11-03-12

Zondags Kortrijk (ansicht 21)

Elke zondag een bijzonder prentje, een ansicht van Kortrijk.

site Callens 1.JPG

Persoonlijk had ik liever een woonwijk gehad achter de Moorseelsestraat en de Vlasbloemstraat. Maar het nieuwe gebouw dat er nu staat, waarin bijna alle technische diensten van de stad zijn bijeengebracht, is wel een van de mooiste realisaties van de stad in de voorbije tien jaar. Een prentje waard!

Ooit werden in de Moorseelsestraat 102, op de grens tussen de Kortrijkse laagstad Overleie en de Heulse wijk Haantjeshoek, ameublementstoffen geweven. Eerst door de firma Weyers (1923), later na overname in 1927 door Callens Textielfabriek NV. Toch eigenaardig dat een dorp zoals Moorsele met een straatnaam is bedacht in Kortrijk. Wel, dat heeft een reden: eeuwen geleden lieten de Kortrijkse vlasverwerkers bijna al hun linnen kleuren in Moorsele! Het is dus al langer een druk bereden weg.

callens4.JPG

Callens wierp tientallen jaren hoge ogen op de internationale textielmarkten, ook door zijn vroeg gebruik van nieuwsoortige garens. De stoffen, waarmee vooral matrassen en zetels werden bekleed, werden ter plekke ontworpen. Maar na de gouden jaren zestig ging het langzaam bergaf, ook al omdat men in de Moorseelsestraat bleef zweren bij de ingeburgerde dessins met ambachtelijke toets (medaillon- en gobelinweefsels). Eind december 2002 werden de boeken ingediend. Daarbij verloren toch nog 33 mensen hun job.

Sindsdien stond het fabriekspand, een site van 1,5 hectare voor twee derden bebouwd, te verkommeren. De fabriek had van die typische zaagtanddaken (sheddak) met belichting uit het noorden (altijd dezelfde lichtsterkte). Erbovenuit torende een hoge fabrieksschouw, een echt 'belfort van de arbeid' - jammer dat men die schouw niet heeft laten staan als aandenken aan de plek waar zoveel mensen in de textielnijverheid hun zweet hebben gelaten. Aan de Moorseelsestraat zelf stond een karaktervol bureaugebouw, met daarin stalen ramen van de even Overleise smederij Halsberghe Gebroeders. Van die typische textielfabriek schiet niet veel meer over. Wel heeft men ter afscheiding van de achtertuinen van de huizenrij in de Moorseelsestraat de fabrieksmuren laten staan, met steunberen en al. Dat geeft dan toch nog een zekere herinnering aan de grote fabriek die er ooit zoveel mensen uit de buurt werk verschafte.

site Callens 2.JPG

De curatoren van Callens organiseerden in 2005 een openbare verkoop van de fabriek. Na puik prospectiewerk van het Stadsontwikkelingsbedrijf SOK en een vluchtig onderzoek naar de mogelijkheden door de intercommunale Leiedal deed de stad een bod. De stad won de openbare verkoop en kocht het bedrijfspand tegen 502.200 euro. Hoewel ik diverse keren in de gemeenteraad erop aandrong om op de verworven 1,5 ha bouwgrond een nieuwe woonwijk te laten ontwikkelen, verkoos het stadsbestuur daar zijn technische diensten te centraliseren. Na enig buurtprotest, waarin Axel Weydts, toen nog politiek niet actief maar intussen lokaal sp.a-voorzitter, mee aan de koord trok, werd er toch ook aandacht besteed aan de opwaardering van de wat verkommerde buurt.

Een architectuurwedstrijd (drie deelnemers, elk 8300 euro) leverde het Kortrijkse bureau Architecten en Ingenieurs D'Hondt (Beneluxpark) op als laureaat. In samenwerking met architect Carl Claeys ontwierp het bureau een elegant gebouw in prefabbetonplaten "afgewerkt met verfijnde geïsoleerde sandwichpanelen". D'Hondt hanteert als leuze: "Venustas firmitas utilitas" (schoonheid, stevigheid en bruikbaarheid). Dat is een adagio van Vitruvius (Romeins militair architect, 85-20 voor Christus, schrijver van het klassieke standaardwerk 'De architectura'). In de site Callens zijn die vrome voornemens zichtbaar toegepast.

site Callens 3.JPG

Op het dak van het gebouw staan genoeg zonnepanelen om niet alleen zichzelf van voldoende stroom te voorzien maar ook het nabijgelegen Sportcentrum Wembley. Het regenwater van de uitgestrekte daken wordt gebruikt voor de besproeiing van het openbaar groen in de stad.

Het gebouw heeft zowat 5,5 miljoen euro gekost. De bouw ging van start in februari 2011 en is onlangs voltooid. De hoofdaannemer was Desiré Stadsbader-Flamand. Studiebureau Boydens, Brugge, tekende voor de technieken. De veiligheidscoördinatie was in handen van W&B, Roeselare. Six bvba deed de loodgieterij, Electrolyse bvba de elektrische installatie, Schindler nv de goederenlift en Vandenabeele nv de garage-inrichting.

Tot voor kort sprak men altijd over de 'Site Callens'. Maar het gebouw is in alle stilte herdoopt tot 'Depot 102'. Het pand biedt inderdaad onderdak aan niet minder dan zes eerdere stadsdepots (stapelplaatsen). 102 is het nummer dat Callens Textielfabriek had in de Moorseelsestraat. In Overleie spreken de oudere generaties evenwel nog altijd over 'Te Kaljes' als zij het over die site hebben. Was dat geen mooiere naam geweest? 'Depot 102' is trouwens de naam van een al eerder bestaande internethandel van tuinmeubelen in Izegem. Als daar maar geen proces van komt!

En wat heel raar is, ook in Izegem heeft het stadsbestuur een 'Site Callens' ontwikkeld, de gronden van een gewezen houthandelaar. Daar heeft men wel een op wonen gericht inbreidingsproject gerealiseerd. De woonwijk kreeg de naam 'De nieuwe wereld'.

Depot 102.JPG

De commentaren zijn gesloten.