel van modder, mest en spuug. Op zichzelf is dat soms al voldoende om de menselijke eigenaars van de gevels waartegen de nestjes worden geplakt, ertoe te brengen 'die vuiligheid' op te ruimen. Bovendien zijn de vogeltjes in kwestie zelf uiterst proper en ze deponeren hun eigen uitwerpselen netjes over de rand van het nest, pardoes op het terras van hun menselijke buren. Dat samenlevingsprobleem kan heel gemakkelijk opgevangen worden door onder het nest een plankje aan te brengen. Maar niet iedereen is bereid die moeite te doen.

Om meer mensen te overhalen tot enige verdraagzaamheid ten opzichte van de zwaluwen, is er een stedelijke premie tot "het beschermen van huis-, boeren- en gierzwaluw". Vorig jaar werden daartoe 20 aanvragen gehonoreerd; nu slechts 14. Het totale uitbetaalde premiebedrag is geslonken tot 589 euro. De achteruitgang kan te wijten zijn aan verschillende oorzaken. Is de premie wel voldoende bekend? Het is opvallend dat zowat de helft van de aanvragers landbouwers zijn. De landbouwersorganisaties hebben blijkbaar hun leden goed op de hoogte gebracht.

Anderzijds hebben lang niet alle aanvragers van een jaar geleden opnieuw de premie aangevraagd. Dat kan erop wijzen dat veel oude nesten onbewoond zijn gebleven. Is dat een gevolg van de weersomstandigheden - zeg maar hete lente en verzopen zomer? In elk geval wijst dat er geenszins op dat de zwaluwenpopulatie zich aan het herpakken is op het grondgebied van onze stad.

In het jongste nummer van Natuur.blad, het trimestrieel magazine van Natuurpunt, wordt op het probleem van de verdwijning van de zwaluwen ingegaan (p. 30-31). De overkoepelende natuurbeschermingsorganisatie heeft ervaring opgedaan met twee eenvoudige maar doeltreffende maatregelen. Vooreerst blijkt er in onze contreien een tekort te zijn aan ... modder. Zonder het kleverige mengsel van water en aarde kunnen de zwaluwen geen nestjes tegen de gevels metsen. Experimenten met aangelegde en natgehouden modderpoelen leverden schitterende resultaten op. Tientallen broedparen extra maakten er gebruik van. Die poelen liggen het best op een twintigtal meter van een overkraagde muur.

Een tweede succesvol experiment bestond uit het aanbrengen van kunstnesten, zowel halfafgewerkte als afgewerkte kuipjes die gemakkelijk onder een goot of afdak kunnen bevestigd worden. Het spectaculairste experiment werd uitgevoerd in Mechelen. De gevel van het casino Golden Games op het Rode Kruisplein moest er herschilderd worden en daartoe moesten 40 natuurlijke zwaluwnesten verdwijnen. Zij werden na de schilderwerken vervangen door 60 kunstnesten. Onmiddellijk werden die nesten bevolkt door broedparen, die zelfs het moment niet afwachtten tot de stellingen van de aannemer waren verdwenen. Je kan een kunstnest kopen bij Natuurpunt tegen 10 euro.

Stad Kortrijk zou uit die experimenten kunnen leren. Het premiereglement - dat sinds 2005 door verscheidene gemeenten werd gekopieerd - zou bijvoorbeeld kunnen uitgebreid worden met premies voor de aanleg en het nathouden van modderpoelen op nuttige afstand van mogelijke broedplaatsen voor zwaluwen. Ook zou de aanschaf van kunstnesten kunnen gesubsidieerd worden. En wat houdt er de stad tegen om tegen geschikte stadsgebouwen zelf kunstnesten aan te brengen of in stadsparken enkele modderpoelen te realiseren?

Intussen een dikke proficiat aan de verkrijgers van de premie ter bescherming van de nesten van huis-, boeren- en gierzwaluwen:

- de heer Bart Clement, IJzerhandstraat 2, Bellegem

- de heer Geert Danneels, Ooievaarsnest 10, Bellegem

- de heer Philippe Debode, Sint-Denijseweg 75, Kortrijk (foto)

- mevrouw Jacqueline Dekyvere, Izegemsestraat 181, Heule

- de heer Roger Delchambre, Brumierstraat 4, Aalbeke

- mevrouw Hilde Demets, Kortrijksestraat 195, Heule

- de heer Johan Deprauw, Kruiskouter 50, Bissegem

- de heer Germain Desmet, Molentjesstraat 82, Kooigem

- de heer Paul Desmedt, Ronksdreef 5, Kortrijk

- mevrouw Laurette Mareel, Beeklaan 15, Kortrijk

- mevrouw Jenny Six, Brugsesteenweg 149, Kortrijk

- de heer Patrick Soenen, Luignestraat 37, Aalbeke

- mevrouw Benedicte 'tJoen, Guido Gezellestraat 49, Heule

- de heer Bernard Vandecasteele, Kreupelstraat 28, Bellegem 

 

 

08:30 Gepost in Algemeen | Permalink | Commentaren (4) |  Facebook |