30-11-05

Correspondentie uit Italië

 Een paar weken geleden ontdekte ik een zeer schilderachtige groente in Delhaize (Kortrijk noord): 'Radicchio Variegato di Castelfranco'. Zelfs in deze serieuze blog kon ik er niet over zwijgen. Intussen weet ik dat het geen sla is, geen kool en geen andijvie. Het is een soort chicorei, zeg maar mediterrane witloof. Het is een bleke ondersoort van de radicchio rosso die al langer in onze groenterayon te vinden is (zie die wit-bordeaux-kleurige kropjes op de voorgrond).
 
Een Italiaanse vriend, Roberto Barbierato, ging op prospectie op de Rialto-markt in Venetië. Hij nam deze mooie foto van een groentekraam, waarop waarempel de Castelfranco-kroppen te koop liggen, 1.30 euro per kilo.
 
De foto leent zich uitstekend voor een prijs-kwaliteitvergelijking van diverse groenten. 

 

 

De Italiaanse fotograaf prefereert een andere groente, de 'Radicchio tardivo di Treviso'. Je ziet ze in vedette op de voorgrond. Het gaat om het wat langere genre van onze bekende rode radicchio. Het is een hele toer om de groente te kweken. Je moet ze in het begin van de winter snoeien tot tegen de wortel. Als ze opnieuw uitlopen, krijgen ze dergelijke lange slierten als blad. Ik heb ze nog niet zien liggen in Delhaize.

Het bezoekje aan de markt van Venetië leverde de ingrediënten op voor een etentje. Ze verkopen er ook vis, zoals je kunt merken. Op het menu stond een risotto met vis, plus 'seppie nere con polenta' (zwarte inktvis met polenta), plus octopus met look, peterselie en citroen.



 2007: nieuwe spelregels in het stadhuis

Na nieuwjaar 2007 zal het stadsbestuur van Kortrijk er anders uitzien. Natuurlijk zullen er andere gezichten opduiken in de gemeenteraad. Want in oktober 2006 zijn er gemeenteraadsverkiezingen. Maar er is meer. Het pas goedgekeurde Gemeentedecreet voert nieuwe spelregels in.

 

Van oudsher regelde de (federale) gemeentewet het bestuur van de gemeente. De Lambertmontakkoorden van 2001 hevelden die bevoegdheid over naar de gewesten, in ons geval het Vlaams Gewest. Daarvan gebruik makend keurde het Vlaams Parlement op een recente warme zomeravond het Gemeentedecreet goed. Dat decreet (niet minder dan 313 artikelen) heeft tastbare gevolgen voor de activiteiten in het stadhuis.

 

De te verdelen posten

 

Opvallende vernieuwingen zijn de volgende. Tot nu is het de burgemeester die de gemeenteraad voorzit. In 2007 moet de gemeenteraad zelf een voorzitter kiezen. Dat kan opnieuw de burgemeester worden, maar het mag ook een schepen zijn of een ‘gewoon’ raadslid. Voor het evenwicht in de debatten kan het een voordeel zijn dat de burgemeester het woord moet vragen zoals de andere leden van de gemeenteraad. De voorzittersfunctie kan een extra te verdelen post zijn tussen de partijen die de meerderheid vormen.

 

Het aantal schepenen dat er nu is, wordt een maximum (in Kortrijk 8). Het mogen er dus ook minder zijn. In het college moeten personen van beide geslachten zetelen. De schepenen zullen de commissievergaderingen van de gemeenteraad niet meer mogen voorzitter zoals nu. De raadscommissies kiezen hun eigen voorzitter onder de raadsleden. Die commissievergaderingen worden trouwens openbaar; publiek wordt toegelaten. Ik ben daar al lang voorstander van, maar ik ben eens benieuwd welk een effect dat zal hebben op de commissievergaderingen. Thans worden daar doorgaans alleen technische vragen om uitleg gesteld. Met publiek (en pers!) erbij wordt er gegarandeerd veel meer aan politiek gedaan.

 

Interessant vind ik de mogelijkheid die geschapen wordt om bij de benoeming van een schepen of een gemeenteraadsvoorzitter een einddatum op het mandaat te zetten. Zo kunnen tussentijdse opvolgingen veel properder geregeld worden dan vandaag. Thans kan een schepen ondanks alle afspraken en beloften gewoon blijven zitten; men kan hem zijn beleidsbevoegdheden afpakken maar ontslaan niet.

 

De verkiezing van de raad van het OCMW wordt vervroegd naar de eerste vergadering van de gemeenteraad. Tot nu was dat pas in april volgend op de installatie van de nieuwe gemeenteraad. De OCMW-voorzitter maakt eveneens deel uit van het schepencollege, zonder mee te tellen voor het maximum aantal schepenen.

 

De rechten van de burgers

 

De burgers krijgen wat meer rechten in het stadhuis. De gemeenten worden verplicht een interne klachtendienst op te richten. Dat bestaat al een tijd in Kortrijk (meldpunt, rap en rein, enzovoort); maar voortaan is het de gemeenteraad (en niet het college) die daartoe een systeem van klachtenbehandeling in een reglement moet gieten. Expliciet krijgt de gemeenteraad (en niet het schepencollege!) de opdracht om de bevolking te betrekken bij het beleid. Dat wordt boeiend. Adviesraden kunnen nog opgericht worden, maar de gemeenteraadsleden krijgen er geen stemrecht meer.

 

Het reeds lang bestaande (en grondwettelijke) petitierecht van de burgers wordt eindelijk geregeld. De verzoekschriften moeten gericht worden aan de gemeenteraad (en niet meer aan het college van burgemeester en schepenen) en de indieners hebben recht op een gemotiveerd antwoord binnen drie maanden na indiening. Overigens blijft de bestaande regeling voor referendums gelden. Burgers kunnen een referendum afdwingen als, in het geval van Kortrijk, 10 % van de inwoners daarom vraagt.

 

Het zwaartepunt van het beleid

 

Het decreet wil de rol van de gemeentelijke bestuurders – dat is gemeenteraad, burgemeester en schepenen, OCMW-voorzitter en -raad en het personeel – versterken. Daartoe worden de onderlinge verhoudingen aangescherpt.

 

Zoals in de federale gemeentewet blijft de gemeenteraad zogezegd het hoogste gezag in de gemeente. De gemeenteraad krijgt ‘de volheid van bevoegdheid’ om de gemeentelijke opdrachten te volbrengen (art. 42). Daartoe bepaalt de gemeenteraad het beleid (de algemene regels) en is het alleen de gemeenteraad die gemeentelijke reglementen (gemeentelijke wetten) kan goedkeuren. Dat klinkt indrukwekkender dan het is. De ‘wetgevende macht’ van de gemeenteraad moet niet overdreven worden. Zoveel gemeentelijke reglementen zijn er nu ook weer niet; het is zeker niet zo dat de gemeenteraad elke maand een reglement te bespreken heeft.

 

Bij nadere beschouwing past het gemeentedecreet zich aan de realiteit aan. In de praktijk is het niet de gemeenteraad die het beleid in de gemeente bepaalt, maar het college van burgemeester en schepenen. Het decreet schept dan ook de mogelijkheid dat de gemeenteraad een groot deel van zijn ‘volle bevoegdheid’ toevertrouwt aan het college van burgemeester en schepenen (art. 43). Een resem bevoegdheden kunnen niet gedelegeerd worden, maar al bij al verschuift het gemeentedecreet het zwaartepunt van het gemeentebestuur nu ook officieel naar het schepencollege.

 

Voor belangrijke zaken zoals de oprichting van stadsbedrijven, het vaststellen van de manier waarop men een openbare opdracht zal gunnen, of het vaststellen van belastingen, blijft de gemeenteraad bevoegd. Al wat niet in het lijstje uitzonderingen staat, kan de raad delegeren aan het college van burgemeester en schepenen. Uitdrukkelijk neemt het decreet de personeelsbenoemingen en -ontslagen af van de gemeenteraad. Het komt erop neer dat het college meer kans krijgt om te besturen en de gemeenteraad kan bijsturen en controleren. En geef toe: dat was eigenlijk al zo in de praktijk, ook in Kortrijk.

 

Aangezien de regeling aan de realiteit beantwoordt, vind ik het niet erg dat de gemeenteraad wat inboet aan bevoegdheden die toch niet werden opgenomen. Wie kan er bijvoorbeeld rouwig zijn omdat er een einde komt aan de eindeloze rijen benoemingen door de gemeenteraad in besloten zitting? Uiteindelijk zijn het toch altijd de kandidaten aangebracht door de personeelsschepen die het halen. Wat niet belet dat wij als gemeenteraadsleden de gevolgde procedure kunnen bewaken.

 

Ik hoop alleen maar dat de gemeenteraad en zijn leden actief de verantwoordelijkheden opnemen die het Gemeentedecreet hen geeft. Dat betekent dat er gefundeerde en goed voorbereide debatten komen over het te volgen beleid en dat er minder gepalaverd wordt over pietluttigheden. Dat betekent dat de gemeenteraad grondig de bestuursdaden van burgemeester en schepenen controleert. En dat betekent dat de gemeenteraadsleden, gekozenen van het volk, op zoek gaan naar de beste methoden om constant met de bevolking in dialoog te blijven. Persoonlijk zie ik het als gemeenteraadslid  wel zitten met dat Gemeentedecreet.




29-11-05

Astrid is ijselijk duur

Soms kun je niet anders dan een bepaalde beslissing te nemen, zij het met lange tanden. De ganse politieraad keurde het voorstel goed, maar niemand was daar erg gelukkig mee. Het politieke leven zoals het is.

 

De verkeerspolitie van de Politiezone VLAS vraagt extra toestellen voor radioverbinding, die passen in het A.S.T.R.I.D.-netwerk. A.S.T.R.I.D. is het standaard radionetwerk in België. De koninklijke meisjesnaam staat voor: ‘all-round semi-cellular trunking radio communication system with integrated dispatchings’. Niet alleen de meeste politiediensten, maar ook brandweer en andere hulpdiensten zijn aangesloten. Momenteel werkt onze lokale politie nog in hoofdzaak met een eigen radionet. Maar dat levert problemen op bij grotere politieacties die de grenzen van de politiezone overschrijden.

 

Het gaat om toestellen van het merk Nokia (THR 880i), verdeeld door A.E.G. Belgium NV, 1070 Brussel. De aankoop kost 30.716,19 euro. Er ligt een federale subsidie klaar van 25.000 euro.

 

Geen tegenstemmen in de politieraad. Toch was niemand enthousiast, zelfs de mannen vooraan niet. Politiezonevoorzitter Stefaan De Clerck zei langs zijn neus weg dat er geen haast was bij de uitvoering van de beslissing. Pz VLAS treedt heel schoorvoetend in het A.S.T.R.I.D.-netwerk. Voorzichtig werd in 2004 en 2005 even geprobeerd met de aanschaf van telkens 1 toestel. Intussen wordt rondgekeken naar eventuele goedkopere en betere oplossingen. Want A.S.T.R.I.D. is “ijselijk duur”, dixit korpschef Stefaan Eeckhout. Het volstaat niet dat men de toestellen koopt; gebruikers moeten tevens abonnementen betalen. De prijs van de vereiste 21 abonnementen is een dikke 7.000 euro per jaar.

 

Het is nog maar de vraag hoe lang dergelijke radioverbindingen nodig zullen blijven. De technologie van de draadloze verbinding (GSM, internet, enzovoort) ontwikkelt zich razendsnel. Twintig jaar geleden kon een kerel een vol caféterras nog achterover laten vallen van verbazing met een ‘mobiele’ want uitneembare autotelefoon van zowat 10 kilo. Vandaag krijgen kindjes een GSM met kleurenscherm en ingebouwd fototoestel van de sint.

 

Het enige voordeel dat een radioverbinding nog heeft op GSM is dat men er verschillende correspondenten tegelijk mee kan bereiken. Bij GSM is collectieve communicatie slechts mogelijk per sms.

 

Een ander argument is dat alle veiligheids- en hulpdiensten van het land aangesloten zijn op A.S.T.R.I.D. Als de Pz VLAS niet geïsoleerd wil geraken, moet ze wel meedoen. Maar A.S.T.R.I.D. blijkt alleen te werken in België. Voor achtervolgingen met medewerking van de Franse collega’s moet men andere communicatiemiddelen inzetten, … GSM bijvoorbeeld.


Voor alle afkortingen die de politiediensten zo graag gebruiken, een handig lijstje op de onvolprezen website van Pz VLAS: http://www.pzvlas.be/index.php?id=210

 



28-11-05

Compostpaviljoenen, een idee dat aanslaat

Wie de kans krijgt zijn keukenafval uit de huisvuilzak te houden, bespaart voor eigen rekening èn voor de stadskas en het milieu. Composteren is zo een kans. In Kortrijk kun je dat ook gezellig samen doen.

 

In de gemeenten aangesloten bij de afvalintercommunale IMOG halen de huisvuilwagens jaarlijks zowat 165 kg per persoon op. Dat is niet te recycleren restafval, dat verbrand wordt omdat er niets anders mee aan te vangen is. Stad Kortrijk is de beste leerling van de klas met een jaarlijkse hoeveelheid restafval die schommelt rond de 150 kg per persoon. Het bespaart de stad heel wat milieukosten. 150 kg is ook het streefcijfer dat de Vlaamse overheid wil bereiken tegen 2007. Eigenlijk is dat nog veel. Voor een gezin van 4 personen is het meer dan een half ton huisvuil per jaar.

 

Als je de IMOG-cijfers vergelijkt met die van andere streken, valt het op dat verscheidene intercommunales het beter lijken te doen. Koplopers zijn de intercommunales IDM (102 kg), Ecowerf (111 kg), Intercompost (121 kg) en ILVA (125 kg). Hoe komt dat? Wel, die intercommunales doen aparte inzamelrondes voor groente-, fruit- en tuinafval (GFT, de zogenaamde ‘natte’ afval). Die GFT wordt dan gecomposteerd.

 

IMOG doet daar niet aan mee. Er is bij ons alleen een aparte inzameling van tuinafval en niet van keukenafval. Tuinafval is veel properder dan keukenafval. IMOG composteert op professionele wijze in Moen. Daarnaast promoot IMOG, met steun van de aangesloten gemeenten, de thuiscompostering. Voor een prikje kun je een compostvat of een wormenbak thuis laten brengen, dikwijls met gemeentelijke subsidie.

 

Thuis composteren biedt verschillende voordelen. Het natte (en dus zware) keukenafval moet niet vervoerd worden. Thuiscomposteerders zijn doorgaans zorgzamer op wat ze in hun eigen vat of bak gooien dan de gezinnen die het afval meegeven met de GFT-ophaalwagens. En bovendien wordt op die manier een continu proces van natuurlijke grondverbetering op gang gebracht in onze tuinen. Het nadeel is dat veel nat afval nog wordt meegegeven in de witte huisvuilzak en dat er dus nog te veel water wordt … verbrand.

 

Een moeilijkheid is dat niet iedereen over een tuin beschikt om te composteren. Wat moet je met een compostvat in je flat op de tiende verdieping?

 

In Kortrijk probeert milieuschepen Philippe De Coene (sp.a) daar een oplossing voor te bieden. De stad opent wijkcompostpaviljoenen. Een eerste compostpaviljoen is al een jaar in gebruik in het Astridpark (Overleie). Buurtbewoners kunnen er hun groente- en tuinafval naartoe brengen om het gezamenlijk te composteren.

 

En nee, het wordt geen vuile boel na een tijdje. Daarvoor is een slimme aanpak uitgekiend. Het paviljoen is open op vaste momenten van de week. De openingsmomenten zijn in samenspraak met de buurtbewoners vastgelegd. Telkens is er een medewerker van de stad aanwezig. Maar de controle van het aangeboden afval en de bewerking van de compost gebeurt door een vrijwillige compostmeester. Die compostmeesters zijn trouwens verenigd in de Kortrijkse Compostmeesterwerking.

 

Het paviljoen in het Astridpark trekt meer dan honderd bezoekers per week. Het is zelfs een nieuwsoortige ontmoetingsplaats geworden. Buurtbewoners halen zelf afval op bij buren. Bezoekers blijven op de banken zitten om een namiddagje door te brengen.

 

Nu komt er een tweede compostpaviljoen, in de schaduw van de grootste woonblokken van de stad: de Driehofstedenflatgebouwen. Die flats (10 hoog) worden verhuurd door de socialehuisvestingsmaatschappij Goedkope Woning (waarvan ik voorzitter ben). Het is een gegeerde woonplaats omdat je er een schitterend uitzicht hebt op het Van Raemdonckpark en de rest van de stad. Maar om te composteren zijn de terrasjes te klein. De stad trekt voor de constructie van het paviljoen en de omgevingswerken 42.586,92 euro uit, goedgekeurd door de laatste gemeenteraad. Opening tegen volgende zomer.

 

http://www.vvsg.be/cmsmedia/LDEdms5093%20restafvalcijfers...

 

http://www.imog.be

 


27-11-05

ZONDAG 27 NOVEMBER 2005: de mascotte van het stadhuis

 

Vandaag neem ik jullie mee naar het stadhuis. Ik hoor je al afkomen: “Zo onvermoed is dat hoekje nu toch niet!”. Inderdaad, het stadhuis is de navel van Kortrijk, staat in alle toeristische publicaties en is het vertrekpunt van de meeste bezoeken. Maar zelfs dat overbekende stadhuis heeft zijn onvermoede hoekjes. Aandacht graag voor de mascotte van het stadhuis, de meest miskende Kortrijkzaan.


Het stadhuis van Kortrijk kende een bewogen geschiedenis. Al ten tijde van de Guldensporenslag (1302) stond daar een 'scepenhuus'. De schepenen zetelden in een rijhuis, dat veel kleiner was dan het huidige stadhuis. In 1382 brandde de stad af en dus ook dat schepenhuis. In 1417-1420 werd een groter schepenhuis gebouwd in hooggotische stijl. Architect was Simon van Assche van Gent. In 1519 werd het stadhuis uitgebreid kant Rijselsestraat, en in 1616 aan de andere kant tot op de hoek van de Leiestraat. Na de Franse revolutie kreeg het stadhuis een classistische gevel, maar in 1856 brak men die gevel af om hem te vervangen door iets wat van ver geleek op de eerdere, middeleeuwse gevel (architect Croquison). De bombardementen van de tweede wereldoorlog spaarden die voorgevel niet. Op basis van de plannen van 1616 (architect Robert Persyn) werd de gevel nogmaals gerestaureerd, maar nu met wat meer eerbied voor de authenticiteit. In 1962 werd het gerestaureerde stadhuis ingehuldigd in aanwezigheid van de koning.

Aan de achterzijde van het stadhuis zijn al die verbouwingen niet zo doortastend geweest. Op de koer (meestal toegankelijk overdag) kun je overblijfselen bewonderen van alle bouwperiodes en zelfs van bepaalde huizen die ingenomen werden bij uitbreidingen.Aan de achterkant van het stadhuis was er ook eeuwenlang een tuintje. Het lapje grond tussen hoge muren lag te verkommeren en dreigde een klein stort te worden. Onder burgemeester de Bethune (1994-2000) is daar een veranda gebouwd, de Beatrijszaal genoemd en in gebruik als receptieruimte. Daar is een prachtige bakstenen achtergevel uit 1519-1526 (laatgotiek-renaissancestijl) te bewonderen.

In die achtergevel zijn de ramen van de oude Schepenzaal gevat in drie spitsbogen. Welnu, de rechterspitsboog wordt bekroond door een klein mannetje in Balegemse zandsteen. Je moet het zoeken, want het is niet groot. Het mannetje ondersteunt een voetstuk waarop waarschijnlijk vroeger een ander beeldje stond. Dat kleine mannetje maakt met beide wijsvingers en zijn mond een zeer expressief gebaar, dat wellicht een schunnige betekenis had. Het is het enige beeld dat in die achtergevel is verwerkt. Wat heeft het te betekenen? Niemand kan het mij zeggen. Er bestaat, naar mijn weten, geen literatuur over. Dat maakt de weg vrij voor allerlei veronderstellingen. Daar ga ik nu eens schaamteloos misbruik van maken.

Dexecutie

Het mannetje van 1526, aan de buitenkant van het schepenhuis, heeft misschien iets te maken met wat toen aan de binnenkant gebeurde. De schepenen van Kortrijk waren in die periode in de eerste plaats rechters en pas in de tweede plaats bestuurders. Door recht te spreken, legden zij regels vast die golden in de stad. En regels vastleggen, is al te veel gezegd: zij vroegen zich iedere keer af wat de gewoonte was die geldig was in een conflict tussen stadsbewoners. Uiteraard moesten zij die gewoonte soms ver gaan zoeken, en kwam het erop neer dat zij een nieuwe regel uitvonden gebaseerd op hun rechtvaardigheidsgevoel of ... op de overheersende belangen van het moment.

Verschillende versierselen binnenin het stadhuis (vroeger schepenhuis) dateren uit die tijd en hebben zonder meer te maken met de functie van rechtbank. Zo vind je op de laatgotische schouw van de schepenzaal op de gelijkvloerse verdieping twee intrigerende taferelen. Rechts staan twee mannen te vechten voor een schat. Zoals in een stripverhaal kun je lezen wat zij mekaar toeroepen. “Es myn alleene” zegt een soldaat ('dat is van mij'). Waarop een edelman antwoordt: “Es ghemeene” (''t is van iedereen”, maar als een edelman dat zegt, bedoelt hij waarschijnlijk dat hij er wel voor zal zorgen...). Maar het Recht komt er tussen en zegt: “Es om elc te besceene” ('dat moeten wij voor ieder uitmaken').

Op de linkerzijkant van de schouw staat er een ander tafereel uitgebeeld, eentje om de kemphanen te kalmeren door wereldse twisten te relativeren. Pietje de Dood richt er een lans op een edelman met de spreuk: “Esser dach noch appeel dexecutie comt up hu gheheel” ('noch dagvaarding noch beroep kunnen u van de executie – iedereen moet sterven – redden').

Ondeugd en ontucht

Nog indrukwekkender is de laatgotische schoorsteen in de zaal boven de oude Schepenzaal op de eerste verdieping. Geweld en ondeugd, ontucht en bedrog staan hier in zeer realistische tafereeltjes gebeeldhouwd in zandsteen. Alles was zogezegd bedoeld om de schepenen-rechters en de rechtzoekenden tot een deugdzame houding aan te sporen, maar de kunstenaars hebben zich eens goed laten gaan.

Zo zie je op de onderste rij van de schouw een chic geklede man die zich een dolk in het hart steekt: zelfmoord na wangedrag. Overspel wordt levendig uitgebeeld door duivels die mekaar een verdoemde vrouw betwisten. Dat de geest van de tijd niet meer zo onderdanig was als in de vorige eeuwen (verderop in de zestiende eeuw kwam de opstand van de geuzen), zie je in het uiterst linkse tafereeltje: de ondeugd van afgodendienst wordt uitgebeeld door een prins die vereerd werd als een god op een pilaar.

In de rij daarboven worden de ondeugden gesymboliseerd door vrouwfiguren gezeten op allerlei dieren Zo berijdt madam Gierigheid een nijlpaard. Ik snap het verband niet. Explicieter is de ondeugd Onkuisheid, die zich de borsten laat betasten, gezeten op een bok. De schouw wordt bekroond door een in eikehout gesneden rij deugden. Het zal de milieuactivisten plezier doen als ze merken dat de Zuiverheid wordt uitgebeeld door een vrouw met een salamander in haar hand. Als water vervuilt, zijn salamanders en kikkers ook nu nog het eerste slachtoffer.

In 't verderf

Nog bonter maakten het de kunstenaars die het plafond van de zaal op het eerste versierden. Er zijn acht fel gekleurde houtsnijwerken aangebracht die de schepenen moesten waarschuwen tegen het risico van een al te vrije omgang met vrouwen, die hen in het verderf zouden kunnen storten.

Zo wordt de beroemde filosoof Aristoteles, leraar van Alexander de Grote, publiekelijk bereden (letterlijk uitgebeeld, hoor!) door de Indische schone Campaspe. Als je het mij vraagt, ziet de Griekse filosoof er niet zo ongelukkig uit. Elders wordt Loth verleid door een van zijn dochters; incest werd toen blijkbaar in de schoenen van het slachtoffer geschoven. In een vermakelijk tafereeltje zit Hercules te spinnen tussen vrouwelijke hofdames; niet toevallig zitten eronder twee narren elkaar te kussen. Ik denk niet dat holebi's het toen gemakkelijker hadden dan vandaag. Vrouwen trouwens ook niet; je zal maar uitgebeeld worden als het zinnebeeld van alle kwaad.

Foert

Eigenlijk is het merkwaardig dat de verdorvenen in al die symboliek worden uitgebeeld door personages uit de hogere kringen. Heel erg gezagsgetrouw moeten de kunstenaars (of zijn het de opdrachtgevers?) niet geweest zijn. De dubbele bodems liggen er vingerdik op. Centraal op de schoorsteen in de zaal op het eerste staat weliswaar Keizer Karel, de toenmalige vorst. Maar dat is daar geplaatst van moetens na een opstand (samen met Gent) tegen het keizerlijk gezag in 1539. De keizer is overigens op hetzelfde niveau opgesteld als de ondeugden.

Misschien beeldt onze mascotte wel een algemene foert uit tegen een bestuur en een gerecht dat niet meer als rechtvaardig werd ervaren. Ik kan mij in elk geval inbeelden dat veroordeelden troost vonden bij een mannetje dat de hele wereld zijn lelijkste gezicht liet zien. Of is het een kleine wraak geweest van metselaars tegen opdrachtgevers die te weinig betaalden? Wie er meer over weet en het mij laat weten, krijgt een vermelding op deze blog.





26-11-05

Stedelijk parkeerbedrijf Parko bedreigd door Europese justitie?

 

Kan de stad de pas verworven ondergrondse parking Schouwburgplein geruisloos in handen spelen van het stedelijk parkeerbedrijf Parko? Waarom niet, zul je zeggen. Het Europees Hof van Justitie heeft onlangs beslist dat een stad in een dergelijke situatie een aanbesteding moet uitschrijven! Door dat arrest kunnen private firma's die een oogje hebben op de parking, naar de rechter stappen, met een kans op succes. Ik zou dat zeker niet willen, schepen Guy Leleu, maar een gewaarschuwd man is er twee waard. Een verschil met Brixen is dat Parko geen autonoom stadsbedrijf is. 


Voor alles wat met de uitbating van openbare parkings te maken heeft, is in Kortrijk een stedelijk bedrijf opgericht, Parko. Directeur is Jean-Paul Vandewinckele. Parko bereddert de uitbouw, het onderhoud en het beheer van de volledige Kortrijkse parkeerinfrastructuur. Het volledige parkeerbeleid is aan het gemeentebedrijf toevertrouwd: bewoners parkeren, blauwe zones, kortparkeren, langparkeren, parkeertoezicht, ondergrondse parking Veemarkt. Net als in andere steden en gemeenten was het parkeerbeleid in Kortrijk versnipperd over verschillende diensten. Met Parko is daar verandering in gekomen. Het bedrijf coördineert nu het hele parkeerbeleid en dat maakt het allemaal een stuk efficiënter. De opbrengsten van de parkeerautomaten gaan naar Parko, die ze moet aanwenden ter verbetering van de parkeeraccommodatie.

In oktober verwierf de stad de privaat uitgebate parkeerkelder onder het Schouwburgplein. Zonder veel plichtplegingen wordt nu ook die parking toegeschoven aan Parko. Parko zal de parking uitbaten volgens het onlangs door de gemeenteraad goedgekeurde gebruikersreglement voor ondergrondse parkeergarages in Kortrijk.

Ook zo iets gebeurde in Italiaans Tirol, in de stad Brixen (Bressanone in Alto Adige, zie foto). In 2001 vormde de gemeenteraad een gemeentelijke dienst om tot het autonome bedrijf Stadtwerke Brixen AG. De gemeente bezit alle aandelen. In 2002 sloot het stadsbestuur een overeenkomst met Stadtwerke Brixen AG voor de uitbating van een (bovengronds) parkeerterrein van 200 stalplaatsen. De AG mag de parkeerinkomsten op zak steken. Bijkomende voorwaarden zijn het gratis terbeschikkingstellen van fietsen – ik moet onwillekeurig denken aan vzw Fietsrijk op onze Veemarkt – en het vrijhouden van het terrein voor de wekelijkse markt.

Maar ... het privé-bedrijf Parking Brixen GmbH, dat al actief is op andere plaatsen in de stad, zag ook wel brood in de uitbating  Het wendde zich tot de plaatselijke rechtbank (Verwaltungsgericht, Autonome Sektion für die Provinz Bozen) met de eis dat de stad Brixen een openbare aanbesteding zou uitschrijven voor de uitbating van voormelde parking. De stad verdedigde zich met het argument dat de Stadtwerke AG volledig onder controle staat van de stad en dat er derhalve geen sprake is van een contract met derden; dan kan er ok geen verplichting zijn tot aanbesteding.

De aangesproken rechter weet het ook niet en gaat te rade bij het Europese Hof van Justitiemet een 'preliminaire vraag'. Het Hof velt arrest op 13 oktober 2005 (het vonnis is nog warm!). De uitspraak is verbijsterend voor de ontelbare gemeentebedrijven in alle landen van Europa: “A public authority cannot award a public service concession to a company without putting it out to tender if the transaction is not 'in-house'.” (vrij vertaald: “Een overheid kan geen openbare dienst in consessie geven aan een bedrijf zonder een marktbevraging te houden, tenzij het gaat om een 'inbesteding' ofte opdracht aan een eigen gemeentedienst”).

Volgens het Hof zijn ook openbare besturen gebonden aan de grondregels van de Europese Unie zoals vrijheid van ondernemen en vrijheid van dienstverlening en zoals gelijke behandeling, niet-discriminatie en transparantie. Openbare besturen ontsnappen aan die grondregels als zij als concessiegever een controle uitoefenen op de concessiehouder die even volledig is als over  eigen diensten. Die controle moet zo breed zijn dat de concessiegever een beslissende invloed heeft op zowel de strategische doelstellingen als de belangrijkste beslissingen van de concessiehouder. In Brixen constateert het Hof onder meer dat de raad van bestuur van het gemeentebedrijf over ruime autonome bevoegdheden beschikt en dat er in de praktijk geen managementscontrole is vanuit het stadsbestuur. Daarom is de toewijzing van de uitbating van de parking aan het stadsbedrijf in strijd met de EU-regels, aldus het Hof.

Onmiddellijk kwam er een gepikeerde reactie van de lobby van de gemeenten bij de EU. Volgens secretaris-generaal Jeremy Smith van de Raad van Europese Gemeenten (CEMR) gaat het Hof met zijn uitspraak in tegen het recht van de gemeenten om de beste wijze van dienstverlening te kiezen voor hun burgers. Zie www.ccre.org, persbericht van 14/10/2005. Het geschetste geval kan niet alleen toepasselijk zijn op Parko, maar ook bijvoorbeeld op het Stadsontwikkelingsbedrijf (ex-Woonregie) en bij uitbreiding op alle intercommunales waaraan Kortrijk bepaalde soorten dienstverlening heeft toevertrouwd.

Overigens loopt er al enkele maanden in alle stilte een onderzoek van de Europese Commissie (zeg maar EU-regering) naar alle mogelijke openbare samenwerkingsvormen in ons land, zowel intercommunales als autonome gemeentebedrijven. Het ziet er nogal onheilspellend uit. Zie www.vvsg.be







25-11-05

Kortrijkse foutparkeerders: strafstudie of boete

 

Wie in Kortrijk betrapt wordt op wildparkeren in de omgeving van een school, krijgt de keuze: ofwel betaalt men boete, ofwel volgt men een paar uur 'verkeersklas voor volwassenen'. Ook jongeren (12 tot 16 jaar) kunnen stedelijke strafstudie oplopen, bijvoorbeeld wie fietst zonder licht. Schepen van veiligheid Hilde Demedts als opper-surveillant? Nee, zinvolle alternatieve sancties, als je het mij vraagt.


In het voorjaar werd de 'verkeersklas voor volwassenen' voor het eerst georganiseerd. 28 ouders en zelfs grootouders die hun wagen zomaar ergens achterlieten bij het naar school brengen van hun (klein)kinderen, opteerden voor de strafstudie i.p.v. voor een klassieke boete. Zij hadden geluk dat het parket, de lokale politie en stad Kortrijk daarover een akkoord hadden gesloten. 18 van de 28 erkenden al bij de aanvang van de les hun ongelijk. De anderen raakten overtuigd van hun fout door de les. Ook in Kuurne wordt die vorm van alternatieve straf toegepast. De West-Vlaamse gemeenten haalden het idee bij pionier Herk-de-Stad.

Meer info op de website van Politiezone VLAS: www.pzvlas.be/index.php?id=103

Verkeersklassen voor jongeren zijn een initiatief van de Provincie in samenwerking met de West-Vlaamse politiezones. Er wordt aangenomen dat jongeren vanaf 12 jaar zich al in het verkeer begeven. Tot 16 jaar kunnen zij evenwel geen persoonlijke boete oplopen. De boete gaat naar papa of mama, en zoon- of dochterlief heeft daar geen last van. Daarom had gouverneur Paul Breyne het idee om een 'jongeren-proces-verbaal' te lanceren. Dat is een officieel papier van de Procureur des Konings waarin de jongeren in kwestie de mantel worden uitgeveegd. Op die manier wil men ze op hun eigen verantwoordelijkheid wijzen. Die PV's bevatten ook een uitnodiging om een verkeersklas te volgen.

Als de jongeren op de uitnodiging ingaan, moeten hun ouders de boete niet betalen. De lessen zijn uitgewerkt door de Vlaamse Stichting Verkeerskunde en het Belgisch Instituut voor Verkeerveiligheid. Niet alleen krijgen de lesgangers uitleg over de verkeersregels; er wordt ook gewerkt aan hun attitude in het verkeer. In Kortrijk wordt die alternatieve sanctie voor jongeren voor het eerst toegepast in de fietslichtcampagne die momenteel loopt.

Meer info onder meer op de site Turksestudent.be (van inburgering gesproken!): www.turksestudent.be/forum/index.php?showtopic=1167&m...

Ook hier heeft Kortrijk het warm water niet zelf uitgevonden, ook de Provincie niet. Zij haalden hun inspiratie bij gemeenten zoals Neerpelt en Eeklo. In Eeklo valt er met de strafstudie trouwens niet te lachen; je krijgt er ineens 4 zaterdagvoormiddagen aan je broek.

Voor de verkeersklassen als alternatieve straf opgang maakten in onze contreien, waren ze al lang in zwang (en uitgevonden?) in Nederland.