27-02-06

Manchester in Kortrijk

Wie noemt zijn bouwproject nu 'Manchester', naar de Engelse hoofdstad van de negentiende-eeuwse industrialisering met zijn gigantische wijken van al te vlug opgetrokken arbeidershuisjes? Toch is het de naam van een aangekondigd flatgebouw in de Stasegemsestraat. De Gentse Lofting Group was er eerst van plan om de gewezen Steverlyncksfabriek helemaal om te bouwen tot lofts. Een stuk van de fabriek hebben ze nu vrijgegeven voor een ander project.

 
Kortrijk heeft geen 19e-eeuwse gordel van arbeiderswoningen zoals Gent bijvoorbeeld (of Manchester). Hier en daar is er wel een straat die daaraan doet denken, en dat gaat nog het meest op voor de Stasegemsestraat. De straat werd jarenlang geteisterd door het omvangrijke krot van de gewezen Groeningeververij, in de volksmond 'Steverlyncksfabriek'. Een zucht van verlichting ging door de wijk toen de Gentse Lofting Group zijn oog liet vallen op de vuile boel. De projectontwikkelaar presteerde er het onmogelijke en verbouwde het grootste deel van de fabriek tot chique lofts.
 
Over die lofts zal ik het vandeweek nog hebben, maar nu eerst iets anders. De fabriek vormde niet een geheel. Door voortdurende uitbreidingen was het een aaneenschakeling van onderdelen. Het meest verkrot is een fabriekshal in de Stasegemsestraat die niets anders is dan een verbouwde rij arbeiderswoningen. Daarvan lofts maken, was zelfs voor een specialist als de Lofting Group te hoog gegrepen. Het onderdeel werd dan ook weer te koop aangeboden.
 
Het pand werd opgekocht door de firma Manchester, Zwevegem. Eventjes speelden de lokale sociale huisvestingsmaatschappijen (Zuid-West-Vlaamse Huisvestingsmaatschappij en Goedkope Woning Kortrijk) met de gedachte om gebruik te maken van hun voorkooprecht, voor de realisatie van een gemengd koop-huurproject. Maar zij zagen ervan af.
 
Intussen verkreeg Manchester van het stadsbestuur een gunstig advies voor de bouw van 31 appartementen met een gelijkvloerse parkeergarage met 30 stalplaatsen. Ook de stadsdiensten vinden dat de bouwfysische toestand van dit deel van de fabriek alleen afbraak en nieuwbouw toelaat. De vervangende nieuwbouw krijgt een hoofdbouwdiepte van 15,5 meter, een gelijkvloerse bouwdiepte van 20 meter en een kroonlijsthoogte die trapsgewijze schommelt tussen 10 en 19,2 meter. Aan de kant waar het flatgebouw paalt aan de achterzijde van de woningen in de Schaekenstraat is het gebouw lager.
 
Door afbraak van twee verloederde panden in de Stasegemsestraat wordt het binnengebied van de site zichtbaar en toegankelijk voor voetgangers en fietsers. Dat binnengebied wordt een tuin waarin industriële overblijfsels worden opgenomen. Daartoe wordt van de bestaande bouwdiepte van 30 meter een tiental meter afgenomen. De binnentuin wordt niet minder dan 40 meter breed. Aan de kant van de Schaekenstraat had de architect graag ruime terrassen gemaakt op de verdiepingen. Maar dat feest gaat niet door, om de inkijk in de private tuintjes te verhinderen.
 
Manchester schakelt een befaamd architectenbureau in: het Atelier voor Stedelijke Architectuur van Marnix Verstraeten, Gent. Het bureau heeft als referentie onder meer de fameuze verbouwing van het oudste sociale wooncomplex van Gent, de Cirk.
 
En vergeet de lelijke dingen die ik over de stad Manchester hebt verteld in mijn inleiding. De industriële hoofdstad van Engeland is immers weer geschiedenis aan het schrijven met een gedurfde stadsvernieuwingspolitiek.
 
 

De commentaren zijn gesloten.