30-04-06

ZONDAG 30 APRIL 2006: de goedkoopste Goedkope Woningen

 

Vandaag neem ik jullie even mee naar een onvermoed hoekje dat mij nauw aan het hart ligt: de eerste tuinwijk van Kortrijk, de oudste realisatie van de Kortrijkse sociale huisvestingsmaatschappij Goedkope Woning: thans 'Tuighuisstraat' genoemd. Het wijkje is veel van zijn rustieke karakter kwijtgespeeld in de loop van de jaren. Ook zijn de tuinen in kwestie erg verschrompeld. Maar een aandachtige bezoeker kan er nog zijn nieuwsgierigheid aanscherpen aan de vele details die verwijzen naar de bedoelingen van de bouwers van de wijk.

Het wijkje is genoemd naar de 'tuighuizen' van de stadsdiensten en de oude brandweerkazerne, op het einde van de volkse Sint-Antoniusstraat en palend aan de Rijkswachtkazerne. Maar voor de fusie heette het simpelweg Tuinwijk. Omdat er ook in Bissegem een tuinwijk bestond, heeft men de naam veranderd.

Goedkope Woning

Het bouwblok met de landelijk aandoende woningen is de eerste realisatie van de pas opgerichte Kortrijkse sociale huisvestingsmaatschappij Goedkope Woning. De maatschappij, een coöperatieve (!), zag het levenslicht in 1923 onder het voorzitterschap van burgemeester Georges Vercruysse en werd erkend door de in 1919 opgerichte Nationale Maatschappij voor Goedkope Woningen. De oprichters hebben echt niet veel tijd verspeeld met het zoeken naar een originele naam. De belangrijkste aandeelhouders waren de stad, de voorlopers van het OCMW en de Provincie. Zoals nog steeds werkte de maatschappij met overheidssubsidies om te bouwen, maar moest ze voorts zien rond te komen met haar huurinkomsten.

Er waren eerdere pogingen tot sociale woningbouw in Kortrijk. Zo werd in 1897 een 'Société anonyme pour la Construction, Location et Vente de Maisons ouvrières' opgericht met industrieel Camiel De Stoop als voorzitter. Het was een privaat initiatief, dat de aandeelhouders een minimum aan winst moest opleveren en dat ondersteund werd met allerlei belastingsvoordelen. In Kortrijk vind je, vooral op Overleie, verschillende 'Stoopsreken', rijen arbeiderswoningen die door die maatschappij werden gebouwd (Roterijstraat, Watermolenstraat).

Door de grilligheden van het politieke leven en natuurlijk ook dank zijn de kiezers en mijn partij, ben ik in 2003 voorzitter geworden van Goedkope Woning Kortrijk. Vandaar dat het onvermoede hoekje van vandaag mij nauw aan het hart ligt.

Nieuwe beschaving

In de eerste jaren van de Nationale Maatschappij voor Goedkope Woningen was de tuinwijkgedachte zeer populair. De tuinwijkgedachte is in Engeland ontstaan als reactie tegen de miserabele en ongezonde leefomstandigheden en huisvesting van de arbeiders in de 19e eeuw. Men wilde, zeer vooruitstrevend, de woonvoordelen van de stad - dicht bij het werk in de geïndustrialiseerde bedrijven - combineren met die van het platteland - gezonde lucht en mogelijkheid van tuinbouw.

'Uitvinder' was Engelsman E. Howard, die in 1898 een socialistisch manifest schreef onder de titel: 'Tomorrow, a Peaceful Path to Real Reform'. De tuinwijken stelde hij als ideaal van een nieuwe beschaving, afgestemd op samenwerking en sociale rechtvaardigheid.

Een kenner van de tuinwijkgedachte is huidig Vlaams Bouwmeester Marcel Smets, die er een standaardwerk over schreef (1977). Hij wijst erop dat de socialisten groot voorstander waren van tuinwijken, omdat ze die beschouwden als de villawijken van de arbeiders.

De eerste tuinwijk van België werd merkwaardig genoeg gebouwd in Roeselare, de wijk Batavia in 1919. Kort daarop, in 1922, werd door socialistisch minister van huisvesting Joseph Wauters de eerste steen gelegd van de beroemdste tuinwijken van ons land, de nog altijd prachtige wijken Le Logis-Floréal in Watermaal-Bosvoorde.

Kortrijkse Tuinwijk

De Kortrijkse Tuinwijk, tussen de Tuighuisstraat en de Boudewijn IX-laan, dateert van 1924. Het bleef lange tijd het enige tuinwijkexperiment in onze stad. De regering, waaruit de socialisten intussen weer verdwenen waren, verzette zich immers tegen de 'socialiserende' huisvestingspolitiek van de Nationale Maatschapij voor Goedkope Woningen. In 1926 weigerde de regering zelfs kredieten te verlenen!

Na 1926 kwam de klemtoon in de volkswoningbouw te liggen op de kostprijs. Een woning mocht toen niet meer kosten dan 25.000 frank per woning (625 euro). De hoogwaardige aanleg van tuinwijken werd afgedaan als te duur. Zo ook bouwde Goedkope Woning na 1926 opnieuw klassieke, bescheiden rijwoningen - 'reken' dus - (zoals in 1928: 20 huizen in de Oudenaardsesteenweg, 1929: 20 op Walle, 1931: 32 in de Vlasbloemstraat - toch weer met voortuintjes).

Pas na de tweede wereldoorlog bracht Goedkope Woning de èchte, grootschalige tuinwijken in Kortrijk (Nieuw Kortrijk, Venning, Drie Hofsteden, Sionwijk, Langemunte). Momenteel is bij gebrek aan uitgestrekte bouwgronden ook de tweede golf van de tuinwijkgedachte voorbij en kan de maatschappij alleen nog bouwen en verbouwen in het midden van het bestaande stedelijke weefsel.

Spiegelbeeld

Maar terug naar de eerste Kortrijkse tuinwijk. In 1924 en 1925 bouwde Goedkope Woning tussen de Boudewijn IX-laan en de spoorweg 56 woningen. Nog altijd kun je er zien hoe en in welke mate de principes van de tuinwijkgedachte daar werden toegepast.

Hoewel de woningen in ensembles van twee, vier en acht werden gebouwd, kun je niet zeggen dat het doodnormale rijwoningen zijn. Er is duidelijk hard gewerkt aan het ontwerp. Uiteraard herinnert de stijl met topgevels en mansarden aan een geïdealiseerde bouwwijze op het platteland - zo hoorde het in de prille jaren van de tuinwijkmode.

Maar in tegenstelling met de modernistische ideeën achter de tuinwijkgedachte, is hier niet gekozen voor baanbrekende materialen en genormaliseerde elementen. De wijk bestaat uit 28 verschillende duo's van woningen die elkaars spiegelbeeld zijn. Er wordt gegoocheld met traditioneel metselwerk in baksteen: boog en cirkelvormen, rechte en schuine lijnen, je vindt het er allemaal.

Wat wel in overeenstemming met de tuinwijkgedachte was, waren de tuinen voor- en achteraan, en meer nog de grote 'weide' in het midden van het wijkje, bestemd voor collectief gebruik. De woningen hebben dan ook allemaal een achteruitgang. In dat bouwblok zien wij eveneens een ander kenmerk van de tuinwijken: de inspectiepaadjes. Van daarop kon de opzichter van de maatschappij in de gaten houden of de huurders hun woning een beetje netjes hielden.

Binnenplein

Wat schiet er nog van over van onze historische tuinwijk? Goedkope Woning heeft in al die jaren een aantal woningen verkocht aan zittende huurders. Toch verhuurt de maatschappij daar nog verschillende huizen. Het eerste wat kopers meestal doen, is eigenaardig genoeg het vervangen van de uniforme voordeur door eentje naar eigen smaak. De verhuurde woningen hebben een voordeur in bruingekleurd meranti.

Waar de huurwoningen nog het meest hun oorspronkelijk uitzicht hebben behouden, zijn veel verkochte woningen drastisch verbouwd en veelal voorzien van een 'modernere' gevel. Velen zullen het zich nu beklagen dat ze het authentieke uitzicht niet hebben behouden, dat nu als romantisch wordt ervaren.

Het binnenplein is nooit een succes geweest. Dat komt ook omdat de maatschappij zich nooit veel gelegen heeft gelaten met het onderhoud van de omgeving. Dat werd, ten onrechte volgens mij èn in strijd met de tuinwijkgedachte, beschouwd als iets waar de maatschappij geen geld kon aan verspillen. De 'weide' verviel tot een vervuild stuk braakliggende grond. Pas enkele jaren geleden heeft het stadsbestuur er een openbaar pleintje aangelegd met een centraal gazon en asfaltwegen naar de garages.

Niet goed vind ik dat de meeste woningen intussen zijn afgesneden van het rustige binnenplein dat een heel gezellige ontmoetingsplaats zou kunnen zijn. Op het einde van de tuinen staat nu meestal een garage over de volle breedte. Ouders kunnen vanuit hun keukenvenster niet meer een oogje in het zeil houden op hun kroost die op het pleintje spelen.

Albert

Nadat het wijkje lange tijd een onderkomen imago had, lijken de woningen er weer in trek te komen. Dat komt ook omdat Goedkope Woning eindelijk - en veel te laat - zijn patrimonium is beginnen op te knappen. De woningen zijn ruimer dan ze er aan gevelzijde uitzien. Voor mensen die bereid zijn te investeren in renovatie zijn het eigenlijk schitterende panden, precies groot genoeg, met eigen garage, met een rustige achterkant, en gelegen op wandelafstand van het stadscentrum. Onlangs is een woning verkocht voor 6,5 miljoen frank.

In een van de huurwoningen woont de huurder met de oudste anciënniteit bij Goedkope Woning. Zeventiger Albert Vansteenkiste is er geboren en is er blijven wonen nadat zijn ouders overleden waren. In zijn goed onderhouden woning kun je nog zien hoe men in 1924 bouwde. Achter de woonkamer vooraan geeft de ene deur toegang toegang tot de keuken en de tuin (vroeger bestemd voor de eigen aardappelen, groenten en fruit). Als je de andere deur neemt, moet je twee treden naar omhoog en kom je in een soort 'voutekamer'. Op de verdiepingen zijn drie slaapkamers en een zolderkamer. Voor geen geld van de wereld zou Albert willen verhuizen.

Meer foto's op: http://kortrijkonvermoedehoekjes.skynetblogs.be

29-04-06

Uitgeverij Ludion publiceert architectuurboek Kortrijk

Kortrijk koopt 1.500 boeken bij de uitgeverij Ludion, Gent-Amsterdam. Onder de titel "Kortrijk in zeven dagen" verzamelde Wim Opbrouck indrukken over de nieuwe architectuur die in onze stad te vinden is (foto project Leieboorden van bOb Van Reeth). Een relatiegeschenk dat de Kortrijkse faam in de wereld van design en ontwerp moet versterken. Ik ben zeer benieuwd wat het boek te bieden heeft. Maar ik vraag mij af of het niet te vroeg komt.

De uitgeverij Ludion, Gent-Amsterdam, legt zich toe op de publicatie van mooie boeken over esthetisch interessante onderwerpen. In zijn architectuurfonds mocht Kortrijk niet ontbreken. "Sinds het aantrekken van Bernardo Secchi in 1994 heeft de stad een sterke stedenbouwkundige en architecturale impuls gekregen. De overheid gaat gedurfd te werk om mooie dingen te realiseren. Door projecten te steunen die echt innovatief zijn en door jong talent een podium te bieden om nieuwe ideeën te presenteren" schrijft de uitgever op zijn website.

Ludion heeft terecht opgemerkt dat de meeste Kortrijkzanen achteloos in hun stad voorbijlopen aan nochtans zeer opmerkelijke bouwsels. Maar is dat geen kenmerk van stedelingen overal ter wereld? Als je er elke dag passseert, valt zelfs de Eiffeltoren niet meer op, laat staan de Tacktoren.

Harelbekaander

Daarom heeft de uitgeverij een halve buitenstaander - een Harelbekaander, zoon van een Harelbeekse sp-schepen, door Ludion naïefweg "een Kortrijkzaan in hart en nieren genoemd - de prettige opdracht gegeven een week door de Groeningestad te lopen als Alice in Wonderland. Opbrouck Wim - van de Bende van - mocht het doen, op aandringen van burgemeester Stefaan De Clerck.

Theatermaker en TV-figuur Wim pakte het zo onbescheiden mogelijk aan. Hij installeerde zijn slaapzak, vers ondergoed en verrekijker in de toren van het Sint-Amandscollege, waarin binnenkort wellicht een architecturaal experiment zich zal voltrekken onder begeleiding van Vlaams Bouwmeester Marcel Smet. Op de begane grond bewoog hij zich voort in een oversizede zwerfwagen, ook in het hart van de stad waar de fiets meer aangewezen is. En in een dikke mist liet hij zich door de brandweer over de Leie de stad binnenvaren. Of hoe je het moet aan boord leggen om de stad met andere ogen te aanschouwen...

De uitgever belooft een boek waarin je het relaas vindt van de ontdekkingstochten van Wim als verslaggever, fotograaf, dagboekschrijver, interviewer van de man in de straat en illustrator.

Zijn materiaal wordt in dit boek aangevuld met meer theoretische beschouwingen, onder meer van architect Paul Robbrecht (de man van het Foruminvestproject) en enkele vooraanstaande stedenbouwkundigen. Ontwerper Koen Bruyneel is aangezocht voor een speelse, eigentijdse vormgeving.

Geduld tot juni

Ik kijk vol verwachting uit naar de publicatie. Maar komt die niet enkele jaren te vroeg? Er is inderdaad een pak baanbrekende projecten gerealiseerd in de stad in de voorbije jaren. Maar voor de komende jaren staat nog zo veel meer op stapel; denk maar aan het Foruminvestproject, de heraanleg van de omgeving van de Broeltorens, de ontwikkeling van het gebied van de Westelijke Ring enzovoort. Of wordt het boek aangedikt met plannen, ontwerpen en 'artist impressions'? Ongetwijfeld speelde ook de deadline van de gemeenteraadsverkiezingen een rolletje bij de bepaling van de uitgiftedatum.

Het wordt een boek van 192 bladzijden, 17 x 24 cm, 300 illustraties, onder integraalband. Het verschijnt in juni.

Het stadsbestuur bestelt alvast 1.500 exemplaren. De stad bekomt bovendien de rechten op het gebruik van het illustratiemateriaal, voor eigen publicaties.

Zie ook:  http://www.ludion.be/lud_cdml/fmpro?-db=lud_catalogus.fp5...

en: http://www.ntgent.be/index.php?id=72

28-04-06

Rijbaankussens in Kortrijk: een zacht experiment

Een oud idee van Ivonne Sercu wordt gerealiseerd: het stadsbestuur waagt zich aan een experiment met 'rijbaankussens'. Die gemakkelijk aan te brengen snelheidsremmers zijn een stuk goedkoper dan de bestaande alternatieven zoals verkeersdrempels en kruispuntplateaus. Voor het proefproject zijn twee straten geselecteerd. Snelheidsmetingen voor- en achteraf moeten uitwijzen of die rubberen bulten effect hebben of niet.

Nee, het heeft niets te maken met hete kussen op de openbare weg of 'kiss and ride'. Het gaat om een procédé om de verkeerssnelheid af te remmen, dat al lang bestaat maar nu om een of andere reden populair aan het worden is bij gemeentebesturen en andere wegbeheerders. Een rijbaankussen is net als een verkeersdrempel een verhoging van de weg. Maar bij een rijbaankussen loopt die verhoging niet over de hele breedte van de rijbaan. Dat is beter voor het openbaar vervoer en de fietsers. Fietsers kunnen immers gewoon op de normale hoogte verderfietsen en de bus kan over het rijbaankussen zonder over de 'bult' te rijden.

Vliegenzwam

Het woord staat nog niet in de dikke Van Dale. Die kussens zijn 'uitgevonden' in Berlijn en hadden eerst uiteenlopende vormen. Ivonne Sercu, gemeenteraadslid sp.a, deed zowat tien jaar geleden al een voorstel in de gemeenteraad om een proef te doen met snelheidsremmers die niet over de volledige wegbreedte zouden worden aangebracht. Zij liet toen in de gemeenteraad foto's rondgaan van voorbeelden uit De Haan waar die kussens de vorm hadden van het rode hoedje met witte stippen van de vliegenzwam - geïnspireerd door de Efteling? Haar voorstel werd afgewezen omdat er geen officiële regelgeving over bestond (in tegenstelling met verkeersdrempels en -plateaus) en omdat men vreesde voor de verantwoordelijkheid bij ongevallen.

Intussen is er een omzendbrief die duidelijke instructies geeft. Het is een van de ambtsdaden van gewezen Ecolominister Isabelle Durant (3 mei 2002). Paddestoelvormige bulten zijn uitgesloten aangezien er geopteerd is voor rechthoeken. De breedte moet tussen 1,75 en 1,9 meter liggen, en mag niet meer zijn dan 1,75 meter als er bussen passeren in de straat - bussen zijn breed genoeg om die kussens 'wijdbeens' te overschrijden. De bulten moeten minstens 6 cm hoog zijn omdat zij anders de snelheid niet remmen maar toch zorgen voor extra lawaai. Grote zorgvuldigheid moet in acht genomen worden bij de uitvoering van de schuine zijden; anders kunnen die tuigen uiterst gevaarlijk zijn voor tweewielers. Zoals op verkeersdrempels is het ook op rijbaankussens verboden een zebrapad af te bakenen. Kussens voor en achter een dergelijk pad zijn wel OK.

Nu acht ook het stadsbestuur van Kortrijk de tijd rijp om een experiment te wagen. Men valt in Kortrijk vooral voor de goedkope prijs van die nieuwe snelheidsremmer. Voor 2000 euro per kussen, zonder plaatsing, 'is men gekleed'. Als men kiest voor kussens in caoutchouc, is er weinig geluidshinder te vrezen. Ze kunnen eenvoudig bevestigd worden met pluggen, bouten en lijm.

Ook wat het verkeer betreft, hebben die nieuwe bulten onmiskenbare troeven. Ze remmen de snelheid van personenwagens maar niet van bussen en vrachtwagens die een bredere wielbasis hebben. Eigenlijk is de signaalfunctie, als men kiest voor roodkleurige rubber, even belangrijk als de remmende werking van de bult. Zo'n kussen is een niet mis te verstane waarschuwing tegen overdreven snelheid.

Volgens de omzendbrief van Isabelle Durant zijn dergelijke kussens het meest geschikt op wegen waar de snelheid beperkt is tot 50 km per uur. De toepassing in zones 30 lag voor haar minder voor de hand, maar wilde zij niet verbieden. Het blijkt niet veel effect te hebben als men het kussen passeert met een snelheid tussen 50 en 30 km/uur (er blijft natuurlijk de psychologische afremming). Toch is het de bedoeling van het stadsbestuur die techniek vooral in zones 30 toe te passen.

Het stadsbestuur constateert dat de vraag naar drempels, plateaus en andere snelheidsremmers blijft toenemen bij de bevolking. Dat is natuurlijk een verheugend verschijnsel: de mensen worden zich meer en meer bewust van de gevaren van te snel verkeer. Maar die klassieke wegverhogingen en asverschuivingen zijn dure investeringen. Een goedkoper middel kan een oplossing bieden.

Miss Belgian Beauty

Twee bedrijven zijn bereid gevonden een proefproject te ondersteunen. Zij zijn niet gek en ruiken een stroom van lucratieve opdrachten als het experiment slaagt. Parcomet Affligem en Solidor Lauwe leveren elk een paar van die kussens tegen een uitzonderlijke gunstprijs van 1500 euro per kussen. Al wat er nog moet bijkomen (paaltjes, markeringen, signalisatie, informatie aan de omwonenden...), voert de stad uit met eigen volk.

Er zijn twee straten uitgekozen waar te snel wordt gereden. Vooreerst de Dr. Dumortierlaan in Bissegem (de straat van Miss Belgian Beauty-organisator Ignace Crombé), een weg in asfalt, 6,9 meter breed, en zone 30. Bijna 90 % van de wagens rijdt er te snel. De andere straat is de Rollegemkerkstraat in Rollegem (de straat van mijn collega in de gemeenteraad Roger Lesaffre, sp.a). Als onderdeel van de bebouwde kom is er een snelheidsbeperking van 50 km per uur. Er moet dan ook een waarschuwing komen met een verkeersteken (A51, een driehoek met het laatste letterteken van de partij Groen!) en een onderbord. De rijweg is 6,7 meter breed en bijna de helft van de chaffeurs rijdt er harder dan 50.

Op beide wegen wordt de snelheid secuur gemeten voorafgaand aan de bevestiging van de rijbaankussens. In 2007 komt er dan een nieuwe meting. Van de resultaten van die meting zal het afhangen of die halfharde rode bulten voortaan deel gaan uitmaken van het vertrouwde beeld van onze woonwijken.

Zie ook: http://www.uitweg.be/nummer-40/uitweg40_091.html (waar ik de foto heb geleend).

En voor de omzendbrief van minister Isabelle Durant van 3 mei 2002: http://www.wegcode.be/wet.php?wet=73.

27-04-06

Eindelijk een treffelijk dak voor dagverblijf Warande

 

Op het stedelijk speelplein De Warande in Heule staan barakken van 1950, die nog altijd gebruikt worden als 'dagverblijf'. De bedaking, in asbestcementgolfplaten, is in deerlijke staat. Dakwerken Goegebeur & Zonen mag het dak vernieuwen. De Vlaamse overheid geeft een subsidie van 40 %. Of die loodsen daar nog 50 jaar gaan staan, is verre van zeker. De stad heeft andere plannen.
 
De barakken van het speelplein De Warande worden nog altijd gebruikt. Op regendagen krijgen de kinderen er in de speelpleinperiodes binnenactiviteiten. Het bouwsel doet ook dienst als refter. De golfplaten op het dak zijn aangetast door dikke pakken mos en zijn zeer broos geworden door een halve eeuw zon en regen.
 
In de slechte zomer van 2005 liepen de barakken onder water door de vele lekken in de dakbedekking. Het water veroorzaakte kortsluiting. De doorweekte plafonds moesten op verschillende plaatsen uitgebroken worden om te voorkomen dat ze op een onbewaakt ogenblik vanzelf zouden instorten. Met hulp van de pompiers zijn de slechtste delen van het dak dan maar overtrokken met zeildoek, waarop ondertussen ook al sleet gekomen is.
 
Die slechte toestand van het gebouw bracht de erkenning van De Warande als jeugdverblijf in gevaar. Eigenlijk zou die wankele constructie gesloopt moeten worden, maar voor grote bouwwerken op het recreatiedomein is het te vroeg voor de stad. Het stadsbestuur heeft nog maar recent aanpalende gronden aangekocht om in de toekomst het domein uit te breiden en te herschikken. Een masterstudie moet het beste plan opleveren. Het ziet ernaar uit dat de klemtoon meer en meer zal komen te liggen op het aspect recreatie en niet meer op de verblijfsaccomodatie. Ondertussen probeert het stadsbestuur de bestaande infrastructuur zoveel mogelijk op te kalefateren.
 
In opdracht van de gemeenteraad (13 maart 2006) ging het stadsbestuur op zoek naar een dakdekker. Er werd prijs gevraagd bij 8 aannemers, waarvan de volgende een offerte indienden: Dakwerken De Croo van Rollegem, Lieven Deneckere van Harelbeke, Desodt & Zoon van Ieper, Dakwerken Goegebeur & Zonen van Torhout, en G. Scherpereel van Heule. De voordeligste bleek Goegebeur, met een bieding van 53.047 euro, of 2,5 % onder het ramingsbedrag.
 
Gelet op eerdere goede ervaringen met de dakdekker kreeg hij de opdracht toegewezen. De stad betaalt 60 % van de kosten (31.828,42 euro). Toerisme Vlaanderen betaalt de overige 40 % in het kader van het decreet 'Toerisme voor Allen'.
 

Zie ook: http://www.warandekortrijk.be en

 

http://kortrijkonvermoedehoekjes.skynetblogs.be/?number=1&unit=days&date=20060319#3182759

 

26-04-06

Een nieuwe verkeersregeling voor het nieuwe Kortrijk

Het Mobiliteitsplan van Kortrijk is na vijf jaar aan revisie toe. Ingrijpende nieuwe ontwikkelingen zullen zeker het verkeer in de stad beïnvloeden. Om al dat verkeersgeweld in goede banen te leiden, is een aanpassing van het Mobiliteitsplan nodig. De gemeenteraad gaf het stadsbestuur de opdracht om voor die studie een goede ontwerper te zoeken.

Het Mobiliteitsplan Kortrijk is bijna vijf jaar oud. Het was het resultaat van langdurig studiewerk van deskundigen en stadsdiensten en grondige besprekingen in de gemeenteraad, die het goedkeurde op 10 december 2001. Kortrijk moest zo'n plan hebben of er konden geen convenanten afgesloten worden met het Vlaamse Gewest. Zonder Mobiliteitsplan geen subsidies.

Volgens de afspraken moet een dergelijk plan om de vijf jaar worden beoordeeld en eventueel bijgestuurd. Maar vanuit Brussel komen geen richtlijnen om dat te doen. Kortrijk kan evenwel moeilijk nog langer wachten. Op diverse plaatsen is van alles aan de gang in de stad en dat zal vroeg of laat zijn weerslag hebben op het verkeer. Je pakt dat beter professioneel en wetenschappelijk aan.

Ingrijpende gevolgen voor het verkeer vallen te verwachten op Hoog Kortrijk (nieuw ziekenhuis en andere ontwikkelingen), in de binnenstad (megawinkelcentrum Foruminvest), en als gevolg van de Leiewerken en de aanleg van de westelijke binnenring.

De nieuwe kliniek

In 2005 heeft de stad al (voorbarig?) een studie laten uitvoeren naar de veranderende verkeersomstandigheden op Hoog Kortrijk. Het bureau Tritel ging verder dan een klassiek 'mobiliteitseffectenrapport' (mober) en leverde een heus mobiliteitsplan af voor het deelgebied, met een keuze aan beleidsopties voor het stadsbestuur. Dat koos voor 'concept 3'.

Het komt erop neer dat de brede Kennedylaan, met middenberm, wordt verlengd. Voor het in opbouw zijnde kliniekcomplex komt er een extra verbinding met de verkeerswisselaar 'het Ei'. De huidige inrit van het bedrijventerrein Kennedypark in de Kennedylaan wordt afgesloten en vervangen door een inrit aan een nieuw uit te werken rondpunt aan het kruispunt met de Muynckendoornstraat. De kliniek, AZ Groeninge, krijgt dus geen rechtstreekse oprit naar de E17, wel eentje via 'het Ei'. 

Het Vlaamse Gewest beloofde aan de stad al mee te werken aan de realisatie van dat concept. Het Gewest zou 40 % van de werken betalen, de stad de rest.

Die deelstudie dient verwerkt te worden in de aanpassing van het Mobiliteitsplan Kortrijk.

Winkelcentrum Foruminvest

Zoals hier al dikwijls uitgelegd, komt tussen de Wijngaardstraat en de Sint-Jansstraat een megawinkelcentrum van de Nederlandse projectontwikkelaar Foruminvest. Die nieuwe attractiepool van Kortrijk zal 44.000 m² bruto-oppervlakte bieden. 8.600 m² daarvan zijn bestemd voor grote winkel genre Media Markt. De rest is voor gespecialiseerde kleinhandels van 200 à 300 m². Op het dak komen 70 à 80 luxe-appartementen.

Foruminvest liet zelf, weeral door Tritel, een mobiliteitseffectenrapport opmaken. Dat rapport wordt aan de ontwerper van de aanpassing van het Mobiliteitsplan voorgelegd als discussietekst.

Beheerstraat-Noordstraat

Ook de Leieverbredingswerken zullen onvermijdelijk het verkeer in Kortrijk beïnvloeden. Zo zal de aanleg van een nieuw stuk binnenring aan de westzijde van het stadscentrum eventueel de leefbaarheid van Noordstraat en de Beheerstraat verbeteren. Thans vormen beide woonstraten een regelrechte verkeersriool.

Ook die effecten moeten worden meegenomen in de studie.

Studieopdracht

Die bijspijkering van het Mobiliteitsplan wordt uitbesteed. Het betreft een opdracht van zowat 40.000 euro, BTW inclusief. De zoektocht naar het beste studiebureau gebeurt met onderhandelingen bij enkele gegadigden. Volgens de nota aan het college van burgemeester en schepenen worden er drie bureaus gecontacteerd.

Eigenaardig genoeg is Tritel, 'Transport, Infrastructure &  Telematics, daar niet bij. Wie wel op het aanvankelijke lijstje staat, is: de intercommunale Leiedal, het bureau SUM Brugge (vroeger Mens en Ruimte - Groep Planning), en Vectris cvba Leuven (een bureau gegroeid uit de organisatie Langzaam Verkeer).

Zie ook: http://www.drk.be/admin/module_drs/upload/Kortrijk_Mobili... en http://www.drk.be/admin/module_drs/upload/Kortrijk_Mobili...

http://www.tritel.be

http://www.sum.be/nl/contact.html

http://www.vectris.be

http://www.leiedal.be

25-04-06

Huisjesmelkerij bestreden op alle fronten

De politiezone VLAS heeft van het tegengaan van maatschappelijke overlast een van haar prioriteiten gemaakt. Een onderdeel daarvan is de bestrijding van de huisjesmelkerij, het verhuren van mensonwaardige woongelegenheden. Die praktijk is in verschillende opzichten strafbaar, maar de weg naar effectieve bestraffing is niet simpel. Gelukkig zijn er ook administratieve manieren om die vorm van uitbuiting aan banden te leggen.

Het afgebroken pand op de foto toont de restanten van een herenhuis dat in uitgeleefde toestand werd opgedeeld in piepkleine studiootjes en verhuurd aan sukkelaars. Zelfs de garage werd een tijdlang bewoond alsof het een appartement was. Op die manier kun je vlug veel geld verdienen: een krot opkopen en volstoppen met huurders in hoge woonnood. Een andere truuk is het verhuren van brievenbussen om de huurders een fictief domicilie te verschaffen - maar dat is een ander onderwerp. Maar goed ook dat er tegen dat schandalig misbruik van zwakke mensen wordt opgetreden. Het is mooi meegenomen dat je daarbij tegelijkertijd aan krotbestrijding doet en het algemeen uitzicht van de stad verbetert.

Het pand in kwestie werd na een optreden van de Wooninspectie in samenwerking met de huisvestingsdienst (Directie Stadsplanning en Ontwikkeling) van Kortrijk door de burgemeester onbewoonbaar verklaard. Het Stadsontwikkelingsbedrij, SOK, voorheen Woonregie, kon het waardeloos geworden pand opkopen. Na sloping is er plaats voor een hedendaags bouwproject.

De Wooninspectie is een Vlaamse administratie die provinciaal is georganiseerd. In Kortrijk wordt er door de betrokken stadsdiensten heel goed mee samengewerkt. Het geïnspecteerde pand krijgt strafpunten al naargelang de mankementen. Een huis met teveel strafpunten wordt ongeschikt verklaard en mag in principe niet meer verhuurd worden en komt op de inventaris van de verkrotte panden. Een huis met veiligheids- en gezondheidsrisico's wordt onbewoonbaar verklaard en onmiddellijk gesloten.

Meestal blijft het daarbij. Maar de eigenaars kunnen ook straffen oplopen. Er zijn straffen gebaseerd op de Vlaamse Wooncode (boetes van 100 tot 10.000 euro). En ook in de federale strafwet is huisjesmelkerij sinds 2005 een apart misdrijf (art. 433 decies: gevangenisstraf van 6 maand tot 3 jaar, boetes van 500 tot 25.000 euro). Voordien was huisjesmelkerij geregeld in de Vreemdelingenwet en was alleen het misbruik maken van dakloze vreemdelingen strafbaar; sinds 2005 worden ook arme Belgen beschouwd als slachtoffers als ze in handen vallen van gewetenloze huisjesmelkers.

Gisteren op de Politieraad bleek dat die strafrechtelijke bestrijding van de woonuitbuiting nog niet zo gemakkelijk is. Korpschef Stefaan Eeckhout wees erop dat de doorsnee huisjesmelker niet meer een oud mannetje is dat huizen verhuurt die het nooit heeft onderhouden. Het gaat nu veelal om elkaar afwisselende firma's die actief zijn in heel het land en desnoods failliet gaan als ze vervolgd worden. Soms wacht het parket tot het een aantal zaken van dezelfde eigenaar bijeen heeft om naar de rechter te stappen. Of men wacht op initiatieven van andere gerechtelijke arrondisementen - zo was er vorig jaar in Gent een themazitting om een voorbeeld te stellen.

Vandaar dat men in de politiezone VLAS meestal opteert voor administratieve afhandeling. De huisjesmelker ontloopt dan wel zijn straf, maar de sociale wantoestand wordt toch opgeruimd.

Intussen bereidt de politie zich terdege voor om de huisjesmelkerij te lijf te gaan. Alle leden van de directies Lokale Recherche, Wijkwerking en Operaties en de diensten Operationele Leiding en Sturing en de Permanentie krijgen een interne opleiding om alle finesses van de regelgeving en het fenomeen zelf te bestuderen. De samenwerking met externe partners zoals de stadsdiensten, het parket, de Wooninspectie en de Belastingen (als men tegenover vennootschappen staat) wordt nog aangescherpt.

 

24-04-06

Het eerste van het seizoen in Kortrijk: 1 MEI FESTIVAL

Voor de 14e keer kun je op 1 mei naar een gratis stadsfestival in Kortrijk. Het eerste van vele in het stadscentrum. Het is een gastvrij initiatief van vzw Mayday Mayday, waarin de diverse takken van de socialistische beweging hun creatiefste mensen droppen. In onvervalste festivalsfeer is het een feest van de Arbeid waarop iedereen welkom is. Sinds lang vindt het weer plaats op de Veemarkt, waar het ooit begon.

Een etmaal lang is het feest op de Veemarkt in Kortrijk onder het motto: gratis, gekleurd en geestig. Behalve de indrukwekkende affiche van optredens krijg je er ook onophoudelijk animatie, solidariteitsboodschappen, infostandjes, exotische eettentjes, kinderattracties enzovoort. Om van de bruisende tapkranen niet te spreken. Dat alles in verschillende tenten en in de open lucht op de prachtig heraangelegde Veemarkt - je kunt er voor een prikje parkeren onder de grond.

Om 12 uur loopt het festival van stapel met een barbecue. Liefst reserveren (bij de diensten van het ABVV of Bond Moyson, of bij Mario 0497 534 877); 10 euro per volwassene, 7 euro per kind. Om 14 uur knipt een of andere burgemeester het lint door voor de opening van het Kinderdorp, met een springkasteel, attracties, schmink, ballongooien, eendjes vissen, 'rolstoelparcours' (!), en nog veel meer.

Onmiddellijk ambiance brengt de big band Mucho Gusto met salsa, mambo, merengue, cha cha cha, samba en minder gekende Latin-stijlen zoals boogaloo, guaijra en cumbia. Professionele dansers leren je alle passen en heupbewegingen.

Na het vieruurtje komen The Internationals (17.30 - 18.45 uur) meeslepende exotische klanken tegen 350 km per uur. Binnenkort lanceren ze hun nieuwe cd 'Wonders Of The World'. Om 19.30 uur beklimt de Kortrijkse formatie Galatasaray het podium. Het is een niet-alledaags collectief met 2 drummers, 5 blazers en een elektronicafreek. De rockband herbergt leden en gewezen leden van o.m. Two Russian Cowboys, Ozark Henry en Moonlake.

Afsluiter (tot zowat 23 uur) is Think of One, de revelatie van de komende zomerfestivals. De groep brengt wereldmuziek van topniveau zoals Manu Chao - en 'wereld' mag je hier letterlijk nemen. Onlangs trok de groep naar Recife in Brazilië om inspiratie op te doen. het resultaat is een mengeling van Europese en Noord-Afrikaanse volksmuziek gemengd met Braziliaanse genres.

De organisatoren willen een boodschap steken in hun evenement: "Dit sociaal-democratisch festival wil de aandacht van de mensen trekken op de internationale, nationale en lokale omstandigheden. Het is een oproep tot verdraagzaamheid, democratie en het in acht nemen van sociale principes". De aanwezigheid van verenigingen zoals OXFAM Wereldwinkel, Amnesty International, Fonds voor Ontwikkelingssamenwerking dragen daartoe bij.

Tot maandag op de Koeiemarkt?

Zie ook: http://www.maydaymayday.be

23-04-06

ZONDAG 23 APRIL 2006: een pad van 137 jaar weer open

 

In 1869 werd de treinverbinding Kortrijk-Ronse in gebruik genomen. Gisteren werd op de berm van de al lang afgeschafte spoorweg een zalig fietspad geopend. Morgen lees je het in de krant; vandaag geef ik jullie al de primeur. Als onvermoed hoekje van Kortrijk kan het tellen. Het heeft 137 jaar geduurd eer er voetgangers en fietsers op toegelaten werden. Het pad brengt je recht naar de buiten. Weg en weer 9 km, goed voor een fikse wandeling of een pittig fietstochtje voorbij allerlei verrassingen.

 
137 jaar
 
Op 1 juni 1869 werd de spoorweg Kortrijk-Amougies (en later Ronse), lijn 83, geopend door de private spoorwegmaatschappij "Braine-le-Comte à Courtrai". Dat was precies 30 jaar na de eerste spoorverbinding vanuit Kortrijk: de lijn Gent-Kortrijk, een van de eerste spoorwegen van ons land - het lint werd doorgeknipt door koning Leopold I in hoogsteigen persoon. De rechtstreekse verbinding met Brussel dateert pas van 1868 en was eerst ontworpen als een heel secundair lijntje: Denderleeuw-Zandberg, lijn 89.
 
De spoorweg waar het hier over gaat, moest mijnwerkers vervoeren uit onze streek naar de Waalse steenkoolbekkens en seizoenarbeiders naar Frankrijk. Over dezelfde weg werden steenkool en graan aangevoerd tot in de kleinste dorpen van het Kortrijkse. In die jaren was de verbinding naar Wallonië economisch van groter belang dan die met Brussel. De lijn, tussen Kortrijk en Ronse 28,7 kilometer lang, werd genationaliseerd in 1872. De doortrekking van de lijn naar Braine-le-Comte (lijn 87) werd pas in 1882 uitgevoerd door de Belgische staat.
 
Intussen is onze Westerse economie al lang een petroleumeconomie geworden in plaats van een steenkooleconomie. De betrekkingen tussen Kortrijk en Ronse, en meer nog die met Wallonië, zijn hoogstens nog toeristisch. De tijd dat ganse generaties mannen en jongens uit onze streek hun gezondheid gingen ondermijnen in de steenkoolputten, is definitief voorbij.
 
De spoorweg van Kortrijk naar Ronse en verderop werd dan ook opgedoekt in verschillende bewegingen. Op 2 augustus 1959 werd het reizigersverkeer opgeheven op het stuk tussen Avelgem en Ronse. Op 20 maart 1960 volgde het stuk tussen Avelgem en Kortrijk. Er bleef goederenverkeer tot 1966 tussen Kortrijk en Zwevegem-Knokke, en zelfs tot 1991 tussen Kortrijk en de Bekaertfabriek in Zwevegem. In de periode 1962-1968 werden de sporen opgebroken voorbij Zwevegem. Op de spoorberm van Zwevegem naar Kortrijk bleven de sporen liggen tot september 2003.
 
Het tracé van de vroegere spoorweg ligt nog bijna overal vrij, behalve in Amougies waar het bebouwd is met silo's. Verdwenen zijn de bruggen over de vaart Kortrijk-Bossuit en over de Schelde. Een ander obstakel zijn de terreinen van staaldraadproducent Bekaert in Zwevegem waar de spoorweg is afgesloten met ... staaldraad. De Provincie West-Vlaanderen is aan het onderhandelen met het wereldconcern om de strook opnieuw te openen.
 
Het Guldenspoorpad bis
 
De Provincie West-Vlaanderen beschouwt het tot zijn opdracht om de kustprovincie te voorzien van een breedmazig net van fietspaden. De afgedankte spoorweg Kortrijk-Ronse kon dan ook aan haar aandacht niet ontsnappen. Eerder al werden met provinciale middelen fiets-, wandel- en ruiterspaden aangelegd op de bedding van lijn 83 voorbij Zwevegem en van de vroegere aftakking van Avelgem naar Herseaux (lijn 85, het Trimardpad, zo genoemd naar de seizoenarbeiders van weleer).
 
Sinds 2004 huurt de Provincie ook het stuk Kortrijk-Zwevegem van de Belgische Spoorwegen. De NMBS is bijna nooit te vinden voor een verkoop; wie weet of de omstandigheden in de toekomst niet zo veranderen dat er weer vraag komt naar spoorverbindingen.
 
Maar als langdurige huurder kan kan de provincie net zo goed paden aanleggen. Daartoe werd contact gelegd met de gemeentebesturen van Kortrijk, Harelbeke en Zwevegem, de gemeenten waarop lijn 83 loopt. De provincie betaalt het eigenlijke pad. De gemeentebesturen investeren in de op- en afritten en in de verlichting van het fiets- en wandelpad.
Bij de aanleg is gekozen voor verantwoorde materialen. Zo is de padbedekking uitgevoerd in waterdoorlatend eco-asfalt, bestaande uit gerecycleerd afval van wegenwerken dat gemengd is met verse bitumen. Het milieuvriendelijke materiaal is gekleurd met o.m. zand om nog beter te passen in het landschap.
 
Het nieuwe pad loopt in Zwevegem, zoals al gezegd, dood op de Ursusstaaldraad van de omheining van de firma Bekaert. In Kortrijk sluit het pad aan op het stedelijke fietsroutenetwerk, meer bepaald op het Guldenspoorpad dat naast de spoorweg, door het stadscentrum, tot in Marke loopt. Op de openingsplechtigheid wees provinciaal gedeputeerde Patrick Van Gheluwe, sp.a, erop dat het nieuwe pad niet alleen een recreatieve functie heeft: "Het pad biedt ook een comfortabel en veilig alternatief voor het woon-werk- en woon-schoolverkeer tussen Kortrijk en Zwevegem".
 
Verrassend parcours
 
We rijden het pad op aan de splitsing tussen de vroegere spoorweg naar Ronse en de spoorweg naar Gent en Brussel (die wat verder splitst ter hoogte van de Venning - in spoorwegjargon 'Zandberg'). Het pad start op de berm aan het Gebroeders Van Raemdonckpark. Die ophoging is nog niet zo oud; ze dateert van 1963.
 
Bij de aanleg van die berm ging de NMBS over tot de inkokering van de Klakkaerdsbeek, een waterloop die enorm vervuild was door de stinkende lozingen van een vleesafvalverwerker in de Beekstraat. Stroomopwaarts werd de beek overwelfd door de stad die daar de appartementsgebouwen en de wijk Driehofsteden liet opbouwen. De lagergelegen delen van het zompige gebied werden aangelegd als park met een grote vijver.
 
In het Gemeentelijk Ruimtelijk Structuurplan Kortrijk wordt het idee gelanceerd om de berm af te graven en op die manier ook de wijk aan de overkant van de berm te laten genieten van al dat groen. Ik denk niet dat dit idee veel kans maakt nu op de berm dat schitterende fietspad ligt.
 
Kortrijks schepen van Openbare Werken Guy Leleu, CD&V, is terecht fier op de inrit van het fietspad, een realisatie van Stad Kortrijk. Er is gebruik gemaakt van dezelfde rode betonklinkers waarmee overal in de stad fietspaden worden gemarkeerd. Met duurzaam hout is in de helling ook een smaakvol brugje verwerkt. Alleen op Kortrijks grondgebied is het pad voorzien van aangepaste verlichting.
 
Ondanks de aanleg van het fietspad blijft de dicht begroeide berm een groen lint dat de natuur tot diep in de stad brengt. Na de gewezen spoorwegbrug over de Vredelaan rijdt je tussen de sociale woonwijk Nieuw Kortrijk (ook Korea genoemd) en de voetbalvelden van SV Kortrijk (1e Provinciale). Voordat je onder de Kortrijkse ring R8 rijdt, vang je aan de linkerkant nog een glimp op van de Natuurtuin Gilbert Desloovere, een initiatief van buurtbewoners gesteund door Natuurpunt.
 
De door bomen en struiken overwoekerde tunnel onder de R8 is buitenmaats voor het bescheiden fietspad. Misschien daardoor is het een plaats met magische kwaliteiten. De rijen zuilen waartussen je rijdt geven de constructie de allures van een tempel. En op het einde van de onderdoorgang lonkt het helle licht van het open landschap; het is als het ware een vergeten poort van de stad.
 
Na enkele pedaaltrappen doorkruis je het domein van Koramic, een van de pannenfabrieken van Kortrijk, waarvan de droogloodsen en de stookplaats aan je linkerkant beschermd zijn. Het valt op hoe drastisch het verval aan het toeslaan is op dat beschermde maar niet gerenoveerde monument.
 
Ter hoogte van de pannenfabriek staat een blauw stationsopschrift opgesteld in typische NMBS-letters. Daar was inderdaad ooit de stopplaats 'Luypaertbrug', maar wat je ziet is een artistieke reconstructie van Denis Dujardin. Toen de kunstenaar het bord plaatste in 2002 lagen de sporen er nog en dachten veel mensen dat de spoorweg opnieuw ging geopend worden.
 
Het spoor zelf wordt in herinnering gebracht in de wegverharding bij de kruising van de Luipaardstraat. Het twee parallelle strepen in zwarte klinkers voor de sporen en afwisselen gele en roze betonstenen voor de treinbiels is het vroegere spoor er mozaïekgewijs uitgebeeld.
 
Wat verder rij je het grondgebied van Harelbeke binnen. Rechts zie je tot tegen de berm van de opgehoogde E17 landbouwgebied, maar dat blijft niet zo: er komt een 'hoogwaardig' industriegebied (Deltapark). Links zie je de gebouwen van de firma Buysmetal. Het eerste complex, in onopgesmukt beton, won ooit een Europese architectuurwedstrijd van de betonfederatie. De helblauwe loodsen erachter concurreren op zonnedagen op een afschuwelijke manier met de open hemel.
 
De tunnel onder de E17 is niet zo curieus als die onder de Ring. Erachter ligt het open landbouwlandschap dat Zwevegem van Kortrijk scheidt. Echter: ook niet meer voor lang, want er komt ook daar een bedrijvenzone. Ergens halverwege moet je plots een ontsluitingsweg kruisen. Het is het enige gevaarlijke punt van het fietspad. Een oplossing vinden is niet gemakkelijk. Een tunnel onder de weg is moeilijk omdat het grondwater er constant heel hoog staat.
 
Verderop ontdek je een tot dusver geheime achterkant van Zwevegem. Het is een heel groene achterkant hoewel je heel wat bedrijfsgebouwen tegenkomt. Geert Callens van de fietsgidsen van Terra Mobile heeft daar een uitleg voor. Bij de aanleg van de spoorweg planten de boeren doornige hagen langs de spoorweg om te beletten dat hun koeien op de sporen gingen lopen. Op dat moment was Leon Leander Bekaert nog niet op het idee gekomen om de oudjes van het bejaardengesticht van Zwevegem aan het werk te zetten met de productie van prikkeldraad - zo startte het latere Bekaertconcern.
 
Aan de Deerlijkstraat in Zwevegem loopt het fietspad dood op de afspanning van diezelfde NV Bekaert. Het vroegere parcours van de spoorweg ligt achter die omheiding evenwel nog vrij. Even omrijden en in de Otegemsestraat vind je de vroegere spoorwegbedding terug.
 
Aan de overkant van de straat lag vroeger het stationnetje van de draadtrekkersgemeente. De site is heraangelegd met respect voor de vroegere functie. Je ziet er nog beide perronetjes, de laadkoer en verschillende gebouwen van de spoorweg. Vandaar kun je weer voort op de fiets over de spoorbedding. Een nabijgelegen café koos als naam 'Het Traverke', herinnerend aan de vroegere spoorwegovergang.
 
Tijd om rechtsomkeer te maken. Je rijdt pal westwaarts. Als je dat 's avonds doet, wapen je dan met een zonnebril: je hebt ononderbroken de ondergaande zon in je gezicht. Dat is natuurlijk ook een fijne manier om een gezond kleurtje te krijgen.
 
 
 
en: http://users.skynet.be/korm/pages/korm_inleiding.htm, een site die een plan ontwikkelt om de oude spoorweg Kortrijk-Ronse opnieuw in gebruik te nemen met lichte treintoestellen. Wie weet dat het er ooit nog van komt. Door de aanleg van het fietspad wordt het traject in elk geval bewaard; de sporen kunnen vlug opnieuw gelegd worden.