27-09-10

Komen er stadsgites in Kortrijkse gewezen snuiffabriek?

 Snuiffabriek E Deblauwe.JPG

Het stadsbestuur van Kortrijk wijst een aanvraag af om een gewezen tabaks- en snuiffabriek om te bouwen tot een lowbudgethotel voor gezelschappen, een verzameling stadsgites als het ware. Het gaat om het pand Hoveniersstraat 34, de voormalige snuiffabriek van E. Deblauwe (1906). Het gebouw is als relict opgenomen in de officiële Inventaris van het Bouwkundig Erfgoed. De afwijzende beslissing van het stadsbestuur is eigenaardig aangezien alle externe adviezen pro zijn. En in de negatieve beslissing zelf staat te lezen dat een hotelfunctie op die plek dicht bij het station en de stadskern heel goed aanvaardbaar is en dat het waardevolle pand zich leent voor deze bestemming.

De afwijzing is gebaseerd op enkele technische mankementen die men toch had kunnen voorkomen als men op het stadhuis het dossier een gepaste begeleiding had gegeven. Het stadsbestuur poogt zich ook te verschuilen achter de brede rug van Toerisme Vlaanderen, dat nochtans in eerste instantie gunstig advies geeft. Wel zegt de instelling meer bijzonderheden te moeten hebben over de aard van het hotel (sociaal toerisme) vooraleer er subsidies kunnen worden aangevraagd. Doch het is niet omdat een project eventueel niet kan gesubsidieerd worden, dat het ook stedenbouwkundig moet worden gewraakt...

Snuiffabriek

De Hoveniersstraat is een eigenaardige straat: ze splitst zich vanaf het plantsoen aan gewezen herberg 'A la chasse royale' in twee takken. De ene tak loopt naar de Minister Tacklaan en vormt met de 'stam' vanuit de Doorniksewijk het oudste stuk van de straat. De andere tak vertrekt vanaan genoemde gewezen herberg naar de Bloemistenstraat. Het oudste stuk maakte oorspronkelijk deel uit van de ommegang, een weg die aan de buitenkant langs de stadsvestingen liep.

De jongere verlenging dateert van 1895. Het was in dat stuk dat E. Deblauwe in 1906 zijn snuif- en tabaksfabriek bouwde. Ze staat er nog. In Kortrijk was de tabaksverwerking ooit een ware industrietak. Zo bouwde de familie Verheust in de negentiende eeuw verschillende tabaksfabrieken, tot op de Grote Markt toe waar Pierre Jean Verheust 1864 in zijn achterhuis zelfs een stoommachine liet installeren. Maar buiten het pand van Deblauwe zijn al die fabrieken en manufacturen verdwenen. De opname in de officiële lijst van waardevol erfgoed is dus te recht

Het fabrieksgebouw van Deblauwe is groter dan de voorgevel doet vermoeden. Achter het voorgebouw met die eenvoudige maar interessante bakstenen gevel met rechthoekige ramen staat nog een ander, groter in tweeën geknikt bedrijfsgebouw onder een met pannen bedekt zadeldak. Tussen het pand en het naastgelegen appartementsgebouw ligt nog een smalle onbebouwde strook.   

Snuiffabriek E Deblauwe achterkant.JPG

Een ensemble met mogelijkheden dus. Naderhand werd het pand omgevormd tot kantoorgebouw en in 2006 werd het in gebruik genomen door het centrum voor volwassenenonderwijs Hitek voor talen- en andere cursussen.

Split level

De aanvraag in kwestie behelst een verbouwing binnen het bestaande bouwvolume tot hotel en verblijfscentrum. Om licht binnen te trekken, wordt het massieve complex op twee plaatsen open gemaakt. Er komt een patio en een 'lichtkolk'. Het gebouw wordt compleet heringericht. Op de begane grond komt een inkomhal met lobby en patio, een woongelegenheid voor de conciërge, circulatieruimte en een split level met eetzaal, ontbijthoek en kookgelegenheid. Op de twee verdiepingen worden gastenkamers ingericht voor tot 74 gasten.

De gevel blijft grotendeels zoals hij is. Wel worden de drie vensters verlengd tot op straatniveau. Eens benieuwd of daarmee ook de 'diefijzers' die nu die vensters beveiligen, gaan sneuvelen.

Focus

De aanvrager is de uitbater van het speciale hotelletje wat verder in de straat, Hotel Focus in nummer 50. Het speciale aan Hotel Focus is dat elk van zijn 14 kamers onder handen is genomen door een andere kunstenaar. Met muzikale animatie worden originele arrangementen en activiteiten aangeboden zoals ontbijtconcerten. Opvallend op de website van Focus is dat men er ook informatie geeft over andere hotels in de buurt; erg bang van de concurrentie is men toch niet.

Focus heeft overigens nog meer logies in aanbod in Kortrijk. Zo is er op wandelafstand Studi-O-Tel, twee appartementen en vier studio's voor wat langere verblijven, bijvoorbeeld van beursorganisatoren in Kortrijk Xpo. En aan de rand van de stad staat Villa Focus met zes slaapkamers ter beschikking van grote families, gezelschappen en bedrijven.

Met de snuiffabriek wil Focus zijn waaier van logiesmogelijkheden nog verbreden. Gemikt wordt op het goedkopere aanbod, met wat minder service maar meer vrijheid voor de overnachters. Een soort verbeterde jeugdherberg als het ware, of hetgeen reizigers op het platteland zoeken in gites maar dan uitgewerkt in stadsvorm.

Schizofreen

De beslissing van het stadsbestuur om de aanvraag niet te steunen, is nogal schizofreen opgesteld. Enerzijds juicht men de ombouwing tot verblijfscentrum toe omwille van de ligging en de nieuwe toekomst voor het waardevolle pand. Anderzijds struikelt men over een paar technische en administratieve mankementen van de aanvraag.

Zo wordt er in de beslissing vastgesteld dat de voormalige snuiffabriek gelegen is in een woongebied en dat de aangevraagde functie, logiesverstrekking, daarmee verenigbaar is. Voorts merkt men op dat het wordt gerealiseerd "nabij het stadscentrum, op wandelafstand van het station" en dat het gemakkelijk bereikbaar is. Er wordt zelfs vermeld dat het sociale fietsenverhuurbedrijf Mobiel in de directe omgeving is gevestigd. En nog: "Het waardevolle pand krijgt een publiek toegankelijke functie. Het bestaande gebouw leent zich voor hotelfunctie. De werken gebeuren volledig binnen het bestaande bouwvolume. Er zullen twee openingen in het gebouw gemaakt worden om ook de achterste ruimtes meer licht en lucht te bezorgen". Ten slotte verklaart de beslissing dat het ontwerp voldoet aan de Vlaamse regels met betrekking tot toegankelijkheid.

Sociaal toerisme

En ondanks dat gejuich, loopt de beslissing van het stadsbestuur uiteindelijk uit op een weigering. Zo volgt het stadsbestuur een bezwaar van enkele bewoners van het flatgebouw naast de snuiffabriek. Die mensen vinden de aanvraag te vaag waar ze spreekt van 'een inrichting voor sociaal toerisme'. Volgens het stadsbestuur valt ook Toerisme Vlaanderen, een instelling van het Vlaamse Gewest, daarover. Dat is niet helemaal correct: Toerisme Vlaanderen wil het initiatief kunnen inpassen in de logiescategorieën van de bestaande toeristische reglementering, om eventueel te kunnen subsidiëren. Het is maar de vraag of de initiatiefnemer op zoek is naar subsidies voor een zaak die toch op termijn vanzelf uit de kosten moet kunnen komen. Overigens gaat het hier om een soort logiesverstrekking die eigenlijk nieuw is en die wellicht in geen enkele van de gereglementeerde categorieën past.

Maar ten gronde geeft Toerisme Vlaanderen toch wel een positief advies om de verbouwing toe te staan. Men vindt het blijkbaar een aanwinst voor het toerisme in de Groeningestad. Het vergt al enige kwade wil om het advies van Toerisme Vlaanderen te gebruiken als alibi voor een afwijzing. Bovendien kon men op het stadhuis van Kortrijk toch gewoon even de initiatiefnemer hebben opgebeld om van hem wat meer inlichtingen te bekomen over wat hij bedoelt met 'hotel/verblijfscentrum' en 'inrichting voor sociaal toerisme'. Dan ware het dossier vollediger geweest.

Nooduitgang

De tweede reden om geen gunstige beslissing te nemen snijdt meer hout. Er is een dispuut met de buren van het appartementsgebouw ernaast over de noodtrap en -uitgang. Er ligt, zoals al gezegd, een spie braakliggende grond - niet zichtbaar vanop de straat - tussen het flatgebouw en de snuiffabriek. Dat strookje is van de garagesbinnenkoer van het flatgebouw gescheiden door een gemeenschappelijke muur. Het project wil die muur niet alleen verlagen - om meer licht binnen te halen - maar wil er ook een opening in maken als nooduitgang - momenteel is er trouwens al een gebarricadeerd deurtje. De buren vrezen dat die nooduitgang ook zal worden gebruikt voor dienstleveringen, het stapelen van afval, aparte toegang tot de conciërgewoning enzovoort. Ook is de spie op haar breedste slechts 1,8 meter breed en daarin past dus geen noodtrap die wettelijke gezien minstens 1,9 m moet verwijderd zijn van een gemene muur.

Het stadsbestuur besluit daaruit dat de buren van het appartementsgebouw niet bereid zijn toestemming te geven voor de noodtrap en -uitgang. Die nooduitgang is wel een essentieel element om een gunstig brandvoorkomingsadvies te kunnen bekomen. Bijgevolg, zegt het stadsbestuur onmiddellijk, kan niet ingegaan worden op de aanvraag.

Dat de initiatiefnemer zijn project zal moeten voorzien van een degelijke nooduitgang, spreekt vanzelf. Maar kon hem dat niet eerder, bij de administratieve behandeling van zijn dossier worden gemeld? Als het dan toch gaat om een interessant en waardevol project - naar eigen schrijven van het stadsbestuur - kon men de aanvrager toch heel wat actiever hebben begeleid bij de uitwerking van zijn project. Dit initiatief verdient een minder bureaucratische behandeling.

De commentaren zijn gesloten.