30-04-08

Bouwt Foruminvest toekomstig succes op huidige miserie van Kortrijkse winkeliers?

FI KO

Er klopt iets niet. Foruminvest is in het hartje van de stad een immens winkelcentrum aan het bouwen, dat - naar ik hoop en verwacht - een commerciële trekpleister zal worden waar Kortrijk al jaren nood aan heeft. Ook de stad en het Vlaamse Gewest doen daarbij grote investeringen. In ruil voor overlast en inspanningen heeft de stad van Foruminvest een aantal compensaties verkregen. Het megaproject verstoort evenwel - tijdelijk wellicht - het bestaande winkelgebeuren in het stadscentrum. Winkeliers kampen met aanzienlijke omzetdalingen. Dat bewijst een enquête van UNIZO.

Een hoeksteen van ons rechtstelsel is dat "wie potje breekt, potje betaalt". Wie schade lijdt door een ander, kan schadevergoeding eisen van die ander. Wie door het graaf- en woelwerk van Foruminvest in het verlies wordt gestort, zou daarvoor toch op een of andere manier moeten worden vergoed. Groot probleem: probeer maar eens het oorzakelijk verband te bewijzen. Daarom was het beter geweest dat de stad in zijn charters en overeenkomsten met Foruminvest afspraken had gemaakt over dergelijke schadevergoeding. Daarbij rijst de vraag: bouwt Foruminvest zijn toekomstig succes op de huidige miserie van de Kortrijkse winkeliers? En durft UNIZO het aan om een rechtsprocedure in te zetten tot het bekomen van schadevergoeding voor de getroffen winkeliers bij Foruminvest?

Omzet daalt

Melissa Windels, derdejaarsstudente communicatie HIEPSO - ook Eikoningin 2007, maar dat doet er eventjes niet toe - voerde in opdracht van UNIZO in de voorbije maanden een enquête bij de winkeliers in het Kortrijkse winkelwandelgebied. 166 winkels deden mee aan het onderzoek, om na te gaan wat de weerslag is van de grote werken van Foruminvest. Foruminvest bouwt een megawinkelcentrum voor 80 zaken in het hartje van de stad. De graaf- en bouwwerken versperren immers heel wat aloude toegangen tot het stadscentrum.

De helft van de ondervraagde winkeliers blijkt te kampen te hebben met een daling van de omzet. Een op vier heeft zelfs meer dan 20% minder klanten. Een op tien heeft zijn personeel moeten verminderen. En er zijn nogal wat winkeliers die, al dan niet tijdelijk, hun zaak hebben (moeten) sluiten of dat overwegen te doen.

De commercie in Kortrijk levert momenteel dus onmiskenbaar in, ten gunste van het succes van het nagelnieuwe winkelcentrum K van Foruminvest en van de toekomstige concurrenten die daar zullen neerstrijken. "De werken beginnen zwaar door te wegen bij de handelaars" noteert Het Nieuwsblad. "Het hart van de stadseconomie staat onder zware druk" constateert Het Laatste Nieuws. 

Bereikbaar?

Als oorzaken van de moelijke periode zien de winkeliers zelf: de moeilijk geworden bereikbaarheid van hun zaken, de gebrekkige communicatie en de lange duurtijd van de werken. Intussen heeft Foruminvest vertraging opgelopen en moeten de grote werkzaamheden aan de toegangs- en afvoerwegen (van de Gentsesteenweg, dwars door de stad tot de Oudenaardsesteenweg) nog beginnen.

De zelfstandigenorganisatie UNIZO en het stadsbestuur reageren verward op deze nochtans perfect voorspelbare noodtoestand. Met veel gedruis is de website www.kortrijkbereikbaar.be gelanceerd, een goed initiatief van Stad Kortrijk, Unizo, Koepel Kortrijkse Handelaars en Pixular. Maar het is tekenend dat die website onder de rubriek 'veel gestelde vragen' niet minder dan acht noodscenario's publiceert voor middenstanders die de overlevingsstrijd aan het verliezen zijn (tot en met de vraag hoe men de schade kan beperken als men de sociale zekerheid of de directe belastingen niet meer kan betalen). En wat te denken van de vraag: "Kan ik de hinder die wordt veroorzaakt door openbare werken aanwenden als legitieme reden tot uitverkoop?"? Blijkbaar lopen de initiatiefnemers zelf niet meer zo hoog op met de bereikbaarheid van hun winkelstraten.

44,5 euro per dag

De vorig jaar ingevoerde federale compensatieregeling zal niet veel baten. Een winkelier kan, als hij minstens veertien dagen heeft moeten sluiten door openbare werken, een compensatievergeding krijgen van zegge en schrijve 44,5 euro per dag. Daarvoor heb je een attest van het gemeentebestuur nodig. 

UNIZO Kortrijk pakt nu uit met het voorstel tot oprichting van een 'nadeelcompensatiecommissie', naar Nederlands voorbeeld. Bij die commissie zouden winkeliers die kunnen bewijzen schade te lijden door de werken, een vergoeding kunnen afdwingen. De stad zou daartoe het initiatief moeten nemen. Foruminvest zou zich vrijwillig aan de uitspraken van die commissie kunnen onderwerpen om erger - rechtszaken - te voorkomen. De getroffen winkeliers zouden misschien met iets minder vergoeding tevreden moeten zijn, maar ze zouden rapper en zekerder hun geld zien.

Het stadsbestuur en CD&V reageren verdeeld op het voorstel. Economieschepen Jean de Bethune ziet het wel zitten: "Wat in Nederland kan, moet hier ook kunnen". Burgemeester Stefaan De Clerck ergert zich ronduit aan het voorstel, dat hij overigens niet goed schijnt te begrijpen. Hij meent dat het de stad is die de schadevergoeding zal moeten betalen: "De stad heeft eenvoudigweg niet de middelen om zoiets te bekostigen". De verantwoordelijkheid ligt bij Foruminvest, meent hij niet onterecht. En hij denkt dat een gerichte promotiecampagne de omzet van de winkeliers in kwestie opnieuw kan opdrijven.

Rechtsprocedure

Nu kan van een vastgoedpromotor zoals Foruminvest verwacht worden dat hij niet alleen zijn eigen bouwkosten en de bouwschade aan derden vergoedt maar ook de commerciële schade aan derden als gevolg van zijn project. Dat is een kost als de andere, noodzakelijk voor het toekomstige succes van de 'mall'. En als die kost niet gedragen wordt door de promotor, zal het hem als het winkelcentrum op volle toeren draait extra winsten opleveren die eigenlijk ontstolen zijn aan de winkeliers die momenteel afzien.

Om het voorstel van UNIZO, de oprichting van een nadeelcompensatiecommissie, kracht bij te zetten, moet de organisatie - of een andere organisatie waarin de getroffen winkeliers, al dan niet tijdelijk, hun krachten bundelen - werk maken van 'een stok achter de deur'. Foruminvest moet voelen dat het alternatief voor die commissie een onophoudelijke reeks rechtszaken is die de toekomst en de geloofwaardigheid van zijn project danig op de proef zou stellen. De vraag is dan ook of UNIZO het aandurft een rechtsprocedure van een of meer van zijn getroffen leden te begeleiden en te ondersteunen.

29-04-08

1 mei in Kortrijk

rood in K

Al meer dan 100 jaar wordt in Kortrijk uitbundig 1 Mei gevierd, de Dag van de Arbeid. Ook deze keer is er vanalles mee te maken op de eerste dag van de bloeimaand (Floreal tijdens de Franse revolutie). "Als het werkvolk op straat komt" is de titel van een reizende tentoonstelling die juist nu Kortrijk aandoet. Met grove borstelstreken (en uniek foto- en affichemateriaal!) geeft de expositie een overzicht van het jaarlijkse gebruik van '1 meistoeten', zoals men de rode optochten noemde. Geen optocht dit jaar - jammer! - in Kortrijk, maar 'het werkvolk', waartoe ik mij zelf ook reken, komt toch op straat, voor het jaarlijkse 1 mei-festival. Eens te meer met een mooie affiche en hoera nu weer in het feeërieke Begijnhofpark. 

Kortrijk 1906 (denk ik)

Een waar gebeurde anecdote, maar het jaar weet ik niet meer heel zeker en ik heb de tijd niet voor diepgravende opzoekingen in mijn rampzalig archief. In 1906 moesten de 1 mei-vierders nog een dag in staking gaan om het Feest van de Arbeid waardig in ere te houden. Dat jaar lag de socialistische beweging in Kortrijk in twee stukken. Men was aan het experimenteren met een coöperatieve bakkerij, in navolging van de Genste Vooruit. Maar een van de coöperanten, arme mensen ondereen, werd ervan verdacht geld in zijn zakken te hebben gestopt. Hij werd uitgebannen. Met hem vertrok de helft van de beweging.
 
Op 1 mei zelf gingen de militanten van de officiële beweging in staking. De werkgevers dankten hen meteen af. De dag nadien, 2 mei, ging de uitgestoten helft in staking om de Arbeid te vieren. Zij verloren evengoed hun werk. Overtuigde die patronale repressie beide kampen van hun lotsverbondenheid? Feit is dat de socialistische beweging niet zoveel later weer de rangen sloot in Kortrijk.
 
De gewoonte om op 1 mei de Arbeid te vieren en wereldwijd een actiedag te houden, is een beslissing geweest van een internationaal arbeiderscongres in de marge van de wereldtentoonstelling in Parijs in 1889 (100 jaar na de Franse Revolutie, de Eiffeltoren is een restant van die wereldtentoonstelling). Pas in 1946 werd het in België een betaalde vrije dag.
 
Expositie
 
Van donderdag 1 tot zondag 4 mei kun je in Kortrijk een bezoek brengen aan de tentoonstelling 'ALS ’T WERKVOLK OP STRAAT KOMT!1 MEIOPTOCHTEN IN WEST-VLAANDEREN'. De expo vertelt de geschiedenis van de 1 Meioptochten in West-Vlaanderen, zonder daarbij de internationale en nationale context van het ‘Feest van de Arbeid’ uit het oog te verliezen. Ze doen dit aan de hand van nooit eerder gepubliceerde foto’s, briefwisseling, affiches  en een beknopt historisch overzicht, dat nu eens diepgravend, dan weer eerder anekdotisch is.
 
Dit, in het Streekbezoekscentrum en museum Kortrijk 1302 in het  Begijnhofpark. Elke dag van 11 tot 18 uur. Op 1 mei zelf kan je tevens een gratis bezoek brengen aan het museum “Kortrijk 1302”.

Buscemi onder meer

In Kortrijk zelf is de 1 meioptocht enkele jaren geleden afgeschaft. Persoonlijk vind ik dat nog altijd een beetje jammer. Het is waar dat de 'stoet' op een dergelijke dag niet veel publiek op het parcours hoeft te verwachten, maar het deed toch iets, dat schouder aan schouder opstappen onder het rode vaandel.

Maar we hebben in de plaats van die optocht ons jaarlijks festival, dat van wal stak in 1993. Van 's middags tot een gat in de nacht - zeker nu we 's anderendaags niet moeten werken - in het feërieke kader van het Begijnhofpark, de tuinen tussen het Begijnhof en de Arme Klaren (Groeningeabdij). Het festival wordt georganiseerd door Maydaymayday, een samenwerkingsverband van sp.a, ABVV en de mutualiteit Bond Moyson.

Het programma mag er weer zijn!

Vanaf 14.00 u: doorlopend kinderdorp met springkasteel, kinderdisco, kinderschmink, hindernissenparcours, draaimolens, infostands en  eettentjes

Om 14 uur: The MG Band & The Golden Horn Section. Een achtkoppige groep brengt een stevige mix van soul, funk en blues en groeide uit tot een waanzinnig populaire live-band die garant staat voor veel ambiance.

Om 17 uur: Balthazar. Deze Kortrijkse groep is één van de jongste revelaties in het Belgische pop/rockwereldje. Ondanks hun jonge leeftijd – pas twintig – zetten zij de mooie traditie verder die ons landje op het vlak van dat soort rockgroepen heeft.

Om 19 uur: Steak Number Eight - WINNAAR HUMO'S ROCK RALLY!! Jong gitaartalent (15 jaar) uit Wevelgem.Winnaar van Westtalent en winnaar van Humo’s Rock Rally 2008.Een prille, veelbelovende band.

Om 20.30 uur: Squadra Bossa ft. Buscemi. Buscemi en Stanley Livingstone draaien nu al drie jaar samen. In hun Squadra Bossa-sessies hoor je vooral dansplaten met een latin-feel: digitale beats, gelinkt aan Balkan- en Afromuziek

Dit festival is gratis en iedereen mag komen meevieren (maar vergeet niet te tracteren!). 

mayday 2008
 

En op de vooravond...

Wie niet kan wachten tot donderdag om een rode roos op zijn revers te spelden, kan naar twee aanloopfuiven, woensdagavond 30 april.

In café 1917 (een late herinnering aan de oktoberevolutie van Lenin - dat bestaat nog in Kortrijk!) is er een optreden van Musical Combo, vanaf 19.30 u (Sint- Denijsestraat, Kortrijk).

In het Textielhuis, de burcht van socialistisch Kortrijk is er eveneens vanaf 19.30 uur een optreden van Gino & Friends (Rijselsestraat, Kortijk).

10:09 Gepost in Algemeen | Permalink | Commentaren (7) |  Facebook |

23-04-08

26 april: gratis concert van de legendarische Golden River City Jazz Band in Kortrijk

golden river city jazz band
Jazzliefhebbers, noteer in uw agenda: het jaarlijkse meiavond-optreden van Kortrijks eigenste jazzband, The Golden River City Jazz Band, is te beleven op zaterdag 26 maart 2008 vanaf 20.30 uur in taverne Den Haese, Langemunteplein 1 in Kortrijk. Gratis. U aangeboden door AC Curieus, de rode vriendenclub op hoog Kortrijk. Iedereen is welkom. 

De jazzband 

Een optreden van The Golden River City Jazz Band staat garant voor spetterende ambiance. Met aanstekelijk enthousiasme spelen zij traditionele New-Orleansjazz met klaterende uitstapjes naar wat modernere Dixieland.

De groep ontstond als het ware per ongeluk in 1970 als een gelegenheidsband op het Kortrijkse Golden River City Jazz Festival, een evenement in de marge van een grote braderie. Stichter en leider-voor-het-leven was en is klarinetvirtuoos Jean-Jacques Pieters. De echte doorbraak van de band kwam er in 1973, het jaar dat ook banjospeler Arsène De Vlieger aansloot. 

Arsène tokkelt nog altijd mee en is naast Jean-Jacques Pieters de enig overgeblevene van de oospronkelijke bezetting. Het is de sterkte van The Golden River City Jazz Band dat zij altijd weer andere internationale jazzvedetten kunnen strikken om de groep te versterken. Ook in Den Haese treedt de band op in internationale bezetting.

Mei-avond 

Dat jaarlijkse optreden in Den Haese is een meer dan twintigjarige traditie. Organisator is de sociaal-culturele club AC Curieus, een vereniging die is aangesloten bij Curieus West-Vlaanderen, een koepel van socialistische inspiratie. Met die jazzavond vieren de rode vrienden van hoog Kortrijk het feest van de Arbeid, 1 mei. Iedereen is welkom en de toegang is volstrekt gratis.

ZATERDAG 26 APRIL 

Gratis optreden van The Golden River City Jazz Band in internationale bezetting 

Om 20.30 uur

in taverne DEN HAESE

Langemunteplein 1 (Beeklaan)

Kortrijk

GRATIS EN IEDEREEN WELKOM

21-04-08

De Kortrijkse vlasvallei: Golden River en lage lonen

roterij 31

Het Vlaams-Nederlands tijdschrift 'Erfgoed van Industrie en Techniek' pakt uit met een speciaal nummer gewijd aan het vlaserfgoed. Uiteraard komt het Kortrijkse, de vallei van de legendarische Golden River, daarin uitvoerig aan bod. Het zeer gedocumenteerde werk biedt een schat aan historische wetenswaardigheden over de vlassector in verschillende streken in Europa. In een uitvoerig interview laat Bert Dewilde, oprichter van het Nationaal Vlasmuseum vooral zijn sociale ingesteldheid zien. En er wordt natuurlijk ook aan de alarmklok getrokken om toch maar nog wat van het ooit zo talrijk aanwezige vlaserfgoed te conserveren. Zelf deed ik een kleine expeditie naar een verlaten roterij op een Leie-oever in Kuurne. Het staat er nog allemaal... kapot te gaan.

roterij 41

Bert Dewilde 

"Ik heb geen liefde voor het vlas. Ik heb er te veel de sociale nadelen en de slachtoffers van gezien" is een verrassende uitspraak van Bert Dewilde, stichter van het Nationaal Vlasmuseum in Kortrijk. De oprichter van 'le musée mère du lin', zoals men in een andere vlasstreek, in Normandië, de Kortrijkse trekpleister noemt, wordt diepgaand geïnterviewd in het jongste nummer van 'Erfgoed van Industrie en Techniek - Vlaams-Nederlands tijdschrift voor industriecultuur'. Interviewer is Adriaan Linters, dè promotor van het behoud van industrieel erfgoed in de lage landen.

Als kind van de vlassersgemeente Bissegem herinnert Bert Dewilde zich nog het lawaai, het stof en de reuk van het vlas. Hij is het onmenselijke van het harde labeur niet vergeten. Hij weet nog "hoe kinderen van grote gezinnen voordat ze naar school gingen, eerst een uur moesten zwingelen, over de middag ook een half uur kwamen zwingelen, en na de schooluren nog een paar uur aan het werk werden gezet". Dat waren kinderen van amper 10 jaar. Zwingelaars leefden niet lang; ze kregen last van een soort stoflong. Dewildes grootvader was vlashandelaar-slager. In de week stond hij in het vlas, in het weekend in de slagerij: "De mensen aten maar één keer per week vlees, op zaterdag of zondag".

Dàt verhaal werd door niemand verteld; dat vond je vroeger niet in de musea die enkel over kunst gingen en over grote mannen en hogere klassen, aldus Dewilde. Vandaar dat hij verbeten op zoek ging naar het oud ijzer, waarvoor de oude vlasserswerktuigen werden aanzien. Hij wou niet dat dit reële verleden van onze streek in de vergetelheid zou wegzinken. Het interview doet je met heel andere ogen kijken naar de taferelen met wassen poppen in het Vlasmuseum. Het is veel meer dan een folkloristische versie van Madame Tussaud's; het is een concrete evocatie van ons sociaal verleden.

Golden River

Het 80 bladzijden dikke dubbelnummer is onmisbaar voor wie iets wil te weten komen over de industriële geschiedenis van onder meer de Kortrijkse Leiestreek. Toeristische brochures stellen het soms voor alsof het vlas in onze contreien een ononderbroken opgang naar algemene welvaart heeft gebracht. In zijn heel gedocumenteerd en rijkelijk met oude foto's verluchte essay "De vlasvallei", schets Adriaan Linters een heel wat genuanceerder verhaal.

Zo doorprikt hij de opvatting alsof Kortrijk zijn vlassucces zou te danken hebben aan het uitzonderlijke Leiewater - de Golden River weet je wel. Ook op andere plekken in Europa bestaan immers waterlopen met vergelijkbare en zelfs betere eigenschappen, schrijft Linters. Toen de vlasbedrijvigheid zich in de 19de eeuw in en rond de Groeningestad ging concentreren, was dat niet zozeer aan het Leiewater te danken maar aan factoren zoals de goede ligging voor import en export en vooral ook ... de erg lage lonen.

Linters noemt dat de beschikbaarheid van een groot aantal handen, die voor dit uitzonderlijk arbeidsintensief proces, bereid waren tot lang na de Eerste Wereldoorlog tegen lage lonen te werken. Die lage lonen waren een uitvloeisel van de miserie - hongersnood zelfs - in de jaren 1840 en de onbestaande syndicalisatiegraad. Met vlas kon je dan ook in onze streek grote winsten maken, ... zolang je zelf je handen niet moest vuilmaken.

Roten en herroten 

Die onuitputtelijke bron van goedkope slavenarbeid stond lange tijd zelfs de mechanisering en de modernisering van het vlasbedrijf in de weg. Vernieuwers zoals de Vansteenkistes werden tegengewerkt en soms openlijk geboycot, zoals te lezen valt in een ander artikel van Adriaan Linters: "De geur van welstand. Vlas roten - tussen wetenschap, techniek en milieuhygiëne".

Dichter Emile Verhaeren bejubelde het vlas uit Zuid-West-Vlaanderen als volgt: "Que nulle part ailleurs, sous la clarté des cieux, O Lys! toile n'est blanche autant qu'en Flandre". De kwaliteit en de bleekheid van het gezwingelde vlas uit onze streek zijn altijd sterke troeven geweest. Dat was onder meer te danken aan de vakbekwaamheid van de vlassers, de kieskeurigheid waarmee ladingen onbewerkte stengels werden opgekocht tot in het noorden van Nederland en in Frankrijk, en vooral de toepassing van het herroten. De stengels werden niet eenmaal maar verschillende keren in de Leie gedompeld en tussendoor gedroogd en gebleekt in de zon. De Leie speelde daar ook wel een rol in door het traag afvoeren van de afvalstoffen van het rootproces.

Dat roten gebeurde niet reukloos. De langzaam wegdrijvende afvalstoffen verpesten vaak tot in Gent de lucht op de oevers van de Leie. Talloos waren de pogingen van de elkaar opvolgende overheden om die stinkende toestand te verbieden. Uiteindelijk is het de nazibezetter die in 1943 het Leieroten definitief heeft stilgelegd, zogezegd om het visbestand te beschermen (!). Ondertussen was men, na veel aanvankelijke argwaan en tegenstand, algemeen overgestapt op het roten met verwarmd water in rootputten. De rol van vernieuwers zoals de Vansteenkistes en "een reeks andere uit de vlasserswereld gegroeide knutselaars en uitvinders" moet daarbij zeker vermeld worden.

Léonard De Kien en Jef Coole

Veel gezwingeld vlas werd uitgevoerd, vooral naar Engeland en Ierland. Pas in 1850 ging in Kortrijk de eerste mechanische vlasspinnerij aan de slag: de firma Boutry-Van Isselsteyn & Cie, op de gronden van het gewezen Recolettenklooster op Overleie (Nijverheidskaai-Gasstraat). Omstreeks 1880 werd het bedrijf overgenomen en uitgebreid door de industrieel Léonard De Kien. In het tijdschrift staat een prachtig briefhoofd afgedrukt van van de firma waarin een afbeelding is verwerkt van de grote fabriek (p. 15).

Wat niet in het tijdschrift staat: het is in die fabriek - een van de grootste vlasfabrieken van het land - dat het socialisme in Kortrijk voor het eerst wortel schoot bij de arbeiders. Omdat hij een ontluisterend artikel schreef over de afgrijselijke werkomstandigheden bij De Kien, vloog vakbondspionier Jef Coole voor zes maanden in de gevangenis in 1909. Van die fabriek schiet jammer genoeg nog slechts een klein deel over. Conservatie van dit industrieel erfgoed waar bijvoorbeeld alle linnen voor de uniformen van het Nederlandse koloniaal leger werd geproduceerd, komt te laat.

Overigens toont Adriaan Linters overtuigend aan dat de regionale economie in het Kortrijkse voor een groot deel uit de vlasverwerking is gegroeid. 70% van de plant zijn afvalproducten, die werden aangewend als grondstoffen voor andere activiteiten. De lange vezels werden gesponnen voor textieltoepassingen. Van de kortere werden touwen gemaakt of papier. Uit het zaad van het vlas werd lijnolie geperst in talrijke oliemolens, die ook wel andere zaden verwerkten (koolzaad, raapzaad en kempzaad van hennep). De olie ging naar diverse bedrijven (verlichting, zeep, smeermiddelen, vernis enzovoort). Het afval van die oliemolens kon dan weer verwerkt worden in nog andere bedrijfstakken. 

 

roterij51

 

Vlaserfgoed

Over het behoud en de herwaardering van vlaserfgoed in Europa gaat het eerste artikel in het tijdschrift. Auteur is Lucie Maluta, archeologe van Boulogne-sur-Mer. In het stuk zijn heel wat oude foto's opgenomen. Een ervan toont een authentieke vlasserswoning in Kuurne; nu weet ik eindelijk wat een 'pedeir' is: een kelder voor het vochtig bewaren van het gezwingeld vlas.

Voorts krijg je ook een essay over het vlas in Friesland (en afgesloten tijdperk?), van Gerrit Herrema, secretaris van de Friese verenigin,g voor historische landbouw. Luc Soens, voorzitter van vzw Preetjes Molen, schrijft een verhandeling over die vlaszwingelmolen in Heule. Er is een bespreking van het Nationaal Vlasserij-Suikermuseum in Klundert, Nederland.

En ten slotte vind je in het tijdschrift nog een overzicht van al wat er op het wereldwijde net te vinden is over het vlas. Vermelden we speciaal de collectie vlasfoto's van de beeldbank van de provincie West-Vlaanderen.

roterij61

Het dubbeldikke nummer gewijd aan het vlaserfgoed van het Vlaams-Nederlands tijdschrift voor industriecultuur 'Erfgoed van Industrie en Techniek' is te koop tegen 16,65 euro per exemplaar. Bestellen kan door het juiste bedrag te storten op bankrek. nr. 462-7314161-68. Het bestelformulier vindt u HIER.

roterij71

De foto's tonen de roterij Sabbe, Bondgenotenlaan in de Kortrijkse buurgemeente Kuurne. Het is een onaangeroerd gelaten vlasroterij op de oevers van de Leie, gestopt op het einde van de jaren zeventig. Dit doornroosje van industrieel erfgoed is sindsdien in versneld tempo aan het vervallen. Toch werd de roterij in 2005 nog beschermd als monument: de schoorsteen, de stoomketel en de stoommachine Phoenix Gand met toebehoren. En waarempel staat daar nog een grote vlaswagen geparkeerd, niet beschermd.

20-04-08

Neemt Kortrijk straks opnieuw de tram?

tram2

De gemeenteraad van Kortrijk keurde zonder enige discussie het uitschrijven van een studie goed voor het ontwikkelen van "hoogwaardig openbaar vervoer" in stad en omstreken. Daarvoor wordt 100.000 euro uitgetrokken. Ook De Lijn doet haar duit (10.000 euro) in het zakje. De studie moet onder meer nagaan waarom het openbaar vervoer in Kortrijk zo opvallend zwak scoort. Wat kunnen we daaraan doen? Een tweede, spectaculaire, opdracht aan de onderzoekers is na te gaan of er niet opnieuw een tram- of lichte spoorlijn kan aangelegd worden tussen de stadskern en de ontwikkelingspool Hoog Kortrijk. Waarom toch hebben de vroede vaderen van de Leiestad in de jaren 50 en 60 de vele tramlijnen van, naar en door Kortrijk een voor een opgedoekt? De sporen van die trams - niet de rails! - zijn nog overal aanwezig in het stadsbeeld voor de aandachtige waarnemer.

Stugge stadsbewoners

Het gebruik van het openbaar vervoer in Kortrijk scoort laag in vergelijking met andere centrumsteden, zegt de stadsambtenaar die het voorstel uitwerkte van de studie 'hoogwaardig openbaar vervoer voor de stad Kortrijk'. De man heeft volkomen gelijk. De Kortrijkzaan is met geen stokken op de bus te krijgen. De buslijnen vormen een net met al te grote gaten, omdat er zogezegd toch nauwelijks vraag is naar busvervoer; wat dan weer een reden is voor de Kortrijkzanen om geen gebruik te maken van het busvervoer.

Nochtans is men ook in Kortrijk sinds 2004 samen met Vlaamse vervoersmaatschappij De Lijn aan het werken aan een gegarandeerde 'basismobiliteit'. De Kortrijkzanen hebben recht op een bushalte op minder dan 500 meter en moeten om de 15 minuten in de spits en om de 20 minuten overdag op een bus kunnen stappen. "Waarom nemen ze dan die bus niet?" is een van de voor de hand liggende onderzoeksvragen. En hoe tevreden zijn de Kortrijkzanen die wel gebruik maken van het openbaar vervoer?

Het bestaande stadsnet heeft een stervormig patroon. Ook al moet je van Aalbeke naar Bellegem: je moet eerst naar het stadscentrum en pas dan naar Bellegem. Alle buslijnen passeren aan het station. Is dat logisch? Is er anderzijds wel voldoende afstemming tussen de buslijnen en de spoorweg? Kunnen er geen interstedelijke  en interregionale verbindingen worden uitgebouwd, bijvoorbeeld Kortrijk-Rijsel? Worden alle deelgemeenten, woongebieden, bedrijventerreinen en handelszones wel voldoende bediend?

En ten slotte: volstaan de huidige promotie-activiteiten om het openbaar vervoer aantrekkelijker te maken voor de stugge stadsbewoners? Eerdere initiatieven zoals het gratis busvervoer voor 55-plussers op de maandagmarktdagen, kenden weinig succes.

Polen 

Maar als je het bestek van de studieopdracht leest, krijg je de indruk dat het eerste deel van de studie slechts een aanloop is voor het tweede deel, met als onderwerp: de mogelijkheden om een 'hoogwaardige openbaarvervoerverbinding' te maken tussen Hoog Kortrijk en de binnenstad "met lightrail of ander hoogwaardig vervoersysteem".

Men gaat ervan uit dat Hoog Kortrijk, het stadsgedeelte over de E17, waarvan het beurzencomplex Xpo de kern vormt, de allure krijgt van een grootstedelijke attractiepool. Nu al vind je daar - op respectabele afstand van het stadscentrum - bijvoorbeeld het Kennedypark (een kantorenterrein voor hoofdkwartieren van ondernemingen), Kinepolis (een mega-cinema), Xpo, Decathlon (sportdiscount), en een reeks vormingsinstellingen zoals Syntra West, hogescholen en de KULAK. Binnenkort opent het reusachtige fusieziekenhuis AZ Groeninge de deuren.

Het Kortrijkse stadsbestuur is van oordeel dat de openbaarvervoerverbinding tussen de binnenstad en het nieuwe stadsdeel ondermaats is om de toenemende verkeersstroom op te vangen. Maar het is niet helemaal duidelijk wat de toekomstige noden zijn waaraan tegemoet moet worden gekomen. De verschillende expansiepolen liggen ver verspreid van elkaar. De afstand van de KULAK naar het ziekenhuis AZ Groeninge is bijvoorbeeld te groot om te voet af te leggen. Ook is er verderop vanalles aan het gebeuren; denk maar aan het hoogwaardig bedrijventerrein Evolis, het geplande crematorium, de topsporthal Langemunte, aangekondige grote verkavelingen enzovoort. Het zou onzinnig zijn die 'polen' niet mee te laten bedienen door eventueel snel openbaar transport.

Prioritair?

Een logische onderzoeksvraag is of een dergelijke snelle verbinding niet verder moet rijden dan het station of het stadscentrum. Waarom niet verder noordwaarts, tot het shoppingcenter Ring bijvoorbeeld of tot de vele nieuwe verkavelingen in Heule?

Eigenlijk is de hardnekkigheid waarbij het Kortrijkse stadsbestuur de verbinding tussen Hoog Kortrijk en de binnenstad prioritair blijft vinden, een beetje eigenaardig. De grote lijnen van openbaar vervoer liepen - in de tijd dat de mensen nog de tram pakten -, parallel met de Leievallei; zeg maar van Menen en Wevelgem over Kortrijk naar Harelbeke en Waregem. Overleie had daar zijn commerciële bloei aan te danken: de mensen stapten af aan Sint-Jansput (einde Overleiestraat) en zakten dan af naar het centrum door de Overleiestraat-Budastraat-Leiestraat. De verstedelijkte agglomeratie (waar de meeste mensen wonen) ligt in diezelfde vallei. Hoog Kortrijk is een randgebied; daarachter ligt de schaarsbewoonde buiten.

Of die verbinding met Hoog Kortrijk wel zo prioritair is, is ook een onderzoeksvraag. Bestaat er momenteel wel een voldoende grote vraag om een hoogwaardige verbinding te verantwoorden? Het is een publiek geheim dat de bussen naar de campussen van het hoger onderwijs op de spitsmomenten vol zittten. Maar de ritten naar de 'park and ride'-parking bij Kinepolis vervoeren hoofdzakelijk lucht. Hoe kan de vraag opgetrokken worden? Zal het AZ Groeninge en de uitbreiding van het Kennedypark de vraag voldoende doen groeien?

Lightrail

De onderzoekers mogen zich eens goed laten gaan. Alle mogelijke systemen van hoogwaardig openbaar vervoer moeten zij onder de loep nemen. Dat gaat van gewone bussen tot grootstedelijke vervoerswijzen zoals trolleybus, tram, lightrail, al dan niet aansluitbaar op het spoorwegnet! Zelfs een spoorverbinding is dan niet uitgesloten. In dat verband zou men toch ook eens moeten onderzoeken of de vroegere rechtstreekse spoorverbinding Kortrijk-Doornik niet opnieuw moet geopend worden. Al jaren moet je overstappen in Moeskroen en daarbij veel geduld hebben want de treinen geven geen aansluiting op elkaar.

Van de spoorweg gesproken, is er nog een ander voor de hand liggend project dat op zijn minst eens onderzocht zou moeten worden. Waarom heropent men niet het station van Heule als opstapplaats? Die mogelijke extra halte op de lijn Kortrijk-Brugge ligt in het hartje van een dicht bevolkt gebied en het spoor zou een verbinding kunnen leveren die met geen bus of tram in snelheid kan geëvenaard worden.

En wie lightrail zegt, denkt onwillekeurig aan het VAL-metrosysteem van Rijsel. In Rijsel wordt een metronet bediend door automatische onbestuurde metrostellen op luchtbanden. VAL staat voor "véhicule automatique léger' en vroeger ook voor Villeneuve d'Ascq-Lille, naar de eerste lijn. Ooit was er sprake van die metro door te trekken op Belgisch gebied, naar Moeskroen en wie weet Kortrijk. Het is er nooit van gekomen. De lijn over Tourcoing is blijven steken aan de grens (station CH Dron, nabij Risquons-Tout). Als men kiest voor een lightrail, zou men er zeker moeten op letten dat het systeem mettertijd aansluitbaar kan zijn met de Rijselse metro. 

tram3

Aubette

Intussen kan men zich de vraag stellen waarom de vele tramlijnen in Kortrijk in de jaren 50 en 60 een voor een de baan hebben moeten ruimen voor koning auto. Van die tramlijnen zijn er nog overal sporen te vinden. En dan heb ik het niet over de rails - die zijn uitgebroken of toegedekt met asfalt. Maar kijk bijvoorbeeld eens naar de gevels van oude huizen. Veelal zitten daar nog de haken op waaraan de elektriciteitskabels werden vastgemaakt van de trams (eerste foto).

Door een grappig toeval staat in de Doorniksewijk - precies op het parcours van een eventuele nieuwe tramlijn - nog een dienstlokaaltje van de vroegere tramlijn naar Pecq en Doornik. Zie de andere foto's. Het is een 'aubette'. Daar kon men onder meer pakjes afgeven die meereisden met de tram. Zelfs het minuscule 'guichet' is nog te zien in een van de vensters van het gebouwtje. 

tram4

10:07 Gepost in Algemeen | Permalink | Commentaren (11) |  Facebook |

10-04-08

Het Kortrijkse stadsbestuur gebruikt waterzuivering voor belastingsverhoging

riolen1

Het grote argument van het CD&V-OpenVLD-stadsbestuur om de stadstaks op de waterfactuur te verdubbelen, is de hoge kost van de rioleringsverplichtingen die de stad heeft als gevolg van de Europese Kaderrichtlijn Water. Dat argument houdt helemaal geen steek.

De kosten van de uitbreiding van het waterzuiveringsnetwerk waarmee het stadsbestuur uitpakt, zijn fel overdreven. De te verwachten bijdrage van de Vlaamse overheid wordt even fel onderschat. Er worden meer werken gepland dan strikt nodig is. Er wordt gewerkt met een realisatietijd die twaalf jaar korter is dan deze die de Vlaamse overheid hanteert. En het ergste is nog dat men die kosten wil laten betalen door de gezinnen die toevallig in de periode van nu tot 2015 water verbruiken. Riolen gaan zeker 75 jaar mee. Rechtvaardig zou zijn als men de lasten voor de bevolking voor die riolen over die 75 jaar zou spreiden. Overigens zou het socialer zijn dergelijke infrastructuurwerken van algemeen nut te betalen uit de algemene middelen dan uit de opbrengst van een taks op een basisbehoefte.

Zoals eerder al uitgelegd, wil het CD&V-OpenVLD-stadsbestuur de gemeentelijke saneringsbijdrage op de waterfactuur van de gezinnen verdubbelen. Dat is nodig, zeggen de schepenen Alain Cnudde en Guy Leleu, allebei ACW, om de zware investeringen te betalen die Kortrijk nog moet doen aan zijn waterzuiveringsnet (zeg maar de riolen) van Europa.  Die redenering houdt geen steek. 

De kosten voor de stad fel overdreven 

Volgens beide heren zou die opdracht de stad van nu tot 2015 niet minder dan 76,8 miljoen euro kosten. Hoe berekenen zij dat? De kosten lopen op door de investeringen voor de aanleg van riolen (in tegenstelling met vroeger aparte buizen voor het regenwater en het afvalwater), de studie-uitgaven, en de personeelskosten. Van die som moeten de subsidies afgetrokken worden van de hogere overheden. En de subsidies die de stad zelf geeft aan zijn gezinnen voor de aansluitingsbuizen op private grond, verhogen dan weer het kostenplaatje.

De aanleg van gescheiden rioleringen (regenwater en afvalwater apart) wordt geraamd op 50,6 miljoen euro. Vermeldenswaard is wel dat het stadsbestuur die investeringen voor het grootste deel wil doorschuiven aan zijn opvolger, na de gemeenteraadsverkiezingen van 2012. Het huidige stadsbestuur (CD&V-OpenVLD) zal zich beperken tot slechts 10,4 miljoen euro investeringen. Daarbij komen waarschijnlijk nog eens voor 17,2 miljoen euro investeringen in drukrioleringen, maar het is lang niet zeker dat het zoveel zal kosten. Ook die investeringen worden uitgesteld tot er een nieuw stadsbestuur aantreedt na de verkiezingen van 2012. Alles samen zou de aanleg van dat zuiveringsnetwerk 67,9 miljoen euro kosten.

De studiekosten worden geraamd op 6,8 miljoen euro. En de personeelskosten voor die belangrijke extra projecten zouden 1,5 miljoen euro bedragen. Voor de toename van de werklast wil men 2 personeelsleden van niveau B en 3 van niveau D aanwerven. En men houdt er rekening mee dat de huidige niveau A's (universitairen) zowat 5% meer gaan moeten presteren.

Daar komt nog de kost bij van de subsidies die de stad zal geven aan gezinnen die hun afvoerbuizen moeten aanpassen aan de gescheiden riolen.  Die kost wordt geschat op 3,2 miljoen euro, waarvan weliswaar twee derde na de volgende gemeenteraadsverkiezingen.

Totale brutokostprijs: 78,8 miljoen euro. 

De Vlaamse bijdrage onderschat

Daarvan moet je aftrekken de verwachte subsidies die de stad zal krijgen van de Vlaamse overheid. Het stadsbestuur wil de bevolking laten geloven dat die subsidies slechts 2 miljoen euro zullen bedragen. De administratie laat weten dat dit bedrag nog aanmerkelijk zal stijgen. Toch neemt het stadsbestuur slechts die schamele 2 miljoen euro in rekening voor de totale kostprijs van het waterzuiveringsnet dat het tegen 2015 wil voltooien. Rest een nettokostprijs van 76,8 miljoen euro.

De Vlaamse Regering heeft intussen bekend gemaakt dat het Vlaamse Gewest (via de openbare instelling Aquafin) een groter aandeel van de kosten verbonden aan de nog te leveren rioleringinspanningen, op zich zal nemen. Dat is namelijk een van de punten van het 'Lokaal Pact tussen de Vlaamse Regering, de Vlaamse Gemeenten en de Vlaamse Provincies'. Een op 3 maart jl. door het voltallige Vlaamse Parlement goedgekeurde resolutie eist een vermindering van de gemeentelijke saneringsplicht met ongeveer 25%. Het is onwaarschijnlijk dat de Vlaamse Regering die unanieme en duidelijke eis naast zich neer zou leggen.

Bovendien belooft de Vlaamse overheid rekening te houden met de reeds gedane inspanningen van de steden en gemeenten. In Kortrijk zijn al 71% van de waterverbruikers aangesloten op het zuiveringsnet. Het Vlaamse gemiddelde is slechts 63%.

Meer investeringen dan nodig

Voormelde resolutie van het voltallige Vlaamse Parlement vraagt ook 'een objectief beoordelingskader voor het al dan niet aanleggen van gescheiden rioleringssystemen'. Dat betekent dat geen enkele stad of gemeente het technisch onhaalbare moet nastreven. De Europese kaderrichtlijn Water laat toe dat de zuivering van het afvalwater niet tot de laatste druppel wordt doorgevoerd: de inspanning moet 'haalbaar' blijven (art. 4, 5 van de Richtlijn van 23 oktober 2000). 

Intussen gaat men er in het algemeen van uit dat het waterzuiveringsnet niet alle watergebruikers moet bereiken maar slechts 95%. Aangezien precies die laatste 5% waterverbuikers (afgelegen of moeilijk bereikbaar) de hoogste kosten vergen om aan te sluiten op de gescheiden riolering, betekent dat een vermindering van de kosten met liefst 30%.

Maar het stadsbestuur wil blijkbaar meer dan noodzakelijk is.

2015 of 2027, een heel verschil

Voormelde resolutie van het Vlaams Parlement stelt onomwonden dat "het technisch en financieel onmogelijk is tegen 2015 alle afvalwater te saneren". In tegenstelling daarmee wil het Kortrijkse stadsbestuur dat onmogelijke nastreven.

Ook is de Europese kaderrichtlijn Water niet zo streng als het stadsbestuur ons wil laten geloven. Artikel 4, 4 van die richtlijn zegt dat de gestelde termijn - uiterlijk 15 jaar na de inwerkingtreding van de richtlijn (23 oktober 2000) - met 2 keer 6 jaar kan worden verlengd.

Vlaams milieuminister Hilde Crevits, CD&V, heeft intussen bekendgemaakt  dat Vlaanderen weliswaar tegen 2009 een ambitieus maar realistisch maatregelenpakket voor integrale waterzuivering zal klaarhebben, maar dat men aan de Europese Unie zal vragen de termijn voor het behalen van de waterdoelstellingen met 2 keer 6 jaar te verlengen.

Dat betekent dat de deadline voor het volledig aansluiten van alle waterverbruikers aan het zuiveringsnet niet 2015 maar 2027 is. Het maakt een hemelsgroot verschil als men de investeringskosten kan spreiden over slechts 7 jaar dan over 19 jaar! Door het voor te stellen alsof de stad de klus tegen 2015 zal klaren - wat niet zal gebeuren! -, wil men de bevolking voor de totale investeringen laten betalen in die 7 jaar.

Onrechtvaardig 

Ten slotte is het vreselijk onrechtvaardig om de kosten voor die versnelde uitbreiding van ons rioleringsnet volledig te laten betalen door de gezinnen die toevallig van nu tot 2015 kraantjeswater verbruiken. Riolen hebben immers een afschrijvingsduur van zeker 75 jaar. Riolen die vandaag worden gebouwd, gaan zeker mee tot het jaar 2083. In de redenering van het stadsbestuur zouden de gezinnen tot 2015 alle kosten moeten dragen en zouden de gezinnen na 2015 niets meer hoeven te betalen.

Ook de Sociaal-Economische Raad voor Vlaanderen kaartte die onrechtvaardigheid al aan in een aanbeveling 'Kostenterugwinning van waterdiensten: beleidsvragen voor de Vlaamse watersector' op 12 september 2007. Kosten verbonden aan de versnelde uitbouw van de saneringsinfrastructuur zouden volgens de SERV – hoewel toewijsbaar aan gebruiker/verbruiker - door de gemeenschap moeten gedragen worden. Het is immers niet verantwoord om gelet op de lange levensduur van de investeringen de kosten ervan af te wentelen op één generatie.

Dat betekent dat een goed bestuur de terugwinning van de kosten voor de uitbreiding van het waterzuiveringsnet zou spreiden over de afschrijvingstermijn van de nieuwe riolen. De manier van aanpakken van het stadsbestuur van Kortrijk beantwoordt daar niet aan. 

Een pure belastingsverhoging

Het is duidelijk dat de investeringskosten voor de integrale waterzuivering door het Kortrijkse stadsbestuur fel overdreven zijn. Het wordt heel wat minder dan 76,8 miljoen euro. Neem nu dat Kortrijk uitkomt op 50 miljoen euro. Hou er rekening mee dat je tijd hebt tot 2027 om dat te realiseren. Dat is dan 2,6 miljoen euro per jaar, in plaats van de 11 miljoen per jaar in de berekening van CD&V en OpenVLD.

Maar als je die 50 miljoen euro laat terugbetalen over de hele afschrijvingsperiode, kom je tot nog een groter verschil. Dan is de terugbetaling van de Kortrijkse waterverbruikers beperkt tot 0,666 miljoen euro per jaar.

Vergelijk dat even met de huidige jaaropbrengst van de gemeentelijke bijdrage op de waterfactuur: zowat 1,5 miljoen euro. Dan is bewezen dat de verdubbeling van de bijdrage ook economisch niet verantwoord is. En dan is eveneens bewezen dat die zwaardere lasten voor de Kortrijkse gezinnen niet rechtstreeks iets te maken heeft met de waterzuiveringsverplichtingen van de stad. Het is een pure fiscale maatregel. En dus flagrant in strijd met het bestuursakkoord van CD&V en OpenVLD waarin beloofd werd dat de globale lasten van de bevolking niet zouden stijgen. 

riolen2

05-04-08

De stad wordt hoofdsponsor als KVK naar eerste promoveert

kvk1

De Kortrijkse voetbalclub KVK, virtueel leider in tweedeklasse, maakt kans op promotie naar eerste. Probleem: het Guldensporenstadion voldoet niet aan de eisen die de Kon. Belgische Voetbalbond stelt voor een licentie van profclub. Een onderzoek naar de nodige aanpassingen wijst uit dat er voor ruim 1,5 miljoen euro (exclusief BTW) investeringen moeten worden gedaan. De stad is daartoe verplicht op grond van een overeenkomst van 2004. Maar als de stad de verbouwing op zich neemt, is men gebonden aan de regels voor overheidsopdrachten; dan kan men niet meer klaargeraken tegen volgend seizoen (uiterlijk tegen 15 oktober en 31 december 2008). De Voetbalbond verzet zich tegen enig uitstel. Daarom wil het stadsbestuur KVK zelf de werken laten uitvoeren, onder toezicht van de stad. Daarvoor krijgt de club een extra subsidie van 1.594.389,84 euro. Als er over is, mag de club het houden voor bijkomende verbeteringswerken. Als er te kort is, komen er nieuwe onderhandelingen. In ruil wordt Stad Kortrijk hoofdsponsor, met het stadslogo op de shirts van alle ploegen. En als KVK toch niet promoveert? Dan gaat de verbouwing niet door en dan betaalt de stad alleen het ereloon van de architect.

kvk2

03-04-08

Verdubbeling Kortrijkse waterfactuur treft nog het meest de flatbewoners

Leiewater

Het Kortrijkse stadsbestuur, CD&V-OpenVLD, wil de 'bijdrage voor de afvoer drinkwater', een stedelijke taks eigenlijk, met ingang van 1 mei 2008 optrekken van 0,6 euro per kubieke meter tot 1,1851 euro per m³. Dat is bijna een verdubbeling. Die verdubbeling geldt alleen voor wie minder dan 6000 m³ per jaar uit de kraan laat lopen. Dat zijn alle gezinnen en de meeste bedrijven. Voor de grote verbruikers - die al veel minder moesten bijdragen per m³ - is de stijging matiger: van 0,3302 euro naar 0,5926 euro voor de verbruiksschijf van 6000 tot 60.000 m³, en van 0,1651 euro naar 0,2963 euro voor al wat men meer dan 60.000 m³ verbruikt.

De 'eigen waterwinners' - dat zijn de verbruikers die grondwater oppompen - ontsnappen niet aan die factuur. De gezinnen die regenwater gebruiken, moeten daarop - gelukkig maar - geen bijdrage betalen. Maar geen genade als je ergens woont waar je niet de mogelijkheid hebt om een regenwaterput in te schakelen; denk bijvoorbeeld aan appartementsbewoners. Voor die gezinnen bestaat er geen ontsnappingsroute tegen de stijging van de Kortrijkse waterfactuur.

De Kortrijkse waterfactuur 

Over welke factuur gaat het? Bekijk eens aandachtig de jaarlijkse factuur van uw leverancier van kraantjeswater (in Kortrijk: de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening). Bovenaan staat uw verbruik over een periode van ongeveer een jaar.

Daaronder, bij de aanrekening ziet u 4 posten. Eerst de gratis 15 m³ per persoon die op het leveringsadres woont, 0 euro uiteraard. Dan het verbruik dat u wel moet betalen. En dan, sinds 2005: de 'bijdrage voor de zuivering drinkwater'; een Vlaamse taks eigenlijk. Die taks wordt berekend op heel uw verbruik, met inbegrip van de gratis levering. Sinds nieuwjaar bedraagt die taks 0,8465 euro per m³. En ten vierde ziet u staan: 'Bijdrage voor de afvoer drinkwater'. Dat is een gemeentelijke taks, eveneens op heel uw verbruik. Op al die posten komt ook nog eens 6% BTW.

Voor de meeste verbruikers van kraantjeswater in Kortrijk bedraagt die bijdrage tot vandaag voorlopig nog altijd 0,60 euro per m³. Dat is het laagste tarief van West-Vlaanderen en dat is te danken aan het hardnekkige verzet van de socialisten in Kortrijk toen wij nog mee de meerderheid vormden. Na zes jaar goede samenwerking met onze schepen Philippe De Coene, heeft de CD&V van Stefaan De Clerck ons gedumpt om met OpenVLD scheep te gaan.

De 4,3 miljoen euro van Cnudde

Voor 2005 was er nog geen gemeentelijke bijdrage op de waterfactuur. In Kortrijk was er toen wel een stedelijke belasting op het stadsrioolnet. Die belasting, gekoppeld aan het kadastraal inkomen, bracht tot 2004 jaarlijks 4,3 miljoen euro op. Toen besliste de Raad van State dat die koppeling onwettig was. Vanaf dan werd het een forfaitaire belasting. Zie mijn stukje van 13 december 2005. Op ons aandringen bleef die belasting beperkt tot 1,5 miljoen euro. Dat was een fameuze belastingsvermindering. Toen al drong men er bij CD&V op aan om die belasting op het vroegere peil te houden.

En dan werd die riooltaks vervangen door die bijdrage op de waterfactuur. Zie mijn stukje van 6 januari 2006. Ook bij die gelegenheid wou men van CD&V-zijde, schepen Alain Cnudde, het tarief zo optrekken dat men weer die 4,3 miljoen euro per jaar kon ophalen bij de gezinnen. Wij hebben ons daar hard tegen verzet. In 2006 bracht die bijdrage 1,4 miljoen euro op; in 2007 zou het 1,7 miljoen euro zijn - we moeten de stadsrekening van 2007 nog krijgen. Overigens is het minontvangst voor de stad grotendeels goedgemaakt door de invoering van een stadstaks op het verspreiden van reclamefolders - een taks waar de KMO's aan ontsnappen.

Opnieuw 

Het stadsbestuur, CD&V-OpenVLD, vraagt nu opnieuw aan de gemeenteraad, van 14 april 2008, de goedkeuring van een voorstel om de Kortrijkse waterfactuur op te trekken tot het maximum toegestaan door het Vlaamse Programmadecreet. Dat is 1,4 maal de Vlaamse 'bijdrage voor de zuivering drinkwater'. Aangezien die Vlaamse vermomde taks 0,8465 euro per m³ bedraagt, mag en zal Kortrijk de stadsbijdrage optrekken tot 1,1851 euro per m³.

Schepen Alain Cnudde, CD&V, ACW, raamt dat die stijging een meeropbrengst zal betekenen van 1,5 miljoen euro. In totaal zal die opgetrokken Kortrijkse waterfactuur 44,56 euro kosten aan elke inwoner (3,3 miljoen euro in totaal). De schepen wijst erop dat men daarmee nog altijd een miljoen euro onder de vroegere riooltaks zit; hij vergeet te zeggen dat het 'verlies' meer dan gecompenseerd is door de felle stijging van andere belastingen (bijvoorbeeld de opcentiemen op de personenbelasting en de onroerende voorheffing).

OpenVLD in de touwen

Met dat voorstel van het stadsbestuur is het duidelijk dat OpenVLD in de touwen hangt van de boksring op het stadhuis. De liberale juniorpartner in de meerderheid heeft zijn verzet tegen de voortdurende pogingen van CD&V om de bevolking meer te laten betalen, moeten staken.

Bij de opmaak van de stadsbegroting eind vorig jaar leidde dat verzet van OpenVLD - het geroep en de slaande deuren in het schepencollege waren op een bepaald moment tot op de Grote Markt te horen - nog tot zware incidenten, zoals de onverhoedse afschaffing van de stedelijke huisvestingspremies. CD&V verplichtte immers liberaal schepen Wout Maddens om het bedrag te besparen dat zij niet konden innen door het verzet van OpenVLD tegen een stijging van de waterfactuur. "Goed" zei die: "dan schaf ik uw bouwpremies af". Zie mijn achtergrondverhaal van 19 december 2007. 

Collateral damage

De duurdere waterfactuur is een stijging van de lastendruk. Volgens schepen Alain Cnudde zal 'een modaal gezin met een verbruik van 60 m³ drinkwater per jaar, 40 euro per jaar meer moeten betalen'. Bij mij komt de stijging op 99 euro (we zijn met 3 en ik was nooit mijn wagen).

Bovendien heeft de maatregel betreurenswaardige neveneffecten. Vooreerst is het een last op een basisbehoefte; niemand kan zonder water. En de waterrekening is in verhouding zwaarder voor wie een kleiner inkomen heeft.  Natuurlijk is er de 15 m³ gratis water voor elk gezinslid. Maar dat helpt hier niet, want die Kortrijkse waterfactuur wordt ook op dat gratis geleverde water gelegd. De vrijstellingen van zowel de Vlaamse als de Kortrijkse waterfactuur zijn beperkt tot mensen met een leefloon, een gewaarborgd inkomen voor bejaarden, of voor personen met een tegemoetkoming voor een handicap. Het optrekken van de Kortrijkse waterfactuur kan dus zonder meer een onsociale maatregel worden genoemd.

Voorts is de maatregel harder voor de Kortrijkzanen die niet (kunnen) beschikken over een regenwaterput. Een gezin dat zijn verstand gebruikt en regenwater opvangt en aanwendt, voor wc en wasmachine bijvoorbeeld, kan heel wat kraantjeswater uitsparen. Dat is goed voor het milieu en op dat regenwater betaalt u evenmin de Kortrijkse waterfactuur. Watergebruikers die zelf hun water oppompen, moeten wel die stadsbijdrage betalen. Maar dat gaat dan niet over de gezinnen met een regenwaterput, maar over grote bedrijven die meer dan 5 m³ per uur aan de fossiele grondwaterlagen onttrekken.

Appartemenstbewoners worden hier gediscrimineerd. Slechts in heel weinig gevallen is een flatgebouw voorzien van een installatie voor opvang en gebruik van regenwater. De flatbewoners zijn als het ware veroordeeld tot kraantjeswater en zij zullen die stijging van de waterfactuur dan ook dubbel en dik ondervinden.

Betaalt de vervuiler?

En in een zekere zin klopt hier ook niet de toepassing van het principe 'de vervuiler betaalt'. Grote leveranciers van afvalwater in de Kortrijkse riolen moeten slechts de helft tot een vierde van de waterfactuur betalen. Tot 6000 m³ betaalt men de volle pot (1,1851 euro per m³); tussen 6000 en 60.000 m³ betaalt men 0,5926 euro per m³; en voor jaarlijkse lozingen van meer dan 60.000 m³ is de prijs nog slechts 0,2963 euro per m³.

Aan die schijven kan een gemeente niets veranderen, maar wel kan een gemeente voor de drie schijven hetzelfde tarief aanrekenen in plaats van de helft en een vierde. Stad Oostende  en stad Tielt doen dat bijvoorbeeld (tarief: 0,8465 euro per m³). Roeselare hanteert verminderende tarieven, maar die toch hoger zijn dan de Kortrijkse voor de grote lozers (0,8465 voor de tweede schijf en 0,4233 voor de derde).

Met die relatief geringe bijdrage voor grootlozers stimuleert Kortrijk slechts weinig de zelfzuivering bij bedrijven en instellingen. Door investeringen in hun productieproces of in eigen zuiveringsinstallaties kunnen grote waterverbruikers ontsnappen aan zuiverings- en rioleringsbijdragen.