19-02-12

Zondags Kortrijk (ansicht 18)

Elke zondag een bijzonder prentje, een ansicht van Kortrijk.

villa rozenkrans 1.JPG

Deze ansicht wordt binnenkort misschien een oude postkaart, met een prent van hoe het ooit is geweest.

De kasteelachtige villa van Baldewijn Steverlynck moet binnen afzienbare tijd waarschijnlijk plaatsmaken voor een zoveelste flatgebouw. Er is nog wat verzet van het Vlaamse Gewest. Ook de buurt, ooit het 'miljoenenkwartier' van Kortrijk, staat op zijn achterste poten. Het imposante gebouw staat op de Vlaamse lijst van het bouwkundig erfgoed maar heeft bovendien heel wat betekenis in de Kortrijkse (economische en sociale) geschiedenis. Toch wel jammer dat het veroordeeld lijkt. 

Wijkstichter

De villa is in 1947 gebouwd in opdracht van textielmagnaat Baldewijn Steverlynck (1893-1976). Het hele bouwblok tussen de uit Kortrijk wegstromende Leie, de Leopold III-laan - de naam van die avenue met groene middenberm was al een politiek statement op zich! - en de Sint-Elooisdreef, was trouwens van hem. Met zijn omvangrijk gezin bewoonde hij voorheen het 'Rootershof', de tot villa omgebouwde hoeve 'Coucke's Hof' in de Sint-Elooisdreef, ook met zicht op de Leie. Van dat kroondomein met zijn parkachtige tuin vol kunstwerken en een groot zwembad, zijn na zijn overlijden overigens stelselmatig stukken bouwgrond weggesneden, veelal voor de bouw van moderne flatgebouwen in min of meer de stijl van villa Rozenkrans.

villa rozenkrans 2.JPG

Steverlynck moet veel geld hebben verdiend met het verkavelen van heel wat hectaren landbouwgrond buiten zijn eigen domein op de noordelijke oever van de Leie tussen Kortrijk en Kuurne. Niet voor niets werd hij door bisschop Emile-Jozef De Smedt in 1958 bij de eerstesteenlegging van de Pius X-kerk als 'wijkstichter' ('condictor vici') gedecoreerd met het gulden kruis van Sint-Donatius - maar toch ook wel omdat hij uit zijn onmetelijk vermogen had geput ten voordele van het bouwfonds van de nieuwe kerk.

Op de oever aan de overkant van de Leie stond Baldewijn Steverlynck overigens ook aan de wieg van de Vlaamse eliteclub Wikings (1923) en was hij eigenaar van de stroomafwaarts aangrenzende ruitersclub (waarvan de hectaren nu zijn ingenomen door een van de telgen van Kinepolisfamilie Bert).

steverlynck.JPG

BST

De bouwheer was een hyperactief ondernemer van het type innovator, bijna een exact voorbeeld van wat de beroemde econoom JA Schumpeter voor ogen had. Hij startte als textielingenieur in De Stoomweverij Gebroeders Steverlynck van vader en oom. Van daaruit bouwde hij een waar imperium uit.

Zo richtte hij in de Stasegemsestraat NV Groeninge Ververij op (fabriek thans gedeeltelijk omgebouwd tot luxelofts), waar hij nieuw ontwikkelde kleurstoffen aanwendde die vlasgarens kleurvaste tinten gaven. In een vleugel van de Leiewatermolens in Harelbeke maakte hij waspoeder (1930, merk Ozonia). In Ieper voorzag hij de weefgetouwen Picanol van het nodige kapitaal. In de Minister Liebaertlaan in Kortrijk, weeral aan de Leie, vormde hij de stoomweverij om tot de fabriek BST, waar onder meer breigarens werden gesponnen. In het glas-in-loodraam in de art-deco-gevel van 1935 staat BST voor Belgian Sewing Threat, maar niet toevallig zijn dat ook de beginletters van Baldewijn Steverlynck.

Zeer vlaamsgezind stichtte hij samen met Lieven Gevaert het Vlaams Economisch Verbond, waarvan hij in 1934 voorzitter werd (tot hij door de Duitse bezetter in 1940 werd afgezet). In 1928 richtte hij samen met Leon Bekaert het Verbond van Katholieke Werkgevers voor West- en Oost-Vlaanderen op. In 1934 lag hij mee aan de basis van de Kredietbank, waar hij toetrad tot de raad van 'beheer'.

Kinderzegen

Enzovoort. Vermeldenswaard is nog dat hij in 1937 samen met andere Vlaamsgezinde industriëlen en intellectuelen de oproep ondertekende voor de stichting van De Vlaamsche Kinderzegen, een flamingantisch-katholieke concurrent voor de Bond van Kroostrijke Gezinnen (Gezinsbond nu). De Kinderzegen werd ontbonden in 1945 na te veel genante steun van de bezetters tijdens de Tweede Wereldoorlog. Baldewijn Steverlynck was gezegend met niet minder dan dertien kinderen: vijf bij zijn eerste echtgenote (Isabelle Rodenbach, die overleed in 1929) en acht bij zijn tweede vrouw (Cecile Van Dycke, die meer dan honderd jaar zou worden).

Opvallend aan villa Rozenkrans is het reusachtige zadeldak met vooraan twaalf opvallende mansardes (en achteraan nog een zestal) - een aparte kamer voor elk van zijn kinderen, zei mijn vader altijd. Het pand bepaalt het deftige voorstadsgezicht dat men ondergaat op de nieuwe Groeningebrug en in de omgeving van het Leiemonument. De villa is ontworpen in neo-Vlaamse-renaissancestijl door de Brugse architect met Kortrijkse roots Luc Viérin. De bouwmeester tekende onder meer ook voor de restauratie van het stadhuis van Kortrijk (1959-1962). De voordeur van de villa is gedecoreerd met een zwierige madonna.

villa rozenkrans 3.JPG

Frankignoul

Hoe traditioneel het uitzicht van het familiehuis ook is, het verbergt moderne bouwtechnieken. Zo is het gefundeerd op Franki-palen. Die in de grond gevormde betonnen funderingspalen zijn een uitvinding van Edgar Frankignoul bij het begin van de jaren 1900. De villa van Steverlynck had dergelijke stevige basis nodig want hij is gebouwd op een van Kortrijks vroegere 'vettekaaien', afvalstorten.

De toestemming van het Kortrijkse stadsbestuur, CD&V-OpenVLD, om de villa te slopen stuit op hevige afkeuring van (industrieel) erfgoeddeskundige Adriaan Linters. Op Facebook schrijft hij: "Opgenomen in de vastgestelde inventaris van het bouwkundig erfgoed, maar voor de stad niet belangrijk... "Dat dit geen beschermd monument is, heeft een reden", zo zegt schepen van Ruimtelijke Ordening Wout Maddens (OpenVLD). "Het schepencollege heeft eind vorig jaar de afweging gemaakt dat een nieuw project verantwoord is als het van uitstekende architecturale kwaliteit is." Vlaanderen heeft maar een 12.000 beschermde monumenten (Amsterdam zowat 25.000). De vastgestelde inventaris wil aantonen wat belangrijk is en bij overheden en burger een mentaliteit pro erfgoed creëren. Als dat door schepenen en lokale overheden systematisch ondergraven wordt, dan is het erg gesteld. [...] Omdat er van de buurt druk is tegen de sloping van Villa Rozenkrans en vervanging door een appartementsgebouw, durft men niet onmiddellijk "sloop maar" te zeggen. Er moet "iets beters" komen. Wat dat in Kortrijk betekent, kunnen we op veel plaatsen in de stad zien. "Gestapelde containerdozen" volgens buurtbewoners...".

Commentaren

Op die tweede foto doet de Leie haar naam van Golden River echt wel eer aan! Hoe is jou dat gelukt?

Gepost door: polo | 25-02-12

Tiens, pas nu valt mij dat ook op, die gouden schijn in het water. Was er mij helemaal niet van bewust op het moment dat ik de foto nam. Magisch toeval?

Gepost door: marc | 25-02-12

De commentaren zijn gesloten.