30-01-08

Politie Kortrijk gaat naar opgetilde stalen driehoek van vier lagen

politiehoofdkwartier XDGA1

Foto's van Xaveer De Geyter Architectenburaeu bvba

Zopas is bekendgemaakt dat uit de shortlist van vijf inzendingen voor de Europese architectuurwedstrijd voor een nieuw politiehoofdkwartier in Kortrijk de jury het ontwerp van Xaveer De Geyter Architectenbureau bvba in vereniging met de ingenieurs Boydens en Ney heeft bekroond. Het wordt een project van 22,8 miljoen euro (BTW incluis), gerealiseerd door een samenwerkingsverband van stad Kortrijk, het Stadsontwikkelingsbedrijf Kortrijk (SOK), de Regie der Gebouwen, de Politiezone VLAS en de Federale Politie. Het is de bedoeling dat nog in 2008 de bouwvergunning wordt bekomen, in 2009 de aanbesteding wordt gehouden en de bouw van stapel loopt, en dat in 2011 de manschappen van zowel Politiezone VLAS als de Federale Politie hun intrek kunnen nemen in het in alle opzichten hoogstaande complex. VLAS-korpschef Stefaan Eeckhout is in zijn nopjes.

Het bekroonde ontwerp

De bekendmaking vond plaats op 30 januari 2008 in het stadhuis van Kortrijk. De uitspraak van de avond kwam van de bekroonde architect zelf. Xaveer De Geyter verklaarde bij het begin van zijn presentatie droogweg: "Het is niet zo moeilijk een politiegebouw te ontwerpen. Dat ga ik u bewijzen". Meende hij het of wou hij stoer doen? In elk geval zal zijn gebouw de ogenschijnlijk simpele vorm hebben van een driehoek, zoals het voor de hand lag op het aangewezen terrein aan de buitenkant van de westelijke binnenring. Je zou het complex een vol gebouw doorzeefd met vierkantige gaten (14 gaten en 5 inkervingen aan de Leiekant) kunnen noemen, maar je kunt het ook bekijken als een leeg gebouw opgevuld met een netwerk van nuttige ruimten in kruisverband. En het staat op poten.

Politiegebouw2

Het wordt in elk geval een letterlijk schitterende aandachtstrekker. Want de lange, heel lange gevels worden uitgevoerd in spiegelend inox, roestvrij staal. Het complex komt voor een deel in de winterbedding van de Leie. De rest van de driehoek komt op het drie meter hogere terrein dat zich uitstrekt van de kluifrotonde 'Den Appel' tot het gewezen entrepot van de NMBS. Zo kan ook de onderste laag van de driehoek half open worden gemaakt, met toegang en uitzicht over de woonparkzone die nog ontwikkeld moet worden op die Leieoever.

Politiegebouw 7

In die half-ondergrondse kelder komen de eigen parking van de politie, de stelplaats voor het interventiematerieel en de cellen voor arrestanten. Een weg zal als aftakking van de nabijgelegen 'ventweg', die de westelijke binnenring bedient, de driehoek doorkruisen. Zo komt er een interne verbinding met de verdieping erboven, en kunnen de politiewagens op elk moment aan verschillende kanten uitrukken.

Ook de hogere gelijkvloerse verdieping zal op palen staan ('verticale stijgpunten' in architectenjargon), die uitgevoerd worden in zwart beton en verspreid zijn over het plan. Die verdieping sluit aan op de nieuwe parking 'Kortrijk Weide', 250 stalplaatsen groot, die ook kan gebruikt worden voor allerlei evenementen zoals circussen en muziekfestivals. Die gelijkvloerse verdieping bevat een toegangs- en ontvangstlokaal, in nachtblauwe - politiekleur! - glazen uitvoering, en is voor de rest een groot waaigat waar de auto's van politieklanten en -personeel kunnen geparkeerd worden. Het wordt wel een klaar waaigat door niet minder dan 14 grote uitsparingen in de hogere verdiepingen. Het risico van een verwaarloosde aanblik, die parkings meestal bieden, wordt tegengegaan door het plafond uit te voeren in spiegelend inox-staal.

Politiegebouw 6

De verdiepingen +1 en +2 bieden werkruimte voor alle politiefuncties van zowel het korps van de lokale Politiezone VLAS als de Federale Politie. De kantoren en andere lokalen komen ter beschikking in een rasterstructuur ('grid' zeggen architect en burgemeester) rond de fameuze 14 vierkantige gaten. Met die structuur kan men alle kanten uit - een flexibiliteit die voor het veelzijdige en onvoorspelbare politiewerk mooi meegenomen is.

Die veertien vierkantige gaten in de reusachtige stalen driehoek zijn een ingenieuze vondst van Xaveer De Geyter. Het is een van de elementen waarvoor de jury van de architectuurwedstrijd viel: "De royale aanwezigheid van lichthappers in alle vormen (patio's, atrium, terrassen), zowel opgetild als doorgezakt brengen een zee van licht tot in de kern van de verdiepingen". Geen enkel van die gaten ('vides' zeggen architect en burgemeester) zal inderdaad hetzelfde zijn; de mogelijkheden van glas zijn onbeperkt. 

De motivatie van de jury

In zijn motivatie verklaart de jury onder leiding van Vlaams Bouwmeester Marcel Smets de palm aan Xaveer De Geyter en co te geven, omdat zijn gebouw opvallendheid combineert met "een uitdagend maar beheerst materiaalgebruik". Voorts achten zij de "heldere en logische planopbouw" een grote troef.

Politiegebouw 5

Toch plaatst diezelfde jury ook bij het winnende ontwerp enkele vraagtekens. Zo krult hun neus een beetje bij de vaststelling dat de architect de belangrijkste plek van het complex, de gelijkvloerse verdieping (zelf in twee niveaus) slechts gebruikt voor het parkeren van wagens. Dat betekent, zoals Kortrijkwatcher er mij op wees, dat iedereen die bij de politie moet zijn de trap of de lift moet nemen. Ik probeer mij voor te stellen hoe men zich veilig met verdachten in een lift kan afzonderen. De jury roept de ontwerper dan ook op om de nodige aandacht te besteden aan de toegankelijkheid van het gebouw. Overigens was het een opdracht aan de ontwerpers om de parkeerbehoeften vanhet politiegebouw in het complex zelf op te vangen; andere ontwerpen opteerden voor ondergrondse garages.

Een tweede vraagteken plaatst de jury bij de duurzaamheid en het rationeel omspringen met de energiebehoefte van het complex. "Zijn er niet teveel gevels?" vraagt de jury zich openlijk af. Xaveer De Geyter antwoordt daarop dat het een heel compact gebouw wordt - de 14 vides ten spijt? - en dat daardoor de energieverliezen als gevolg van het grote geveloppervlak gecompenseerd wordt.

De jury is niet ingegaan op het volgende. In de stedenbouwkundige randvoorwaarden voor het politiegebouw staat dat het een groendak moet krijgen om de externe buffering van regenwater te beperken. Het is mij niet bekend of de architect daaraan heeft gedacht.

Ook is gevraagd te voorzien in uitbreidingsmogelijkheden. Daarover heeft de ontwerper bij zijn presentatie evenmin iets laten weten. Maar goed, als de zwartbetonnen palen waarop de twee werkverdiepingen rusten sterk genoeg zijn, kan er eventueel nog een derde volle laag bovenop gebouwd worden. Maar worden die veertien gaten dan niet al te kokerachtig?  

Een oplossing na meer dan twintig jaar

Met dat opvallende project komt uitzicht op een oplossing van een oud probleem: de huisvesting van de Kortrijkse politie (nu geïntegreerd in de Politiezone VLAS, die ook Kuurne en Lendelede omvat). Het commissariaat in de Persynstraat, in Oostblokstijl, voldoet al lang niet meer en is te klein voor het hele korps. Waar is de tijd dat burgemeester Sansen met het idee speelde om voor de politie een nieuwe stek in te richten in het opgedoekte slachthuis aan de Veemarkt. Er zijn toen, twintig jaar geleden, zelfs testen gedaan met politiewagens om te bekijken hoe vlug met van daaruit kon interveniëren. Het plan is niet gerealiseerd; de slachthuispanden zijn verkocht aan promotor Thiers, die er een flatgebouw neergepoot heeft alsof het zicht op zee had.

Als noodoplossing heeft de politie dan maar een tweede gebouw in gebruik genomen, de vroegere kantoren van Gaselwest in de Sint-Amandslaan. Korpschef Stefaan Eeckhout noemt dat nu nefast voor de goede werking van zijn korps: er blijken zich twee clans met verschillende culturen te hebben ontwikkeld in de twee commissariaten. In het nieuwe complex komen ze weer allemaal bijeen.

Het complex zal trouwens gedeeld worden met de Federale Politie in Kortrijk.  Ook de gewezen gendarmerie zit in - hoewel stijlvolle - verouderde gebouwen: de kazerne in neo-renaissance trant op de hoek van de Zwevegemsestraat en de Boudewijn IX-laan. Overeengekomen is dat de Federale Politie ongeveer een derde van de kantoren en de parking zal innemen en 6,5% van de logistieke ruimte in het nieuwe complex. 

Voor korpschef Stefaan Eeckhout van de Politiezone VLAS is het een droom van twintig jaar die uitkomt. En uit de vijf resterende inzendingen van de architectuurwedstrijd is het een ontwerp naar zijn wensen: "Het wordt een krachtig functioneel gebouw dat ook heel open en uitnodigend zal zijn voor de bevolking". We toosten op een voorspoedige realisatie.

De ontwerpen die het niet hebben gehaald

Het ontwerp van Xaveer De Geyter Architectenbureau bvba (Brussel), versterkt met de ingenieurs Ney & Partners en het studiebureau R. Boydens haalde het van vier concurrenten. De grootste teleurstelling heeft wellicht de combinatie Carlos Ferrater & Stephane Beel Architecten/SWK/Arcadis-Gedas/Daidalos-Peutz (Gent) opgelopen. Sterarchitect Stephane Beel heeft in Kortrijk immers machtige vrienden, heeft er al meer gewerkt (het nieuwe gerechtsgebouw en de Tack-toren bijvoorbeeld) en is de auteur van een stedenbouwkundig masterplan (2003) voor de zowat 7 ha gronden die opeens vlak bij het centrum vrijkwamen door de aanleg van de westelijke binnenring. Het is in dat gebied en in de onmiddellijke omgeving van zijn gerechtsgebouw dat het politiehoofdkwartier komt, dat Beel niet mag ontwerpen. Zijn concept had veel weg van het nieuwe Antwerpse gerechtshof met inbegrip van de glazen frietzakken op het dak.

De andere ontwerpers combineerden alle internationaal bekende namen aan plaatselijke expertise. Francisc Mangado associeerde zich met Snoeck & Partners en Cenergie bvba. Willem Jan Neutelings (Neutelings Riedijk Architecten, Amsterdam), die het opvallendste voorstel deed, een gebouw in de vorm van een binnenstebuiten gekeerde accordeon, trad samen op met Bureau Bouwtechniek, Daidalos, Ney & Partners en Ingenium. En ten slotte was er nog de tijdelijke vereniging Caruso St.John Architects LLP/Desmet-Vermeulen Architecten BVBA/Signum/Technum.

Politiegebouw 4

27-01-08

De oude Noordbrug is niet meer, binnenkort nieuwe tuibrug

afbraak Noordbrug Kortrijk1
Liefhebbers van dramatische afbraakwerken kunnen de jongste tijd in Kortrijk wel hun hartje ophalen. Van het weekend is nog de Gerechtshofbrug (Noordbrug) voor de bijl gegaan. Dat gebeurde in het kader van de grootse Leieverbredingswerken die Kortrijk al decennia lang in de ban houden. Met die sloping - een huzarenstukje waarvoor de aannemer geen twee volle dagen nodig had - is de vierde fase van de Leieverbreding weer een stap verder. Nog drie (of vier) nieuwe bruggen geduld en de Golden Riverstad is af van alle bouwhinder. Laat ons zeggen tegen 2012.

Sloper Verhelst was zondag (27 januari) om 6.35 uur al klaar met de afbraak van de brug over de Leie tussen de Beheerstraat en de Noordstraat. Dat was een dag vroeger dan gepland. Ononderbroken waren zijn machines en ponton na de passage van het laatste schip vrijdagaviond in de weer geweest. Meegedragen door een stevige westenwind was het gedreun en geklop van de boorhamers overal te horen op de oevers van de rivier in het stadscentrum. Prachtige foto's van de sloop zijn te vinden op de blog van Het Nieuwsblad, van Kortrijkzaan Tom Fossaert.

noordbrug3 

Greischbrug

Met de sloop van de brug - de brughoofden in metersdik bakstenen metselwerk moeten nog afgebroken worden maar dat zal de scheepvaart niet hinderen - is een belangrijke stap gezet in fase 4 van de verbreding van de Leie in de Kortrijkse stadskern. Die vierde fase omvat ook een grondige verbouwing van het westelijke uiteinde van het eiland Buda. Aan de tip, waar de oude en de nieuwe Leie uit elkaar gaan, ter hoogte van het 'moederhuis' van het hospitaal en de vroegere Reepbrug, komt een stuk land bij. Achter stalen damplanken is men nu al zand aan het stapelen. Gewezen burgemeester de Bethune wou daar een 'groene' parking. Maar dat plan is verlaten; er komt een parkje met op de punt wellicht een cafétaria met panoramisch uitzicht op het aan beide kanten wegvliedende water.

Noordbrug afbraak2

De afgebroken brug zelf wordt, na verbreding van de oevers, vervangen door een kunstwerk dat nog ontworpen is door de wereldberoemde bruggenbouwer René Greisch, die in de zomer van 2000 overleed. Het wordt een tuibrug, hangend aan zeven kabels die vertrekken van een enkele pyloon aan de kant van de Beheerstraat. Een maquette van die ingenieuze brug staat in de etalage van het Stadsinfopunt op het Overbekeplein. Onderaannemer voor de bouw van de tuikabelbrug is de firma Victor Buyck Steel Construction, Eeklo, een van de grootste Belgische staalbouwers. Intussen blijkt die informatie niet meer te kloppen. De echte constructeur van de brug is BVBA AELTERMAN (Christoffel Columbuslaan 5, Haven 7080 A, 9042 Gent), ook één van de grootste Belgische staalbouwers. - Tekst aangepast op 18 februari 2009 -

 

Op zijn Kortrijks is het gestuntel met de naam van de brug. De brug stond van oudsher bekend als de Noordbrug, naar de Noordstraat waar ze naartoe leidt. Maar in het stadhuis vonden ze dat blijkbaar niet chique genoeg en het werd plots de 'Gerechtshofbrug'. Nu, een gerechtshof is een tribunaal waar een hof zetelt, een hof van beroep bijvoorbeeld. Dat heeft het Kortrijks tribunaal niet. Eigenlijk zou het dan "Rechtbankbrug" moeten zijn, maar dat klinkt te banaal. Daarom heeft men - godweetwie, moet dat niet officieel beslist worden door de gemeenteraad? - beslist dat de nieuwe brug weer 'Noordbrug' zal heten. Heel grappig voor een brug die aan de westkant van de stadskern ligt. Dus ook niet goed. Waarom er geen Greischbrug van gemaakt, of zijn Walen taboe in de Guldensporenstad?

 Tuibrug2

Al elf jaar bezig

In elk geval komt er weer zichtbaar schot in de Leiewerken na de vertraging te wijten aan de ontploffing van de afvalwaterpersleiding van Aquafin enkele maanden geleden. De achterstand op de verwachtingen van in het begin is niet meer te overzien. Er is heel lang, in de jaren zeventig, gedebatteerd over zin en onzin van een dergelijke ingrijpende operatie in de historische stadskern. Er was zelfs lange tijd sprake van een alternatief plan, dat veel minder investeringen zou vergen. In plaats van de rivier te verbreden, wilde men een systeem met verkeerslichten om de boten om beurten stroomop- en stroomafwaarts te laten passeren door Kortrijk. Maar het behoud van die ene flessenhals voor grotere binnenvaartschepen op de verbinding Seine-Schelde bleek onhoudbaar.

In 1985 is begonnen met de eerste onteigeningen. Ik herinner mij hoogoplopende discussies in de Kortrijkse gemeenteraad waarin Jozef De Jaegere uitriep dat het volkomen onverantwoord zou zijn de Kortrijkse binnenstad voor tien jaar te gijzelen met die werken. Diverse protocollen en charters werden afgesloten tussen de stedelijke en Vlaamse overheid om de voortgang van de werken de bespoedigen en om Kortrijk te compenseren voor de overlast.

Na de eerste spadesteek in 1997 zijn we intussen al elf jaar bezig. Zijn we al halverwege? De prijs van de verbreding is parallel gestegen met de duur van de werken. De gigantische opdracht werd Europees aanbesteed. De tijdelijke vereniging Stadsbader-Flamand (Harelbeke)/Herbosch-Kiere (Kallo)/Jan De Nul (Aalst/CEI Construct (Zaventem), met de gezamenlijke naam Tijdelijke Vereniging Leie Doortocht, deed het interessantste bod: 1,65 miljard frank of een dikke 40 miljoen euro. Vandaag rekent men op 101,5 miljoen euro. En dat is een soldenprijsje. Het zag er in 2006 naar uit dat men ging uitkomen op 108,4 miljoen euro. Maar bouwheer Waterwegen en Zeekanaal (W&Z) is gaan onderhandelen met de Tijdelijke Vereniging en heeft er 7 miljoen euro van af kunnen knijpen.

Frivoliteiten

Die stap van W&Z kwam er na nog maar eens een 'pact' afgesloten tussen Stad Kortrijk, het Vlaamse Gewest en W&Z. In die overeenkomst van april 2006 garandeerde W&Z een voltooiing van de werken tegen 2010 - wat intussen weeral niet meer haalbaar blijkt. Het Vlaamse Gewest beloofde elk jaar voldoende financiële middelen vrij te maken (12 miljoen euro per jaar), om te vermijden dat een tekort aan geld de werken op de lange baan zou sturen.

En de stad verbond zich ertoe mee te betalen voor zijn "frivoliteiten" (dixit kortstondig Vlaams minister van Openbare Werken Gilbert Bossuyt, waarmee hij de extra wensen van Kortrijk bedoelde ter compensatie van de overlast). Zo betaalde Kortrijk zijn deel in de realisatie van het tunneltje onder de westelijke binnenring - die nieuwe weg is de belangrijkste compensatie; de stad heeft voor de weg zelf niets moeten betalen. Een tegengeste van W&Z is dan weer dat het na de verbreding van de nieuwe Leie op vraag van het stadsbestuur wil investeren in opknapwerken aan de oude Leie (de Leie die tussen de Broeltorens stroomt). Inmiddels zijn die werken wel weer uitgesteld.

Tafelbrug

Voor de vierde fase, Buda-eiland en Noordbrug, is twee jaar uitgetrokken. Na openstelling van de tuikabelbrug kan men beginnen aan fase 5, de Budabrug. De Kemelbrug, zoals ze in de volksmond wordt genoemd, moet plaats maken voor een ophaalbrug. Daarmee komt een einde aan een eeuwenlange vaste oeververbinding tussen Overleie en het centrum. Voor die 'tafelbrug' wordt een 'wedstrijdaanbesteding' (design & build)uitgeschreven, met een maximumprijs als belangrijke voorwaarde.

Gehoopt wordt dat de Budabrug weer berijdbaar is halverwege 2010 - de wonderen zijn de wereld niet uit! Er is nog volop discussie over het 'ophaalbeleid' voor de Budabrug. Ooit drong de stad erop aan de brug niet op te halen op piekmomenten van het verkeer. Nu is er een suggestie van de intercommunale Leiedal om de brug maar 10 keer per dag op te trekken.

Reepbrug

Voor diezelfde fase 5 moet nog beslist worden of er al dan niet een nieuwe brug komt ter vervanging van de gesupprimeerde Reepbrug. Het geraamte van die Reepbrug staat trouwens nog altijd recht, bovenop de landaanwas aan de westelijke tip van het Buda-eiland. Er bestaat al een ontwerp, van het befaamde Nederlandse bureau Zwarts en Jansma. Het zou een voetgangersbrug worden die uitkomt op de campus van het hospitaal.

Collegebrug

Intussen is de bouw van de Collegebrug, een fietsersbrug, volop aan de gang. Het wordt een spectaculaire S-vormige hangbrug. De bijzondere vorm is mede gekozen voor het comfort van de fietsers: met een grotere lengte wordt een te steile helling vermeden. Het ontwerp is van architect Ney. De onderaannemers zijn Van Laere, Antwerpen en Ameco, Nederland, maar er wordt ook heel wat Pools gesproken op de bouwplaats. In feite is die Collegebrug nog altijd een onderdeel van fase 1 van de Leiewerken.

Tot diezelfde fase behoort ook de aanleg van de nieuwe grond aan de IJzerkaai tot een 'Budabeach', naar een idee van burgemeester De Clerck. De stad zelf bekostigt daar de bouw van een cafetaria. Een echt strand zal het wel niet worden zolang het Leiewater te vuil is om bezwommen te worden. Overigens is de stroming van de rivier, sinds zijn kanalisering, ook veel te sterk voor veilig baden.

Kanoclub

De bouw van voormelde bruggen, kademuren en neveninfrastructuur zal wellicht tegen eind 2012 voltooid zijn. Rest dan nog een laatste fase bestaande uit wat oeverwerken buiten het stadscentrum, stroomopwaarts voorbij de westelijke binnering en stroomafwaarts voorbij het Albertpark (Wikings). In die laatste fase sneuvelt nog een laatste icoon van Kortrijk, het clublokaal met aanlegstijger van de Kortrijkse Kanoclub. Maar zij krijgen een alternatieve locatie, het sashuis nr. 9 op de vaart Kortrijk-Bossuit, waar zij trouwens een voor peddelaars veel bevaarbaarder water hebben.

Zie ook mijn vroegere stukken: Het ambetantste stuk van de Leiewerken is gestart, Einde Leiewerken tegen 2010?, De frivole, bakstenen kaden van de Leie

15:45 Gepost in Algemeen | Permalink | Commentaren (25) | Tags: kortrijk, leie, buda |  Facebook |

23-01-08

Darlingen: is het wel Kortrijk?

Consciencestraat

Om een of andere reden vinden sommigen het plots nodig om een roman van Conscience uit 1861 uit de beschimmelde reserves van duistere bibliotheken op te diepen ... om Kortrijk af te kammen. De 'zedenschets' "De burgers van Darlingen" heeft als decor een ingedommeld stadje met een bekrompen bourgeoisie en dat zou, volgens de heersende leer, over Kortrijk gaan. Lokaal historicus Frans Debranbandere vlooide evenwel uit dat de beschrijving van Conscience niet klopt met het Kortrijk van toen. Overigens is het vooral de vraag of de actuele kritiek die achter de verwijzing naar Darlingen steekt, wel hout snijdt. 

Darlingen 

Hendrik Conscience schreef in 1861 in zijn 'zedetafereel in twee tydvakken' De Burgers van Darlingen: "Op eenige uren gaans van Brussel, nevens 's Lands ijzeren weg, ligt eene kleine stad, die wij om alle toepassing te voorkomen, met den naam van Darlingen zullen aanduiden. Zij telt meer dan veertienduizend zielen en bevat verscheidene schone kerken en kloosters, alsook een hospitaal of ziekenhuis, dat om de oudheid en zuiver Gothischen bouwtrant van zijn gevel de aandacht der kunstliefhebbers ten hoogste verdient.

Wanneer men voor een vijftiental jaren ter standplaats van Darlingen afstapte, om stedewaarts te gaan, bemerkte men allereerst eenige fabrieksschouwen boven uitgestrekte werkhuizen. Men was daarvoor geneigd om Darlingen voor eene nijvere en handelrijke plaats aan te zien; het gerucht, de beweging, het gekriel van het volk, dat men in de wijk der fabrieken ontmoette, versterkte nog dit gunstig gevoelen. Maar nauwelijks was men een paar lange straten doorgegaan, of men ondervond, dat de beweging allengs verminderde en door eene aangrijpende stilte werd vervangen, naarmate men het midden der stad naderde." Van oudsher wordt beweerd dat dit Darlingen geen andere stad is dan Kortrijk. Recentelijk nog door Thierry Deleu en Joris Denoo.

Darremonde? 

Frans Debrabandere zette in De Leiegouw van begin vorig jaar (Waar ligt Darlingen, De Leiegouw, jaargang 79, afl. 1 2007, p. 79 - 84) een groot vraagteken bij die identificatie van Kortrijk met het Darlingen van Conscience halverwege de 19e eeuw. Kortrijk ligt helemaal niet "op eenige uren gaans van Brussel". Te voet doet een geoefend stapper zeker 17 uur over de bijna 90 km. 14.000 inwoners? Kortrijk had er in de periode waarin Conscience zijn  vertelling liet afspelen een kleine 23.000; dat is de helft meer, en in die tijd kon dat tellen. In die tijd waren er in Kortrijk hoop en al drie kerken. Er was - en is - wel een hospitaal, maar dat heeft geen "zuiver Gothischen" gevel. En het station ("standplaats") ligt in Kortrijk in het volle centrum en niet op een afstand van een paar lange straten na eerst een fabriekswijk te hebben doorkruist.

Bovendien situeert de schrijver zijn slaperig stadje ergens tussen Brussel, Antwerpen en Leuven, met "het voorgeborchte" Schaarbeek in de onmiddellijke omgeving. Naamkundige Frans Debrabandere heeft ook de namen van de personnages onder de loep genomen. Het blijkt veelal te gaan om vervormingen van namen die in West-Vlaanderen of Kortrijk niet voorkomen. Zo bijvoorbeeld de naam Pottewal, die doet denken aan Walpot of Waelput, zoals die nog altijd in het Oost-Vlaanderen worden aangetroffen. Een andere figuur in de zedenschets heet Romys; in onze buurprovincie komt de naam Romeyns voor, bij ons niet.

Op basis van zijn bevindingen concludeert Frans Debrabandere dat het stadje dat Conscience als decor gebruikt wel eens Dendermonde zou kunnen zijn. De man die zijn volk leerde lezen, begon er, zeer tegen zijn zin, zijn opgang in het establishment als lesgever bij de regimentsschool voor onderofficieren en korporaals. "Darremonde", zoals men het daar soms zegt, ligt op 29 km van Brussel. En voormelde namen zijn er gangbaar.

Evenwel: Dendermonde had toen amper 8500 inwoners. En 29 km is toch nog een dagtocht gaans, meen ik. Ten opzichte van de driehoek Antwerpen-Brussel-Leuven ligt de stad van Norbert De Batselier toch wel wat uit de weg. Zou het niet Mechelen kunnen zijn? Het was een grotere stad, precies gelegen waar Conscience Darlingen situeert, en met een station buiten de boulevards...

Wat doet het er ook toe? Conscience schreef fictie en hij had wellicht slechts een doorsneestad voor ogen, die hij opbouwde met elementen - en uit de slechte ervaringen en teleurstellingen - uit de verschillende steden waar hij had gewoond. De vraag is veeleer: wat bezielt er publicisten, Kortrijkzanen niet uitgezonderd, om in dat fictieve Darlingen Kortrijk te zien?

Ballingschap?

In elk geval verbleef Conscience van 1857 tot 1868 in onze stad, als arrondissementscommissaris, een jobke dat hij had gekregen om hem als gevierd schrijver van staatswege een vast inkomen te bezorgen maar waaraan dat hij toch meer werk en kopzorgen had dan hem lief was. Of hij zo ongelukkig was in het Kortrijk van anderhalve eeuw geleden, als hij zelf nu en dan in een zwartgallige bui liet uitschijnen, is niet zo zeker. Zijn vriend Adhemar Camille van der Cruyssen noemde in zijn grafrede op de begrafenis van Conscience in 1883 de Kortrijkse jaren van de schrijver zijn gelukkigste tijd.

Conscience zelf liet zich ontvallen zich in Kortrijk "in ballingschap" te voelen. 't Zou er wel mee te maken kunnen hebben dat hij een lucratiever benoeming in Gent niet kreeg. Bovendien stond het, naar het voorbeeld van zijn idool Victor Hugo, die in ons land het conservatieve regime in Frankrijk was ontvlucht, zo heldhaftig. Beide 'ballingen' ontmoetten elkaar trouwens een paar keer in Kortrijk alstublieft, in het herenhuis dat Conscience huurde in de O.L.Vrouwestraat. Bij een van die keren was Victor Hugo vergezeld die andere literaire grootheid van het moment, de vader van de drie musketiers allevier, Alexandre Dumas.

Société Littéraire

Ondanks aanhoudend geldgebrek hield Conscience in zijn Kortrijkse jaren 'zijn stand op'. Hij was er ook een boegbeeld van het culturele en societyleven en hij liet zich voorzitter benoemen van de Société des Beaux-Arts et de la Culture en ere-voorzitter van de Société Littéraire de Courtrai. Toch omschreef hij Darlingen (Kortrijk?) als een onbetekenend stadje "vol vooroordelen, beheerscht door eene financiële aristocratie, die hare medeburgers minacht, met eene ongeloofelijke verwaandheid bezield is, zich opsluit in woningen somber en naar als kloosters, en treurig als lag in elk huis een doode."

Die zit! Maar waaraan stoorde Conscience zich zo erg dat hij aan het schelden sloeg? Zijn afrekening met Darlingen (Kortrijk?) wordt altijd vertaald als kritiek op een op geld beluste bourgeoisie. Maar je moet eens nagaan waaraan de man zich in feite ergerde. Dat was niet aan het feit dat de burgers van Darlingen zich vet mestten op het 'gekriel' van het werkvolk in de fabriekswijken. Niet aan de lamentabele woonomstandigheden van dat werkvolk. Niet aan het aristocratische cijnskiesstelsel dat de massa het stemrecht ontzegde. Niet aan de rijkelijke banketten waar die burgers elkaar zo nu en dan ontmoetten. En zelfs niet aan het feit dat het in Kortrijk lang geduurd heeft eer de textielbazen wilden investeren in industriële machines; liever lieten ze hun thuiswevers en kantklosters op eigen risico knoeien in hun miezerige huisjes.

In de grond nam Conscience het de burgers van Darlingen kwalijk dat zij het geld niet onbekommerd lieten rollen als hun grote broers in Brussel, Antwerpen en Gent. Het komt erop neer dat Darlingen te klein was voor de grote sier van echte bourgeois; Kortrijk was niet bourgeois genoeg in zijn ogen. Maar goed, ik wil geen discussie aangaan met een schim van hondervijftig jaar geleden. We leven in een totaal andere tijd. Waarom dan nog uitpakken met Darlingen, die zedenschets waarin de schrijver onbedoeld meer over zichzelf blootlegde dan over zijn karikaturaal neergezette mede-'burgers'?

Saai, pretentieus en onbetekenend?

Onlangs postte Joris Denoo, dichter, schrijver, essayist en scenarist op de blog van Het Nieuwsblad nog zijn geactualiseerde versie van de inleiding van Consciences De burgers van Darlingen. Van Darlingen/Kortrijk zegt hij dat het een "buitengewoon vervelende stad' is: Darlingen wil slapen, terwijl iedereen wakker is en werkt. (...) Voor de rest is er de afgelopen eeuwen nog niet veel veranderd in de stad waar de schrijver het over heeft, tenzij misschien het aantal bewoners". 

Allee toe, dat klopt toch al lang niet meer, als het al ooit heeft geklopt? Met alle kritiek die men kan hebben op het cultuurbeleid en -aanbod in enge en in brede zin in Kortrijk, er is hier toch elke dag en avond wel iets te doen. Uit vergelijkingen met de andere centrumsteden blijkt iedere keer weer dat er nergens zoveel stadsgeld naar cultuur gaat als in Kortrijk - of dat allemaal wel zo goed besteed is, is een andere kwestie. Ironisch genoeg komt de kritiek op het zogezegd doodse Kortrijk dikwijls uit dezelfde hoek die zich dood ergert aan elke euro die naar initiatieven gaat zoals Buda kunsteneiland (Verdriet van Kortrijk).

Effenaf griezelig vind ik het gebruik van Darlingen om de Kortrijkzanen en bloc te typeren als pretentieuze zotten. Thierry Deleu - met alle respect voor de onvermoeibare producent van boeiende teksten - kan ik niet volgen waar hij schrijft: "Met Kortrijk heb ik een haat-liefdeverhouding. Niet zozeer om de nare herinneringen aan mijn verblijf aldaar als scholier, maar veeleer om de mentaliteit van vele 'Kortrijkzanen'". Hij preciseert dat dat Kortrijkzanen gekenmerkt worden door "hun typisch burgerlijke geest met veel aandacht voor geldkwesties en status". Nu, dat er dergelijke specimens in Kortrijk rondlopen, zal wel waar zijn. Maar die typering gaat lang niet op voor iedereen en die types bevolken in even grote mate plekken als Harelbeke of Kokzijde. Zijn dergelijke grove veralgemeningen niet de aanloop tot racisme? 

Ikzelf ervaar Kortrijk als een boeiende stad met interessante mensen. Dat klinkt misschien eigenaardig van iemand die zeer kritisch staat tegenover het huidige stadsbestuur. Maar je kunt moeilijk gefundeerde kritiek geven op het beleid van het stadsbestuur als je de stad zelf niet au sérieux neemt. Kortrijk en zijn bewoners zijn mij te belangrijk om de machthebbers in het stadhuis niet op de voet te volgen. Als Kortrijk Darlingen was, dan was ik al lang uitgeweken naar lieflijker oorden, maar Kortrijk is Darlingen niet - nooit geweest trouwens.

09:46 Gepost in Algemeen | Permalink | Commentaren (11) | Tags: kortrijk, imago |  Facebook |

19-01-08

Eerherstel voor de Belforten van de Arbeid van Kortrijk?

ba1
Een parel onder de Kortrijkse Belforten van de Arbeid: de schoorsteen van de gewezen  textielfabriek De Poortere in de Wagenmakersstraat 

Naar Noord-Frans voorbeeld wil ook de Vlaamse Vereniging voor Industriële Archeologie (VVIA) dit jaar op 1 mei initiatieven nemen om de aandacht te trekken op de resterende fabrieksschouwen. Nog niet zo lang geleden markeerden die reusachtige schoorstenen als het ware vanzelfsprekend de horizon. Nu ze veelal niet meer worden gebruikt, staan ze te verkommeren en verdwijnen ze een voor een uit ons landschap. Nochtans zijn het bakstenen hoogstandjes, die voor de komende generaties de gedachtenis in stand zouden kunnen houden aan de noeste arbeid die in de fabrieken aan de voeten van deze reuzen werd geleverd. Belforten van de Arbeid, noemt men ze in het Franse Noorden. In Kortrijk staan er nog verschillende.

Historicus Adriaan Linters, VVIA-voorzitter ziet het met lede ogen aan: "Fabrieksschouwen worden een zeldzaamheid. Moderne fabrieken hebben ze niet meer nodig. De oude schouwen verdwijnen samen met de legendarische bedrijven die ze ooit bekroonden. Ook is het onderhoud duur en niemand die er het nut van inziet". Het Noord-Franse Roubaix bood ooit een indrukwekkend schoorstenen-horizon van 400  schouwen. Nu resteren er nog amper dertig.

ba2
De schouw van de gewezen textielfabriek van de familie Vlerick, Walle

In Kortrijk is de appreciatie voor die tot bijna in de wolken reikende getuigen van een groots industrieel verleden niet veel groter. Toch staan er nog meer van die schoorstenen dan men denkt. Misschien hebben ze hun voortbestaan eraan te danken dat het zo duur is om ze te slopen. Maar intussen staan ze er toch nog!

De eerste mei

In andere landen worden er allerlei initiatieven genomen om die industriële symbolen te redden. In Catalonië zijn campagnes opgezet voor hun behoud en restauratie. Het industriestadje Terassa bij Barcelona lokt er zelfs toeristen mee aan. In Nederland is al tien jaar een Stichting Fabrieksschoorstenen (STIF) actief. Zie website.

Ook in onze buurregio over de grens roert het. De aanzet kwam in 2004, het jaar van Rijsel Culturele Hoofdstad, met een culturele manifestatie rond de schouwen van Roubaix: 'Les totems de Roubaix'. Het werd een eerbetoon aan de textielarbeiders van de stad. Door de grote weerklank besloot de vereniging Le non-lieu (website) voortaan jaarlijks op 1 mei acties op te zetten om de aandacht te trekken op die bakstenen reuzen. Het project kreeg de naam 'Les Beffrois du Travail', de belforten van de arbeid. Vorig jaar waren schouwen in Fourmies (nabij Chimay, de schouw van de voormalige spinnerij Prouvost-Masurel), Mortagne du Nord (nabij Valenciennes, de schouw van een oude steenbakkerij) en Bailleul (bij ieper, de schouw van de textielfabriek Hié) aan de beurt. 

ba3
De - afgetopte - schouw van de gewezen pannenfabriek, nu handelscentrum, Pottelberg

Bij de Vlaamse industriële archeologen werkt het enthousiasme van hun Noord-Franse collega's aanstekelijk. De VVIA besloot ook in ons land op 1 mei 2008 activiteiten te organiseren aan de voet van enkele uitgekozen fabrieksschouwen. Enkele belangstellenden, waaronder een paar schoorsteeneigenaars, staken al de koppen bijeen in Wevelgem. Meer vrijwilligers zijn van harte welkom. Meer informatie vind je op de website van de vereniging: www.vvia.be.

ba4
De voormalige Pannenfabrieken van Marke, nu het machinebedrijf Vandewiele

Inventaris

In opdracht van de Région Nord-Pas de Calais worden intussen in Noord-Frankrijk alle resterende fabrieksschouwen geïnventariseerd met de bedoeling een conservatiebeleid ervoor te ontwikkelen. In ons land is er van overheidswege nog niet zoveel bekommernis voor dit industrieel erfgoed. Daarom is de VVIA op eigen houtje een inventariscampagne begonnen. Je kunt eraan meedoen. Op de VVIA-site vind je een inventarisformulier dat je kunt invullen als je een schouw weet staan die tot nu aan de aandacht van de vereniging is ontsnapt.

En dat zijn er nog heel wat. Als je de VVIA-inventaris aanklikt, dan tref je daar amper drie Kortrijkse schouwen aan: deze van de pannenfabriek Kapel ter Bede, die van Steverlyncks spinnerij in de Groeningekaai en die van de Algemene Fluweelweverij in de Stasegemsesteenweg. Zelf ging ik op ontdekkingstocht en al fietsend kwam ik er verschillende tegen, waarvan ik de kiekjes hierbij publiceer.

Waar staan er in Kortrijk?
 

ba5
De schoorsteen van de gesloopte textielfabriek Vlaamse Textielweverij, VTW, later Prado, thans 'landmark' op het binnenplein van het sociale woonproject Prado, Zwevegemsestraat. Let ook op de prachtige stoomketels
 
De meest monumentale schouw in Kortrijk is ongetwijfeld deze van de voormalige N.V. Céramique et briquetteries mécaniques du Littoral, de pannenfabriek van Dumolin, Kapel ter Bede. De erg vervallen droogloodsen met poortgebouw en de schoorsteen zelf zijn beschermd als monument bij ministerieel besluit van 08 januari 2005. De rest van de schitterende fabriek - ontworpen in 1923 door de architecten W. Vercoutere en E. Traneeuw, met een prachtig stookgebouw en machinekamer - is jammer genoeg nog altijd vogelvrij en zal vroeg of laat gesloopt worden om plaats te maken voor nieuwe bedrijven. Meer over de pannenfabriek bij Onvermoede Hoekjes.
koramic
Droogloodsen en schouw van de pannenfabriek 'du Littoral', beschermd maar volop aan het verloederen hoewel in die loodsen nog de hele ingenieuze droogmechaniek aanwezig is
 
in3
Het 'interieur' van de droogloodsen: een wirwar van houten droogrekken, maar bemerk de wiekenmechaniek waarmee de restwarmte van de pannenbakkerij door de te drogen gelegde ongebakken pannen werd gejaagd. Een schat aan industrieel erfgoed die dreigt te verdwijnen...

 
De mooiste schouw vind ik persoonlijk die van de voormalige textielfabriek De Poortere in de Wagenmakersstraat. De fabriek uit 1903 (!) wordt thans gebruikt door de verfgroothandel Duthoo-Casteur. De architect was Van Hoecke-Peeters van Gent. Vooral in combinatie met de machinekamer rond een verstilde binnenkoer in het midden van de stad biedt de schouw een bijna magische aanblik. De rode bakstenen in combinatie met de witte stenen maker er een heel apart ensemble van.
 
ba6
De mooie machinekamer onder de schoorsteen van de fabriek De Poortere in de Wagenmakersstraat
 
De oudste schouw meen ik gevonden te hebben in de voormalige textielfabriek Callens NV, voorheen Weyers, in de Moorseelsestraat, nu in eigendom van Stad Kortrijk. Die met klimop begroeide schouw staat in de schaduw van een recenter exemplaar.
 
ba7

De oudste schouw van Callens Textielfabriek, lan,gzamerhand overwoekerd door klimop


ba8

De twee schoorstenen van Callens Textielfabriek, onlangs aangekocht door Stad Kortrijk. Blijven ze behouden?

 

ba9
De schoorsteen van de Blanchisserie de Courtrai, thans Masureel maar nog altijd een textielveredelingsbedrijf, in de Meensesteenweg

 

Manchester
De achtergevel van Steverlyncks fabriek in de Stasegemsestraat, zoals ze jaren leegstond na het faillissement van Beklon Fibers. Het complex is nu gedeeltelijk gesloopt en voor de rest hard verbouwd tot somptueuze lofts. Boven het bedrijfsgebouw zie je het topje van de fabrieksschouw. Precies dat topje, 15 meter, is afgebroken omdat het kromgebogen was. Het overschot van de schoorsteen is behouden

Er zijn nog meer van die schoorstenen in Kortrijk waar de textielindustrie en de kleinijverheid duizenden mannen en vrouwen aan het werk stelden van in de negentiende eeuw. Als iedereen die zo een schouw weet staan, dat meldt aan de VVIA, dan zal de inventaris vlug gemaakt zijn. Mensen met andere ideeën om de aandacht erop te trekken, stellen zich in verbinding met VVIA, vvia@vvia.be.

13-01-08

Spirit vraagt aanpak flessenhals Oude Ieperseweg

OI1

Het eerste stuk van de Oude Ieperseweg is behalve een dicht bevolkte woonbuurt ook een verkeersriool. Het Spiritduo Bart Hanson, voorzitter en Carlo Herpoel, secretaris, trekken zich het lot aan van de bewoners. De zogenaamde oplossingen die het stadsbestuur en de CD&V naar voren schuiven, vinden zij, zoals de bewoners, maar niks. Paaltjes op het gehavende smalle voetpad en een verkeerssas in de straat verderop - het brede stuk waar veel minder problemen zijn - noemen zij lapmiddelen. De door de CD&V voorgestelde realisatie van de spookweg N328 vinden zij onverantwoord. Op korte termijn kan eenrichtingsverkeer de sluiktrafiek afremmen. Maar de ultieme oplossing is de voltooiing van het noordelijk gedeelte van de ringautoweg R8.

Snoer van Ieperstraten

In de Romeinse tijd stapten er al legioenen komende van Bavay richting Cassel over de weg waarvan de Oude Iepersestraat in Heule een onderdeel is. De straat heeft haar naam niet gestolen. Zij begon haar carriere eeuwen geleden inderdaad als een stuk van de verbindingsweg van Kortrijk naar Ieper, toen een grootstad. Het was een smalle aarden weg, die pas in 1909 een verharding kreeg van grint (of 'gravé' zoals ze in de streek zeggen).

De straat is een onderdeel van het snoer van Ieper(se)straten dat parallel met de Heulebeekvallei naar de kattenstad leidde. Die straten vind je bijvoorbeeld in Kortrijk, Gullegem, Moorsele en Geluwe, en als je Ieper nadert, wordt het soms Kortrijk(se)straat. De bochtige verbinding verloor veel aan belang na de aanleg van de rijkswegen Kortrijk-Menen en Menen-Ieper (in de tijd van Maria-Theresia?). In 1938 kreeg de Oude Ieperseweg (toen Heulse Ieperstraat) een wegdek in macadam.

De eerste rode lichten van Heule

Relatief druk is het er altijd geweest. Het kruispunt van de Oude Ieperseweg met de Guido Gezellestraat was lange tijd het enige van Heule met verkeerslichten. Maar het rook en fijn stof uitbrakend verkeer is er blijven toenemen en verzwaren. Na de bouw van de half afgewerkte grote ring rond Kortrijk, de R8, is het een van de meest genomen sluikwegen geworden voor wie vanuit het noorden naar het stadscentrum wik rijden (over de Kortrijksestraat naar de Meensepoort).

De straat is erg populair bij de GPS-systemen. Zware vrachtwagens storen zich niet aan de woonfunctie van de smalle straat, noch aan de tonnenmaatbeperking. En bovendien is men in de omgeving op grote schaal aan het verkavelen geslagen, wat ook weer meer verkeer veroorzaakt. 

Paaltjes

Al tien jaar probeert een bewonerscomité bij het Kortrijkse stadsbestuur begrip te vragen voor de onhoudbare levensomstandigheden in hun straat. Veel heeft dat niet opgeleverd. Het is ook een aartsmoeilijk probleem. Vorige zomer dacht mobiliteitsschepen Guy Leleu, CD&V, de gemoederen te kunnen bedaren door plastieken paaltjes te laten aanrukken op het belaagde voetpad van het smalste deel van de straat. In het verbrede deel ter hoogte van de volkswijk Disgracht beloofde hij een wegversmalling.

Woordvoerder Bernard Vandaele van het actiecomité liet in de lokale pers weten dat de bewoners daar helemaal niet mee tevreden waren. De bewoners blijven bij hun eis om het smalste stuk van de straat met eenrichtingsverkeer te versperren voor de auto's en camions komende van de R8. Het stadsbestuur, CD&V-OpenVLD, weigert dat, uit vrees dat het sluikverkeer zijn weg zal zoeken over andere wegen (Guido Gezellelaan bijvoorbeeld). 

Stadsautostrade

De bewoners vinden wel gehoor bij voorzitter Bart Hanson en secretaris Carlo Herpoel van de partij Spirit. Het Spiritduo meent dat eenrichtingsverkeer wel een goed idee is. Alles moet geprobeerd worden om te beletten dat chauffeurs nog R8-afrit Waterven nemen om zo vlug mogelijk in Kortrijk-centrum te geraken. Het verkeer zou op die R8 zelf moeten blijven om eraf te gaan op de plaatsen waar de ring dichter bij het centrum ligt en waar er een echte invalsweg ligt - de Gentsesteenweg bijvoorbeeld. Een afwerking van de R8, die al tientallen jaren op zich laat wachten, zou de aantrekkelijkheid en de efficiëntie van de ringautoweg merkelijk kunnen verbeteren.

Bart en Carlo zijn absoluut niet te vinden voor het voorstel van die andere politieke Heulenaar, Pieter Soens, CD&V-gemeenteraadslid. Pieter rakelt de N328 op, een spookweg waarvoor men in de jaren 60 een tracé uittekende, maar die er gelukkig nooit gekomen is. Het moest een noordelijke invalsweg worden, van de R8-afrit Waterven naar de Meensepoort. De in de geest van die tijd gewenste stadsautostrade zou verschillende dicht bevolkte buurten doorkruisen en in hun rust storen. Maar het zou ook een korter alternatief vormen voor de R8, en daarmee zou de N328 de verdere afwerking van de Kortrijkse grote ring eigenlijk overbodig maken. Bart en Carlo wijzen er ook op dat elke nieuwe weg extra verkeer aanzuigt, zonder enige garantie te bieden dat de bestaande flessenhalzen, zoals de Oude Ieperseweg, verdwijnen.

Gijzelaars

In de jaren negentig is door de betrokken bevolking een massale petitieactie gevoerd tegen de opname van het tracé van die N328 in het Gemeenschappelijk Algemeen Plan van Aanleg van het Arrondissement Kortrijk (GAPAK). Dat plan is uiteindelijk nooit goedgekeurd omdat het voorbijgestreefd geraakte toen de Vlaamse overheid besliste de Gewestplannen zoetjesaan te vervangen door structuurplannen. Het Kortrijkse stadsbestuur is er nimmer in geslaagd het tracé van die N328 te laten opnemen in de Vlaamse structuurplanning. De opeenvolgende Vlaamse ministers waren van oordeel dat het hier niet ging om een weg van gewestbelang. Als de stad die weg per se wou, dan moest Kortrijk maar zelf investeren.

Een groot bezwaar tegen die N328 bij het Vlaamse Gewest is zijn kostprijs. Zelfs voorstander Pieter Soens raamt de investering op niet minder dan 12,5 miljoen euro. Toch blijft het stadsbestuur hardnekkig zijn voorbijgestreefde droom najagen. Als ik een slecht karakter had, dan zou ik wel haast denken dat het stadsbestuur weigert iets te doen aan de Oude Ieperseweg om een argument te hebben om verder te kunnen aandringen bij de Vlaamse Regering. Het is niet verantwoord de bewoners van de Oude Ieperseweg daarvoor te misbruiken als gijzelaars.

OI3

12-01-08

Kerkfabriek Sint-Eutropius komt tot inkeer

kfeutro1

Na ook nog eens door de gouverneur van West-Vlaanderen op de vingers te zijn getikt, heeft de kerkfabriek van Sint-Eutropius uiteindelijk beslist zich te schikken naar de regels van behoorlijk bestuur. De woning die de kerkraad eerst voor een prijsje aan een bevriende kennis wou verkopen, wordt openbaar verkocht. En daarvoor wordt een beroep gedaan op een notaris die geen familie is. Dat is een positieve ommezwaai in een beleid dat wettelijk sponsor Kortrijk financiële schade heeft berokkend - want eerder werd wel een woning verkocht zonder enige publiciteit - en dat de grenzen van het strafbare raakte. 

Geschorst

Zoals het stadsbestuur van Kortrijk eerder had gedaan (zie mijn stuk van 18 oktober 2007, met epilogen), heeft nu ook de provinciegouverneur, op 9 november 2007, het besluit van de kerkraad van de Heulse parochie Sint-Eutropius geschorst met betrekking tot de verkoop van de woning Zeger van Heulestraat 37 in Heule. De kerkfabriek had de woning willen verkopen aan de buur van de woning, voor een prijs van 181.600 euro, hoewel er een andere kandidaat was opgedoken die de vraagprijs, 190.000 euro bood.

Aangezien de stad de tekorten van de kerkfabrieken op zijn grondgebied moet delgen, berokkende die verkoop voor een lagere dan de hoogst mogelijke prijs schade aan de stadsfinanciën. In dat geval kan een stadsbestuur een beslissing van een kerkfabriek schorsen volgens het decreet van 7 mei 2004. Het stadsbestuur verklaarde in zijn besluit dat alleen voldoende publiciteit ervoor kan zorgen dat de verkoop gegadigden aantrekt die volop willen bieden om op die manier de hoogst mogelijke opbrengst te bekomen. Hier was sprake van een miskenning van de beginselen van behoorlijk bestuur, aldus het stadsbestuur op 2 oktober 2007.

De provinciegouverneur kan ook beslissingen van een kerkraad schorsen. Hij kan dat als het algemeen belang wordt geschaad. In dit geval heeft hij gereageerd op een klacht van de gedupeerde kandidaat-koper. Ook in Brugge acht men de handelswijze van de kerkfabriek in dat dossier in strijd met de beginselen van behoorlijk bestuur.

Openbare verkoping

Tegen zoveel tegenkanting heeft de kerkfabriek wijselijk besloten zich niet langer te verzetten. Hoewel het volstaan had dat zij het pand op informele wijze te koop zou aanbieden - bijvoorbeeld door publicatie in enkele regionale kranten en weekbladen - heeft de kerkraad het zekere voor het onzekere genomen en beslist het pand te verkopen volgens de procedure van de openbare verkoping. Binnenkort kunnen gegadigden kennis nemen van de voorgenomen veiling op honderd aanplakbrieven en advertenties in Weekblad Atlas en andere.

De instelprijs is bepaald op slechts 175.000 euro; dat is 15.000 euro minder dan al werd geboden, en dat in een periode dat de vastgoedprijzen nog altijd aan het klimmen zijn. 

De notaris en zijn familie

Voor die verkoping doet de kerkfabriek voor het eerst een beroep op een nieuwe notaris. Tot nog toe werkte men graag met de zoon van de huidige voorzitter van de kerkfabriek, zelf ere-notaris. Die gewoonte is flagrant in strijd met artikel 20 van voormeld decreet op de erediensten.

Dat artikel zegt  ondubbelzinnig dat het voor elk lid van de kerkraad verboden is "deel te nemen aan de bespreking van en de stemming over aangelegenheden waarin hij rechtstreeks belang heeft en waarbij hij persoonlijk of als vertegenwoordiger is betrokken of waarbij zijn bloed- en aanverwanten tot en met de vierde graad een persoonlijk en rechtstreeks belang hebben". Meer nog: datzelfde artikel verbiedt elk lid van de kerkraad als advocaat of notaris tegen betaling te werken voor de kerkfabriek". In de correspondentie van de inmiddels geschorste verkoop steken er brieven die ondertekend zijn door de zoon, notaris, maar waarop eveneens de initialen 'Ere-Not.' getijpt zijn. Dat laat op zijn minst vermoeden dat ook de vader zijn ervaring ten dienst heeft gesteld voor die verkoop.

Volgens mij valt die handelswijze van de kerkfabriekvoorzitter-Ere-Notaris-notarisvader dan ook onder artikel 245 van het Strafwetboek: 'belangenneming gepleegd door personen die een openbaar ambt uitoefenen'. Dank zij het kordate optreden van het stadsbestuur en de gouverneur is die belangenneming hier verijdeld. Zand erover, dan maar? Ik zou zeggen ja, ware er niet een andere verkoop geweest van de kerkfabriek waaraan een notaris, zoon van de Ere-Notaris-kerkfabriekvoorzitter heeft meegewerkt. 

Onregelmatige verkoop

Niet langer geleden dan eind juni 2007 heeft de kerkfabnek een andere woning uit haar onroerend vermogen, Stijn Streuvelslaan 63, verkocht, zonder de minste publiciteit, 10.000 euro onder de vraagprijs en onder de hoogste van de drie verschillende schattingsprijzen waarvan sprake in de opeenvolgende notulen van de kerkraad. Een hoger bod was hier simpelweg uitgesloten omdat niemand van die verkoop wist, behalve de uiteindelijke koper. Voor die koper had de woning bovendien een opportuniteitswaarde. Zo staat vast dat hij minstens de vraagprijs had geboden indien de verkoop was verlopen met voldoende tegenbieders.

En neen, noch het stadsbestuur, noch de provinciegouverneur hebben in hun toezicht op de activiteiten van de kerkfabriek die onregelmatige verkoop opgemerkt. De stad is hier geschaad in haar financiële belangen en ook het algemeen belang, onder bewaking van de gouverneur, is schade berokkend. Goed bestuur? In die zin laat die Heulse historie nog altijd een wrange nasmaak achter.

A propos: Op de stadsbegroting 2007 stond voor de kerkfabriek van Sint-Eutropius een krediet voor stadstoelagen van 73.995,20 euro. Op de begroting 2008 is dat gestegen tot 99.321 euro. Voor diezelfde parochie zijn in de periode 2009-2011 grote herstellingswerken aan de pastorie (eerste fase) gepland.

11-01-08

Het risico van een concessieaanvraag in een centrumstad

bierviltje

Een stadsbestuur heeft zich te houden aan de motiveringsplicht. Maar dat betekent niet dat men bij de keuze tussen twee kandidaten de niet in de smaak vallende kandidaat moet vernederen. Zakelijke argumenten volstaan ruimschoots. Te meer als die beledigende argumentatie wordt opgenomen in de officiële notulen van het college van burgemeester en schepenen. Met de openbaarheid van bestuur kunnen alle burgers daarvan kennisnemen.

Een stadsbestuur van een middelgrote centrumstad - ik laat je raden welke - zocht recentelijk een uitbater voor een cafetaria in een van zijn stadsinrichtingen. Twee gegadigden staken prijs in en toen de enveloppen werden geopend, bleek dat beide prijsbiedingen ongeveer gelijk waren. Een dieptegesprek moest argumenten leveren om de knoop door te hakken.

Uit dat dubbel interview bleek dat de eerste kandidaat heel wat succesvolle ervaring had in het uitbaten van een horecabedrijf. De andere kandidaat was een nieuweling. De eerste kon een soort businessplan voorleggen en was te rade gegaan bij een boekhouder. De andere kandidaat niet. De eerste kandidaat ontvouwde enthousiast allerlei plannen voor een actieve uitbating; de andere kandidaat was heel wat afwachtender.

Met die vaststellingen zou het voor mij al lang duidelijk zijn wie ik zou nemen: de eerste natuurlijk. En dat heeft het stadsbestuur ook gedaan.

Maar datzelfde stadsbestuur vond het nodig - zo lees ik in de notulen van een vergadering van het schepencollege - om bovendien ook nog eens de andere kandidaat af te kammen op een manier die beledigend en kwetsend is voor de persoon in kwestie. Voormelde zakelijke argumenten werden volkomen overbodig aangevuld met een reeks subjectieve beschouwingen.

Hoe zou je het oppakken als je het volgende over jezelf te lezen krijgt: "overwegende dat [betrokkene] een 'vlakke' spreektaal hanteert wat een fel contrast is tegenover de frisse verschijning van [de eerste kandidaat]; overwegende dat [de eerste kandidaat] vlot overschakelt van een beschaafde spreektaal naar onderhoudend taalgebruik en doordacht zijn ideeën formuleert;"? Ik zou mij niet graag in 'contrast met een frisse verschijning' horen noemen.

Op hetzelfde elan gaat het stadsbestuur voort: "Overwegende dat de motivatie van [de tweede kandidaat] redelijk zwak te noemen is;" en "overwegende dat [de tweede kandidaat] geen enkele blijk geeft van enige visie met betrekking tot de gevraagde kwaliteitsvolle uitbating van deze cafetaria;".

Als je dat allemaal om je oren geslagen krijgt, enkel en alleen omdat je het aangedurfd hebt een bod te doen op een concessie, dan heb je waarschijnlijk alle zin verloren om je ooit nog op het ondernemerspad te begeven. Is dat stimuleren van het ondernemersschap bij jongeren? Dergelijke argumentatie beschadigt de betrokken kandidaat. En bovendien waren die beledigingen overbodig; de stad had genoeg zakelijke argumenten om in dit geval de andere kandidaat te kiezen. 

Als je in die middelgrote centrumstad een bod doet voor een concessie, riskeer je er getraumatiseerd uit te komen... 

05-01-08

'K in Kortrijk' wordt de naam van megaproject Foruminvest

K1

Zopas is in de marge van de jaarlijkse nieuwjaarsreceptie voor de bevolking door het stadsbestuur bekendgemaakt hoe het mega winkelcentrum van Foruminvest zal heten. De naam wordt "K in Kortrijk". Met dank aan de jonge internauten die sinds jaar en dag spreken van K-Town? Hoe hip de naam ook klinkt, het is maar de vraag of hij de eeuwigheid - of toch de komende decennia - kan trotseren. In elk geval herinnert het nieuwe merk internationaal aan de Amerikaanse K-Mart, een keten van giga koopcentra die in slechte papieren is geraakt.

Exit Sint-Jan

Over de naam van het gigantische shoppingcenter dat promotor Formuninvest aan het bouwen is aan de rand van het historische centrum van Kortrijk is lang nagedacht, heel lang. Van de zomer organiseerde Foruminvest een publieke wedstrijd voor een passende naam. Uit de 1.080 inzendingen selecteerde men negen voorstellen. In de categorie innovatief weerhield de jury volgende voorstellen: K van Johnny Maes, SjaKOSH van Vivienne Lemaitre en KO-MOSION van Steven Wallays. Volgende suggesties werden  opmerkelijk commercieel geacht: Korbij van Griet andermeersch, De Kern van Rudi Ronneau en mevr. Valcke en De Grote Wyngaard van Maurits Terrie. In de categorie uitstraling werden geselecteerd: Linum van Tom Moreels, Centerkort van Niek Staels en Renesse van Rik Moreels. Die bekroonde voorstellen nam Foruminvest alleen als inspiratie. De definitieve naam heeft de promotor gekozen na raadpleging van marketingspecialisten.

Verschillende keren werd een datum aangekondigd waarop de naam van het winkelparadijs zou worden bekendgemaakt. Maar telkens werd de bekendmaking uitgesteld. Eindelijk weten we nu dat het "K in Kortrijk" wordt. Daarmee komt een einde aan de werknaam 'Shopping Sint-Jan', naar de officiële naam van de statistische wijk waarin het project plaatsgrijpt: de 'Oude Sint-Janswijk' (genoemd naar de daar al lang verdwenen Sint-Janskapel en Sint-Jans-stadspoort).

K-Town

Kan voormelde Johnny Maes nu auteursrechten eisen? Hij was het toch die de elfde letter van het alfabet voorstelde als merkteken voor het winkelcentrum. Maar Johnny haalde zijn inspiratie wellicht, bewust of onbewust, bij de jonge Kortrijkzanen die op het internet actief zijn en hun woonplaats 'K-Town' noemen. Zie bijvoorbeeld het profiel van 'dimidreetje' op netlog: http://nl.netlog.be/dimidreetje.

Er bestaat zelfs een website k-town.be (http://www.k-town.be), een jongerensite voor Kortrijk, maar die ligt sinds maart 2007 op apegapen. Je krijgt er de melding "de website wordt momenteel geupdate. gelieve later eens terug te komen." Er doen dat dagelijks nog een tiental nieuwsgierigen. Hoe het eruitzag toen hij wel nog in de ether was, kun je hier zien.

Er bestaat ook een k-town.nl. Dat is dan weer een site van een Nederlandse feest- en coverband (hiphop), begonnen rond zangeres Kirsten Walraad, die intussen plaats heeft gemaakt voor Annemarie Bron.

 

k2

K-Mart

Hoewel niet zo origineel, klinkt het nieuwe merk wel hip. Goed om te starten, als je het mij vraagt. Maar niets dat rapper evolueert dan trends. Wat vandaag trendy is, kan morgen al oudbakken klinken. Met een tijdlozer merk - zoals concurrent De Ring bijvoorbeeld - loop je dat gevaar minder.

Een ander bezwaar tegen 'K in Kortrijk' is de internationale connotatie. Ik wees daar al eerder op. In de VS wordt de letter K, in hel rood, als merk gebruikt door de keten Kmart. Kmart is al zeer lang actief in de sector van grootschalige kleinhandel van goedkope producten (denk aan Wibra en Zeeman, maar veel groter). Kmart ontworstelde zich bovendien maar moeilijk aan dreigende faillissementen.

Kmart is een keten van mega-discounts in de VS, Puerto Rico, de Maagdeneilanden en Guam. De oorsprong van Kmart is de 'five-and-dime store' die Sebastian Spering Kresge (vandaar K) in 1899 opende in Detroit, Michigan. Al wat hij daar verkocht, kostte 5 of 10 dollarcent. 

In 1962 werd de eerste Kmart geopend, in Garden City in Michigan, een van de eerste shoppingcentra ter wereld. De winkelketen staat in het geheugen van de Amerikanen bekend voor zijn 'Blue Light Special'-acties. Als je in zo een winkel rondliep, werd je op onverwachte momenten opgeschrikt door een sirene en een blauw zwaailicht boven een of andere rayon. Dat was het sein om je winkelkarretje daar naartoe te rijden, want er waren zaakjes te doen. 

In de jaren tachtig keerde het tij voor Kmart. De keten kreeg een oubollig imago en had de grootste moeite om zich te weren tegen de harde concurrentie van andere discountgroepen zoals Wal-Mart en Target. In 2002 dreigde Kmart failliet te gaan; de groep moest bankroetbescherming aanvragen volgens het bekende 'Chapter 11'. Een reddingsplan deed meer dan 300 winkels de das om en leidde tot jobverlies voor zowat 34.000 werknemers. Eind 2004 is K-Mart een deel geworden van de groep Sears.

Om meer dan een reden hoop ik dat 'K in Kortrijk' geen K-Mart wordt.  

k3