30-11-05

 2007: nieuwe spelregels in het stadhuis

Na nieuwjaar 2007 zal het stadsbestuur van Kortrijk er anders uitzien. Natuurlijk zullen er andere gezichten opduiken in de gemeenteraad. Want in oktober 2006 zijn er gemeenteraadsverkiezingen. Maar er is meer. Het pas goedgekeurde Gemeentedecreet voert nieuwe spelregels in.

 

Van oudsher regelde de (federale) gemeentewet het bestuur van de gemeente. De Lambertmontakkoorden van 2001 hevelden die bevoegdheid over naar de gewesten, in ons geval het Vlaams Gewest. Daarvan gebruik makend keurde het Vlaams Parlement op een recente warme zomeravond het Gemeentedecreet goed. Dat decreet (niet minder dan 313 artikelen) heeft tastbare gevolgen voor de activiteiten in het stadhuis.

 

De te verdelen posten

 

Opvallende vernieuwingen zijn de volgende. Tot nu is het de burgemeester die de gemeenteraad voorzit. In 2007 moet de gemeenteraad zelf een voorzitter kiezen. Dat kan opnieuw de burgemeester worden, maar het mag ook een schepen zijn of een ‘gewoon’ raadslid. Voor het evenwicht in de debatten kan het een voordeel zijn dat de burgemeester het woord moet vragen zoals de andere leden van de gemeenteraad. De voorzittersfunctie kan een extra te verdelen post zijn tussen de partijen die de meerderheid vormen.

 

Het aantal schepenen dat er nu is, wordt een maximum (in Kortrijk 8). Het mogen er dus ook minder zijn. In het college moeten personen van beide geslachten zetelen. De schepenen zullen de commissievergaderingen van de gemeenteraad niet meer mogen voorzitter zoals nu. De raadscommissies kiezen hun eigen voorzitter onder de raadsleden. Die commissievergaderingen worden trouwens openbaar; publiek wordt toegelaten. Ik ben daar al lang voorstander van, maar ik ben eens benieuwd welk een effect dat zal hebben op de commissievergaderingen. Thans worden daar doorgaans alleen technische vragen om uitleg gesteld. Met publiek (en pers!) erbij wordt er gegarandeerd veel meer aan politiek gedaan.

 

Interessant vind ik de mogelijkheid die geschapen wordt om bij de benoeming van een schepen of een gemeenteraadsvoorzitter een einddatum op het mandaat te zetten. Zo kunnen tussentijdse opvolgingen veel properder geregeld worden dan vandaag. Thans kan een schepen ondanks alle afspraken en beloften gewoon blijven zitten; men kan hem zijn beleidsbevoegdheden afpakken maar ontslaan niet.

 

De verkiezing van de raad van het OCMW wordt vervroegd naar de eerste vergadering van de gemeenteraad. Tot nu was dat pas in april volgend op de installatie van de nieuwe gemeenteraad. De OCMW-voorzitter maakt eveneens deel uit van het schepencollege, zonder mee te tellen voor het maximum aantal schepenen.

 

De rechten van de burgers

 

De burgers krijgen wat meer rechten in het stadhuis. De gemeenten worden verplicht een interne klachtendienst op te richten. Dat bestaat al een tijd in Kortrijk (meldpunt, rap en rein, enzovoort); maar voortaan is het de gemeenteraad (en niet het college) die daartoe een systeem van klachtenbehandeling in een reglement moet gieten. Expliciet krijgt de gemeenteraad (en niet het schepencollege!) de opdracht om de bevolking te betrekken bij het beleid. Dat wordt boeiend. Adviesraden kunnen nog opgericht worden, maar de gemeenteraadsleden krijgen er geen stemrecht meer.

 

Het reeds lang bestaande (en grondwettelijke) petitierecht van de burgers wordt eindelijk geregeld. De verzoekschriften moeten gericht worden aan de gemeenteraad (en niet meer aan het college van burgemeester en schepenen) en de indieners hebben recht op een gemotiveerd antwoord binnen drie maanden na indiening. Overigens blijft de bestaande regeling voor referendums gelden. Burgers kunnen een referendum afdwingen als, in het geval van Kortrijk, 10 % van de inwoners daarom vraagt.

 

Het zwaartepunt van het beleid

 

Het decreet wil de rol van de gemeentelijke bestuurders – dat is gemeenteraad, burgemeester en schepenen, OCMW-voorzitter en -raad en het personeel – versterken. Daartoe worden de onderlinge verhoudingen aangescherpt.

 

Zoals in de federale gemeentewet blijft de gemeenteraad zogezegd het hoogste gezag in de gemeente. De gemeenteraad krijgt ‘de volheid van bevoegdheid’ om de gemeentelijke opdrachten te volbrengen (art. 42). Daartoe bepaalt de gemeenteraad het beleid (de algemene regels) en is het alleen de gemeenteraad die gemeentelijke reglementen (gemeentelijke wetten) kan goedkeuren. Dat klinkt indrukwekkender dan het is. De ‘wetgevende macht’ van de gemeenteraad moet niet overdreven worden. Zoveel gemeentelijke reglementen zijn er nu ook weer niet; het is zeker niet zo dat de gemeenteraad elke maand een reglement te bespreken heeft.

 

Bij nadere beschouwing past het gemeentedecreet zich aan de realiteit aan. In de praktijk is het niet de gemeenteraad die het beleid in de gemeente bepaalt, maar het college van burgemeester en schepenen. Het decreet schept dan ook de mogelijkheid dat de gemeenteraad een groot deel van zijn ‘volle bevoegdheid’ toevertrouwt aan het college van burgemeester en schepenen (art. 43). Een resem bevoegdheden kunnen niet gedelegeerd worden, maar al bij al verschuift het gemeentedecreet het zwaartepunt van het gemeentebestuur nu ook officieel naar het schepencollege.

 

Voor belangrijke zaken zoals de oprichting van stadsbedrijven, het vaststellen van de manier waarop men een openbare opdracht zal gunnen, of het vaststellen van belastingen, blijft de gemeenteraad bevoegd. Al wat niet in het lijstje uitzonderingen staat, kan de raad delegeren aan het college van burgemeester en schepenen. Uitdrukkelijk neemt het decreet de personeelsbenoemingen en -ontslagen af van de gemeenteraad. Het komt erop neer dat het college meer kans krijgt om te besturen en de gemeenteraad kan bijsturen en controleren. En geef toe: dat was eigenlijk al zo in de praktijk, ook in Kortrijk.

 

Aangezien de regeling aan de realiteit beantwoordt, vind ik het niet erg dat de gemeenteraad wat inboet aan bevoegdheden die toch niet werden opgenomen. Wie kan er bijvoorbeeld rouwig zijn omdat er een einde komt aan de eindeloze rijen benoemingen door de gemeenteraad in besloten zitting? Uiteindelijk zijn het toch altijd de kandidaten aangebracht door de personeelsschepen die het halen. Wat niet belet dat wij als gemeenteraadsleden de gevolgde procedure kunnen bewaken.

 

Ik hoop alleen maar dat de gemeenteraad en zijn leden actief de verantwoordelijkheden opnemen die het Gemeentedecreet hen geeft. Dat betekent dat er gefundeerde en goed voorbereide debatten komen over het te volgen beleid en dat er minder gepalaverd wordt over pietluttigheden. Dat betekent dat de gemeenteraad grondig de bestuursdaden van burgemeester en schepenen controleert. En dat betekent dat de gemeenteraadsleden, gekozenen van het volk, op zoek gaan naar de beste methoden om constant met de bevolking in dialoog te blijven. Persoonlijk zie ik het als gemeenteraadslid  wel zitten met dat Gemeentedecreet.




De commentaren zijn gesloten.