18-05-08

LAR-Zuid bedreigt weer waardevol landschap tussen Kortrijk en Menen

Het stadsbestuur van Kortrijk zet het licht op groen (!) voor onteigeningen die het waardevolle landschap tussen Kortrijk en Menen moeten verdringen voor de niet-onbetwiste uitbreiding van het transportcentrum LAR. Die beslissing steunt op een hoogst eigenaardige interpretatie van een studie. Stad Menen, ook betrokken, is minder enthousiast. Het actiecomité dat al dat moois van landbouw en natuur wil bewaren, geeft toch de moed niet op. Voor een reportage in het bedreigde gebied, klik hier.

Droge haven

Kortrijk en omstreken ligt wel in de kustprovincie maar niet aan de kust. Toch heeft de streek een haven met internationale ambities, een droge haven weliswaar: de LAR (van de deelgemeenten waarop hij is gelegen: Lauwe, Aalbeke en Rekkem). Het is een transportcentrum voor bedrijven, gericht op de vervoers-, expeditie- en distributiesector. Op 76 hectare zijn 71 bedrijven neergestreken, op de westelijke 'oever' van de E17, ook ontsloten door de expresweg N58 en de Triloyweg.

Je vindt er niet alleen firma's met logistieke activiteiten met inbegrip van een spoorterminal, maar ook transportondersteunende diensten, douane en accijnzen, een openbaar entrepot, kantoren, onthaalfuncties en zelfs een vleesgroothandelscentrum met veemarkt (van stad Menen), een slachthuis en versnijderijen. Van de bestaande logistieke bedrijvenzone staat ongeveer 12 ha leeg, maar het grootste deel daarvan is niet beschikbaar omdat het reservegrond is in eigendom van gevestigde bedrijven.

Meerwaarde

Politiek-economische kringen in Kortrijk, gecoacht door de intercommunale Leiedal, dringen aan op uitbreidingsmogelijkheden voor de LAR. Zij zien voor het Kortrijkse een belangrijke rol weggelegd als een van de logistieke centra van Vlaanderen. Het zou een unieke kans zijn om het economisch weefsel van de streek, dat vooral is gebaseerd op voortboerende familiebedrijven, te verrijken met wat internationale investeringen.

De streek is strategisch goed gelegen als transitzone en heeft troeven om VAL- en EDC-activiteiten aan te trekken. VAL staat voor 'value added logistics' (logistiek met meerwaarde) en EDC voor 'Europese distributiecentra'. Zo kwam discounter Lidl enkele jaren geleden bij Leiedal aankloppen voor een vestigingsplaats voor een regionaal distributiecentrum van 6,4 hectare. Omdat er op de LAR geen plaats was, is de warenhuisketen dan maar ondergebracht op het regionaal bedrijventerrein Gullegem-Moorsele.

Haskoning

Wat er ook van zij, de Vlaamse Regering heeft begin 2006 haar definitieve goedkeuring gegeven aan het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'afbakening regionaalstedelijk gebied Kortrijk'. in dat plan zit onder meer de uitbreiding van de LAR aan de overkant van de E17. Die nieuwe zone werd LAR-zuid gedoopt. Maar er stak onmiddellijk een storm van bezwaren op, niet in het minst van de Vlaamse Commissie Ruimtelijke Ordening (VLACORO), die in haar advies aandrong op onderzoek naar alternatieve locaties. Die vraag naar verder onderzoek werd politiek gesteund door de parlementsleden Bart Caron (nog altijd Vlaams Parlement, VlaamsProgressieven) en Philippe De Coene (toen lid van de Kamer van Volksvertegenwoordigers, sp.a).

Daarop nam de Vlaamse Regering volgende subtiele beslissing: er wordt een studie besteld, en "indien blijkt dat er andere locaties toch beter geschikt zijn dan de locatie zuid, zal voor de nieuwe locatie een gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan moeten worden opgemaakt". Het onderzoek werd in handen gegeven van Studiegroep Omgeving (projectleiding, ruimtelijk onderzoek en eindrapport), ECSA (European Centre for Strategic Analysis, economisch onderzoek) en Haskoning België (ecologisch en milieuonderzoek). De onderzoekers gingen op zoek naar 30 hectare. Voor de studie werd 97.000 euro uitgetrokken.

larzuid

Noord

Een fundamentele leemte van de studieopdracht was dat men alleen op zoek mocht gaan naar alternatieve locaties "aansluitend op het bestaande transportcentrum". Eerder waren er voorstellen om elders in de streek een tweede transportcentrum uit te bouwen, in Wevelgem bijvoorbeeld, waar gebruik kon gemaakt worden van de nabijgelegen Leie als waterweg.

Het onderzoek (eindrapport 30 april 2007) besluit met een wat dubbelzinnige aanbeveling. In de conclusie wordt eerst onomwonden gesteld dat de locatie noord (tussen de Dronckaertstraat, de Grote Kruisstraat en de noordelijke afrit Moeskroen van de E17, grotendeels grondgebied Rekkem) economisch gezien "het beste scoort". Ook op de criteria volksgezondheid, ruimtelijke ordening en ecologie is de noordelijke uitbreiding het meest aangewezen. De noordelijke optie is evenwel het moeilijkst te realiseren, omdat er het meest moet onteigend worden bij bewoners. Om die reden keurde de gemeenteraad van Menen, waarvan Rekkem een deelgemeente is, in juni 2007 een motie goed tegen die uitbreiding.

Zuid

De locaties zuid en noord-west scoren achter noord ongeveer even goed, volgens de auteurs van de studie. Maar dat is een eigenaardige conclusie. De resultaten van het onderzoek geven aan dat de locatie zuid het best scoort op mobiliteitscriteria; wat nogal vanzelfssprekend is omdat het gaat om het gebied in de hoek van de E17 en spoorweg naar Moeskroen. Op tal van andere criteria scoort zuid slechts minnetjes en de betere scores zijn veelal een kwestie van interpretatie.

In het rapport dat tot die conclusies leidt, worden tegen de locatie zuid - dat is LAR-zuid zoals voorlopig vastgelegd in het ruimtelijk uitvoeringsplan van de Vlaamse Regering -  heel wat argumenten aangevoerd. Zo wordt aan de locatie zuid veel punten toegekend, omdat het een uitstekende 'zichtlocatie' zou zijn; goed zichtbaar van op de E17. Maar dat is dan geheel in tegenspraak met de vaststelling dat die locatie zuid "vanaf de E17 geldt als een zeer waardevolle landschapskamer met het duidelijkste ruimtelijk profiel". Daarom, zegt de studie, is zij vanuit landschappelijk oogpunt het minst geschikt om als bedrijventerrein te worden aangesneden.

Potyzer

Daarmee is dan weer tegengesteld de positief gewaardeerde vaststelling dat de locatie zuid de voorkeur verdient: "omdat er rondom de site beduidend minder woningen aanwezig zijn". Tja, heren onderzoekers, zou dat waardevolle landschap niet precies versterkt worden doordat er weinig bewoning is? Overigens erkent de studie dat de uitbouw van een transportzone op de locatie zuid "het minst geschikt is omdat zij een onderdeel is van een groter, gaaf openruimte-geheel". Ook zou daar het meeste landbouwgebied verdwijnen.

De studie erkent bovendien dat de locatie zuid belangrijke ecologische schade zou oplopen door de realisatie van een nieuw transportcentrum. Dwars door het gebied loopt de Rekkembeek, die gewaardeerd wordt als natuurverbinding van provinciaal niveau. tevens zou een bosgebied moeten verdwijnen en zou het aangrenzende natuurgebied Potyzer, een habitat voor de kamsalamander, afgesneden worden van zijn hinterland. Voor allerlei diertjes zou het leefgebied inkrimpen of zelfs te klein worden, met name voor bijvoorbeeld de eikelmuis, vleermuizen, de sleedoornpage, salamanders en zelfs de bunzing en de steenuil. De locatie zuid scoort het slechts wat betreft het verdwijnen van waardevolle tot zeer waardevolle natuurelementen.

larzuid2

Industrieweg

Het is duidelijk wat hier aan het gebeuren is. Een zachte collectieve rijkdom, zijnde een prachtig landschap met hoge natuur- en belevingswaarde, wil men verkwanselen voor de realisatie van snelle, harde rijkdom. De locatie zuid is maar de gemakkelijkst te bebouwen en de minst dure oplossing als men de landschaps- en natuurwaarde van het gebied veronachtzaamt.

Als LAR-zuid wordt gerealiseerd, wordt de E17 helemaal een industrieweg. De auteurs van de studie wijzen erop dat de autostrade nu nog een afwisselend karakter heeft voor wie erop rijdt. Tussen Kortrijk en Waregem is het een aaneenschakeling van bedrijventerreinen. Ter hoogte van Kortrijk is de weg volledig ingegraven, zodat de weggebruikers de stad niet zien. Tussen Kortrijk en Menen is er dan weer een golvend landschap "dat als het ware de E17 negeert".

Noord-west

Tien maanden na aflevering van de studie is Vlaams minister van Ruimtelijke ordening Dirk Van Mechelen (OpenVLD) tot de bevinding gekomen dat de studie geen bezwaar heeft tegen de realisatie van LAR-zuid. Een ultiem voorstel, onder meer gesteund door Bart Caron, VlaamsProgressieven, schoof de locatie noord-west naar voren met behoud van de bestaande gehuchtjes in het gebied. De minister, na ruggenspraak met de pro LAR-zuid-lobby, had er geen oren naar, omdat er dan iets minder dan 30 ha ter beschikking zou komen. Zijn beslissing is door het Kortrijkse stadsbestuur (CD&V en OpenVLD) op gejuich onthaald. Schepen van Ruimtelijke Ordening Wout Maddens (OpenVLD) verklaarde in de pers dat "de uitbreiding van de transportzone naar het zuiden er zeker komt".

Inmiddels besliste het stadsbestuur van Kortrijk om aan de intercommunale Leiedal de opdracht te geven een onteigeningsplan op te stellen voor LAR-zuid. Als argument haalt het stadsbestuur aan "dat de studie concludeerde dat de verschillende alternatieven voor de uitbreiding van de LAR quasi gelijkwaardig waren". Dat argument is vals, zoals al aangetoond. 

Vuilnisbak

Stad Menen is veel minder enthousiast. Burgemeester Gilbert Bossuyt, sp.a, liet optekenen dat de verhoopte vraag naar uitbreiding van de LAR helemaal niet zo zeker was. In Frankrijk heeft men immers beslist het zware verkeer op de E17, die de Rijselse agglomeratie dwarst, om te leiden. De burgemeester vraagt zich daarbij bovendien af of de grotendeels toegebouwde streek het zich wel kan permitteren om nog eens ettelijke hectaren te bestemmen voor ruimteverslindende logistieke activiteiten. Samen met Bart Caron heeft hij zijn twijfels over de effectieve jobs die de uitbreiding met zich mee zal brengen (de studie heeft het over een kleine 1.000 voltijdse banen, maar niemand durft daar een eed op te doen). "Menen moet de economische activiteiten niet hebben waarvoor men elders geen plaats wil vrijmaken. We zijn de vuilnisbak van Vlaanderen niet", aldus Bossuyt.

Intussen legt het actiecomité Geen LAR-zuid (website)zich niet bij de zaken neer. Het comité, waarbij de meeste bewoners van het gebied zijn aangesloten, heeft een proces aangespannen. De zaak kwam een eerste keer voor de rechtbank op 9 oktober 2007 en is nog hangende. De mensen pikken het niet dat het negatieve advies van het officiële adviesorgaan VLACORO en de in dezelfde lijn liggende resultaten van de studie ongemotiveerd aan de kant worden geschoven. Een direct gevolg van dat proces is dat stad Menen de uitspraak afwacht vooraleer een beslissing te nemen over eventuele onteigeningen.

geen larzuid

Commentaren

Niet opgeven! Doorzetten mannen! Zo'n schoon gebied moet behouden blijven. Trouwens, de ondergrond is daar veel te vochtig om iets mee te doen.

Gepost door: Martine | 19-05-08

De commentaren zijn gesloten.