25-09-09

Komt het ooit goed met'Kortrijk Weide'?

wr5

Het openbaar onderzoek loopt ten einde over (de manier waarop) het milieu-effectenrapport, 'plan-MER', (moet opgesteld worden) met betrekking tot de grootse plannen van stad Kortrijk voor 'Kortrijk Weide'. Kortrijk Weide, dat zijn de uitgestrekte braakliggende gronden die zijn vrijgekomen bij de aanleg van de westelijke binnenring (van Den Appel tot de Meensesteenweg). De plannen van het stadsbestuur omvatten een nieuw politiehoofdkwartier, eventueel een nieuw gerechtsgebouw, een parkwijk met luxeflatgebouwen aan de Leie, een grote stadsparking, een circusterrein, een zinvolle herbestemming voor de spoorweg'entrepot' enzovoort.

Op de manier waarop studiebureau Arcadis het plan-MER wil opstellen, is weinig aan te merken. Misschien gaan ze wat te oppervlakkig voorbij aan de mogelijke luchtvervuiling: ze onderzoeken alleen het grove 'fijn stof' en niet het giftiger echt fijn stof of het ultratoxische ultrafijn stof. Wie wil kan nog een opmerking maken.

Die MER-oefening vertraagt de plannen met zeker een jaar. Maar als de stad al zijn dromen moet uitstellen, is dat niet daaraan te wijten. De grote belemmering voor de geplande stadsuitbreiding is de zware vervuiling van de gronden. In het lagere gedeelte is er door de vorige gebruikers jarenlang zoveel olie gemorst, dat er bijna een oliewinning kan begonnen worden. Het hogere gedeelte betreft grond die van 1885 tot 1914 is opgehoogd door de Belgische Spoorwegen om er een nieuw station te kunnen bouwen. Het is er nooit gekomen. De eerste vraag is wat de NMBS daar allemaal heeft gestort. De tweede vraag is of het vastgoedbedrijf van de Spoorwegen het nog de moeite vindt te verkopen aan de stad als de opkuiskosten hoger zijn dan de grondwaarde.

Weide

Kortrijk Weide is een gebied van een grote 13 ha tussen de Leie, de Beheerstraat, de Magdalenastraat en de spoorlijn naar Brugge. De westelijke binnenring (R36) loopt er dwars doorheen. De zone aan de westkant wordt beheerst door het gewezen douane-entrepot van de Spoorwegen (7 ha); aan de overkant van het recente stuk stadsring wordt de zone genoemd naar de nieuwe rechtbank die zich daar bevindt tussen bewoning en handelszaken (6 ha).

Volgens de officiële versie verwijst de naam 'Weide' naar de bleekweiden van de Kortrijkse lijnwaaddynastie Nolf. Men bleekte vers geweven linnen door het op zompige gras te leggen en het geregeld te overgieten met water uit smalle sloten die daarvoor speciaal waren gegraven. Door het droogproces onder invloed van de zon werd de ecru-kleurige stof bijna wit. Een andere methode was het weken in karnemelk, maar dat was in Kortrijk - met zijn geregelde hongersnoden - verboden.

Maar 'Weide' zou ook kunnen verwijzen naar een functie van het gebied die het bleken voorafging. In de middelleeuwen was daar, buiten de stadspoorten, een gemene weide waar de armen hun (klein)vee konden laten grazen. Vandaar dat het OCMW van Kortrijk, rechtsopvolger van diverse liefdadigheidsinstellingen van vroeger, er nog gronden heeft. De Meersstraat was een stuk van de 'drève des pauvres'.

Stedelijke ontwikkeling

Kortrijk Weide is sinds het vervangen van de natuurlijke bleekmethode door chemische procédés in de tweede helft van de negentiende eeuw, een onderbenut, vergeten stuk van Kortrijk geweest. Nochtans ligt het op nauwelijks een kilometer van de Grote Markt. Het stond dus in de sterren geschreven dat het ooit zou worden ingepalmd door stedelijke functies. Door de aanleg van de westelijke binnenring in 2003-2006 - in vervanging van de oude verpestende verkeersas Beheerstraat-Noordstraat - werden al die gronden ontsloten.

Bij een gewestplanwijziging in 1998 was het vroegere gebied 'voor openbaar nut, industrie en wonen' al omgetoverd in een 'gebied voor stedelijke ontwikkeling'. In 2003 liet Stefaan De Clerck, toen burgemeester, er zijn vriend Stéphane Beel, beroemd architect, een 'masterplan' uitwerken (2003). Daarin werden de grote lijnen voor de gewenste ontwikkeling geschetst. Beel wilde, niet onterecht, vooral zoveel mogelijk veschillende functies, van overheidsgebouwen tot woontorens (waarvan hij er graag eentje met de voeten in het Leiewater zag staan).

In opdracht van de stad was de intercommunale Leiedal eerder begonnen met de uitwerking van een BPA (bijzonder plan van aanleg). Maar door het Vlaamse decreet op de ruimtelijke ordening van 1999 (structuurplanning Vlaanderen) moesten er voortaan 'ruimtelijke uitvoeringsplannen' (RUP's) in plaats van BPA's worden gemaakt en kon men herbeginnen. Aan dat RUP kon niet eerder worden begonnen dan op het moment dat in Kortrijk en omgeving de structuurplanning vorm had gekregen (een gemeentelijk ruimtelijk structuurplan Kortrijk ter concretisering van het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen en het provinciaal ruimtelijk structuurplan, en de afbakening van het regionaalstedelijk gebied Kortrijk). Vandaar dat het zo lang duurde.

Milieu-effectenrapportage

Het is voor de opmaak van het RUP Kortrijk Weide dat er nu een plan-MER moet worden opgesteld. Men moet namelijk de mogelijke weerslag op het leefmilieu berekenen van dat RUP. Als die weerslag te schadelijk is, moet ofwel het RUP worden aangepast of krijgt het geen kans op goedkeuring.

Er is op het stadhuis ferm gebakkeleid over de vraag of een dergelijk plan-MER nu wel nodig was of niet. Dat onderzoek is immers niet alleen een extra kost, maar het betekent ook een vertraging van zeker een jaar. Vanuit het kabinet van de burgemeester - toen De Clerck - is geprobeerd ervan af te geraken met een simpele MER-screening. Dat is een vluchtig onderzoek dat uitwijst dat de te verwachten milieu-effecten zo gering zijn dat er geen MER nodig is. Voor de realisatie van de parkings van het fusieziekenhuis AZ Groeninge was dat gelukt. Maar voor Kortrijk Weide heeft het niet gepakt.

Openbaar onderzoek

De opdracht een plan-MER op te stellen is door het stadsbestuur toegewezen aan Arcadis Belgium nv, Hasselt. Het studiebureau heeft eerst grondig nagedacht over hoe men het onderzoek zou aanpakken. Die aanpak is uitgeschreven in een document en het is dat document dat momenteel op het stadhuis ter inzage ligt voor het publiek. Wie het wil raadplegen kan dat tot 30 september (afspraak maken met Peter Tanghe, 056 27 84 50). Opmerkingen kunnen schriftelijk worden ingediend bij de Dienst MER, Koning Albert II-laan 20 bus 8, 1000 Brussel.

Op de manier waarop Arcadis het MER-onderzoek wil aanpakken is volgens mij weinig aan te merken. Het Limburgse studiebureau wil niet ten onrechte vooral de effecten nagaan van de te verwachten toename van het verkeer door de verschillende projecten in het gebied. Als ander sleutelaspect ziet Arcadis het ruimtegebruik: hoe bereikbaar wordt alles? Is er genoeg ruimte voor alles wat men daar wil realiseren? Zal het woongebied voldoende afgeschermd zijn van de storende elementen van de andere functies (politiehoofdkwartier, evenementenplein, grote parking enzovoort)?

Ook voor de woonkwaliteit is er verscherpte aandacht: wat met eventuele extra geluidsoverlast, en met extra luchtvervuiling? In de marge van het onderzoek kijkt men ook naar de natuur (moet het bestaande groen behouden worden? is er plaats voor natuurontwikkeling?) en naar het landschap (wat voor interessants zal men zien vanop Kortrijk Weide of als men van in de verte naar Kortrijk Weide kijkt?).

rui2

Lawaai

Wat het geluid betreft, wordt het spannend. In juli 2007 werd er op de terreinen waar het nieuwe hoofdkwartier van de politie moet komen een beperkt akoestisch onderzoek uitgevoerd. Daaruit bleek dat de zone onderhevig was aan lawaai van zowel de spoorlijn naar Brugge als van het toenemende verkeer op de westelijke ring.

Tussen 10 en 14 uur (geen spitsuren!) produceerde de westelijke binnenring tot 100 meter ver geluid tussen 43 en 51 decibel (dB(A). De voorbijdenderende treinen maakten 39 tot 40 dB(A). De Vlaamse milieukwaliteitsnorm is 50 dB(A). Daar moet dus niet al te veel lawaai meer bijkomen, vooral niet voor het geplande luxe-woonpark aan de Leie, dat geprangd zal liggen tussen de bruggen van de spoorweg en van de westelijke binnenring.

Grondvervuiling

Voorts zullen de gevolgen van de voorgenomen projecten op de bodem worden onderzocht. Maar de ontwikkeling van Kortrijk Weide staat of valt met de sanering van de bestaande zware grondvervuiling in het gebied. En dat is een andere kwestie. Er zijn momenteel verschillende bodemonderzoeken aan de gang, onder meer in het kader van de mogelijke verkoop van de gronden van de NMBS aan stad Kortrijk. Het staat nu al vast dat er in het gebied tal van verontreinigde zones liggen: de grond waar tot enkele jaren geleden een tankstation Heite lag (rotonde Blekersstraat), de grond ernaast, de terreinen van de vroegere brandstoffenhandel Dupont-Dewulf, een perceel van de vroegere rolstoelfabrikant Carlier, grond van het OCMW vroeger gebruikt door garage Flandria, plekken op de laadkoer van het spoorweg-entrepot...

Ik vrees dat men er nog meer zal ontdekken naarmate men grondwerken wil uitvoeren voor de bouw van een en ander. Het MER-onderzoek zal moeten uitwijzen in hoeverre het verantwoord is graafmachines te laten aanrukken voor bijvoorbeeld ondergrondse parkings.

Een onbekende in het verhaal is wat er in de uitgestrekte terreinen van de Spoorwegen onder de grond zit. Ze liggen drie tot vier meter boven het natuurlijke niveau, zoals te vinden dichter naar de Leie toe. Men is blijkbaar vergeten dat het hier om massaal opgevoerde grond gaat. Op het einde van de negentiende eeuw kocht het bestuur van de Spoorwegen het grootste deel van de verlaten openluchtblekerijen van de patriciërsfamilie Nolf. Volgens kronikeur Julien Huysentruyt (Herinneringen aan Kortrijk 1900-1940) wilde men daar een nieuw en ruimer treinstation bouwen. Maar "die aangekochte meerschen lagen in een diepen put waarvan men begon aan het ophogen rond 1895-1896". "Hoeveel treinen aangevoerden grond, versleten ballast en soortgelijk vulsel die put reeds verzwolgen heeft zal nooit geen mensch ooit kunnen samentellen" schreef Huysentruyt. Hij wist dat er soms heen en weer twee treinen liepen naar de steengroeven van Lessen "heengaande met 30 ledige bakwagens en vandaar terug met grond die ze daar te veel hadden om hun ontginning verder mogelijk te maken". Die aanvoer van opvulmateriaal duurde tot 1914. De oorlog doorkruiste de plannen om daar een nieuw station, later goederenstation te realiseren.

Fijn stof

Toch een zwak punt in het geplande onderzoek van Arcadis: de weerslag van alles wat daar moet komen, op de luchtkwaliteit. Er is waarschijnlijk nu al een probleem met 'fijn stof'. De 'daggrenswaarde' van 50 microgram (µg) PM10 per kubieke meter lucht mag niet meer dan 35 keer per jaar overschreden worden volgens de Vlaamse normen. Wellicht wordt die - niet al te strenge - norm nu al niet gehaald, met al dat verkeer op de westelijke binnenring. In 2007 is vastgesteld dat het jaargemiddelde voor PM10 (grof 'fijn stof', roetdeeltjes en dergelijke) in het gebied bijna de jaargrenswaarde van 40 µg/m³ bereikte.

Arcadis gaat die luchtvervuiling met PM10 bestuderen. Daarvoor zijn er Europese normen sinds 1987. Maar sinds 1997 zijn er ook al Europese normen voor ècht fijn stof: PM2,5. Die echt fijne deeltjes dringen veel dieper door in de longen bijvoorbeeld en zijn veel schadelijker. Nog toxischer zijn de 'ultra fine particles' (UFP), PM0,1 genoemd. Die zijn werkelijk supertoxisch. Zowel PM2,5 als PM0,1 worden veroorzaakt door het gemotoriseerd verkeer. Het is een leemte in het MER-onderzoek als Arcadis daarvoor geen oog heeft. Wie maakt een opmerking bij de Dienst MER?

Vertraging

Zoals gezegd, betekent dat plan-MER een vertraging van zeker een jaar. Maar in Kortrijk heeft men daarop iets gevonden. Men zal terwijl de MER-werkzaamheden bezig zijn, toch al starten met de procedure voor de opmaak van het RUP. De MER-resultaten zullen dan in de loop van die procedure ingeschoven worden. Meer bepaald zal men de goedkeuring van de MER-resultaten laten samenvallen met de vergadering waarin het voorontwerp van het RUP moet worden goedgekeurd. In dat voorontwerp zullen al de MER-resultaten zijn verwerkt. Het communicatieverkeer tussen Arcadis en Leiedal (en de stadsdiensten die over de schouders zullen meekijken) zal dus intens zijn...

Maar ik denk niet dat het die procedures zullen zijn die gaan beslissen over het succes van Kortrijk Weide. Vooral de bestaande grondvervuiling - de stadsdiensten hebben nu al weet van 6 à 7000 kubieke meter te saneren aarde! - staat een spoedige realisatie van alle plannen in de weg. Meer nog, sommige instanties lijken stilaan hun geduld te verliezen. Zo gaan er bij de federale politie (partner van de lokale politie bij de bouw van een nieuw politiehoofdkwartier) stemmen op om elders een eigen stek te gaan bouwen; dat zou dan meteen het prestigieuze project naar een ontwerp van architect Xaveer De Geyter op de helling zetten. Twijfels rijzen er ook bij de plannen om in het lager gelegen gebied luxueuze woontorens te bouwen - zal daar nog behoefte aan zijn? En voor het entrepotgebouw van de Spoorwegen, dat men wil bewaren, heeft men nog altijd geen passende herbestemming.

dup2

Meer over het politiehoofdkwartier in mijn eerdere stukken van 3 februari 2008 en van 30 januari 2008

20:07 Gepost in Algemeen | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

20-09-09

Kortrijk in de knoei met parkerende ingezetenen

parkeermeter Zwevegemsestraat 0909 klein

Kortrijk doet aan 'bewonersparkeren'. Maar schoorvoetend. En met uitsluiting van die andere 'ingezetenen' - die toch ook ganse dagen doorbrengen in de stad -, de winkeliers en andere zelfstandigen die nog niet het centrum of de dorpskom hebben verlaten. Parkeren blijft in Kortrijk een heikel discussiepunt en zal dat nog lang blijven. In de voorbije gemeenteraad botste de progressieve fractie (sp.a, Groen! en SLP) bij monde van Philippe De Coene, met schepen van mobiliteit Guy Leleu, CD&V.

Felix Decabooter

Kortrijk heeft gepionierd in parkeerbeleid. Wijlen schepen Felix Decabooter tastte de grenzen van de wettelijke mogelijkheden af om vernieuwende maatregelen te nemen. Zo introduceerde hij - nadien nageaapt door tal van andere steden en gemeenten - een systeem van parkeerretributies (tarief 2, weet je nog!) in vervanging van parkeerboetes. De retributies kwamen in de stadskas, de boetes waren voordien voor de schatkist van de hogere overheid. Nadien kwam de oprichting van het autonome parkeerbedrijf Parko, de introductie van allerlei betaalsystemen, de realisatie van (ondergrondse) stadsparkings, de 'park- en rideregeling' (een slag in het water), de vermenigvuldiging van betalende zones, experimenten met bewonersparkeren enzovoort.

Maar het Kortrijkse stadsbestuur is altijd blijven worstelen met de parkeernoden van zijn ingezetenen. Eerst hadden de stadsbewoners geen parkeerfaciliteiten in hun straat; later konden ze een bewonerskaart bekomen maar dan tegen betaling. Thans is er een systeem van blauwe zones of van betalende zones waarin geregistreerde bewoners niet hoeven te betalen (voor een enkele wagen per gezin). Daarvan kunnen winkeliers, zelfstandigen of sociale organisaties in die zones niet genieten. Voor een tweede gezinswagen werd er in die zones aanvankelijk geen uitzondering gemaakt; nu is er een mogelijkheid tot een tweede registratie tegen betaling (137,5 euro per jaar).

Drempel

Het probleem is dat het stadsbestuur nog altijd onvoldoende onderscheid maakt tussen de parkeerbehoeften van bezoekers en die van de stadsbewoners. Men wil enerzijds de mensen zoveel mogelijk aansporen om het autogebruik te vervangen door minder schadelijke vervoersmiddelen zoals fiets of bus. Maar anderzijds wil men van Kortrijk een stad maken waar bezoekers - men denkt dan vooral aan het shoppende publiek - zonder veel zoeken gemakkelijk hun wagen kwijt geraken. Het resultaat is dat voor de eerste doelstelling vooral op de stadsbewoners wordt gemikt. Dat gaat regelrecht in tegen het streven om nieuwe bewoners - jonge gezinnen met kinderen liefst - naar de stad te lokken. Dat beleid werkt ook verdringend ten opzichte van de kleine en middelgrote economische activiteiten die nog niet uit het stadscentrum of uit Kortrijk in zijn geheel zijn vertrokken.

Het huidige systeem van bewonersparkeren is al veel verbeterd dan in het begin, maar het vormt nog altijd een serieuze drempel voor die fameuze jonge gezinnen met kinderen om in het stadscentrum of in een andere betalende zone te gaan wonen. Jonge gezinnen kunnen vaak niet zonder een tweede wagen - of men dat nu betreurt of niet - om te gaan werken, de kinderen naar school te brengen, proviand te gaan opslaan in de Aldi, Delhaize of ander warenhuis enzovoort. Precies in die zones zijn de woningen met eigen garage schaars. In de week hebben die koppels dat bewonersparkeren eigenlijk niet nodig, want in de uren dat het geldt, zijn ze meestal gaan werken. Alleen op zaterdag zitten ze met het probleem van die tweede wagen; 137,5 euro per jaar is voor die ene dag per week toch wel een serieuze uitgave.

Actief aanbod

Bovendien garandeert dat bewonersparkeren de rechthebbenden helemaal geen parkeerplaats. Als de niet-bewoners alle plaatsen hebben volzet, mogen de bewoners op zoek gaan naar een - vaak te betalen - plaats buiten hun zone. Eigenlijk is het bewonersparkeren vooral aantrekkelijk voor gepensioneerden, die overdag thuis zijn.

Het is niet eenvoudig om als jong gezin in het hart van de stad te gaan wonen. Nochtans is het voor de stad van groot belang dat er wel degelijk dergelijke gezinnetjes in dat avontuur stappen. Het parkeerbeleid mag daartoe geen drempels opwerpen; het moet integendeel zo zijn uitgekiend dat het een extra lokmidel wordt.

Een ernstig beleid van bewonersparkeren moet daarom twee aspecten hebben. Hoe schaars de parkeerplaatsen in Kortrijk ook lijken - ze zijn het niet voor bezoekers die het zich niet ontzien om een paar honderd meter te lopen! -, voor de stadsbewoners mag er op geen enkele manier geld gevraagd worden voor de gezinswagen(s). Bovendien moet er een actief aanbod komen van gereserveerde parkeerplaatsen voor de bewoners in hun woonomgeving. In veel straten met parkeerdruk, zouden niet-bewoners gemakkelijk wat verderop kunnen gaan staan op de onder- en bovengrondse stadsparkings.

parkeermeter Zwevegemsestraa3 0909 klein

Die andere ingezetenen

Ook voor die andere 'ingezetenen' werkt het bestaande bewonersparkeren verdringend. Ik kreeg een mailbericht van een zelfstandige in de Zwevegemsestraat. Hij en alle andere winkels in die straat waren een jaar lang niet bereikbaar: een verschrikkelijke daling van hun inkomsten. Nu er eindelijk een einde komt aan hun miserie, constateren ze dat er in hun vernieuwe straat parkeermeters komen. Plots is hun straat een betalende zone geworden. Toen de man een bewonersregistratie aanvroeg, kreeg hij als antwoord dat zijn domicilie elders was gevestigd en dat hij er dus geen recht op heeft.

"Ik kom 's morgens aan mijn winkel om 9 uur, het moment waarop je moet beginnen geld steken in de parkeermeters. Ik moet betalen tot 18 uur; ik vertrek pas om 18.30 uur naar huis. Ik moet mijn camionette constant voor mijn zaak hebben omdat ik op elk moment van de dag moet kunnen laden en lossen. En aangezien ik op mijn eentje werk, is het niet te doen om mijn bestelwagen buiten de betalende zone te gaan zetten; ik kan de winkel toch niet onbeheerd achterlaten of in de werkuren op slot doen". Hij wijst er nog op dat de meeste bewoners in die betalende uren geen parkeerplaats nodig hebben omdat ze gaan werken zijn. En zegt hij te recht: "Wenst het stadsbestuur misschien een stadscentrum zonder kleine zelfstandigen? Dat wordt dan wel een heel zielige, dode stad."

Voorstel

Philippe De Coene, sp.a, bracht dat probleem ter sprake in de gemeenteraad van 14 september 2009. Hij wees erop dat die regeling een winkelier verplicht om verschillende keren per dag "te gaan bijsteken". Eigenlijk mag dat ook niet. Men moet zijn wagen dan verplaatsen, maar dat valt niet te controleren. De Coene rekende de raad voor dat die regeling de winkelier minstens 520 euro per jaar zou kosten (a rato van 260 werkdagen per jaar). Vandaar het voorstel van de progressieve fractie (sp.a, Groen! en SLP) om aan zelfstandige uitbaters of organisaties met een vestiging in betalende zones ook een bewonerskaart te geven.

Onzin

Dat voorstel is door de CD&V-OpenVLD-meerderheid achteloos weggestemd. Mobiliteitsschepen Guy Leleu ondernam eerst een poging om het in de grond te boren. Meer gratis parkeervergunningen uitdelen zou volgens hem nadelig zijn voor de keuze om de fiets of de bus te nemen. Dat is natuurlijk onzin; welke winkelier kan zijn voorraad aanslepen met die alternatieve vervoersmiddelen?

Zijn tweede argument verraadt de werkelijke reden van de hardnekkige houding van stadsbestuur en meerderheid: er zouden minder parkeerplaatsen overschieten voor de klanten. De hele regeling is uitgewerkt voor het shoppend publiek, hoewel precies dat deel van de parkingzoekers zonder veel erg kan geleid worden naar de boven- en ondergrondse stadsparkings.

Voorst wijst de schepen naar de toeschietelijkheid van het stadsbestuur om laad- en loszones te creëren. In de Lauwsestraat in Aalbeke heeft men er zodanig veel geschilderd dat de stad een ruime subsidie van het Vlaams Gewest is kwijtgespeeld. Hij vertelt er niet bij dat die laad- en loszones het parkeerprobleem van bewoners en andere ingezetenen nog verscherpen: het zijn allemaal plaatsen die wegvallen voor hen.

Overleg

Ten slotte ontkende de schepen dat die 520 euro per jaar voor de betrokken zelfstandigen hard zou aankomen: "Ze kunnen het aftrekken van hun belastingen". Tja, gratis duur krediet aan de stadskas dus. Toch moet het zijn dat schepen Deleu zich niet zo heel zeker van zijn stuk voelde. Hij besloot met de aankondiging van een grondig onderzoek van de huidige regeling. Ook verklaarde hij zich bereid in overleg te treden met de organisaties van zelfstandigen en winkeliers om eventueel toch een oplossing te zoeken voor de zwaarst getroffen zaken.

Vermelden wij nog dat er op vandaag in de straten en pleinen van groot-Kortrijk 5525 stalplaatsen liggen in blauwe en te betalen zones. In de stadskern is in die zones maximaal twee uur parkeren toegelaten; erbuiten maximum acht uur. In die zones zijn er 4100 bewonersregistraties in omloop. De bezettingsgraad van de parkeerplaatsen varieert in die zones op spitsmomenten tussen 70 en 90%, waarvan - amper! - 25 à 35% ingenomen worden door bewoners. Dat geringe bewonersaandeel illustreert de vaststelling dat het bewonersparkeren eigenlijk niet in het voordeel speelt van de jonge gezinnen met kinderen.

parkeermeter Zwevegemsestraa2t 0909 klein

12:49 Gepost in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

12-09-09

Go strange in Kortrijk - met Kortrijks filmpje

Het filmpje is eens te meer een creatie van Koen Vromman: Vroemvroem/GarageTV.

Jongeren met buitenlandplannen - zijn er andere? - kunnen zich in Kortrijk ter dege informeren over alle mogelijke opties. Daartoe organiseert JINT vzw op donderdag 15 oktober een groots opgezet evenement in de Mainjhal op de Pottelberg. De toegang is gratis.

Op donderdag 15 oktober 2009 is er in de Mainhall in Kortrijk het evenement Go Strange. Van 12 tot 15.30 uur is het toegankelijk voor scholen die zich vooraf inschrijven, van 16 tot 20 uur is het toegankelijk voor het publiek. De toegang is gratis.  Je vindt de Mainhall op de Pottelbergsite: Engelse Wandeling 2 J01, 8500 Kortrijk.

Buitenlandplannen

Go Strange is hét evenement voor jongeren met buitenlandplannen. Je kan er terecht voor tal van workshops waarin je de weg wordt gewezen naar het buitenland. Op de infomarkt sla je een praatje met organisaties die vrijwilligerswerk, studies, stages, (vakantie)jobs, zomerkampen of taalcursussen in het buitenland aanbieden. Je krijgt er informatie over zowel gratis als betalende mogelijkheden. Om je helemaal zin te doen krijgen in een internationaal avontuur vertellen bekende en minder bekende Vlamingen over hun grensverleggende ervaringen. En dat alles helemaal voor niks!

Dit jaar opent Go Strange zijn deuren voor het eerst ook voor leerlingen uit de derde graad, leerkrachten en ondersteunend personeel van het middelbaar onderwijs. Samen met hen bekijkt men over de schoolmuren heen hoe je in schoolverband internationaal kan gaan.

GO STRANGE is een organisatie van JINT vzw. JINT stimuleert en ondersteunt jongeren en jeugdorganisaties op vlak van internationale mobiliteit. JINT wordt voor deze opdracht gesubsidieerd door het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap en de Europese Commissie. Meer info over JINT? Surf naar www.jint.be.

Het programma

Op Go Strange vind je zeker volgende organisaties:

- in de sfeer van vrijwilligerswerk en inleefreizen:

Airstop Vrijwilligerswerk
Bouworde
Hannibal
Jeugddienst Don Bosco
Joetz
Karavaan
U move 4 Peace
VIA

+ JINT stel voor:
EVS: vrijwilligerswerk binnen of buiten Europa, gesubsidieerd door de Europese Commisie
Jongereninitiatieven: subsidies van de Europese Commissie voor jouw eigen project
Bel'J: vrijwilligerswerk met de Franse en Duitstalige Gemeenschap
PEJA: (zomer)kampen in internationale groep

- in de sfeer van studeren, taalcursussen en stages:

AFS
Erasmus, Leonardo en Comenius (EPOS)
Euroguidance
Europass
Fulbright
WEP
YFU

Cosmolingua
Easy Languages
EF (Education First)

- projecten in het zuiden:

4de Pijler
BTC en DGOS
DMOS-COMIDE
Intal en Steunfonds 3e wereld
VIDES
Vlaams Palestina Comité
VLIR-UOS
VVOB
Coprogram
Plan Youth Board

+ JINT stelt voor: 
Internationale jongerenprojecten

- vakantie)jobs:

ABVV jongeren
ACV jongeren
Eures

- 'Kortrijk goes international':
Postgraduaat Noord-Zuid

Howest
Katho
KHBO
KULeuven Campus Kortrijk


- Algemene wegwijzers:
Vlamingen in de Wereld
Wegwijzer
MO*
Vlaamse Jeugdraad

Go Strange heeft zijn eigen website, waarop je alle mogelijke informatie over 15 oktober kunt vinden. Op die website vind je eveneens alle linken naar voormelde organisaties.


21:30 Gepost in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

06-09-09

Er broeit iets op de Vlasmarkt in Kortrijk

Vlasmarkt1

Ongelukkige communicatie van het stadsbestuur zaait heel wat onrust op de Vlasmarkt, een van Kortrijks spontane uitgangsplekken, de hipste voor een jong publiek. Naar aanleiding van een bouwproject in de dode hoek van het pleintje, laat het Stadsontwikkelingsbedrijf SOK weten dat het "een nieuwe identiteit en missie" wil geven aan de lokatie. De Vlasmarkt is als het ware de informele toegangspoort tot het in opbouw zijnde megawinkelcomplex 'K in Kortrijk' (Foruminvest). De allerlevendige cafeetjes en de talrijke pleisteraars voelen zich bedreigd. Beschouwt Foruminvest (daarin gevolgd door stadsbestuur en SOK) ze als storend voor zijn shoppingmall? Los daarvan is het een logische vraag of precies op die uitgaansplek een woonproject moet opgezet worden.

Reputatie

De relatie tussen de cafés op de Vlasmarkt en het stadsbestuur stond nooit op 'beau fixe'. Het stadsbestuur zag de Vlasmarkt altijd vooral als een toegangspoort tot het winkelwandelgebied. Het moest met lege ogen aanzien hoe de leegstaande winkels - het is nooit een toplocatie geweest voor shopping - werden ingenomen door horeca-activiteiten, vooral alternatieve jongerencafés dan nog. "De laatste jaren leek de Vlasmarkt wel ingepalmd door de jongeren" schreef Het Laatste Nieuws jaren geleden al naar aanleiding van de opening van weer een nieuw café op het pleintje (28 oktober 2000).

Geconfronteerd met een ongewenste spontane ontwikkeling hield de stedelijke overheid zich van meet af aan heel terughoudend. Meer zelfs, verschillende keren werd politie - en vroeger rijkswacht - erop afgestuurd, zogezegd om de overlast van de jonge uitgaanders in te dijken. Philippe De Coene, sp.a, interpelleerde de burgemeester in 2002 nog over het overdreven machtsvertoon waarmee een dergelijke razzia gepaard ging.

Hoe grondig de elkaar opvolgende cafés ook werden uitgekamd: de flikken vonden iedere keer weer zeer weinig, behalve dan minderjarige jongeren. Maar die razzia's deden de reputatie van de Vlasmarkt geen goed. "Als je een café op de Vlasmarkt openhoudt, denken ze direct dat je in het drugsmilieu zit. De politie schrok dat wij een blanco strafblad hadden" verklaarden Maxime Ferret en Elke Oplinus in 1998 bij de opening van hun - intussen wijlen - café Hugga Wugga (Nieuwsblad 29 augustus 1998).

Fluitend

Toen in 2006 bekend werd dat het Stadsontwikkelingsbedrijf SOK leegstaande panden wou opkopen op de Vlasmarkt, vroeg toenmalig jeugdraadvoorzitter Thomas Holvoet toen al dat de stad respect zou opbrengen voor de pleisterplaatsen van de alternatieve jeugd aldaar. Hij ontkende dat de Vlasmarkt overspoeld was door druggebruikers: "Op elk plein heb je wel enkele druggebruikers. Het echte probleem is dat de alternatieve jeugd niet past in het plaatje van shopping Sint-Jan (intussen omgedoopt tot K in Kortrijk, n.v.d.r.). De alternatieve jeugd heeft het recht zich om het even waar te verplaatsen zonder meteen bestempeld te worden als 'hangjongeren'" (Het Laatste Nieuws 10 juni 2006).

De winkeliers in de omgeving - ooit een club met 15 leden - vonden het uiteraard evenmin plezierig dat hun pleintje er maar niet in slaagde eruit te zien als een echte shoppingstreet zoals de Lange- en de Kortesteenstraat. Er was ook wat wrevel bij de - niet zo dik gezaaide - omwonenden, die vooral klaagden over te luide en te late muziek. Maar op een bewonersvergadering bleken bepaalde buren het bijna even erg te vinden dat de vuilniskar 's morgens vroeg passeerde onder begeleiding van fluitende ophalers. In 2005 kregen de mannen van de vuilkar een dienstorder onder de neus waarin hen voortaan een verbod werd opgelegd al zingend en fluitend aan de slag te gaan (!).

Muzak

In september 2004 legde het stadsbestuur de café-uitbaters op de Vlasmarkt een convenant op, met als belangrijkste afspraak dat de muziek niet luider mocht staan dan 90 decibel. De cafés ondertekenden de overeenkomst met enige argwaan. Niettemin volgden daarop nog enkele veroordelingen wegens geluidsoverlast. Ondertussen is de buurt wel wat zwaardere overlast gewoon geraakt met de grootschalige bouw van het megawinkelcentrum K in de nabijgelegen Wijngaardstraat.

Eerder repliceerden de café-uitbaters op de Vlasmarkt dat de in 2004 in gebruik genomen muzak-installatie in het winkelwandelgebied misschien wel meer op de zenuwen van omwonenden en bezoekers werkte dan wat zij draaiden aan hun toog. Ook die zogenaamde sfeermuziek - permanent! - is niets meer dan achtergrondlawaai. En met de keuze van die muziek is niet iedereen het eens, zeker niet bij de jongeren.

In 2002 werd de Vlasmarkt heraangelegd. Aan de horecazijde kwam ruimte voor terassen en de winkelkant werd daarvan gescheiden door een rijstrook voor autoverkeer (dat dan via de Nieuwstraat naar de Spoorweglaan/kleine stadsring kan). In die omstandigheden heeft het pleintje zich intussen ontwikkeld als een succesvolle locatie voor horeca.

Cafébaas Fré Decruyenaere merkt op dat de Vlasmarkt momenteel  bijzonder weinig overlast te weeg brengt voor de omwonenden: "Integendeel, de omwonenden komen graag een glas drinken op onze terrassen, en met de komst van biercafé Gainsbar werd een nieuw, wat ouder en meer gediversifieerd publiek aangeboord. Ook toeristen vinden meer en meer hun weg naar de terrassen onder de boompjes van de Vlasmarkt; van de zomer zaten de terrassen overvol".

Dubbelzinnig

Nu bekend is dat het SOK de panden nr. 9 tot 17 (van het gewezen paaldanscabaret Maxim tot het flatgebouwtje) en het eerste pand van de Lekkerbeetstraat zal laten verbouwen, is opnieuw ongerustheid ontstaan bij café-uitbaters en klanten. Schepen Wout Maddens, OpenVLD en SOK-directeur Trui Tydgat zijn met het nieuws van de verbouwing in de lokale pers gekomen. Zoals in 2006 bracht de stedelijke overheid evenwel weer een dubbelzinnige boodschap.

Drie jaar geleden (bij de aankoop van die panden) had toenmalig burgemeester Stefaan De Clerck, CD&V, laten weten dat er niet zou geraakt worden aan de jongerencafés: "Wij willen enkel de Vlasmarkt opwaarderen. De Vlasmarkt opknappen en meer uitstraling bezorgen is een must". Waaronder in elk geval de boodschap verscholen zat dat de huidige hoofdfunctie van het pleintje - pleisterplaats - niet genoeg 'uitstraling' bood. Ook werd toen door het stadsbestuur erop gewezen dat het toch een deftige doorgang wou naar het geplande megawinkelcentrum van Foruminvest.

Thans probeert ook schepen Maddens de gemoederen te bedaren door te stellen dat hij als verantwoordelijke voor Stedenbouw "de charme en de sfeer van de Vlasmarkt wil behouden". Dezelfde Maddens is afgevaardigde-bestuurder (2de in rang na voorzitter Stefaan De Clerck) van het SOK. En dat SOK laat verstaan toch wel met andere ogen naar het pleintje, een van de tentakels van het winkelwandelgebied, te kijken.

In het jongste jaarverslag van het SOK staat onomwonden dat de Vlasmarkt "ondanks de recente heraanleg door de Stad evenwel een zekere dynamiek mist". Waar het pleintje momenteel is uitgegroeid tot "een horecaplein dat vooral gericht is op jongeren", wil het SOK "door het realiseren van een project aan het plein een nieuwe identiteit en missie geven". Volgens het SOK ligt het plein in een "strategische zone" en moet het worden opgenomen "in het loopcircuit", een circuit van en naar 'K in Kortrijk' wel te verstaan.

Vlas Vegas

In een vlammend persbericht pakken de uitbaters van de cafés Bar Oskar, café Ziggy en café Gainsbar en de verantwoordelijken van vzw Vlas Vegas - festivalorganisator die op het plein is ontstaan - uit met een waslijst van voorbeelden hoe dynamisch hun plein nu al is en hoe aantrekkelijk hun identiteit.

De Vlasmarkt is de bakermat van de vzw Vlas Vegas, een vzw die in een kleine tien jaar tijd uitgegroeid is tot een organisatie die verantwoordelijk is voor het grootste jaarlijkse evenement voor de Kortrijkse jongeren, Sinxen Vlas Vegas, en ondertussen ook een eigen platenlabel heeft en op de Vlasmarkt een eigen platenzaak uitbaat.  Zie de blog van Vlas Vegas. De vzw was er ook verantwoordelijk voor dat de Maxim's in 2009 nog een nuttige invulling kreeg met de concertclub The Strip, waar in een klein jaar tijd een 30-tal concerten hebben plaatsgevonden, een aantal fuiven en een platenbeurs. Lees over The Strip een interview met Steve Vandekerkhove op Indymedia.

De Vlasmarkt is een broeinest van creatieve jongeren. Verschillende Kortrijkse bands hebben hun roots op de Vlasmarkt liggen, en iedere dag worden er nieuwe ideeën geuit en samenwerkingsverbanden gesmeed. De verschillende cafés steunen deze creativiteit door gratis caféconcerten te geven, en lokale dj's te steunen.

Tom Barman

Er zijn voldoende initiatieven genomen door de verschillende cafés op de Vlasmarkt die net op een uiterst grote dynamiek en creativiteit duiden:  van de zomer nog organiseerde de Ziggy opnieuw een Ethiopian-Eritrean Night, en was er een zondagse kindernamiddag op initiatief van de drie cafés. Bar Oskar viert jaarlijks zijn verjaardag met optredens op de Vlasmarkt, optredens die overigens om 22u 's avonds altijd afgelopen zijn. De Sinksenfeesten waren dit jaar ook op de Vlasmarkt aanwezig dankzij de Ziggy, overigens in perfecte symbiose met Sinxen Vlas Vegas op de parking aan de Wandelweg.

De Vlasmarktanimatoren willen ook graag nog eens verwijzen naar het unieke stadsfestival dat op 1 oktober 2006 plaats had op de Vlasmarkt in navolging van de 01/10 concerten georganiseerd door Tom Barman, dat trouwens gepaard ging met een opvallende affichecampagne met foto's van Vlasmarktbezoekers die opriepen tot een verantwoord stemgedrag. Op dit festival, georganiseerd door de vzw Vlas Vegas, de internetmagazines Semtex en Digg*, en de cafés Bar Oskar en Ziggy, speelden maar liefst 30 lokale bands en draaiden tientallen lokale dj's hun platen. Van een gebrek aan dynamiek gesproken!

De mensen van Vlas Vegas, Bar Oskar, Ziggy en Gainsbar stellen dan ook de vraag hoe 'de nieuwe identiteit en missie' van de Vlasmarkt er wel uit moeten zien: "De Vlasmarkt biedt een meerwaarde die niet te onderschatten is, in schril contrast tot andere uitgaansbuurten in Kortrijk, waar het Vlasmarktpubliek zich niet thuis voelt. De cafés op de Vlasmarkt bieden de diversiteit die een stad, wil deze stad aantrekkelijk zijn voor de bewoners én voor bezoekers van buitenaf, nodig heeft. Als het de bedoeling is om van de Vlasmarkt slechts een doorgang te maken in het "loopcircuit" naar K in Kortrijk, dan vrezen wij dat steeds meer jongeren uit Kortrijk gaan wegtrekken. Het lijkt ons dan ook aangewezen dat men ons betrekt in de plannen voor de Vlasmarkt, en wij zijn heel graag bereid tot overleg met het Stadsbestuur en het Stadsontwikkelingbedrijf?".

Bewoning

Wat er in de plaats zal komen van de te slopen oosthoek van de Vlasmarkt, is een gebouw met zeven appartementen, een parkeerkelder met zeven stalplaatsen en een benedenverdieping voor "handelsruimte". In het jaarverslag van het SOK was nog sprake van een horeca-invulling gelijkvloers. Voor de realisatie van dat plan rekent het SOK op bouwpromotor Batisco (gegroeid uit het aannemersbedrijf Van de Gehuchte, Sint-Maartens-Latem). In Kortrijk realiseerde de promotor al de residentie Morris, het flatgebouwtje met zeven appartementen achter een opvallende kader in de Doorniksestraat - in de onmiddellijke omgeving van de Vlasmarkt trouwens.

De woordvoerders van de horecakant van de Vlasmarkt zzijn niet onder de indruk van dat plan. Zij zeggen niet in te zien hoe bewoning kan gecombineerd worden met de bestaande horecabestemming op het pleintje. De drie cafés zijn immers gericht op een jong en divers publiek "dat in andere cafés zijn gading niet vindt". Zij vrezen dan ook dat zij in de toekomst zullen verplicht worden nog strengere convenanten af te sluiten met de stad - wat hun bestaansmogelijkheden in gevaar kan brengen.

Diezelfde bekommernis toonden al de sp.a-leden van de raad van bestuur van het SOK, Philippe De Coene en ikzelf. In het verslag van de raad van bestuur van 15 juni jl. is opgenomen dat Philippe De Coene de vraag stelde "of door de bouw van nieuwe appartementen de horecasfeer op de Vlasmarkt, die nu toch wel weer lijkt te zijn opgebloeid, niet teniet zal worden gedaan. Daar kwam geen antwoord op, behalve "we zien wel". In een eigen persmededeling vraagt gemeenteraadslid Bert Herrewyn, progressieve fractie: "Waarom een moeilijke en minder leefbare situatie creëren waar je vandaag over een gezellig en dynamisch plein beschikt?". Zo maak je geen werk van een leefbare stad die aantrekkelijk is voor jongeren, meent Bert Herrewyn.

Wegpest-beleid

Tal van Vlasmarktbezoekers hebben intussen ook al van zich laten horen. Zie bijvoorbeeld de blog van Axel Weydts met een uitvoerige reactie van Thomas Holvoet, die zich ook al in 2006, als toenmalig voorzitter van de jeugdraad, zorgen maakte over de Vlasmarkt. "Geen dynamiek op de Vlasmarkt? Ze zijn er waarschijnlijk nog nooit een pintje komen drinken, die twee van het SOK! Het is dus duidelijk dat de stad het plein een andere bestemming wil geven. Jammer jammer jammer" schrijft Axel Weydts, heel bekend in het Kortrijkse jeugdleven.

"Wat de stad uiteindelijk op oog heeft is een totale switch van bezoekerspubliek op dit pleintje. Men denkt eigenlijk: “horeca, ok, maar dan NIET gelijk hoe”. “Alternatieve jongeren die de toegangspoort bekleden van K” zien vele commercanten en mensen binnen het politiek bestel NIET zitten" meent Thomas Holvoet dan weer, die vreest voor een wegpest-beleid ten opzichte van de bestaande cafés met hun huidig publiek.

Een andere bekende stem in de Kortrijkse blogosfeer is Matti Vandemaele, van Heule en van Groen! (zie blog). Hij waarschuwt voor het volgende: "Voor een groot deel van de jongeren die Kortrijk trouw blijven en niet verhuizen naar Gent is de Vlasmarkt één van de – zoniet dé – laatste plek(ken) waar de sfeer goed zit en waar ze zichzelf kunnen zijn.  Als schepen Maddens denkt dat de gezelligste terrassen van Kortrijk te verzoenen zijn met nieuwe woningen dan slaat hij de bal natuurlijk helemaal mis."

Ik ben eens benieuwd hoe de stad op de reacties uit 'het broeinest van de Vlasmarkt' zal reageren.

Vlasmarkt2

10:14 Gepost in Algemeen | Permalink | Commentaren (5) |  Facebook |

03-09-09

prtentejs

breukPS2

 

schutters Bel 1

 

schutters Bel 2

 

schutters Bel 3

 

schithoek

23:50 Gepost in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Een van de oudste verenigingen van Kortrijk viert 450ste verjaardag

allerlei mei 053

De Koninklijke Handbooggilde Sint-Sebastiaan van Bellegem viert komend weekend zijn 450-jarig bestaan. Schutter-historicus Björn Wastyn schreef een zeer gedetailleerd en rijkelijk geïllustreerd boek over zijn club. Welke andere vereniging in groot-Kortrijk kan ... 'bogen' op een dergelijke eeuwenlange geschiedenis ...? De schutters hebben dan ook alle redenen om een paar schietingen en een respectabel feestje te bouwen. Misschien een gelegenheid om ze eens te gaan bekijken - wie weet, krijg je ook geen zin om op donderdagavond in vriendschap, gezelligheid en sportieve rivaliteit te gaan oefenen in de schietstand en kantien Oude Tramstatie, Walleweg 60 in Bellegem?

 

Breughel

Vzw Koninklijke Handbooggilde Sint-Sebastiaan Bellegem heeft een stamboom die opklimt tot 1559. Een serieuze aanwijzing is het gildevaandel (zie bovenaan foto van Björn Wastyn, auteur van het boek over de handbooggilde dat nu verschijnt). Het vaandel is een kopie, gemaakt in 1974 van een eerdere standaard waarop het jaartal 1559 ook al was geborduurd. In het bezit van de Bellegemse schutters is trouwens een ere-diploma uit 1973 waarin verwezen wordt naar het meer dan 400-jarig bestaan van de vereniging. Björn Wastyn verwijst in zijn boek naar het schilderij "De kermis van Hoboken", een prent van Breughel, precies uit 1559, met daarop een staande wip en een wapperende vlag met Sint-Sebastiaan. De schutterij moet een deel van het volksleven zijn geweest in die tijd.

 

Een rechtstreeks bewijs met een document uit het jaar 1559 kunnen de schutters van Bellegem niet aanbrengen. In de loop van hun, bij wijlen tumultueuze geschiedenis, is dat verdwenen. Uit andere bronnen hebben zij evenwel kunnen vaststellen dat hun maatschappij een erkenning kreeg door de baljuw, een soort burgemeester van Bellegem. De gilde mocht bestaan uit 30 schutters met elk twee handbogen, elk twee dozijn pijlen, en enkele schutters met 'wapenkleed'. In ruil voor die officiële toestemming moesten zij zich ter beschikking houden om onder het gezag van de baljuw op te treden als een soort dorpsmilitie, oproerpolitie tegen "troublen".

Oploop ofte beroerte

Het was toen inderdaad een roerige tijd. De Habsburgse keizer Karel was nog maar vier jaar overleden, dezelfde keizer die in 1540 een opstand van Gent, daarin gevolgd door Kortrijk, had neergeslagen. Zijn zoon en opvolger Filips II, die zich later ontpopte als een wrede fanatiekeling, was zich nog aan het warm lopen in het verre Spanje. Het was een tijd van graanschaarste, misoogsten en uiterst strenge winters - het begin van de kleine ijstijd die duurde tot 1850. In die ellende voor het grootste deel van de bevolking vonden opkomende protestantse strekkingen een gunstige voedingsbodem. Het was dan ook de tijd van de 'hagepreken', illegale preken van protestantse redenaars op veilige afstand van de stad (Evangelieboom tussen Kortrijk en Zwevegem bijvoorbeeld?).

Ook in het nabijgelegen Kortrijk wilden de gezagshebbers (de hoogbaljuw als vertegenwoordiger van de vorst en de schepenen als stedelijke overheid) de schuttersgilden kunnen mobiliseren als militie. Er is een brief bewaard uit 1568 waarin de schutters- en schermers-gilden ("ghulden") verzocht te laten weten "wat secours ende hulpe de justitie en de wedt in tyde van eenighen oploop ofte beroerte zoude moghen verwachten vande zelve ghulden". De gildebroeders werden verplicht trouw te zweren aan de roomskatholieke godsdienst en de koning; van de 146 waren er 12 die dat durfden te weigeren.

Papegaai

Maar van meetafaan waren die schuttersverenigingen ook en vooral ontspanningsclubs. De organisatie in gilden en de officiële erkenning door het plaatselijke gezag was een poging om dat gewapend-sportieve geweld in goede banen te leiden. In het standaardwerk De geschiedenis van Kortrijk wijden Ernest Warlop en Niklaas Maddens elk een hoofdstuk aan de schuttersgilden; de schutterij was van in de middeleeuwen een populaire hobby. Naast het schieten beleefden de schutters ook veel plezier door op te stappen in allerlei feestelijke optochten.

Een bewaard gebleven attribuut uit die optochten bewijst ten overvloede dat de Bellegemse handbooggilde reeds bestond in de tweede helft van de 16de eeuw. Een kenteken van een handbooggilde met een officiële keure was een 'papegaai'. In stoeten werd die metalen vogel door de schutterskoning meegedragen. De Bellegemse schutters hebben een gouden papegaai - ziet er uit als een duif, maar soit - met onderaan het wapen van Jeruzalemveroveraar Godfried van Bouillon, het 'Jeruzalemkruis' - bewijs van kerkelijke toestemming? - èn het jaartal van vervaardiging: 1593.

 

 papegaai Bellegemse schutters

 

 

Breuken

Die papegaai wordt door de Bellegemse gilde gebruikt als siergewicht aan een van hun 'breuken'. Een 'breuk' is in schutterskringen een ere-ketting, waarmee met behaalde medailles kan worden gepronkt. De Bellegemse gilde bezit er momenteel drie. Zij worden op plechtigheden gedragen door de schutterskoning van de liggende wip, de koning van de staande wip en de voorzitter. Op de belangrijkste 'breuk' is boven de gouden papegaai een gouden plaket bevestigd, een ere-medaille van 1788, toegekend door de toenmalige baljuw van Bellegem aan de koning van de schuttersgilde. Die baljuw, Petrus Foulon, was eveneens de allerlaatste die Bellegem heeft gehad. De Franse revolutie schafte de baljuws af en installeerde in de gemeenten een gemeentebestuur onder leiding van een burgemeester.

Voormelde optochten gingen gepaard met heel wat spektakel. In het archief van de pastorij van Bellegem is een factuur (1662) teruggevonden van de aankoop van bier en ... buskruit door de handbooggilde. Het was immers gebruikelijk dat de schuttersgilden bij optredens een kanonnetje meedroegen en nu en dan afvuurden.

Willem Tell

Een ander spoor van de schutters vinden wij in het Landboek van Bellegem van de periode 1768-1781. Dat Landboek was een soort kadaster, waarop een plattegrond van het dorp was uitgetekend verdeeld in percelen. Op een van die percelen staat een staande wip getekend met als uitleg: "persse". Dat terrein lag in de nabijheid van de schietstand die de club tot enkele jaren geleden in gebruik had (de "skithoek" in de Roncevaalstraat).

In de jaren 1800 spatte de oude handbooggilde uiteen in verschillende concurrerende clubs. Op een bepaald moment waren er zelfs vier verenigingen actief, elk met hun eigen politieke kleur. Op een medaille van 1841 staat gegraveerd: "à la société la plus nombreuse" (aan de vereniging met het meeste leden)... Een ander eremetaal in het bezit van de club, uit 1847, vermeldt: "à la société Guillaume Tell Courtrai-Dehors" (aan de maatschappij Willem Tell Kortrijk-Buiten).

Op initiatief van de club De Verenigde Vrienden kwam het in 1962 tot een hereniging van alle Bellegemse handboogschutters. En bij die gelegenheid werd beslist opnieuw de naam te gebruiken van de moedergilde uit de zestiende eeuw: Sint-Sebastiaan, de patroon van de boogschutters. Een schilderij van de martelaar kreeg een ereplaats in de kantien.

 

Sebastiaan

Skithoek

Aanvankelijk schoot de herenigde club alleen op de liggende wip, opgesteld in café Au Chevalier op Bellegemplaats. In 1967 werd er opnieuw een staande wip, een 'perse', in gebruik genomen, nadat men een pachtcontract kon afsluiten voor een stuk landbouwgrond in de Roncevaalstraat. Op eigen kracht timmerden de gildeleden een lokaal ineen. Zij doopten het ... "In de Skithoek". Was dat zelfspot of heeft men gewoon een e vergeten? In elk geval was het lokaal uitgerust met een in het oog springende urinoir. Het merkwaardige bouwsel bestaat nog altijd en wordt thans gebruikt door de landbouwer als opslagplaats.

schithoek

Opstal

Maar de locatie in de Skithoek was niet ideaal. Hoeveel clubgenoten hebben er zich niet vastgereden in de modder van het onverharde veld? Het stadsbestuur van Kortrijk, waarmee Bellegem inmiddels was gefuseerd, deed de club een mooi voorstel. De schutters konden een 'recht van opstal' krijgen op de grond van de oude tramstatie in de Walleweg, op een ... boogscheut van de dorpskom.

De gemeenteraad keurde op 13 maart 1992 - ik zat er al in - dat contract goed: tegen 25 euro per jaar konden de schutters 20 jaar lang alles inrichten wat nodig was op die stadsgrond. Ze bouwden een riante kantien en stelden een reglementaire schietpers op. Het is daar, Walleweg 60, dat thans de feestelijkheden voor het 450-jarig bestaan plaatsvinden. Raar maar waar: ook hier is een wat eigenaardige spelling gebruikt voor het naambord van de zaal... (grapje - konijnengrapje eigenlijk!).

schutters Bel 1

Keizer

De handbooggilde wordt sinds 1995 stevig geleid door voorzitter Gust Caus, de bekende carrossier, die werkelijk alles over heeft voor zijn liefhebberij. Hij draait er bijvoorbeeld zijn hand niet voor om om op het jaarlijkse mosselsouper meer dan 2000 kg mossels te helpen klaarmaken. 

De voorzitter zal de enige in de eeuwenlange geschiedenis van de handbooggilde zijn die een tweede keer een gooi zal doen naar de 'keizerstitel' in Bellegem. Keizer wordt men niet zomaar. m keizer te kunnen worden, moet men eerst twee jaar naeen koning zijn, dat wil zeggen de beste schutter. Dan krijgt men in het derde jaar, ter gelegenheid van de koningsschieting, een enkele keer de kans om 7 schoten te doen naar de 'top', de moeilijkste pluim. Binnenkort krijgt voorzitter Caus opnieuw een dergelijke uitzonderlijke kans.

De voorzitter is de schoonvader van kroniekschrijver Björn Wastyn, die door zijn schoonvader tot de schutterij is verleid. En de familietraditie wordt voortgezet. Ook kleinzoon Wannes Wastyn heeft van opa al een boog cadeau gekregen naar aanleiding van een mooi schoolrapport; hij neemt al deel aan kermisschietingen (wedstrijden voor het grote publiek).

De gilde traint steevast op donderdagavond. Belangstellenden zijn altijd welkom. De jongste jaren is er een opmerkelijk stijgende belangstelling bij jongeren om zich op deze eeuwenoude sport toe te leggen. Meer informatie over de club en het handboogschieten in het algemeen op hun website. Wie belangstelt in lokale historie, moet vooral het nagelnieuwe boek van Björn Wastyn kopen, waarin hij als historicus het wedervaren van zijn gilde beschrijft, geïllustreerd met overtalrijke oude en recente foto's en afbeeldingen. 

Buiten de Bellegemse handbooggilde zijn er nog gelijksoortige verenigingen in Kortrijk-stad (Sint-Sebastiaan op het sportcentrum Wembley), in Heule (schietstand) en in Bissegem (Rietput). In Marke staat nog een prachtige perse naast het kasteel in de Markebekestraat, maar de club heeft het opgegeven.   

FEESTPROGRAMMA 450 JAAR HANDBOOGGILDE BELLEGEM

Vrijdag 4 september 2009, van 19 tot 23 uur:

Kermisschieting op de liggende wip

voor schutters en niet-schutters (bogen en pijlen ter beschikking)

Zaterdag 5 september 2009, om 19.30 uur:

Voorstelling van het boek "450 jaar handbooggilde in Bellegem" (180 bladzijden)

Toelichting door auteur Björn Wastyn

 Zondag 6 september 2009, heel de dag,

vanaf 9 uur:

Blokkenschieting op de 7 hoge en Bordenschieting

Iedereen is van harte welkom in de schutterskantine, Walleweg 60, Bellegem.  

Het boek is te bekomen tegen 15 euro, rek. nr. 035-7079293-80 van Sint-Sebastiaan Bellegem

borden schutters Bellegem

 

20:10 Gepost in Algemeen | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |