12-03-06

ZONDAG 12 MAART 2006: het meer van Kortrijk

Dat Kortrijk aan de Leie ligt, is algemeen geweten. Maar de Groeningestad ligt nog aan een andere waterweg: de Vaart Kortrijk-Bossuit, een kanaal dat de Schelde met de Leie verbindt. De laatste twee vaarstukken aan de Leiekant hebben nog hun oorspronkelijke, smalle breedte; verderop is de vaart drastisch verbreed. Stroomopwaarts word je ter hoogte van de Visserskaai geconfronteerd met een zeer brede watervlakte, een soort zwaaikom. Het enige watergebonden bedrijf van Kortrijk heeft er een aanlegplaats. In de bergen zou je zo een plas een meer noemen. Nu het kanaal nauwelijks nog zijn oorspronkelijke functie waarmaakt, kan het misschien zijn toeristische en recreatieve troeven uitspelen.

De vaart tussen Kortrijk en Bossuit is indertijd gegraven als een soort sociale-economieproject. Op het einde van de jaren 1840 was onze streek in een zwarte crisis gedompeld - de textielbazen hadden het vertikt tijdig over te schakelen op mechanisering -; tot de helft van de actieve bevolking leefde van openbare steun. Een programma van investeringen in nieuwe waterwegen kon tijdelijk honderden 'dijkendelvers' aan het werk helpen.

Spitsen

Een kanaal dat de Bovenschelde met de Leie zou verbinden betekende een inkorting met 130 km voor de aanvoer van steenkool, Doornikse steen en kalk; de boten moesten de omweg niet meer maken over Gent. Toch werd er nog jaren gebakeleid over de wenselijkheid en het beste traject voor een kanaal Schelde-Leie. Het moeilijkste probleem was dat er tussen beide waterlopen een heuvelrug lag, die alleen te overwinnen was met heel wat sluizen en andere kunstwerken (o.m. een watertunnel, de 'sousterrain' van de Keiberg in Moen, in de jaren 70 afgegraven) .

Uiteindelijk werd gekozen voor een tracé tussen Bossuit aan de Schelde en textielcentrum Kortrijk aan de Leie. De graafwerken gingen van start in 1857 en werden voltooid in 1861. Het oorspronkelijke kanaal was met zijn 16,5 km enkele honderden meter langer dan nu (15,4 km). Door een rechttrekking van de Leie werd er een stukje van afgeknipt en mee gedempt met de Leiekronkel die thans het Koning Albertpark vormt.

De vaart was gegraven op de maat van de toenmalige grootste binnenschepen, de spitsen. Een spits heeft een capaciteit van 300 ton, is 38,5 meter lang, 5 m breed en 2,2 m diep. Intussen is de mythische Europese tonnenmaat, 1350 ton - er bestaan zo geen schepen - de norm geworden. Ook het Schelde-Leiekanaal is grotendeels op dat gabariet gebracht. Maar niet helemaal. Op Kortrijks grondgebied zijn er nog twee vaarstukken en drie sluizen (9, 10 en 11) waarop hoogstens spitsen kunnen varen.

Insteekdok

Het ziet er niet naar uit dat het Vlaamse Gewest snel de benodigde 25 miljoen euro (raming 1996) zal vrijmaken voor de verbreding van de vaart in Kortrijk. Vlaams minister van Openbare Werken Eddy Baldewijns, sp.a, antwoordde in 1996 op een parlementaire vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Carl Decaluwe, CD&V, dat "het kanaal Kortrijk-Bossuit kan worden gezien als een groot insteekdok vanaf de Bovenschelde, bevaarbaar voor 1350-ton-scheepvaart tot aan sluis 9 in Kortrijk".

Toch is het verbredingsplan niet definitief opgegeven. De volgende minister van Openbare Werken, Steve Stevaert, sp.a, antwoordde in 2000 op weeral een vraag van Carl Decaluwe dat de mogelijkheid van een verbreding van de laatste twee stukken op lange termijn moet gevrijwaard blijven. Het gaat om een miljardenproject (in Belgische frank) waarbij een grote nieuwe sluis ter hoogte van de aloude herberg Au Pont Du Canal, de drie bestaande sluizen 9, 10 en 11 zou vervangen. Om een of andere, voor mij duistere, reden blijft stad Kortrijk daarop aandringen. Nochtans zou een dergelijke verbreding ook een pak onteigeningen van bewoonde huizen vergen. Eerst dacht men eraan de oever Groeningekaai-Vlaanderen af te breken, maar nu mikken de planschetsen (o.m. van de intercommunale Leiedal) veeleer op de andere oever, Spinnerijkaai-Abdijkaai.

Intussen zijn de drie spitsensluizen en bijhorende bruggetjes en sluiswachterswoningen beschermd als industrieel erfgoed (besluit van 8 januari 2005). De bescherming door Monumenten & Landschappen zal een eventuele verbreding niet gemakkelijker maken! De sluiswachterswoning aan sluis 11, in neo-renaissancestijl, is opgeknapt, zoals ook de hoge bakstenen kademuren tussen de Spinnerijkaai en de Groeningekaai. Jammer genoeg heeft men enkele jaren geleden de prachtige kastanjebomen op de oever van de Vlaanderenkaai gerooid. Die bomenrij vormde met de nog aanwezige kanstanjebomen op de Abdijkaaioever als het ware een stedelijke waterboulevard. Kunnen die bomen niet heraangeplant worden?

Je moet bedenken dat het kanaal zijn oorspronkelijke functie in de loop van de jaren is kwijtgespeeld. Kolen zijn al lang verdrongen door petroleum en gas. Bovendien is de richting van het economische verkeer gedraaid. Ooit leverde industrieel Wallonië aan de achtergebleven Vlaamse gewesten. Thans gaat de trafiek veeleer van zuid naar noord, naar de zeehavens van Antwerpen en Gent.

De trafiek op de vaart kortrijk-Bossuit is teruggevallen tot amper 0,4 miljoen ton (2004). In 2000 was dat nog minder: 0,17 miljoen ton; er is enige verbetering gekomen door het verbreden van de enkele stukken vaart in Zwevegem. En waarvoor zouden er binnenschepen naar Kortrijk varen? Er is in heel Kortrijk nog welgeteld een (1) watergebonden bedrijf: het veevoederbedrijf NV Dumoulin, vroeger Picora, waarvan de silo's nabij sluis 9 staan. In Stasegem (Harelbeke) is er wat meer economische bedrijvigheid aan het kanaal, o.m. door bouwpuinverwerker Stadsbader. In Zwevegem maakt staaldraadproducent Bekaert heel sporadisch gebruik van binnenschepen, hoewel het wereldconcern zijn eigen overdekte aanlegdok heeft gedempt.

Blauwe lus

Al mijmerend over de rijke geschiedenis van de vaart zijn we aanbeland aan het fameuze sas 9, aan de Visserskaai, het (voorlopige?) einde van de verbrede vaart. Daar verandert het uizicht van de waterweg radikaal. Er strekt zich een grote watervlakte uit. Als de vaart inderdaad een insteekdok vanaf de Schelde is geworden, moeten de binnenschepen toch ergens kunnen de bocht nemen om terug te keren. Met de overtrokken fantasie, mij eigen, kun je denken dat het een meer(tje) is.

De grote plas leent zich, nog meer dan de vaart zelf, tot water- en oeverrecreatie.

De vaart Kortrijk-Bossuit wordt door de Vlaamse overheid gezien als een 'toeristisch-recreatief lijnelement'. Ook een studie van Belconsulting NV in opdracht van het Vlaamse Gewest in 2003 wees op de in het oog springende mogelijkheden van de waterweg voor toerisme en ontspanning.

De waterweg is uitstekend geschikt voor pleziervaart. Wie een blik op de kaart werpt ziet dat het kanaal een blauwe lus vormt met een stuk Schelde, het kanaal van de Deûle, de Deûle (bij Rijsel) en een stuk (Grens-)Leie, een ideaal traject voor een rustige meerdaagse spelevaart door een zeer gevarieerde regio. Daar wordt nauwelijks gebruik van gemaakt! In de brede stukken van de vaart mag je 15 km per uur varen; in de Kortrijkse smalle geul 8 km/uur.

Op de oevers in Stasegem en Zwevegem zijn kanoclubs actief; de ene is meer op recreatief gebied bedrijvig en de andere scoort hoge punten in competitieverband. Er is sprake van dat de Kortrijkse Kanoclub, die door de Leievebreding weggejaagd wordt van zijn vertrouwde stek aan de Leie, een lokaal zou mogen optrekken aan de vaart in de Visserskaai.

De tot grote vijver (of klein meer) verbrede vaart aan de Visserskaai is een bekende visstek, waarvan men in hengelaarskringen spreekt tot in Nederland en Frankrijk. Waar de hengeldiepte in het smalle stuk aan de Abdijkaai slechts 2 meter bedraagt, is het aan de silo's van de Picora 6 meter. Met wat geluk en veel kunde haal je er soorten boven zoals zeelt, snoek, blankvoorn, baars, brasem, snoekbaars, paling, karper, en kroeskarper.

Al dat water trekt ook een waaier aan zwemvogels aan, zoals op de foto een troepje Canadese ganzen (de grootste ganzen op ons continent). De zuiverheid van het water (kwaliteit viswater) is niet vreemd aan de rijkdom aan waterleven. Wat verderop is het vaartwater nog beter en wordt het door de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening opgevangen voor de productie van drinkwater. 

Waterweelde

De hengelaars zullen het misschien niet graag lezen, maar ik vind dat op het uitgestrekte uiteinde van de verbrede vaart ook wel wat actiever recreatie zou mogen komen. Zwemmen is er niet toegelaten, denk ik, maar zo heel af en toe gebeurt het toch. Het water is breed genoeg om er ergens een soort strandje in te richten, een Sint-Annekes op zijn Kortrijk. Voor de oorlog was daar trouwens een recreatiedomein 'De Waterweelde', dat de wereldbrand niet heeft overleefd.

De kastelein van het gezellige café De Lille nabij sluis 9 heb ik ooit proberen te overhalen tot het verhuren van roeibootjes en pedalo's. Ook daarvoor is de plas geschikt. Zonder dat er toestanden zoals in Overmere-Donk of Zillebeke moeten ontstaan, denk ik dat een dergelijk project (sociale economie?) veel slaagkansen heeft. Dat moet toch kunnen zonder de vissen bijtstug en de hengelaars balorig te maken. Wie durft?
 
Overigens hebben de fietsers al lang de jaagpaden langs de vaart ontdekt. Als onderdeel van het Vlaamse Fietsroutenet bieden de paden een heel interessant en afwisselend traject van Kortrijk tot aan de Schelde. In het gewezen pompgebouw aan de Schelde is met procinciale steun een bezoekerscentrum ingericht. Aan het andere uiteinde van de vaart, in Kortrijk dus, zou er ook wel een soort pleisterplaats mogen komen, hoewel je altijd gastvrij ontvangen wordt in café De Lille aan sluis 9 en in de herberg Au Pont Du Canal aan sluis 10.

Meer foto's op: http://kortrijkonvermoedehoekjes.skynetblogs.be

Commentaren

watersportbaan Het geheel uitwerken tot een soort watersportbaan zoals in Gent, dat zou niet slecht zijn, met een skate- en joggingpiste rondomrond. Dan moeten er wel een soort ophaalbrugje ter hoogte van de R8-brug voorzien worden om het trajekt rond te maken of moet de piste langs weerskanten worden doorgetrokken tot aan de Luipaardbrug.


Gepost door: Bart | 15-03-06

een jachthaven te Kortrijk ? Maar waarom ook geen JACHTHAVEN ?

Riviertoerisme zit in de lift. Een brede recreatie voor iedereen.
Een mooie jachthaven trekt bezoekers naar de stad.
De huidige veel te kleine aanlegsteiger is een lachertje en Kortrijk onwaardig.

Waarom kan Kortrijk niet wat wèl kan in zoveel Vlaamse steden aan de rivier ?

Waar wacht men op te Kortrijk ?

Moet AL het geld naar BUDA KNUISTEN EILAND ?


Gepost door: walter maes | 22-03-06

De commentaren zijn gesloten.