21-12-05

Gewezen pitchfabriek van Electrabel in Ruien wordt groenestroomcentrale

In de jaren zeventig verbrandden ze er 'pitch', afval van de petroleumraffinaderijen. De rook vergiftigde Kluisberg en Kortrijkse agglomeratie. Dat heeft gelukkig niet lang geduurd. Thans verstookt de elektriciteitscentrale van Electrabel in Ruien biomassa, plantaardige of dierlijke afval hout bijvorbeeld. Dat levert groene stroom op, propere energie. De afvalintercommunale IMOG, waarbij Kortrijk is aangesloten, wordt grootleverancier van houtsnippers en houtstof. Het transport van de houtgrondstof kan IMOG per binnenschip organiseren van haar vestiging aan de vaart Leie-Schelde in Moen naar de central aan de Schelde in Ruien.

Voor het eerst in mijn activistenleven heb ik toen groene vlaggen zien opduiken. Agalev bestond nog niet en Groen! nog minder. Het was ergens in de vroege jaren zeventig en we waren aan het betogen tegen de ‘pitchfabriek’. Wie daar eveneens liep te betogen was Frans Lavaert, alias Kortrijkwatcher, die er nog een stuk aan gewijd heeft in De Nieuwe, een toen zeer links en kritisch weekblad (kritisch is 't ie nog, Frans...). Die ‘pitchfabriek’, dat was de elektriciteitscentrale van Ruien (zie foto), waar Intercom (later Electrabel) afval van de petroleumraffinaderijen of ‘pitch’ verbrandde. Dat gaf de smerigste rook die je je kunt indenken. Rook, die niet alleen de Kluisberg, de regionale groene long, maar zelfs de Kortrijkse agglomeratie vergiftigde als de wind wat tegen zat. Gelukkig heeft dat gestook met pitch niet lang geduurd.

De Electrabelcentrale in Ruien werd in 1974 (en is nog altijd) de grootste niet-nucleaire elektriciteitscentrale van ons land, werkend met fossiele brandstoffen (steenkool bijv.). Men haalt er een capaciteit van 980 MW, gespreid over 6 groepen. Sinds kort schakelt de centrale meer en meer over op biomassa. Biomassa is brandstof gemaakt uit hernieuwbare bronnen zoals hout- en landbouwafval. Thans wordt er brandstof gemaakt van houtstof en olijfresten gemengd met steenkool. Ook worden onbehandelde houtresten er eerst omgezet in biogas, dat dan wordt verbrand.

Als afvalintercommunale heeft IMOG houtafval in overvloed, het eindproduct van haar houtafvalsortering (en -zuivering!) in Moen. Ook in Moen heeft IMOG een grootschalige composteringsinstallatie voor tuinafval, en als bijproduct levert dat eveneens biomassa op, nl. de niet-composteerbare grove snippers. Electrabel van zijn kant heeft zich al verzekerd van de aanvoer van verhakseld snoeihout afkomstig van de administratie Bruggen en Wegen van het Vlaamse Gewest. Van al die verschillende soorten houtafval (droog en nat) maakt IMOG in Moen de gewenste mengeling. Electrabel betaalt voor de leveringen. Of hoe afval een waardevolle grondstof kan worden. Er is een proefcontract ondertekend tot eind 2006, waarna langdurige contracten van 3 tot 6 jaar kunnen ingaan na evaluatie.

Waardevolle grondstof? Wel ja, Electrabel schakelt niet zomaar over van steenkool naar biomassa. Sinds 2002 geldt in het Vlaams Gewest een systeem van 'groenestroomcertificaten'. Wie elektriciteit produceert uit hernieuwbare bronnen (zoals hout, biologische afval, zonne- en windenergie) krijgt dergelijke certificaten. Stroomproducenten moeten jaarlijks een aantal van die certificaten in hun bezit hebben of ze worden zwaar beboet. Wie te veel certificaten heeft, mag ze verkopen aan wie er tekort heeft. De boetes gaan in een fonds waarmee experimenten met hernieuwbare energiebronnen worden gesubsidieerd.

Electrabel zet zijn grote centrale van Ruien in om 'groene' stroom (die certificaten oplevert) te produceren. Diverse experimentele projecten werden er gelanceerd. Zo gebruikte de stroomleverancier op een bepaald moment zelfs ontgeurde varkensmest om bij te stoken. Ook is er hout vergast in een biovergasser met wervelbed. Thans gaat men over tot directe verbranding van houtafval, naar wens samengesteld door IMOG.

Laat ons hopen dat Electrabel een redelijke prijs geeft voor het IMOG-product. Nieuwe inkomsten bieden de deelgenoten-gemeenten het voordeel dat hun bijdrage aan de afvalintercommunale eventueel kan verminderen. Maar het sterke Electrabel is geen gemakkelijke zakenpartner.

Onlangs nog was er daarover in de Kamer van Volksvertegenwoordigers een vraag van CD&V-kamerlid Jan Steverlynck aan federaal energieminister Marc Verwilghen. De Vichtenaar ergerde zich aan de lage prijs die Electrabel slechts wil geven voor biomassa afkomstig van de vlasverwerkende sector. De vlassector heeft een zeer brandbaar afvalproduct: de lemen van het vlas. De vlassers van onze streek zijn voor de afzet van die lemen veroordeeld tot Electrabel. De andere stroomproducenten hebben geen centrales in de streek. Lemen zijn immers een licht product met een grote omvang en dus erg kostbaar in vervoer. Alleen Ruien ligt dicht genoeg. Electrabel maakt misbruik van zijn monopoliepositie, zei het kamerlid, van wie wij dergelijke 'rode' beschouwingen niet gewend zijn. Uit het antwoord van Verwilghen blijkt dat die vlaslemen geen ideale brandstof zijn voor de huidige installaties in Ruien. Zou de vlassector zich niet eens tot IMOG kunnen wenden? Misschien bestaat er wel een mogelijkheid tot vermenging met houtafval.

Een extra voordeel van de houtafvalverbranding in Ruien is dat Electrabel zich daarbij moet houden aan de veel strengere rooknormen van de afvalverbranding. De rooknormen van de klassieke elektriciteitsproductie zijn toeschietelijker. We gaan weer wat vrijer kunnen ademen in de streek.

Foto geleend van W. De Ridder op: http://users.telenet.be/brail/foto/ruien.htm, een prachtige site voor treinspotters.

Meer uitleg over groene stroom: http://www.vreg.be/vreg/particulieren/groen_GSC.htm




De commentaren zijn gesloten.