04-06-06

ZONDAG 4 JUNI 2006: de gonzende villa van de zorgelozen

Het onvermoede hoekje van vandaag is een villa met een eerbiedwaardige geschiedenis. Het is een van de weinige ontwerpen in Kortrijk geïnspireerd op de Bauhaus-principes. Bouwheer was dr. Emiel Lauwers, die naam maakte als vernieuwend chirurg, kliniekenbouwer en -bestuurder en ruimdenkend Vlaams publicist.

Waarschijnlijk moet de merkwaardige villa binnenkort plaats maken voor een uitbreiding van het seniorencomplex De Korenbloem. Die instelling van liberale strekking is op hetzelfde domein gedeeltelijk gebouwd op de grondvesten van een vroegere kliniek van dr. Lauwers. De villa biedt voorlopig onderdak aan De Unie der Zorgelozen, een veelzijdig integratieproject. Dank zij de Unie kun je uitzonderlijk van nabij kennismaken met dit onvermoede hoekje: van 16 tot 30 juni is er het wijktheaterproject Tijl, met podium en tribune in de landschapstuin van de villa. In diezelfde tuin, die de villa deelt met De Korenbloem, ligt nog een open stuk Groeningebeek.

Bauhaus in Kortrijk

De villa van dr. Lauwers vormt de kop van een domein dat een groot stuk vult van het bouwblok Stasegemsestraat, Gewijde van Namenstraat, Pieter de Coninckstraat en Sint-Jansplein. Dr. Emiel Lauwers kocht het domein - toen een buitengoed in het midden van de akkers en de weiden, nu ten volle in de stad - samen met zijn confraters dr. Alfons Depla en dr. Roose voor de bouw van hun nieuwe kliniek in 1896. Zij noemden hun instelling "Sint-Antoniusinstituut" naar de Sint-Antoniuskerk van de paters Passionisten, het dichtste teken van stedelijke beschaving in de omgeving. De Sint-Janskerk bestond nog niet (pas in 1911 opgericht).

Het kasteeltje van de vroegere eigenaar, grootgrondbezitter Bruneel de Montpellier bleef er staan. Het Engelse landschapspark werd aangepast aan de noden van de kliniek. In dat park werd de passerende Groeningebeek afgedamd en verbreed tot een vijver. In de Pieter de Coninckstraat vind je een bordje dat dit open stuk van de Groeningebeek linkt aan de Guldensporenslag, hoewel de beek in de loop van de eeuwen een heel andere bedding heeft gekregen.

De villa Sint-Jansplein 13 is gebouwd door de doktersfamilie Lauwers in 1933. Architect was de Duitse bouwmeester H. Faulnborn uit Keulen. Ik weet niet of de man zijn opleiding genoten heeft in het befaamde Bauhaus (Weimar-Dessau 1919-1932, verdwenen onder Nazi-druk) o.l.v. architect Walter Gropius, maar veel van de principes van de vooruitstrevende school voor beeldende kunst tref je aan in zijn ontwerp aan het Sint-Jansplein.

Zo trekt de villa de aandacht door zijn gewilde onopvallendheid. Als je een gebouw wilt wegmoffelen tussen het groen, kan je het bijvoorbeeld bezetten met donkere cement. De Bauhaus-stijl, die eigenlijk was bedoeld om arbeiders beter te huisvesten, opteert voor ontwerpen strak in lijn, eenvoudig van vorm en zeer functioneel. Het doel was het scheppen van luchtige, zonnige ruimten, in simpele bouwvormen, mooi maar zonder overbodige versiering. De villa kan daarvoor model staan.

Typisch voor Bauhaus is de voorliefde voor ambachtelijke technieken zoals keramiek. De ramen en deuren in de sobere gevels van Lauwers villa zijn schitterend geaccentueerd met felgroene keramieken omlijstingen. Dat past bij het gebruik van contrasterende kleuren en vormenn dat heel geliefd was bij Bauhausadepten. Kenmerkend was voorts de aanwending van de basisvormen vierkant, driehoek en cirkel, en ook dat zie je in de villa. Vierkant en rechthoek overwegen, maar de driehoekvorm is prominent aanwezig in het dak. De cirkelvorm zit in de afgeronde inkom, in enkele ramen en in de buitenverlichting.

Functionaliteit zie je bijvoorbeeld toegepast in de keuken, met een rij vierkante venstertjes die de kooktempel doen baden in het licht zonder de aandacht van het dienstpersoneel af te leiden door uitzicht over tuin en park. De ruime terrassen, aan de tuinzijde, zijn ontworpen als uitsparingen in de kubusvormige villa. De wanden zijn in beige gekleurd, wat helpt om het licht tot ver in de kamers te trekken. Vanuit het park bekeken, geven de lichtkleurige ingesneden terrassen in contrast met de donkere gevels de villa een inwendige gloed.

Het interieur van de villa is nog grotendeels authentiek. Een indiscrete blik in de badkamer toont een heerlijke plek uitgevoerd in hetzelfde groen van de keramieken raamomlijstingen. Alle slaapkamers zijn voorzien van lavabo's in passende nissen. Hierbij dank ik hartelijk Stefanie Tanghe, die mij een rondleiding heeft gegeven in de villa van de zolder tot de kelder

De legendarische dokter Lauwers 

De stichter van het domein waarop later de villa Lauwers werd gebouwd is dokter Emiel Lauwers. De man is legendarisch in Kortrijk, op diverse gebieden. Geboren in 1858 in Ingelmunster deed hij zijn middelbaar in het Klein Seminarie van Roeselare, waar hij, net als Albrecht Rodenbach, les kreeg van Hugo Verriest. Tijdens zijn briljante medische studies in Leuven trok hij mee op met het clubje van voormelde Rodenbach, dat de romantische basis legde van het flamingantisme.

In Leuven was hij een tijdlang assistent in het 'moederhuis', een "oud vermolmd stinkend microbenkot", waar hij de pricipes van de hygiëne introduceerde en op die manier kinder- en moedersterfte drastisch liet dalen. Na een stage in Wenen vestigde hij zich als geneesheer-chirurg in Kortrijk. Ondanks, of misschien juist door de baanbrekende medische inzichten die hij hanteerde en die hem aanvankelijk veel kritiek opleverden, verwierf hij grote faam in geneeskundige kringen. In 1901 werd hij meewerkend lid van de Koninklijke Geneeskundige Academie en in 1902 organiseerde hij in Kortrijk het Vlaamsch Natuur- en Geneeskundig Congres.

Reeds op 33-jarige leeftijd stichtte hij zijn eerste kliniek. Hij overtuigde de 'zusters van liefde' in de volksrijke Buda-buurt hun 'Hospice des Soeurs de Charité' om te bouwen tot een echte kliniek. De kliniek werkte van 1888 tot 1904. 'Zusters van liefde' is een wat letterlijke vertaling van 'soeurs de Charité' of zusters van liefdadigheid.

Die puur Kortrijkse kloosterorde was een afsplitsing (1877) van de andere Kortrijkse 'zusters van liefde van Sint-Vincentius-a-Paulo', gevestigd in Bersaques' poort in de schaduw van de O.L.V-kerk. Met diezelfde zusters stichtte dr. Lauwers senior in 1896 zijn tweede kliniek, samen met de dokters Roose en Depla. Was het succes van die tweede stichting de oorzaak van de tijdelijke stopzetting van de Budakliniek in 1904? In elk geval leidde het initiatief tot heel wat discussie. Pas in 1924 werd de kliniek van de zusters van liefde op Buda heropend als de H.Hartkliniek door de dokters A. Baekelandt, L. Devriendt en H. Depla.

Intussen had het Sint-Antoniusinstituut - in de volksmond al lang Lauwers' kliniek genoemd - in 1922 afscheid genomen van de nonnen en was men er beginnen te werken met professionele lekenverpleegsters. Was dat de reden dat de Kortrijkse socialisten zich het liefst bij Lauwers lieten verzorgen?

Als zeer Vlaamsgezind intellectueel is dr. Emiel Lauwers zijn compagnon Alfons Depla niet gevolgd in de collaboratie met de Duitse keizerlijke bezetters in de Eerste Wereldoorlog. Depla engageerde zich in de collaborerende Raad van Vlaanderen. Lauwers zag de bezetting met lede ogen aan. Bij de begrafenis van dr. Augustin-Leopold Peel, die andere legendarische geneesheer van Kortrijk, in 1919 loofde Lauwers hem om zijn 'onverschrokken moed tegen de Duitse bezetter' als hoofdgeneesheer van het Hospitaal. Het politieke avontuur is Alfons Depla niet in dank afgenomen. Na de oorlog werd hij ter dood veroordeeld en stierf hij in 1924 in ballingschap in Den Haag.

Lauwers' kliniek verzorgde haar laatste patiënt in 1978. In 1979 nam het 'Rustoord dr. Emiel Lauwers' het gebouw in gebruik. De instelling van liberale strekking veranderde naderhand van naam tot 'Leef- en Zorghuis De Korenbloem'. In 2002 werd het rustoord uitgebreid met veertig seniorenappartementen (een investering van 4,3 miljoen euro), gebouwd op de grondvesten van de inmiddels afgebroken kliniek. Buitengoed en villa op het domein bleven intussen bewoond door leden van de familie Lauwers.

Emiel Lauwers was ook literair actief. Naast tal van geneeskundige essays in diverse talen, publiceerde hij ook volkse verhalen in verschillende tijdschriften. Bekend is een spannende short story uit 1903, waarin hij in een zakelijke stijl uit de doeken doet hoe hij in een Brugse achterbuurt een 'pensenjager' zijn kapotgeschoten linkerarm moest amputeren.

De bonk lichtte de chirurg bij tijdens zijn snij- en hakwerk met een lantaarn die hij met zijn ongeschonden rechterarm vasthield. Hij had geweigerd "ontgeest" (verdoofd) te worden. Conclusie van straffeverhalenverteller Lauwers: "Zult gij nu nog durven zeggen, mijn eerweerde vriend Van Cappel, dat er geen kerels in Vlaanderen zijn?".

Emiel Lauwers was bevriend met Guido Gezelle, die hem loofde voor zijn vertalingen van Shakespaere. Ook Stijn Streuvels was een goede kennis van de familie en vond bijvoorbeeld onderdak in de kliniek tijdens beschietingen in de Eerste Wereldoorlog.

Unie der Zorgelozen

De villa is gelegen in het midden van de 'aandachtswijk' Venning-Veemarkt, waarin met gelden van het Sociaal Impulsfonds allerlei initiatieven ontstonden om achterstelling tegen te gaan. Een van die initiatieven was een theaterproject 'Ca va?' met acteur-regisseur-en-voetbalanimator Geert Six. Het werd een succesvol toneelexperiment met buurtbewoners in de gewezen textielfabriek Vetex. Daaruit ontstond de Unie der Zorgelozen, waarmee verder aan toneel wordt gedaan in en met de buurt maar ook zoveel meer. De Unie verwierf intussen een meerjarige subsidie van Vlaams minister Bert Anciaux (Spirit).

Na het vertrek van de kleinzoon van Emiel Lauwers, Lucas Lauwers, naar het rusthuis op hetzelfde domein, kwam de villa leeg te staan. De Unie der Zorgelozen, experten in netwerking, slaagde erin de villa, in afwachting van afbraak, in bruikleen te krijgen. Sindsdien gonst het er van activiteiten.

In de prachtige locatie heeft elke kamer een aparte functie gekregen. De living is vergaderruimte, de keuken is voor de kookploeg, in de kelder staan de rekwisieten. Op de verdiepingen worden de toneelplunjes genaaid en vernaaid, wordt er in een schrijfkamer aan teksten en dialogen gewerkt, zijn er kleed- en schminkkamers, enzovoort. Eigenaardig is dat dit alles gebeurt in een decor zoals het door de laatste bewoner zonder veel leeg te maken, is achtergelaten. Men werkt als het ware tussen de spullen van drie generaties Lauwers.

Binnenkort kun je naar de nieuwste productie van de Unie der Zorgelozen, het wijkproject "Tijl", in samenwerking met de OCMW van Kortrik en het Nieuwpoorttheater. Ook Buda Kunstencentrum (ex-Limelight) en het Cultuurcentrum Kortrijk doen mee.

Het wordt een massaspektakel op wijkniveau. Een vijftigtal spelers hebben maandenlang de koppen bijeengestoken bij koffie en taart en het resultaat is een uitgebeeld verhaal waarin elke deelnemers zijn of haar eigen persoonlijkheid of goesting kan inpassen. Ik ben benieuwd, vooral naar de zoveelste prestatie van Yvette, de moeder Courage van de Venning.

Het stuk wordt opgevoerd in de tuin van de villa op 16, 17, 21, 22, 23, 24, 27, 28, 29 en 30 juni 2006, telkens om 20.15 uur. Toegangsprijs: 2,5 euro. Reserveren is nodig: 056/220 400.

Zie ook: http://www.uniederzorgelozen.be

Meer foto's op: http://kortrijkonvermoedehoekjes.skynetblogs.be

 

De commentaren zijn gesloten.