28-11-11

Onenigheid in Kortrijks stadsbestuur legt ook Politiezone Vlas lam

PZ VLAS.JPG

Na stad Kortrijk zal nu ook de Politiezone Vlas het in de eerste maanden van 2012 moeten stellen zonder begroting. Ook de politie zal moeten leren leven met de beperkingen van de voorlopige twaalfden. Dat bleek op de politieraad van 28 november jl. Een interventie, die door niemand was verwacht, ook niet door burgemeester Lieven Lybeer, van Alain Cnudde (in Kortrijk schepen maar in de politieraad gewoon lid) liet de meerderheid beslissen het eerste agendapunt, goedkeuren van de begroting voor 2012, voor onbepaalde tijd uit te stellen. Volgens burgemeester Lybeer, tevens voorzitter van de politieraad, is de reden dat Kortrijk als medefinancierend bestuur, zelf nog geen goedgekeurde begroting heeft. In de wandelgangen verneem ik dat de echte reden de grondige tweedracht in het Kortrijkse stadsbestuur is. Alvast het dossier van de veiligheidscamera's loopt hiermee vertraging op.

Uitstel begroting

Vanavond was het politieraad van de Politiezone Vlas (Kortrijk, Kuurne en Lendelede). Het eerste punt op de agenda was: "De begroting van de politiezone Vlas voor het dienstjaar 2012. Vaststellen". Grote consternatie toen Alain Cnudde, financiesschepen van Kortrijk maar in de politieraad gewoon lid, naar voren ging voor een privaat gesprek met een zichtbaar verraste voorzitter Lieven Lybeer, ook burgemeester van Kortrijk. Na wat nerveus gefezel off the record nam Lybeer weer de micro en verklaarde dat de meerderheid een schorsing van de vergadering vroeg voor een apart overleg.

De oranje-blauwe meerderheid zonderde zich daarop af voor een klein kwartier. Toen ze terug plaatsnamen in de vergadering, verklaarde voorzitter Lybeer dat het politiecollege (de drie burgemeesters) had beslist om de bespreking en de goedkeuring van de begroting uit te stellen voor onbepaalde tijd. Hij voegde eraan toe dat de Politiezone het wellicht zoals stad Kortrijk (zie mijn eerder stuk) voor enkele maanden met voorlopige kredieten zou moeten stellen.

Echte reden

Als officiële reden voor het verdagen van de begroting gaf Lieven Lybeer op dat Stad Kortrijk als medefinancierend bestuur zelf nog geen begroting had en er ook geen zou hebben tot in februari 2012. Welnu, dat is een eigenaardig argument. De steden en gemeenten van een politiezone moeten immers met een apart besluit van de gemeenteraad beslissen hoeveel de dotatie aan de politie zal bedragen. Als dat is beslist, kan de zone het bedrag opnemen in haar begroting. Daarvoor hoeft dat bedrag nog niet te zijn opgenomen op een goedgekeurde stadsbegroting. Het argument van Lybeer klopt dus niet.

De echte reden zou zijn, hoorde ik in de wandelgangen, dat niet iedereen in het Kortrijkse stadsbestuur akkoord gaat met de voorgestelde verhoging van de Kortrijkse dotatie. Op de voorgestelde, uitgestelde, begroting staat dat in 2012 stad Kortrijk 13,4 miljoen euro zou stoppen in de politiezone. Dat is 4% meer dan de 13,1 miljoen euro in 2011. In dat lopende jaar is de dotatie al met 2% verhoogd (begrotingswijziging in oktober). Bij de stemming daarover was er toen al een onthouding te noteren van Christine Depuydt, in Kortrijk schepen van cultuur maar in de politieraad gewoon lid. Zij pikte het niet dat er meer geld werd gevraagd aan een Kortrijks stadsbestuur waarin alle schepenen gedwongen worden te besparen tot hun handen kraken. Ook stelde zij vast dat de Politiezone nog beschikte over financiële reserves en dat die eerst moesten worden aangesproken.

Bestuurszwakte

Heel eigenaardig was dat Lieven Lybeer, die als burgemeester het stadsbestuur voorzit, niet bleek te weten dat zijn Kortrijkse collega's en meerderheidsgenoten de bespreking van zijn begroting gingen onmogelijk maken. Is de onenigheid in het Kortrijkse stadsbestuur zo groot geworden dat men belangrijke vergaderingen niet meer gezamenlijk voorbereidt?

In elk geval is hiermee a fortiori bewezen dat het uitblijven van de Kortrijkse stadsbegroting voor 2012 absoluut geen daad van goed bestuur is maar een teken van bestuurszwakte.

Vertraging

Het regime van voorlopige twaalfden houdt in dat men slechts een twaalfde mag uitgeven van wat er het jaar voordien als krediet werd begroot. Nieuwe uitgaven zijn dus niet toegestaan. En bovendien kunnen alleen voorlopige kredieten worden vrijgemaakt voor de 'verplichte uitgaven'. Facultatieve uitgaven zijn verboden. De belangrijkste facultatieve uitgaven zijn de investeringen. Voor de verhuis van het verkrotte politiecommissariaat in de Sint-Amandslaan naar een modern bedrijfsgebouw in de Baliestraat in Marke zal de politie dus moeten wachten tot er een begroting is (in maart?).

Een ander dossier dat vertraging oploopt door die verwikkeling is dat van de veiligheidscamera's. Voorzitter Lybeer wist nochtans bij het begin van de vergadering te melden dat er schot kwam in het project. Vorige week heeft het Politiecollege de voorbereidende studie gegund aan Optimit, Mechelen. Tegen halverwege februari 2012 hoopt men het technisch rapport van die specialist te ontvangen. En het was de bedoeling dat de drie gemeenten dan direct een aanbesteding zouden uitschrijven voor de levering en plaatsing van camera's. Men zal daarvoor dan toch moeten wachten op een goedgekeurde stadsbegroting.

27-11-11

Zondags Kortrijk (ansicht 6)

Elke zondag een bijzonder prentje, een ansicht van Kortrijk.

Dujardins kapel1.JPG

"Ge zyt den Vlaming 't geen 't kapelletje van Tell den Zwitser is." dichtte Prudens Van Duyse in 1838.

Hij had het over de kleine veldkapel die Felix Edward Dujardin in 1832 liet bouwen op het vermoedelijke slagveld van de Guldensporenslag (1302), de Groeningekouter, even buiten de Gentpoort in Kortrijk. Het was het eerste tastbare monument van de Vlaamse romantiek. De guldensporenvieringen met nationale allures zijn immers ontstaan uit een jaarlijkse katholieke bedevaart naar die kapel. Pas vanaf 1902 werd de bedevaart vervangen door een optocht en niet meer naar de kapel maar naar het Groeningemonument - toen in opbouw - in de Groeningelaan. Maar waar het Groeningemonument staat opgesteld op een benepen plantsoen in een verkaveld en toegebouwd stadsdeel van de beginjaren 1900, stond de kapel bij haar bouw in 1832 echt aan de rand van drassige velden. Veel verbeelding had men toen niet nodig om er het decor van een bloedige strijd in te zien.

De kapel was lange jaren een van de eerste weinige beschermde gebouwen van Kortrijk. Ze werd eerder 'geklasseerd' als erfgoed dan bijvoorbeeld de Broeltorens. Ze staat er nog, in de Harelbeeksestraat, in het zicht van een van de drukste invalswegen van Kortrijk, de Gentsesteenweg. Maar ze is in deerlijke toestand.

Harelbeeksestraat.JPG

De oorspronkelijk vrijstaande kapel werd naderhand overbouwd en geïntegreerd in de fabrieksgebouwen van drukkerij J. Goddaer, later het bedrijf Gutenberg van boekbinder Soenen. In 2005 werden de industriële gebouwen afgebroken door de nieuwe eigenaar, de sociale huisvestingsmaatschappij Goedkope Woning van Kortrijk. Het was de bedoeling de kapel in de kortste keren weer op te nemen in een groter geheel, deze keer een flatgebouw. Maar door de martelgang die de aanvraag van de bouwvergunning moest doorlopen, is het beschermde erfgoed jarenlang blootgesteld aan weer en wind. Goedkope Woning bezat overigens al jaren die fabrieksgebouwen; tot de sloop werd besloten om te ontsnappen aan de leegstands- en verkrottingstaksen die jaar na jaar werden geheven.

Maar goed nieuws: een tijd geleden kwamen stadsbestuur en bestuur van Goedkope Woning eindelijk overeen en is de bouwvergunning toegekend.

Dujardins kapel2.JPG

De kapel is toegewijd aan Onze-Lieve-Vrouw van Groeninge. Dat was een zogenaamd miraculeus beeldje, in ivoor, dat op 11 juli 1302 de krijgskansen in het voordeel van de Vlaamse milities liet keren. Het stond toen opgesteld in de Groeningeabdij, die zich in die tijd nog niet in de Groeningestraat bevond maar buiten de stad in de Leiemeersen, ongeveer waar nu het open zwembad van de stad is. Het beeld wordt thans bewaard in de Sint-Michielskerk.

In het dak van de kapel was een gouden ridderspoor opgehangen. Zelfs Hendrik Conscience dacht in 1838, in het nawoord van zijn succesboek 'De Leeuw van Vlaenderen', dat het om een authentieke gulden spoor ging, buitgemaakt op het in de pan gehakte Franse ridderleger in 1302. Maar in 1840 werd de relikwie gestolen en naderhand vervangen door een replica. In de kapel prijkte een kopie van het miraculeuze beeldje.

Voor de petite histoire: ook voor het Groeningemonument is indertijd heftig gedebatteerd over wat het moest uitbeelden. De katholieken wilden een beeldengroep met hun O-L-Vrouwe erin; de liberalen wilden een grote leeuw. Het compromis is een Maagd van Vlaanderen geworden waarvan elke strekking kan denken wat ze wil. 

Dujardins kapel3.JPG

De losgekapte kapel is ter bescherming bedekt met plastieken zeildoeken. Maar wind en regen zijn er mettertijd toch in geslaagd het beschermde monumentje te degraderen. De neo-gotische versiering van het schermgeveltje met spitsboog is grotendeels afgebladderd. In de kapel zijn gulden spoor en voormeld beeldje verdwenen. De polychrome decoratie van het altaar en het pleisterwerk zijn aan het afbrokkelen. Aan de onderkant van het altaar is nog te lezen in gotische letters: "In 't jaar 1302 op Sente Benedertus dach in hoijmaent was de strijt te Curtrijke en zijn doot gebleven omtrent 21.000 Mn waer onder 63 hertogen, Graeven en 1800 Baender-heren en Edelen. R.I.P". Interessant is dat het ontmantelde kapelletje nu weer voor eventjes zijn oorspronkelijke buitenmuren laat zien, met spitsboogvormige valse ramen in de zijgevels.

Dujardins kapel4.JPG

26-11-11

Kortrijks stadsbestuur bolt uit op cruisecontrol

stadhuis gesloten.JPG

Het Kortrijkse stadsbestuur van CD&V (en officieel nog N-VA ook) en OpenVLD is in zijn laatste jaar compleet de trappers kwijt. Zij slagen er niet in voor het jaar begint de begroting voor 2012 op te stellen. Er komt pas een begroting tegen maart. Dat betekent dat zij in de eerste twee maanden van 2012 een heleboel uitgaven (de 'facultatieve') niet mogen maken. Bijvoorbeeld zal er geen geld zijn om de kosten te betalen van de traditionele nieuwjaarsreceptie voor het stadspersoneel! Er is evenmin geld om de achterstallige bouwpremies te betalen aan Kortrijkse gezinnen die er recht op hebben. En ook de verenigingen zullen op hun subsidies moeten wachten. Investeringen zijn al helemaal niet mogelijk in die twee maanden. Schepen Alain Cnudde, CD&V, noemt dat 'goed bestuur'!? De redenen die hij aanhaalt voor dat non-beleid, gaan niet op. In elk geval probeert men de goegemeente te laten geloven dat de stad in slechte financiële papieren zit. Maar is dat geen alibi om bestuurszwakte en interne verdeeldheid weg te moffelen? Dat meent althans Philippe De Coene namens de sp.a.

Voorlopige kredieten

Volgens het gemeentedecreet, de 'grondwet' voor het gemeentelijk bestuur, moet elke Vlaamse stad en gemeente voor het einde van het jaar een budget goedkeuren (art. 148, §1). Waar men daar niet in slaagt, moet men het stellen met 'voorlopige kredieten'. Het Kortrijkse stadsbestuur, CD&V-N-VA en OpenVLD, heeft laten weten dat er pas in februari 2012 een begroting voor 2012 aan de gemeenteraad zal worden voorgelegd. Dat betekent dat de stad, in opkomende crisistijd en in het laatste jaar van de bestuursperiode, het zeker al twee maanden moet stellen met beperkte voorlopige kredieten. Twee maanden waarin men geen echt beleid kan voeren, waarin men als het ware op cruisecontrol overschakelt.

De beleidsmogelijkheden die de opgelegde voorlopige kredieten bieden, zijn immers beperkt. Artikel 14 van het Algemeen Reglement op de Gemeentelijke Comptabiliteit geeft de wettelijke beperkingen. Voor elke maand dat er geen echte begroting is, moet het stadsbestuur voorlopige kredieten vragen aan de gemeenteraad, een extra punt op de agenda dus. Die voorlopige kredieten mogen niet meer bedragen dan één twaalfde van het begrotingskrediet van het vorige dienstjaar. Vandaar dat men die kredieten meestal 'voorlopige twaalfden' noemt. Uitgaven voor nieuwe initiatieven zijn dus onmogelijk. En ten slotte bepaalt het reglement dat die voorlopige kredieten alleen mogen worden goedgekeurd voor "verplichte uitgaven".

Verplichte en facultatieve uitgaven

In de maanden dat het stadsbestuur noodgedwongen moet werken met voorlopige twaalfden, mogen er dus geen kredieten worden vrijgemaakt voor andere dan verplichte uitgaven, voor 'facultatieve uitgaven'. Verplichte uitgaven zijn uitgaven waarvoor het stadsbestuur kredieten moet uittrekken op grond van de gemeentewet, rechterlijke uitspraken en lopende contracten. Zo is het stadsbestuur verplicht zijn personeel te betalen, en dotaties vast te leggen voor het OCMW, de Politiezone en de kerkfabrieken. Onder lopende contracten vallen bijvoorbeeld leninglasten en het betalen van schulden zoals facturen voor eerder afgesloten overheidsopdrachten.

Niet verplichte uitgaven, 'facultatieve uitgaven' genoemd, moeten wachten tot er wel een jaarbudget is goedgekeurd. Uiteraard zijn receptie- en representatiekosten facultatief en dus tijdelijk verboden te betalen. De traiteur die de jaarlijkse nieuwjaarsreceptie voor het personeel mag verzorgen, zal dus een paar maanden moeten wachten op zijn geld. Maar ook al wat subsidies en premies betreft, valt onder die facultatieve uitgaven! Denk aan de bouwpremies en de toelagen aan verenigingen en sociale projecten. En nog belangrijker is dat er geen investeringsuitgaven mogen worden gedaan; alle investeringen worden voor minstens een maand of twee opgeschort!

Recessie

Het is duidelijk dat een stadsbestuur normaliter alles in het werk stelt om een boekjaar te beginnen met een goedgekeurde begroting. Als men dat niet kan, moeten er ernstige problemen zijn op het stadhuis. Met een uitgestreken gezicht noemt financiesschepen Alain Cnudde, CD&V,  niettemin de beslissing om zich niet te haasten met de begroting voor volgend jaar "een daad van goed bestuur". Hij haalt drie redenen aan om dat uitstel te verantwoorden: de recessie, de extra pensioenlasten voor het vastbenoemde personeel, en het verdwijnen van de inkomsten uit aandelen (Gemeentelijke Holding en Gaselwest). Geen enkele van die redenen snijdt hout, aldus Philippe De Coene en de andere sp.a-gemeenteraadsleden.

De algemene crisis die lijkt op te doemen na de bankencrisis en de beursafgang, heeft slechts met aanzienlijke vertraging een weerslag op de stadsfinanciën. Nemen wij eerst de inkomstenzijde. De aanvullende personenbelasting die de stad volgend jaar binnenrijft - en die te hoog is maar dat is een ander debat! - zal berekend zijn op de inkomsten van de Kortrijkse gezinnen van 2010-2011. Toen liet de crisis zich bij de meesten nog niet voelen in hun portemonnee. Vlaams minister Geert Bourgeois liet de gemeenten al weten dat zij mogen uitgaan van een toename (!) van die inkomsten met zowat 2,2%. De onroerende voorheffing is berekend op het kadastraal inkomen en dat schommelt niet mee met een eventuele daling van de vastgoedprijzen. Volgens de Vlaamse Regering zal die onroerende voorheffing de gemeenten volgend jaar 1,5% meer opbrengen dan in 2011. Voorts krijgt elke gemeente een belangrijke dotatie uit het Gemeentefonds - ook hier belooft de Vlaamse Regering een toename, met 3,5%.

Aan uitgavenzijde heeft een economische crisis veelal tot gevolg dat de facturen niet verder duurder worden en zelfs neigen te dalen. Als er een algemene daling is van de vraag, dalen ook de prijzen. Dus wel voorzichtigheid geboden maar geen paniek voor de werkingskosten en de investeringen. Uiteraard moet rekening worden gehouden met mogelijke indexstijgingen voor de weddes van het personeel (een kleine 40% van de totale uitgaven). Maar als de crisis zich werkelijk doorzet, zou het wel es kunnen dat de inflatie weer compleet stilvalt.

Wat wel kan gevreesd worden, is een groei van de uitgaven van het OCMW. Maar wat betreft de uitkeringen voor het levensminimum, speelt het OCMW slechts doorgeefluik voor gelden van de hogere overheid.

Pensioenlasten

Ten tweede doet schepen Cnudde heel dramatisch over de aangekondigde extra solidariteitsbijdrage die van de steden en gemeenten wordt geëist voor de financiering van de pensioenkas van de statutaire personeelsleden. Pech (?) voor hem maar die extra financiële last gaat pas in vanaf 2013. Op de begroting 2012 heeft dat geen weerslag. De schepen bevestigde dat zelf aan de gemeenteraad.

Voor 2013 zou dat gaan om een extra uitgave van 2,5 miljoen euro en dat zou kunnen oplopen tot 3,6 miljoen euro in 2016. Maar of die cijfers kloppen kan niet worden bevestigd - op herhaalde vragen van de sp.a naar een op concrete gegevens berekende prognose voor stad Kortrijk kwam nog geen antwoord.

Dividenden

Ten slotte plengt schepen Cnudde bittere tranen over de te verwachten daling van de inkomsten uit aandelen. Hij wijst dan vooreerst naar het verdwijnen van de dividenden van de Gemeentelijke Holding. In die holding bezit Kortrijk een dik pak aandelen (geboekt op de stadsbalans voor meer dan 5 miljoen euro maar dat is overdreven). Zoals men weet bezit die holding op zijn beurt vooral aandelen van Dexia, waarvan de waarde afgrijselijk is ineengezakt. Maar zal Kortrijk failliet gaan omdat er van die kant geen winstdeelnames meer te verwachten zijn?

Op de lopende begroting (2011, 115 miljoen inkomsten) was er oorspronkelijk amper 36.000 euro opgenomen. Dat bedrag is intussen per begrotingswijziging al geschrapt, zonder dat het als gevolg had dat de begroting verlieslatend werd. Het klopt dat er in 2010 nog meer dan 700.000 euro van de Gemeentelijke Holding kwam, maar in 2009 was dat nul euro. Die holding was een financiële melkkoe van de steden en gemeenten en eigenlijk hebben ze die melkkoe uitgeperst tot ze erbij neerviel. Wat er ook van zij, het zal daaraan niet liggen als de begroting 2012 niet sluitend kan worden gemaakt.

Wat Gaselwest betreft, zendt het stadsbestuur tegenstrijdige signalen uit. Men zegt dat de dividenden zullen dalen, maar tegelijk koopt men extra aandelen Gaselwest (2,6 miljoen euro in 2011) met het argument dat de dividenden in de komende jaren zullen stijgen.Hoe dan ook, op de lopende begroting (2011) is al zowat 4 miljoen euro minder inkomsten uit die hoek ingeschreven in vergelijking met het jaar ervoor. Die inkomsten schommelen nogal van jaar tot jaar, afhankelijk van de kapitaalsoperaties bij Gaselwest en Elia.

Zo kon de stad in 2010 een meevaller van 3,6 miljoen euro noteren door de verkoop van aandelen Distrigas. Zonder meevallers mag men gerust uitgaan van een jaarlijkse ontvangst van zowat 5 miljoen euro. Als dat met een miljoen euro zou dalen, is dat niet onoverkomelijk. Overigens blijf ik erbij dat die dividenden een van de oorzaken zijn van de dure stroom- en gasfacturen die de Kortrijkse gezinnen moeten betalen.

Nooit op kruissnelheid gekomen

Heel die controverse rond het laattijdig opstellen van de laatste begroting van de CD&V-OpenVLD-ploeg schept de indruk dat de stad in slechte financiële papieren zou zitten. In het Kortrijks Handelblad wordt dat al als waarheid verkocht. Wel, ik wil eerst wel eens de cijfers op tafel zien komen. Ik stel vast dat het stadsbestuur in de voorbije bestuursperiode (2007-2011) een jaar na jaar groeiend overschot heeft meegetorst.

Op het einde van het vorige bewind (2001-2006) werd het jaar 2006 afgesloten met nauwelijks een overschot (ook geen nadelig saldo!). De nieuwe ploeg kreeg bij de start een cadeau mee van 17,5 miljoen euro in de reserves. In 2007 was het overschot al 7,5 miljoen euro (plus 22 miljoen euro in de reserves). In 2008 daalde dat overschot tot 7 miljoen euro maar stegen de reserves tot het fenomenale bedrag van 27 miljoen euro. In 2009 steeg het gecumuleerde overschot tot 10,5 miljoen euro (13 miljoen euro in de reserves) en in 2010 zelfs tot 11 miljoen euro (met 19 miljoen euro in het spaarvarken).

Het zou mij dus zeer verwonderen dat het gecumuleerde overschot van meer dan 10 miljoen euro in één enkel boekjaar (2011) zou opgesoupeerd zijn. Als dat het geval is, zou men kunnen gewagen van wanbeleid. 

De aparte ('buitengewone') begroting voor de investeringen vertoont een navenante stijging van de overschotten. Dat gaat dan over gelden die men wel op een of andere manier (vooral leningen maar ook overboekingen uit de gewone begroting) heeft binnengehaald maar voor projecten die zijn blijven steken. 2006 (vorige bewindsploeg) sloot af met een overschot in de 'buitengewone begroting' van 1,9 miljoen euro. In het eerste jaar van de nieuwe ploeg (2007) was dat 1,4 miljoen euro. In 2008 was het al 3,6 miljoen euro. In 2009: 8,7 miljoen euro, en in 2010 niet minder dan 10 miljoen euro (op nog geen 40 miljoen euro inkomsten!). Een sprekender bewijs van de sputterende motor van het stadsbestuur is er niet.

De CD&V-OpenVLD-coalitie is nooit op kruissnelheid gekomen, hoewel zij wel degelijk de nodige financiële middelen bezat om veel meer te doen. Het is een publiek geheim dat het stadsbestuur intern grondig verdeeld is. De wrijvingen zijn daarbij niet beperkt tot beide partijen van de meerderheid; ook binnen de partijpolitieke fracties zit het grondig fout. Het niet tijdig indienen van een begroting voor het laatste jaar van hun bewind maakt de afgang compleet.

20-11-11

Zondags Kortrijk (ansicht 5)

 Elke zondag een bijzonder prentje, een ansicht van Kortrijk.

velomaker1.JPG

De goedkoopste fietsenzaak van Kortrijk gaat op 30 november onherroepelijk dicht. Zaakvoerder Joël Sabbe gaat op pensioen. Tot spijt van zijn talrijke klandizie. Er zijn er niet veel die het hebben zien aankomen; plots hingen aan de beide vitrines van het merkwaardige hoekpand Jan Breydellaan 2, fluoriscerende affiches 'uitverkoop'.

Moser

Het winkel-atelier van velomaker Sabbe was tot voor kort volgepropt met fietsonderdelen, kettingen, banden, kabeltjes allerhande, bouten en moeren, nieuwe fietsen al dan niet in verpakking, materieel, olie enzovoort. Hij spaarde voor zichzelf precies genoeg plaats uit om een te herstellen fiets aan twee kettingen met haken te kunnen hangen, waaraan hij dan kon sleutelen. Er was in de zaak ook lange tijd een plaatsje voor een tamme tortelduif; ze is enkele jaren geleden overleden. In het midden van het plafond hing onder meer een oude koersfiets van het merk van Girowinnaar Francesco Moser.

Sabbes terras aan de Jan Breydellaankant stond overdag steevast vol fietsen met problemen. Merkwaardig genoeg slaagde hij er iedere avond in al die fietsen ofwel weer aan hun rechtmatige eigenaars terug te geven ... of te stapelen op de enkele vierkante centimeter vrije ruimte in zijn winkel-atelier.

De velomaker op de hoek van de Jan Breydellaan en de Veldstraat vindt dat hij het recht heeft ermee te stoppen. Meer dan veertig jaar vergrondde het eelt op zijn vingers van de kettingolie en ander smeersel. Zodra hij mocht werken van vadertje Staat, op zijn vijftiende, werd Joël door zijn vader een sleutel in de handen geduwd om mee te helpen in de fietsenzaak. Hij is er aan de slag gebleven tot nu, met een enkele onderbreking toen hij een jaartje soldaat moest gaan spelen. Geruime tijd combineerde Joël het fietsenambacht met de zorg voor zijn ouder wordende moeder en vader.

Torenke

Vader Sabbe had eerder een fietsenzaak verderop in de Veldstraat. In 1962 kocht hij de al een paar jaar leegstaande herberg 'Het Torenke'. Het café was tot dan bevoorraad door de Kortrijkse brouwer August Tack (van de Tacktoren op Buda). Maar het pand was eigendom van een nonkel-pater van de brouwer, een missionaris in Congo. Het was tot in de jaren vijftig onder meer het lokaal van de Torenvrienden, een muzikale kaartersclub (!). In het boek Het herbergleven in Kortrijk van Egied Van Hoonacker (2002) staat op p. 52 een foto van een kampioensviering in 1951. Kaarterskampioen was toen Raymond Verelst. Meer dan vijftig mensen zaten en stonden toen opeengepakt in de gelagzaal.

Dat het café het torentje werd genoemd, is nu nog evident. De afgeschuinde hoek waarin de vroegere cafédeur stak, is versierd met een zeer opvallende achthoekige toren die boven het dak uitsteekt. Vader Sabbe deed die cafédeur definitief op slot en maakte een nieuwe ingang aan de kant van de Jan Breydellaan. Het caféterras deed van dan af dienst als wachtplaats voor te herstellen fietsen.

Torenke.JPG

Guido Reybrouck

Joël Sabbe was, zoals zijn vader, de goedkoopste 'velomaker' van Kortrijk. Hij had dan ook van 's morgens vroeg tot 's avonds laat werk. Soms was er te veel werk en dan moest je al goede papieren hebben om je fiets hersteld te krijgen. Hij verkocht - en verkoopt ze nog tot 30 november 2011 - ook nieuwe fietsen. Beroemd zijn de velo's van het merk Formula, die hij voor 145 euro van de hand deed, voor beide geslachten, met Shimano-versnellingsapparaat en al! Hij had er ook duurdere maar daarvoor moest je al wat aandringen om ze te mogen kopen. Een van zijn leveranciers was gewezen wereldkampioen Guido Reybrouck, die ooit in de Belgische ploeg Rik Van Looy eraf sprintte.

Joël Sabbe stopt zijn zaak zonder ze over te laten aan een opvolger. Hij blijft wonen in zijn merkwaardige pand, dat hij van plan is grondig op te knappen. Waar gaan we nu ons stalen ros laten onderhouden?

velomaker2.JPG


13-11-11

Zondags Kortrijk (ansicht 4)

 Elke zondag een bijzonder prentje, een ansicht van Kortrijk.

Den Hert 1.JPG

Het is geen hert (ook geen eland) maar een rendier. Het is geen overwinningsstandbeeld maar een uiting van intens verdriet en diepe rouw. Het is geen uiting van dankbaarheid van ons land aan onze bevrijders maar een gedenkteken geplaatst door de bevrijders zelf. Het is niet opgericht op Kortrijks grondgebied maar op een stuk Harelbeke dat bij de fusies van de gemeenten in 1977 bij Kortrijk werd gevoegd. 'Den hert', zoals het monument in de volksmond bekend staat, is het voorwerp van veel misverstanden. Hoe opvallend het beeld ook waakt over de drukke Gentsesteenweg en de Kortrijkse ring: weinigen kennen er de betekenis van. Zie ook de officiële erfgoedinventaris.

Newfoundland

Het monument herinnert aan de Eerste Wereldoorlog. Na de lange jaren in het slijk van de IJzervlakte wordt de Duitse bezetter in de herfst van 1918 achteruit geslagen door het bevrijdingsoffensief van de geallieerden. De keizerlijke bezettingstroepen bouwen dan de Leie uit tot een nieuwe verdedigingslinie, ervan gebruik makend dat de oostelijke Leieoever hoger lag dan de westelijke oever van waar de bevrijders komen opzetten (zie ook mijn stuk van gisteren). Op vrijdag 18 en zaterdag 19 oktober 1918 slagen drie Britse divisies, ten koste van zware verliezen, erin de Leie over te steken en het Duitse leger op de vlucht te jagen. Een onderdeel van die divisies was de 28e brigade, hoofdzakelijk samengesteld uit recruten van de Canadese provincie Newfoundland (Terre Neuve).

Newfoundland - door de eerste kolonisten, die Franstalig waren, Terre Neuve genoemd -, nu behorend tot Canada, was tot 1949 een aparte Britse kolonie. Het behoorde tot het Britse imperium. Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog werd in 1914 door de Britse overheid een 'Newfoundland Regiment' opgericht. Van de 6500 manschappen die ervan naar Europa werden verscheept, kwamen er 1200 niet levend terug. Zo werden er op 1 juli 1916, tijdens de eerste dag van de 'Slag aan de Somme', 800 Newfoundlanders in de strijd gegooid en daarvan schoten er 's avonds maar 70 meer over!

Bavikhove

De 28e brigade met de Newfoundlanders die de Leie kon oversteken op gammele loopbruggetjes en 'onder een regen van lood en staal' van Duitse kanonnen en machinegeschut, presteerde die heldendaad niet op de plaats waar nu het monument staat. Daar was de 26e brigade aan het werk, Schotten. De Newfoundlanders ageerden meer stroomafwaarts, tussen Harelbeke en Bavikhove.

Wat er ook van zij, de Newfoundlandse regering wou na de oorlog een symbolische daad stellen ter leniging van het trauma opgelopen door zijn bevolking bij het sneuvelen van al die zonen. Er werd beslist op vijf slachtvelden een identieke bronzen kariboe te plaatsen. De kariboe, het Noord-Amerikaanse rendier, was het embleem van het Royal Newfoundland Regiment. Vier monumenten kwamen in Noord-Frankrijk: in Marcoign Masnières, Gueudecourt, Monchy-Le-Preux en Beaumont-Hamel aan de Somme). Het vijfde bij ons aan de Leie. De beelden werden gegoten bij de Compagnie des Bronzes in Sint-Jans-Molenbeek. Een zesde kariboe werd opgesteld in Newfoundland zelf (St-John's).

Captain

De beeldhouwer was Londenaar Basil Gotto (1866-1954), ook Captain Gotto genoemd. In zijn bewogen leven maakte de beeldende kunstenaar actief drie grote oorlogen mee. In de Tweede Boerenoorlog in Zuid-Afrika (1899-1902, in ons land de aanleiding tot grote manifestaties tegen het Britse imperialisme - daar dankt café Bloemfontijn in de Stasegemsestraat zijn naam aan) was Captain Gotto oorlogscorrespondent voor Britse kranten. In de Eerste Wereldoorlog was hij instructeur. De Newfoundlanders kregen onder meer van hem schiettraining.

Het monument is gebouwd in 1924 op kosten van de Imperial War Graves Commission en wordt nog altijd onderhouden door de Commonwealth War Graves Commission.

Canadapopulieren

De bronzen kariboe staat op een namaak rotspunt. Over die sokkel bestaat een niet opgelost vraagstuk. Volgens de enen komen de op elkaar gebetonneerde steenbrokken uit Newfoundland. Volgens de anderen gaat het om brokstukken van belangrijke Belgische gebouwen die door de Duitsers zijn vernield, zoals de universiteitsbibliotheek van Leuven.

Wat ook bij het monument hoort, is het bosje hoogstammen dat uit de winterbedding van de Leie oprijst achteraan het beeld. Het zijn niet toevallig Canadapopulieren. Zij bieden een woonplaats aan een van de grootste kolonies kauwen in Kortrijk. Tot 1974 was het bos - beschermd landschap! - dubbel zo groot. Het werd gehalveerd door de aanleg van Kortrijkse ring R8. Door die ring kreeg het monument ook een ander 'domicilie'. Bij de fusies van de gemeenten in 1977 bleef Harelbeke een aparte entiteit maar, zoals Kuurne, verloor het aan Kortrijk dat deel van zijn grondgebied dat binnen de Kortrijkse ring lag. 

Hedentendage vecht de kariboe een strijd om de aandacht uit met het bontgekleurde huisje van verffirma West Paints aan de overkant van de Gentsesteenweg. Abstractie gemaakt van de kleurenexplosie heeft het huisje toch ook wel iets soldatesk; het lijkt wel een schuilhokje voor een schildwacht. 

Den Hert 2.JPG

11-11-11

Bijna was het stadhuis van Kortrijk ontploft enkele dagen na Wapenstilstand 1918

stadhuis nov 11.JPG

Op maandag 11 november 1918 kwam een officieel einde aan de Eerste Wereldoorlog. In Kortrijk was dat al de dag voordien op zijn zondags gevierd. Het Duitse militaire bestuur over de stad had zich reeds op 15 oktober daarvoor teruggetrokken, maar niet zonder eerst nog eens grondig Bissegem te plunderen. Kortrijk bleef in de frontlijn en het mikpunt van wrede beschietingen tot eind oktober. Op 5 november gaf een officieel bezoek van koning Albert en koningin Elisabeth de bevolking het geruststellende gevoel dat de vijand definitief was verdreven. Maar in de gevels van het stadhuis, de Halletoren, hotel Damier, het station en andere gebouwen hadden de keizerlijke troepen tijdbommen gemetst die vanaf 17 november moesten ontploffen. Ze werden tijdig onschadelijk gemaakt.

Kortrijk 14-18

Wie wil weten hoe Kortrijk zich door de Groote Oorlog heeft gesparteld - de stad lag op enkele kilometer van het front - moet zeker het standaardwerk Kortrijk 14-18 van Egied Van Hoonacker lezen (1994). Het is gebaseerd op een immense hoeveelheid authentieke documenten, waaronder niet minder dan acht dagboeken van betrouwbare ooggetuigen. De auteur geeft een uiterst gedetailleerd verslag dat ook zoveel mogelijk objectiviteit beoogt.

Toch kan hij het, na een relaas over de begrafenis van de zes Kortrijkzanen die als spionnen door de bezetter werden gefusilleerd, niet laten te schrijven: "Dit alles voor die dwaze oorlog die we nooit gewild hebben". Het is uit dat boek dat ik mijn verhaal van vandaag haal.

11 november 1918

Op 11 november 1918 was het in Kortrijk, alle omstandigheden in acht genomen met al die Britse soldaten in de stad en al die gewonden in de ziekenhuizen, redelijk rustig. Op zondagavond, de dag voordien, was het om 20.30 uur al bekend geraakt dat Duitsland, dat zelf op de rand van een burgeroorlog en revolutie stond, de geallieerde voorwaarden voor een wapenstilstand had aanvaard. De wapenstilstand ging 's anderendaags in om 11 uur. In de stad barstte een feestvreugde los. Soldaten liepen 'War is over' te scanderen door de straten. Treinlocomotieven bliezen onophoudelijk hun stoomfluit. Van op de beiaard klonk de Brabançonne. Militaire en burgerauto's toerden al toeterend door de straten. Overal was er vuurwerk, vredevol deze keer.

Op dinsdag 15 oktober 1918 had het Duitse, militaire, bestuur over Kortrijk, de Kommandantur, de stad al verlaten. De stadskant van de Leie werd evenwel ingericht als een verdedigingslinie met loopgraven en machinegeschut. De bruggen in de stad werden een voor een opgeblazen. Het meest 'weerstand' bood nog het Broelbrugje tussen beide Broeltorens; het stortte pas de dag nadien in na ontploffing van een extra lading dynamiet van 750 kilo. 

Bissegem werd op diezelfde dinsdag nog het slachtoffer van Duitse oorlogsmisdaden. De bevolking kreeg om 4.30 uur het bevel hun huizen achter te laten tegen 7.30 uur. In die luttele uren konden de mensen uiteraard weinig klaarmaken om mee te nemen. Het keizerlijke leger ging na hun vertrek aan het plunderen en deed dat grondig; geen woning die er niet moest aan geloven. De soldaten ontzagen het zelfs niet om de brandkasten open te breken.

Bevrijd

Op 16 oktober werd Overleie om 5.30 uur bevrijd door het 12e Irish Rifles (36e Divisie van het Britse leger). Ze kwamen van Heule over de Kortrijksestraat binnengereden. De uitbundige toejuichingen door de bevolking waren te horen tot op de Grote Markt, die nog in Duitse handen was. Tot 19 oktober heeft Kortrijk zwaar te lijden van wederzijdse beschietingen met granaten en machinegeweren, de Duitsers vanuit het centrum, de Engelsen vanuit Overleie. Nadien komen sporadisch nog granaten van het wegvluchtende Duitse leger op de stad terecht, afgeschoten van op steeds verdere afstand.

De beschietingen maken ook talrijke burgerslachtoffers. Alleen de Overleienaars kunnen nog terecht op het Sint-Janskerkhof in de Meensesteenweg. De overledenen in het stadscentrum moet men begraven in allerlei tuinen, zoals die van het Fort en van Saint-Charles (Sint-Carolus). Veelal zijn het de kistdragers of familie die de graven moeten uitdelven; de grafdelvers waren gevlucht. Een vader werd dodelijk getroffen door een kogel terwijl hij zijn overleden kind naar de begraafplaats bracht.

Sire

Op dinsdag 5 november is het front al opgeschoven tot aan de Schelde (Avelgem, Oudenaarde). Kortrijk was veilig genoeg voor een officieel bezoek van het koningspaar Albert en Elisabeth. De dag voordien had de koning reeds incognito (!) gewonden bezocht in de kliniek van dr. Lauwers, de enige kliniek in Kortrijk die met leken-verpleegsters werkte. Een onoverzienbare menigte juicht het koningspaar de dag nadien toe langs de Gentsesteenweg en de Harelbeeksestraat. Albert en Elisabeth begeven zich naar de grote villa van Alberic Goethals in de Groeningelaan (aan het Groeningemonument). Ze krijgen er een diner aangeboden door de Engelse militaire gezagsdragers. General Jack (bevelhebber van de 28e Brigade) wordt er gedecoreerd.

De familie Goethals, een van de patriciërsfamilies van Kortrijk, was nog in de rouw voor hun zoon Jacques, die als vrijwilliger en piloot nabij Staden was neergeschoten door de Duitsers op 9 oktober 1918. Toch noteert Egied Van Hoonacker een redelijk vrolijke anekdote bij dat koninklijk diner. Tussen de verschillende gangen door merkt mevrouw Goethals-Van Volsem op: "Sire, u weet wellicht niet dat u vandaag op mijn koperwerk eet". De rijke familie had immers de opeisingen van koper omzeild door hun stukken onder de plancher te verbergen. Koning Albert prijst op een bepaald moment de uitstekende wijn die wordt geschonken. Reactie: "Sire, wij hebben die wijn uit vrees voor de Duitsers ingemetseld en die speciaal voor u weer uit de muur gehaald". De Kortrijkse bourgeoisie kende haar wereld!

Tijdbommen

Na afloop van de oorlog komt er op 14 november plots een auto met witte vlag de Grote Markt opgereden. Het zijn twee Duitse officieren vergezeld door drie Engelse collega's. In toepassing van artikel 8 van de Wapenstilstand komen zij tonen waar er mijnen zijn verborgen. Een meter hoog zijn er bijvoorbeeld drie springladingen ingemetseld in de gevel van het stadhuis. Voorts is ook de Halletoren ondermijnd, en het postgebouw, hotel Damier (waar de Etappenkommandant resideerde - zie mijn eerder stuk), het station enzovoort, 1800 kilo dynamiet in totaal.

De Duitsers hadden tijdmechanismen op scherp gesteld om de ladingen een voor een te laten ontploffen vanaf 17 november 1917! Andere tijdbommen waren verborgen in het liberale lokaal Ons Huis, bij de paters in de Aalbeeksesteenweg, onder de spoorwegen en nog op andere plaatsen. Ze werden alle tijdig onschadelijk gemaakt. In Brussel daarentegen vlogen op 19 november zowel het Zuidstation als het station van Schaarbeek in de lucht.

Het leven

Egied Van Hoonacker maakte een exacte berekening van het aantal Kortrijkse oorlogsslachtoffer in 14-18. 211 militairen sneuvelden, 254 burgers kwamen om bij beschietingen en bombardementen, 91 dwangarbeiders lieten het leven als opgeëisten in de door het Duitse leger bezette Franse Ardennen, en 6 verzetslieden (spionnen voor het Engelse leger) werden gefusilleerd. Samen is dat 526.

Veel namen van die slachtoffers zijn opgenomen op het oorlogsmonument op de Grote Markt. Van Hoonacker geeft vollediger lijsten. Ook elke deelgemeente heeft zijn 'standbeeld' en zelfs op Overleie is er een herdenkingsplaat aan de gevel van de Sint-Elooiskerk. Terwijl alle andere gedenktekens zijn opgenomen in officiële inventarissen en beeldenboeken van de stad, is die plaat enigszins vergeten. De gedenksteen was dan ook geen initiatief van de stedelijke overheid maar kwam in 1920 tot stand na een oproep aan alle gezinnen van Overleie om financieel bij te dragen.

Overleiebis.JPG

06-11-11

Zondags Kortrijk (ansicht 3)

Elke zondag een bijzonder prentje, een ansicht van Kortrijk.

Condédreef 8.JPG

Verleden of toekomst? Afgedankt wegens stopzetting van het bedrijf of in het vooruitzicht van het in onbruik raken van fossiele brandstoffen?

De darm van deze naftepomp tussen de papbladeren in de open schuur van het boerhof op de hoek van de Condédreef (nr. 8) en Hoog Mosscher is definitief opgehangen en met een molslot verankerd. Waarom dat slot op de darm is gezet, is mij niet duidelijk. Op de meter achter het verdwenen glas van de pomp staat 9,7 (liter? hectoliter? gallons?). Zou er nog zoveel brandstof in de tank zitten?

naftepomp.JPG

De houten schuur staat vlakbij de Putkapel, beschermd erfgoed. Boven de deur - met collectegleuf - staat de intrigerende boodschap: "Men verschaft zich water dezer fontein in het klooster - On se procure l'eau de cette fontaine au couvent". Is bij de zusters van het woonzorgcentrum De Pottelberg nog altijd van dat water te verkrijgen? Of is ook daar de darm definitief opgehangen?

On se procure.JPG

05-11-11

Emmanuel de Bethune, de onverwachte

de bethune boek Strosse.JPG

Foto gepikt uit 'Gesprekken met Kortrijkzanen' van Joost Strosse, 2005, p. 26. Onderschrift: De kinderboerderij lag Emmanuel de Bethune steeds nauw aan het hart.

Emmanuel de Bethune is in de ochtend van 4 november 2011 overleden. In de Kortrijkse politiek was hij vooral een onverwachte figuur. Tot verrassing van heel de stad - buiten zijn 'fief' Marke, waar ze hem kenden als een toegankelijke dorpsburgemeester - ontpopte de baron en kasteelresident zich als een populaire stemmentrekker. Twee keer stak hij daardoor de gedoodverfde kandidaat-burgemeester voorbij. In het stadsbestuur begeerde en beheerde hij de bevoegdheid Cultuur. Bij de verenigingen en bij het publiek van de ontmoetingscentra slaagde hij erin een opmerkelijk 'cliënteel' op te bouwen. Hoewel zijn electorale aanhang vooral in de buitengemeenten lag, is hij het geweest die begonnen is met de renovatie van de binnenstad na decennia van stagnatie. Tot nu toe is het de enige burgemeester geweest uit de rand.

Het was bij de Kortrijkse christendemocraten eigenlijk niet de bedoeling dat Emmanuel Pierre de Bethune als gewezen burgemeester van de deelgemeente Marke (1970-1976) ook ooit nog eens burgemeester van Groot-Kortrijk zou worden. Hij mocht zich al gelukkig prijzen dat hij tot het stadsbestuur kon toetreden als schepen, wat hij dan ook na de fusie is geworden in de ploeg van de autoritaire Ivo Jozef Lambrecht (CVP/ACW).

Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 1982 kwam Lambrecht niet meer op. Tussen de verschillende vleugels van de CVP was de afspraak dat de groep met de meeste stemmen de burgemeester mocht leveren. Verrassend genoeg bleek dat de Middenstand (NCMV) te zijn. De 'middengroepen' behaalden 13 van de 24 CVP-zetels (op 41). De aangewezen kopman van de Middenstand was Jozef De Jaegere (6489 voorkeurstemmen). Maar onverwachts was het Emmanuel de Bethune die vanop de voorlaatste plaats beduidend meer stemmen binnenhaalde: 7559.

Uiteraard wierp de onverwachte stemmenkampioen zich op als kandidaat-burgemeester. Maar achter de katholieke schermen speelden zich grote manoeuvers af. Een comité met onder meer deken Valère Deschacht en veteraan Leopold Gillon probeerde de twee kampen (drie met het ACW erbij) tot een compromis te brengen. Uiteindelijk gaf de Markenaar toe aan de steedse pressie. Naar zijn zeggen "de grootste politieke misstap van zijn leven". In zijn memoires zegt ie dat er een overeenkomst werd bereikt dat Jozef De Jaegere, schoonvader van Stefaan De Clerck, burgemeester mocht worden, maar slechts voor vier jaar. Op nieuwjaar 87 moest hij het tricolore lint doorgeven aan de Bethune.

Maar begin 1987 lijkt iedereen het ongeschreven gentlemansakkoord te zijn vergeten. De 'manoeuvres in the dark' konden opnieuw beginnen. Een 'raad der wijzen' onder leiding van partijsecretaris Leo Delcroix - ja, die van de Atomaschriftjes - kon pas na een paar maanden bekomen dat de Bethune in november (10 maanden later dan afgesproken) burgemeester mocht worden. Tegelijk moest de Bethune slikken dat niet hij maar ACW-man Antoon Sansen de CVP-lijst mocht trekken in 1988.

Voor die verkiezingen van 1988 kwam men binnen de CVP overeen dat de vleugel met het meeste aantal zetels de burgemeester mocht leveren. Het ACW haalde het op de verdeelde middengroepen en Sansen werd burgemeester. Bij de volgende verkiezingen, in 1994, was de afspraak weeral anders: de kandidaat met de meeste voorkeurstemmen zou burgemeester worden. Sansen had daarbij de tegenslag dat een rivaal in eigen groep de kop opstak, Marc Olivier. De Bethune kon eens te meer zijn aanhang in de randgemeenten en in het verenigingsleven mobiliseren en hij behaalde met 7722 voorkeurstemmen een klinkende overwinning op Sansen (6814).

.

Straks meer