19-03-06

ZONDAG 19 MAART 2006: het speelplein van de Kortrijkse babyboom

De kinderen, vooral de kleintjes, gingen en gaan er nog altijd graag naartoe... ten minste met hun ouders mee. Het is de massa-crèche geweest van de Kortrijkse babyboom. Hoewel er inspanningen zijn geleverd om het speelplein 'De Warande' wat te moderniseren, hangt de sfeer van de jaren vijftig er nog rond. Maar de stad heeft - al veel te lang: het geduld raakt op - grootse plannen. De stevige afsluitingen beletten niet dat deze hoek van Kortrijk, of beter Heule-Watermolen, vrij toegankelijk is. En verwar het speelplein De Warande niet met die andere Warande in Heule.

Nooit zijn er zoveel kinderen geboren als in de periode na Wereldoorlog II, tot een stuk in de jaren zestig: de babyboom is ook aan Kortrijk niet voorbijgegaan. Velen van die generatie hebben hun zomers doorgebracht op De Warande. Wat moesten onze moeders met ons aanvangen, overstelpt van het huishoudwerk, terwijl broertje in milieuvriendelijke luier aan haar rok hing, vaak een nieuw zusje of broertje zich aankondigde en vader 's avonds moegewerkt en hongerig zijn benen onder tafel wilde schuiven?

Je stelde je geen vragen als kind van de fifties, je ging naar De Warande. Je leefde in de veronderstelling dat er naast een 'schoolplicht' (leerplicht) ook een 'speelpleinplicht' bestond. Het vergde wel wat aanpassing, want voor een kind waarvan de wereld ophield aan de betonplaat op het einde van het stadstuintje, was het een schok als je voor die uitgestrekte groene vlakte stond. Vooral ook omdat op de speelweiden een mierennest van andere kinderen rondliep. Maar het wendde en eigenlijk was het speelplein best leuk, ondanks het spartaanse regime.

Reuzenschommels

Het begon al ermee dat je de bus mocht nemen. Dat was je niet gewend, want ook in de pre-automobieltijd nam de Kortrijkzaan de bus niet - daarvoor waren de afstanden in het stadje te klein. Je werd op de bus gestoken, in mijn geval op het einde van de Roterijstraat, en het was alsof je op reis was.

Het domein waar de bus je na een kronkelige reisweg afzette, zag er anders uit dan De Warande van vandaag. Het was een omvangrijke, nogal kale grasvlakte, met in het midden een hoofdkwartier, een zwembad, een kapel en een rolschaatspiste. Van de speelweiden schiet alleen nog een voetbalveld over; de rest van de terreinen zijn avontuurlijk gemaakt met hoog groen en heuveltjes.

Aan de kanten stonden allerlei speeltuigen opgesteld, robuust en op maat gemaakt. De reuzenschommels, waarop je wel met twintig tegelijk kon zwieren, zijn verwijderd. Je voelde wel wat kriebels in de buik als je erop zat, maar de monitoren verdreven de schrik met stoere zeemansliederen die je, willen of niet, moest meebrullen.

Ook de meeste individuele schommels zijn verdwenen; je vindt er nog enkele aan de kant Vlaanderenstraat. De twee grote glijbanen, gemaakt van houten latjes waarop je je dijen kon verbranden, zijn vervangen door een kleurrijke contructie met een glijbaan in inox. Afgeschaft zijn ook de vervaarlijke wippen, waarmee oudere kerels je een halve meter in de lucht konden catapulteren. En van de rollende tonnen, waar je mij met geen stokken in kreeg, schiet er nog welgeteld eentje over.

Vergilius

Wat ik mij nog steeds herinner is de zoete geur van de buxushagen die het domein omringden en veelal in bloei stonden. Dikwijls gingen we als kwajongens op bijenjacht met luciferdoosjes. Later, in de Latijnse, kreeg ik de Bucolica van de Romeinse dichter Vergilius onder de neus geschoven. Zo ook volgende passage (poging tot vertaling): "Aan deze kant, zal de haag bij de grens van de buur, met haar wilgenbloesem, uitgepuurd door bijen van de Hyblaberg, je vaak met haar zacht gezoem tot een dutje verleiden."  Haag, bloesem (hoewel geen buxus) en bijen deden me op de harde schoolbanken wegdromen naar de zomers op De Warande. Het is het enige vers dat ik onthouden heb van de hele Latijnse santenboetiek. De hagen in kwestie zijn al lang verdwenen.

Chacha

Zoals gezegd was de opvang van honderden kinderen per dag nogal spartaans in de jaren vijftig en zestig. Berucht is de collectieve siësta,  als het mooi weer was op gloeiende dekzeilen die meterlang in volle zon uitgerold waren. Of het de bedoeling was om er allemaal even bruin uit te zien, weet ik niet, maar we zagen eruit alsof we de vakantie hadden doorgebracht aan de Cote-d'Azur. En dorst dat je er kreeg van al dat buitenspelen! Je kreeg van thuis wel een pul mee met slappe koffie, maar tegen de middag snakte je naar de waterkraantjes die her en der stonden opgesteld.

Een hele belevenis waren de middagmalen in een lange rij barakken. Je leerde er erwten en aardappelen weg te schieten. Misschien was het wel daarom dat het meestal puree was. Maar elke dag was er dessert - mijn eerste kennismaking met 'centwafer' en 'chacha' - en dat maakte veel goed. Je had geen geluk als het dessert bestond uit een hard peertje (Jefkes?). Je voelde je belangrijk als je werd ingeschakeld om bijvoorbeeld ontelbare hardgekookte eieren te pellen. Het moet van de leiding van het speelplein veel creativiteit gevergd hebben om met schaarse middelen elke dag al die kinderen te voeden.

's Avonds, vooraleer je weer de bus op mocht, moest je in grote kringen gaan zitten en kreeg je zachte broodjes, aangeleverd in enorme manden, en een cola. Je vertrok met een tevreden gevoel.

Drukkersdochter

Zoals gebeiteld in een stuk arduin van de ingangspoort in de Heirweg, werd het speelplein De Warande in gebruik genomen in 1950. Het was geen initiatief van Stad Kortrijk noch van de toen nog zelfstandige gemeenten Heule en Kuurne waarop het was gelegen. Het was een project van de Dekenij van Kortrijk.

Al in 1937 was de Vrouwelijke Katholieke Burgersjeugd (zeg maar de dochters van de Kortrijkse middenstand) onder leiding van drukkersdochter Lucia Beyaert een speelpleinwerking gestart onder de naam De Warande. Zij wilden de kinderen die anders op straat leurden, een gezonde opvang in open lucht bieden. Eerst deden zij dat op de terreinen van voetbalclub Stade Kortrijk, terreinen van de Commissie van Openbare Onderstand van Kortrijk (nu OCMW). Later weken zij uit naar de uitgestrekte sportterreinen van het Sint-Amandscollege.

Na de oorlog konden de middenstandsmeisjes deken Verhelst overtuigen om met geld van de kerk eigen grond te kopen op Heule-Watermolen. De katholieke kerk deed daarvoor onophoudelijke collectes tijdens de erediensten in de Kortrijkse kerken. In de eerste jaren was het puur vrijwilligerswerk. Pas in 1957 kwam Marie-Anne De Waele in dienst. Zij bleef de werking coördineren nadat stad Kortrijk in 1980 het ganse domein overnam voor de som van 1,7 miljoen frank (42.000 euro).

Eternit

Ik denk dat de meeste gebouwen van 1950 er nog altijd staan, hoewel ze niet allemaal meer worden gebruikt. Voormelde barakken doen nog steeds dienst als 'daglokalen'; dat wil zeggen dat de kinderen daar activiteiten krijgen als het regent. Eigenlijk is dat niet verantwoord. Al was het maar omdat zij bedekt zijn met golfplaten in asbestcement.

Die eternit is door de jaren en de dikke pakken mos zeer broos geworden en zo lek als een gieter. In de slechte zomer van 2005 liepen de barakken onder water. Het water veroorzaakte kortsluiting en de doorweekte plafonds moesten op verschillende plaatsen uitgebroken worden. Met behulp van de brandweer zijn er dan bachen getrokken over de slechtste delen, en die hangen daar nog altijd.

Aangezien die barakken ook gebruik worden als refter brengt de slechte toestand de erkenning in gevaar van De Warande als jeugdverblijf. De stad heeft daarom uiteindelijk besloten om de bedaking nog maar eens op te lappen. Het Vlaamse Gewest betaalt 40% van de kosten in het kader van het decreet 'Toerisme voor Allen'. 

Kuifje in Congo

Het hoofdkwartier van De Warande, de grote witte villa, biedt nog altijd onderdak aan de administratie en de leiding, maar de verdiepingen zijn samen met een aanbouw verbouwd tot een soort niet-erkende jeugdherberg. Jeugdorganisaties blijven er graag gebruik van maken, bijvoorbeeld voor vormingsdagen, hoewel de accomodatie niet meer up-to-date is.

Aan het zwembad(je) zijn al verschillende moderniseringen gebeurd. Ooit zijn er zelfs zonnepanelen aangebracht om het water te verwarmen, maar het systeem gaf na enkele jaren de geest. Toch voldoet het zwembad aan dezelfde strenge normen als de andere stedelijke zwembaden.

Dat het speelplein een katholieke oorsprong heeft, kun je nog merken. In een gevelnisje van de witte villa staat een beeldengroepje dat de 'heilige familie' uitbeeldt. Maar vooral de neo-barokke kapel trekt de aandacht. De kapel gelijkt een beetje op de echt-barokke kapel van de andere Warande. Zie verder. De kapel wordt thans gebruikt als berging.

Ook onder eternit-golfplaten staat aan de kant van de Heirweg nog een loods waarin, bij regenweer, een pater een zogenaamde film liet zien van 'Kuifje in Congo'. Feitelijk waren het dia's van elk plaatje van het album van Hergé. Ik had graag dat het regende. Naast die loods staat nog het gebouwtje waarin je kraantjeswater vond. Nooit meer zo'n lekker water gedronken...

Een sterk punt van De Warande van vandaag de dag is het 'skate & blade'-park. Het is ingericht met een overvloed aan hellende vlakken en springmuurtjes op de plaats waar er vroeger een perfect ovalen rolschaatspiste was in macadam.

Vijf jaar

In de laatste gemeenteraad ontspon zich een heftige discussie over De Warande. De VLD hekelde de verwaarlozing van domein en schuwde het niet om vergelijkingen te maken met Roemeense weeshuizen. Hoewel wat overdreven, is de kritiek niet helemaal onterecht.

Jeugdschepen Lieven Lybeer, CD&V, gaf ook grif toe dat de stad andere prioriteiten had gehanteerd. Voorrang werd gegeven aan de aankoop van aanpalende gronden om in de komende jaren het speelplein grondig herin te richten. Er is een grondige masterstudie aan de gang. Nieuwbouw kan ten vroegste binnen vijf jaar. Ondertussen probeert het stadsbestuur de bestaande infrastructuur zoveel mogelijk in stand te houden. De stad weet nu al dat ze de nadruk willen leggen op het aspect speelplein; de verblijfsaccomodatie kan eventueel verdwijnen.

De èchte Warande

Verwar het speelplein De Warande niet met de èchte Warande van Heule. Ik dacht eerst dat de naamkeuze weer een voorbeeld was van de Kortrijkse hebbelijkheid om toponymen te gebruiken op de verkeerde plaatsen. Maar neen, de naam De Warande heeft met de Heulse Warande, een straatnaam, niets te maken; de middenstandsmeisjes gebruikten de naam al toen ze hun speelplein nog in Kortrijk-stad organiseerden.

De Warande is de naam van een straat, die loopt van de Hoge Dreef langs de spoorweg Kortrijk-Brugge en over een brugje over de Heulebeek naar de Bozestraat. Een warande is een afgesloten jachtterrein. De heren van Heule, belangrijke edellieden in het ancien regime, hielden er herten om af te schieten op drijfjachten.

De Warande is vooral bekend om haar barokke kapel van O.L.Vrouw van de Warande. Het heiligdom dateert van 1694 en trok vroeger hele drommen bedevaarders op de feestdag van 15 augustus. Momenteel wordt de kapel, een beschermd monument, grondig gerenoveerd.

 

Meer foto's op: http://kortrijkonvermoedehoekjes.skynetblogs.be

 

De commentaren zijn gesloten.